DROPS Baby / 33 / 7

Cable Snooze by DROPS Design

Gebreid trappelzak voor baby’s in DROPS Merino Extra Fine. Het werk wordt gebreid met kantpatroon, dubbele gerstekorrel en capuchon. Maten prematuur – 4 jaar.

DROPS Design: Patroon nr. me-066-by
Garengroep B
-------------------------------------------------------

Maten: (<0) 0/1 - 1/3 - 6/9 - 12/18 maanden (2) jaar
De maten komen overeen met ongeveer de hoogte van het kind in cm:
(40/44) 48/52 - 56/62 - 68/74 - 80/86 (92)
Materiaal:
DROPS MERINO EXTRA FINE van garnstudio (behoort tot garengroep B)
(350) 400-450-500-600 (650) g kleur 15, lichtgrijs mix appelgroen

-------------------------------------------------------
BENODIGDHEDEN VOOR HET WERK:

STEKENVERHOUDING:
21 steken in de breedte en 28 naalden in de hoogte met tricotsteek = 10 x 10 cm.
1 herhaal van A.4/A.5 (18 steken) meet ongeveer 7 cm in de breedte.
1 herhaal van A.6 (32 steken) meet ongeveer 12 cm in de breedte.

NAALDEN:
DROPS RONDBREINAALD 4 MM: lengte 80 cm.
De naalddikte is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga verder met een kleinere naald.

DROPS HOUTEN KNOPEN, Eiken NR 503: (8) 9-10-11-12 (12) stuks.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!

100% wol
vanaf 3.70 € /50g
DROPS Merino Extra Fine uni colour DROPS Merino Extra Fine uni colour 3.70 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Merino Extra Fine mix DROPS Merino Extra Fine mix 3.70 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 25.90€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

RIBBEL/RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid):
1 ribbel = 2 naalden recht.

PATROON:
Maten (<0) 0/1 maand: Zie telpatronen A.1, A.3, A.4 en A.5.
Maten 1/3 - 6/9 - 12/18 maanden (2) jaar: Zie telpatronen A.2, A.3 en A.6.
De telpatronen laten alle naalden in het patroon aan de goede kant zien.

KNOOPSGAT-1 (voor de onderkant van de trappelzak):
1 KNOOPSGAT = 2 recht samen, maak 1 omslag. Brei op de volgende naald de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat. De andere (4) 4-4-5-5 (5) knoopsgaten worden verdeeld gebreid met ongeveer (4½) 5-6-5½-6 (6) cm tussen elk.

KNOOPSGAT-2 (voor de voorbies midden voor):
Brei knoopsgaten op de rechter voorbies en brei aan de goede kant. 1 KNOOPSGAT = brei de 3e en 4e steek vanaf de rand recht samen, maak 1 omslag. Brei op de volgende naald (verkeerde kant) de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat.
Brei de knoopsgaten als de voorbies meet (gemeten vanaf de markeerdraad):
(<0) maanden: 2, 8, 14 en 20 cm
0/1 maand: 2, 8, 14, 20 en 26 cm
1/3 maanden: 2, 7, 13, 18, 24 en 29 cm
6/9 maanden: 2, 9, 16, 23, 29 en 35 cm
12/18 maanden: 2, 8, 14, 20, 26, 32 en 38 cm
(2) jaar: 2, 8, 15, 21, 28, 34 en 41 cm

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

TRAPPELZAK - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Het werk wordt heen en weer gebreid met rondbreinaald in 2 delen. U zet steken op aan elke kant voor de mouwen. Het werk wordt op de schouders/midden bovenkant van de mouwen en onder de mouwen samengenaaid. U breit aan het einde een capuchon.

VOORPAND:
Zet (48) 56-68-74-78 (82) steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) met rondbreinaald 4 mm en Merino Extra Fine. Brei RIBBELSTEEK – lees beschrijving hierboven. Als het werk (2) 2-2-2½-2½ (2½) cm meet, brei dan (4) 4-4-5-5 (5) knoopsgaten verdeeld– lees KNOOPSGAT-1. Ga verder met ribbelsteek tot het werk (4) 4-4-5-5 (5) cm meet. De volgende naald wordt als volgt aan de goede kant gebreid:

MATEN (<0) 0/1 MAANDEN: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei (2) 6 steken averecht, A.1 (= 14 steken welke gemeerderd worden naar 18 steken), brei (14) 14 steken averecht, A.1 (= 14 steken welke gemeerderd worden naar 18 steken), brei (2) 6 steken averecht en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek = (56) 64 steken op de naald. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant (de kantsteken worden in ribbelsteek gebreid).
De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: 1 kantsteek in ribbelsteek, A.3 over de eerste (2) 6 steken, A.4 (= 18 steken), brei (14) 14 steken averecht, A.5 (= 18 steken), A.3 over de volgende (2) 6 steken en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek. Brei dan zoals beschreven onder ALLE MATEN!

MATEN 1/3 - 6/9 - 12/18 MAANDEN (2) JAAR: 1 kantsteek in ribbelsteek, 0-2-4 (6) steken averecht, brei A.2 (= 26 steken welke gemeerderd worden naar 32 steken), brei 14-16-16 (16) steken averecht, A.2 (= 26 steken welke gemeerderd worden naar 32 steken), brei 0-2-4 (6) steken averecht en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek = 80-86-90 (94) steken.
Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant (de kantsteken worden in ribbelsteek gebreid).
De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.3 over de eerste 0-2-4 (6) steken, A.6 (= 32 steken), brei 14-16-16 (16) steken averecht, A.6 (= 32 steken), A.3 over de volgende 0-2-4 (6) steken en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek. Brei dan zoals beschreven onder ALLE MATEN!

ALLE MATEN:
Ga verder met dit patroon. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Als het werk (16) 18-22-26-32 (38) cm meet – pas zo aan dat de volgende naald aan de goede kant wordt gebreid, verdeel dan het werk midden voor en brei elke kant apart verder.
Knip de draad af. Plaats de eerste (25) 29-37-40-42 (44) steken aan de goede kant gezien op 1 hulpdraad (= linker voorpand). Er zijn nu (31) 35-43-46-48 (50) steken over op de naald voor het rechter voorpand.

RECHTER VOORPAND:
= (31) 35-43-46-48 (50) steken. Voeg 1 markeerdraad in het werk – deze wordt gebruikt om de positie van de knoopsgaten te meten. Begin aan de goede kant en ga verder in patroon zoals hiervoor, maar de buitenste 6 steken richting midden voor worden in ribbelsteek gebreid (= voorbies). Brei de knoopsgaten op de rechter voorbies – lees KNOOPSGAT-2.
Zet TEGELIJKERTIJD als het werk (30) 37-45-54-63 (72) cm meet vanaf de opzetrand steken op voor de mouw aan het einde van elke naald aan de goede kant (dus richting de zijkant) als volgt: Zet in totaal 3 keer (4) 6-6-7-9 (12) steken op en dan 1 keer (14) 15-16-17-18 (18) steken = (57) 68-77-84-93 (104) steken op de naald (de nieuwe steken worden gaandeweg in A.3 gebreid). Als alle steken opgezet zijn, ga dan verder in patroon zoals hiervoor, maar de buitenste 12 steken op de mouw worden in ribbelsteek gebreid (= omkeerrand).
Brei verder tot het werk (37) 45-52-62-71 (81) cm meet. U heeft nu ongeveer 1 cm gebreid na het laatste knoopsgat op de voorbies, maar pas zo aan dat de volgende naald aan de goede kant wordt gebreid.
Plaats op de volgende naald (goede kant) de buitenste (7) 8-9-10-10 (11) steken richting midden voor op 1 hulpdraad voor de hals, maar om te voorkomen dat u de draad af moet knippen, breit u de steken voordat u ze op de hulpdaad zet. Ga verder met het patroon zoals hiervoor. Kant dan af voor de hals aan het begin van elke naald vanaf de hals als volgt: Kant 1 keer 2 steken af en dan (2) 2-2-2-3 (3) keer 1 steek = (46) 56-64-70-78 (88) steken over op de naald voor de schouder/mouw. Ga verder met het patroon zoals hiervoor tot het werk (39) 47-55-65-75 (85) cm meet, maar pas zo aan dat de volgende naald aan de goede kant wordt gebreid. Brei 1 naald recht aan de goede kant en minder tegelijkertijd (4) 4-6-6-6 (6) steken verdeeld over A.5/A.6 = (42) 52-58-64-72 (82) steken op de naald. Brei 1 naald recht aan de verkeerde kant. Kant af met recht aan de goede kant, maar zorg ervoor dat de afkantrand niet strak is. Het werk meet ongeveer (40) 48-56-66-76 (86) cm vanaf de opzetrand. Brei het linker voorpand zoals beschreven hieronder.

LINKER VOORPAND:
Plaats de (25) 29-37-40-42 (44) steken van de hulpdraad terug op de rondbreinaald. Begin aan de goede kant en ga verder in patroon zoals hiervoor. Neem TEGELIJKERTIJD, aan het einde van de eerste naald, 6 nieuwe steken op achter de rechter voorbies, dus neem 1 steek op in elk van de 6 voorbiessteken = (31) 35-43-46-48 (50) steken op de naald. Ga verder in patroon zoals hiervoor, maar de buitenste 6 steken richting midden voor worden in ribbelsteek gebreid (= voorbies – LET OP: brei de knoopsgaten niet op de linker voorbies).
Zet TEGELIJKERTIJD, als het werk (30) 37-45-54-63 (72) cm meet, nieuwe steken op voor de mouw aan het einde van elke naald aan de verkeerde kant (dus richting de zijkant) als volgt: Zet in totaal 3 keer (4) 6-6-7-9 (12) steken op en dan 1 keer (14) 15-16-17-18 (18) steken = (57) 68-77-84-93 (104) steken op de naald (de nieuwe steken worden gaandeweg in A.3 gebreid). Als alle steken opgezet zijn, ga dan verder in patroon zoals hiervoor, maar de buitenste 12 steken op de mouw worden in ribbelsteek gebreid = omkeerrand).
Ga verder tot het werk ongeveer (37) 45-52-62-71 (81) cm meet - pas aan zodat het overeenkomt met het rechter voorpand en zodat de volgende naald aan de verkeerde kant wordt gebreid.
Plaats op de volgende naald (verkeerde kant) de buitenste (7) 8-9-10-10 (11) steken richting midden voor op een hulpdraad voor de hals, maar om te vorkomen dat u de draad af moet knippen, breit u de steken voordat u ze op de hulpdraad zet. Ga verder met het patroon zoals hiervoor. Kant dan af voor de hals aan het begin van elke naald vanaf de hals als volgt: Kant 1 keer 2 steken af en dan (2) 2-2-2-3 (3) keer 1 steek = (46) 56-64-70-78 (88) steken over op de schouder/mouw. Ga verder in patroon zoals hiervoor tot het werk (39) 47-55-65-75 (85) cm meet, maar pas zo aan dat de volgende naald aan de goede kant is. Brei 1 naald recht aan de goede kant en minder tegelijkertijd (4) 4-6-6-6 (6) steken verdeeld over A.4/A.6 = (42) 52-58-64-72 (82) steken op de naald. Brei 1 naald recht aan de verkeerde kant. Kant af met recht aan de goede kant, maar zorg ervoor dat de afkantrand niet strak is. Het werk meet ongeveer (40) 48-56-66-76 (86) cm. Brei het achterpand zoals beschreven hieronder.

ACHTERPAND:
Zet (48) 56-68-74-78 (82) steken op en brei ribbelsteek voor (4) 4-4-5-5 (5) cm. Brei 2 naalden tricotsteek met 1 kantsteek in ribbelsteek aan elke kant. De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.3 tot er 1 steek over is op de naald en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga verder met dit patroon. Als het werk (30) 37-45-54-63 (72) cm meet, zet dan nieuwe steken op voor de mouwen aan het einde van elke naald aan elke kant als volgt: Zet in totaal 3 keer (4) 6-6-7-9 (12) steken op aan elke kant en dan 1 keer (14) 15-16-17-18 (18) steken aan elke kant = (100) 122-136-150-168 (190) steken op de naald (de nieuwe steken worden gaandeweg in A.3 gebreid). Als alle steken opgezet zijn, ga dan verder met A.3 zoals hiervoor, maar de buitenste 12 steken op beide mouwen worden in ribbelsteek gebreid (= omkeerrand).
Als het werk (38) 46-54-64-74 (84) cm meet, kant dan de middelste (12) 14-16-18-20 (22) steken af voor de hals. Kant dan 2 steken af op de volgende naald vanaf de hals = (42) 52-58-64-72 (82) steken over op de naald voor de schouder/mouw. Ga verder in patroon zoals hiervoor tot er 1 cm over is voor het werk (40) 48-56-66-76 (86) cm meet, maar pas zo aan dat de volgende naald aan de goede kant wordt gebreid. Brei 1 naald recht aan de goede kant en brei 1 naald recht aan de verkeerde kant. Kant af met recht aan de goede kant, maar zorg ervoor dat de afkantrand niet strak is. Brei de andere schouder op dezelfde manier.

AFWERKING:
Naai de schouder/bovenkant van de mouwnaden aan de binnenkant van de afkantrand. Naai de onder-mouwnaden en zijnaden aan de binnenkant van de 1 kantsteek. Keer de rand naar boven aan de onderrand, 3 cm op elke mouw en hecht vast met een aantal kleine steken aan elke kant. Naai de knopen aan de onderkant van de trappelzak (de knopen worden over het midden van de rand in ribbelsteek op het achterpand genaaid, maar op de verkeerde kant zodat ze vastgeknoopt worden bij de knoopsgaten op het voorpand). Naai de overgebleven knopen op de linker voorbies.

CAPUCHON:
Neem aan de goede kant ongeveer 52 tot 72 steken op rondom de hals (inclusief de steken van de hulpdraden aan de voorkant) met rondbreinaald 4 mm en Merino Extra Fine. Brei 1 naald recht aan de verkeerde kant. Brei dan 1 naald recht aan de goede kant, terwijl u verdeelt op de naald meerdert naar een totaal aantal van (68) 76-84-88-92 (96) steken. Brei A.3 heen en weer gebreid over alle steken – zet TEGELIJKERTIJD 6 nieuwe steken op aan het einde van de volgende 2 naalden voor de vouwrand = (80) 88-96-100-104 (108) steken. Ga verder met A.3 over alle steken tot de capuchon ongeveer (18) 19-20-21-22 (23) cm meet. Brei 1 naald recht aan de goede kant en 1 naald recht aan de verkeerde kant. Kant af met recht aan de goede kant. Vouw de capuchon dubbel en naai samen op de bovenkant, aan de binnenkant van de afkantrand. Vouw de 6 buitenste steken aan elke kant naar de goede kant en naai naar beneden aan de hals met kleine, nette steken.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 19.11.2018
Correctie: het werk wordt midden voor, tussen het kabelpatroon op het voorpand, averecht gebreid
Gewijzigd online: 26.09.2019
Correctie - RECHTER VOORPAND:...Brei 1 naald recht aan de goede kant en minder tegelijkertijd (4) 4-6-6-6 (6) steken verdeeld over A.5/A.6 = (42) 52-58-64-72 (82) steken op de naald.

Telpatroon

= recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
= averecht aan de goede kant, recht aan de verkeerde kant
= maak 1 omslag tussen 2 steken; brei op de volgende naald de omslag averecht zodat er een gaatje ontstaat
= maak 1 omslag tussen 2 steken; brei op de volgende naald de omslag gedraaid averecht om een gaatje te voorkomen
= 2 recht samen
= 1 steek recht afhalen, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek




Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS Baby 33-7) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (43)

Anna 08.01.2020 - 00:33:

Ok I'm confused. So I got to the A.6 diagram and can't figure out if the chart includes the WS rows that you read from left to right or it's all RS rows and just purl all the WS rows. But there is also nowhere in the instructions that say you have to reverse stockinette stitch the front middle panel between the decorative ones so I was garter stitching but it clearly isn't that in the picture. Please help!

DROPS Design 08.01.2020 kl. 09:12:

Dear Anna, diagrams show all rows, ie the RS as well as the WS rows - read more about diagrams here - the middle stitches in reversed stocking stitch on front piece are explained as purled stitches: (14) 14-14-16-16 (16) stitches. Happy knitting!

Christina Andersen 25.12.2019 - 22:15:

Jeg skal igang med højre forstykke og jeg er simpelthen SÅ forvirret! Jeg strikker 0/1mdr. Jeg har sat de første 29m på tråd og ved nu slet ikke hvordan jeg skal fortsætte. "Start fra retsiden og fortsæt mønsteret som før.." - fortsætte hvor fra/hvilket mønster? Og "De 6 yderste masker MOD midt..." - mod midten af højre stykke(?) det giver ikke rigtig mening for mig. Synes der mangler lidt mere forklaring så man forstår det...

Christel 27.10.2019 - 16:02:

Wieviel Wolle wird für das Alter 3-6 Monate benötigt ?

DROPS Design 27.10.2019 kl. 17:20:

Liebe Cristel. Für das Alter 6 Monate wird 500 gr ( = 10 Knäuel) benötigt. Viel Spaß beim stricken!

Nicole 23.09.2019 - 16:04:

I'm trying in English, since the Dutch aren't answering to my question. In the explanation for the right front, it says one should reduce the amount of stitches devided over pattern at. Up until this point I've been using pattern a6. How and when should I switch to A5? Ps. Elin from Norway has the same question...

DROPS Design 23.09.2019 kl. 16:27:

Dear Nicole, sorry for delay, and thanks for the feedback- your question has been forwarded to our design team so that they can check again.

Elin 22.09.2019 - 13:07:

Prøver igjen, siden dere aldri svarte på spørsmålet mitt. Under forklaringen til høyre forstykket står det at man skal felle masker jevnt fordelt over maskene i A.5. Jeg strikker posen i 6/9 mnd og har derfor brukt A.6 hele veien. Når skal man gå over til A.5?

DROPS Design 26.09.2019 kl. 08:59:

Hej Elin, det må være A.6 du strikker, så du tager ind over maskerne i A.6 :)

Nadine Dromas 21.09.2019 - 11:07:

Que veut dire 14 mailles augmentées à 18 ? s'il faut augmenter le nombre de mailles, tous les combien de rangs ? et où : après la maille lisière ? Merci pour ce modèle très joli. Cordialement

DROPS Design 23.09.2019 kl. 08:39:

Bonjour Mme Dromas, le 1er rang de A.1 se tricote sur 14 mailles, et on y fait 4 jetés (= augmentations), on aura ainsi 18 mailles dans chaque A.1 à la fin du 1er rang. Bon tricot!

Bleue 21.09.2019 - 11:01:

Hello I started to work on this pattern for 9 months. I cast on 74 st.s. But when I started "Front Piece", after doing garter st.s, the numbers are not added up actually. It seems like the project is all contains 74 st.s only the front side; and not added the back side in the very beginning of the project. I.e 1edge st+P2+A2+P16+A2+P2+1edge st = 74 > this is the front side What about the back side? Should we start the knitting with casting on 2 times 74 st.s ? Thank You

DROPS Design 23.09.2019 kl. 08:38:

Dear Bleu, you are working front piece bottom up, after the garter stitch section you will work in pattern as explained, please note that on first row in A.2 worked over 26 stitches, you will increase 6 sts as shown in diagram so that there are 32 stitches in each A.2 and a total of 86 stitches at the end of 1st row in A.2. Continue then with A.3 and A.6 as explained and divide front piece for each side. You will then work back piece separately. Happy knitting!

Sandra 17.09.2019 - 22:27:

I’m at the point in the pattern where it says to (right side) place the outermost 9 stitches towards mid-front on 1 thread for neck. I’m not clear or sure where the outermost 9 stitches would be? If I’m looking at the right side of the word, how many stitches from the garter stitch buttonhole band is it?

DROPS Design 18.09.2019 kl. 07:51:

Hi Sandra, These 9 stitches include the bands and you need to place the outermost 9 stitches on both sides of the row on a thread. Happy knitting!

Nicole 17.09.2019 - 18:35:

Ik ben bij het stuk waar ik steken moet minderen over A.5, maar heb A.5 tot nu toe nog niet gebruikt. Betekent dit dat ik na de naald recht over moet gaan op A.5 over het hele werk (dus meerdere malen achter elkaar)?

DROPS Design 29.09.2019 kl. 18:47:

Dag Nicole,

Er is onlangs een correctie op dit patroon gekomen en dit betreft jouw vraag.

Triin 16.09.2019 - 18:19:

Töö käigust ei loe kuskilt välja, kuidas kududa töö pahemal pool mustrite vahel olevad 14 silmust (suurus 1/3 kuud)? Mustrit kududes on kirjas vaid, et koo 1 rida pahempidi töö pahemal pool. Kudusin ka kõik järgnevad pahempidised pooled selliselt (14 silmust pahempidises koes). Hiljem uuesti pilti vaadates selgus, et pahemal pool peaks need 14 silmust olema hoopiski parem pidi kootud? 🤔 Antud info võiks töö kirjelduses kirjas olla..

Laat een opmerking achter voor DROPS Baby 33-7

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.