Orange Dream Top by DROPS Design

Top gebreid van boven naar beneden met raglan, kantpatroon op de pas en A-lijn in DROPS Safran. Maat: S - XXXL

DROPS design: Patroon e-255
Garengroep A
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS SAFRAN van Garnstudio (behoort tot garengroep A)
300-300-350-350-400-450 g kleur 28, oranje

DROPS NAALDEN ZONDER KNOP EN RONDBREINAALD (40 en 60 of 80 cm) MAAT 3 mm – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 24 steken en 32 naalden in tricotsteek = 10 cm in de breedte en 10 cm in de hoogte.

DROPS NAALDEN ZONDER KNOP en RONDBREINAALD (40 en 60 of 80 cm) MAAT 2.5 mm - voor de randen in ribbelsteek.
----------------------------------------------------------

-------------------------------------------------------

Stekenverhouding – Kijk hier hoe u deze moet opmeten en waarom
Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------


100% katoen
vanaf 1.65 € /50g
DROPS Safran uni colour DROPS Safran uni colour 1.65 € /50g
Wolnut
Bestel
needles Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 9.90€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

RIBBELSTEEK (gebreid in de rondte):
1 ribbel = 2 naalden. Brei 1 naald recht en 1 naald averecht.

VERHOGING:
Brei als volgt aan het begin van de naald (= midden achter), brei de eerste 7-7-7-8-8-8 steken recht, keer het werk, trek de draad aan en brei 14-14-14-16-16-16 steken recht, keer het werk, trek de draad aan en brei 21-21-21-24-24-24 steken recht, keer het werk, trek de draad aan en brei 28-28-28-32-32-32 steken recht. Ga zo verder met heen en weer breien door telkens 7-7-7-8-8-8 steken meer te breien totdat de middelste 70-70-70-80-80-80 steken zijn gebreid, keer het werk en brei terug tot het begin van de naald om verder te gaan.

TIP VOOR HET MEERDEREN-1:
Zo berekent u hoe vaak er gemeerderd moet worden, neem het totaal aantal steken op de naald (dus 104 steken) en deel het aantal steken door het aantal te maken meerderingen (dus 20) = 5.2. In dit voorbeeld meerdert u na ongeveer iedere 5e steek. Meerder 1 steek door 1 omslag te maken, op de volgende naald breit u de omslag gedraaid averecht om gaatjes te voorkomen.

TIP VOOR HET MEERDEREN-2 (voor de zijkanten van het lijf):
Brei totdat er 2 steken over blijven voor A.1, maak 1 omslag, brei 2 recht, A.1 (markeerdraad is in het midden van A.1), brei 2 recht, maak 1 omslag (= 2 steken gemeerderd). Op de volgende naald breit u de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.

PATROON:
Zie telpatroon A.1. Het telpatroon laat alle naalden aan de goede kant van het werk zien. Zowel de goede als de verkeerde kant van het werk is weergegeven.

RAGLAN:
Meerder voor de raglan in iedere overgang tussen de mouwen en het lijf. Brei de gemeerderde steken recht totdat u ze mee kunt breien in patroon.
MEERDER ALS VOLGT WANNEER U 2 STEKEN AAN ELKE KANT VAN DE STEEK MET DE MARKEERDRAAD MEERDERT:
Begin voor de steek met de markeerdraad, neem de lus voor steek en brei de lus recht gedraaid, maak 1 omslag, brei 1 recht (= steek met de markeerdraad), maak 1 omslag, neem de lus voor de volgende steek en brei de lus gedraaid recht (= 4 steken gemeerderd). Op de volgende naald breit u de omslag recht zodat er een gaatje ontstaan.

MEERDER ALS VOLGT WANNEER U 1 STEEK AAN ELKE KANT VAN DE STEEK MET DE MARKEERDRAAD MEERDERT:
Begin voor de steek met de markeerdraad, maak 1 omslag, brei 1 recht (= steek met de markeerdraad), maak 1 omslag (= 2 steken gemeerderd). Op de volgende naald breit u de omslagen recht zodat er gaatjes ontstaan.

TIP VOOR HET BREIEN:
Wanneer u meerdert voor de raglan op iedere 4e naald, staan de gaatjes in de raglanlijn verder van elkaar af dan bij de meerderingen die u om de naald maakt. Om dit te voorkomen breit u gaatjes op de naalden (iedere andere naald) zonder te meerderen als volgt:
Begin 2 steken voor de steek met de markeerdraad, brei 2 recht samen, maak 1 omslag, brei 1 recht (= steek met de markeerdraad), maak 1 omslag, 1 steek recht afhalen, brei 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.
Op de volgende naald breit u de omslagen recht zodat er gaatjes ontstaan.

----------------------------------------------------------

TOP:
Gebreid in de rondte op de rondbreinaald, van boven naar beneden. Brei de randen van de mouw in de rondte op breinaalden zonder knop. Het begin van de naald = midden achter.

PAS:
Zet 104-104-104-124-124-124 steken op rondbreinaald 2.5 mm met Safran. Brei 2 ribbels in RIBBELSTEEK - zie uitleg hierboven. Brei 1 naald recht en meerder 20 steken verdeeld over de naald - LEES TIP VOOR HET MEERDEREN-1 = 124-124-124-144-144-144 steken. Brei 1 naald averecht.
Voor een betere pasvorm kunt u een kleine VERHOGING breien op de achterkant van de hals - zie uitleg hierboven. Als de verhoging is gebreid, ga dan verder met rondbreinaald 3 mm. Brei 2 naalden recht.
Plaats 4 markeerdraden in het werk, begin aan het begin van de naald (zonder de steken te breien): Plaats de eerste markeerdraad in de 21e-21e21e-26e-26e-26e steek op de naald, plaats de tweede markeerdraad in de 42e-42e-42e-47e-47e-47e steek op de naald, plaats de derde in de 83e-83e-83e-98e-98e-98e steek op de naald en plaats de vierde markeerdraad in de 104e-104e-104th-119e-119e-119e steek op de naald. Er zijn nu 40-40-40-50-50-50 steken tussen de steken met de markeerdraad op het voor- en achterpand en 20 steken in alle maten op elke mouw.
Brei de volgende naald als volgt: Brei A.1 (= 5 steken) over de volgende 20-20-20-25-25-25 steken op de helft van het achterpand (= 4-4-4-5-5-5 herhalingen van 5 steken), meerder 2 steken aan elke kant van de steek met de markeerdraad voor de RAGLAN – zie uitleg hierboven, brei A.1 over de 20 steken op de mouw (= 4 herhalingen van 5 steken), meerder 2 steken aan elke kant van de steek met de markeerdraad, brei A.1 over de 40-40-40-50-50-50 steken op het voorpand (= 8-8-8-10-10-10 herhalingen van 5 steken), meerder 2 steken aan elke kant van de steek met de markeerdraad, brei A.1 over de 20 steken op de mouw, meerder 2 steken aan elke kant van de steek met de markeerdraad, brei A.1 over de volgende 20-20-20-25-25-25 steken op de helft van het achterpand.

Ga verder in patroon en meerder voor de raglan in iedere overgang tussen lijf en mouwen als volgt:
Meerder 2 steken aan elke kant van de steken met de markeerdraad in iedere tweede naald 6-6-6-8-8-10 keer in totaal (eerste meerdering is al gemaakt), meerder dan 1 steek aan elke kant van de steken met de markeerdraden iedere andere naald 8-8-8-9-9-10 keer in totaal. DENK OM DE STEKENVERHOUDING
Als de meerderingen 14-14-14-17-17-20 keer in totaal gemaakt zijn, zijn er 284-284-284-344-344-384 steken op naald en meet het werk ongeveer 10-10-10-12-12-14 cm vanaf de opzetrand (gemeten midden voor). Brei dan de steken recht . Ga TEGELIJKERTIJD verder met de meerderingen voor de raglan en meerder 1 steek aan elke kant van de steken met de markeerdraden iedere andere naald 0-7-12-4-13-12 keer in totaal en dan iedere 4e naald 6-4-3-7-4-5 keer in totaal – LEES TIP VOOR HET BREIEN. Na de laatste meerderingen voor de raglan zijn er 332-372-404-432-480-520 steken op de naald en meet het werk ongeveer 17-19-21-23-25-27 cm vanaf opzetrand (gemeten midden voor).
Brei de volgende naald als volgt: Brei de eerste 47-52-56-62-68-73 steken zoals hiervoor (= helft achterpand), zet de volgende 72-82-90-92-104-114 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 7-7-9-9-13-15 nieuwe steken op de naald (= de zijkant onder de mouw), brei de volgende 94-104-112-124-136-146 steken zoals hiervoor (= voorpand), zet de volgende 72-82-90-92-104-114 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 7-7-9-9-13-15 nieuwe steken op de naald (= de zijkant onder de mouw) en brei de overgebleven 47-52-56-62-68-73 steken zoals hiervoor. Brei het lijf en de mouwen apart verder. Verwijder de markeerdraden. MEET NU HET WERK VANAF HIER!

LIJF:
= 202-222-242-266-298-322 steken. Plaats 1 markeerdraad in het midden van de 7-7-9-9-13-15 opgezette steken onder elke mouw en neem de markeerdraden gaandeweg mee tijdens het breien. Ga verder in tricotsteek in de rondte, brei daarnaast A.1 over de middelste 5 steken aan elke kant (steek met markeerdraad is de middelste steek in A.1). Meerder bij een hoogte van 3 cm, 2 steken aan elke kant - LEES TIP VOOR HET MEERDEREN-2 (= 4 steken gemeerderd). Meerder zo verder iedere 6-6-6-5-5-4 cm 5-5-5-6-6-7 keer in totaal = 222-242-262-290-322-350 steken. Ga bij een hoogte van 32 cm, verder met rondbreinaald 2.5 mm. Brei 3 ribbels over alle steken. Ga verder met rondbreinaald 3 mm en hecht recht af. De bovenkant meet ongeveer 56-58-60-62-64-66 cm vanaf de schouder tot de onderkant.

MOUWRAND:
Zet de 72-82-90-92-104-114 steken van de hulpdraad aan een kant van het werk op breinaalden zonder knop maat 2.5 mm en neem daarnaast 1 nieuwe steek op in elk van de 7-7-9-9-13-15 opgezette steken onder de mouw = 79-89-99-101-117-129 steken op de naald. Brei 3 ribbels in de rondte. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm en hecht recht af. Brei de andere mouwrand op dezelfde manier.

Telpatroon

symbols = recht
symbols = maak 1 omslag tussen 2 steken. Op de volgende naald breit u de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat
symbols = 2 recht samen
symbols = 1 steek recht afhalen, brei 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek
diagram

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 178-45) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

signature-image signature

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (34)

country flag Anneke Seigers wrote:

Excuses, de vorige vraag niet goed opgesteld. Ik heb een proeflapje gemaakt, omdat ik andere wol gebruik en kom uit op naald 4 mm. Moet ik dan voor het begin naald 3,5 gebruiken I.p.v. 2,5?

22.03.2022 - 10:33

DROPS Design answered:

Dag Anneke,

Ja, je kan inderdaad dan naald 3,5 gebruiken (een halve maat kleiner)

24.03.2022 kl. 11:55

country flag Anneke Seigers wrote:

Ik gebruik ander wol, ik kom op naald die ik moet gebruiken. Moet ik dan ook naald 3,5 gebruiken ipv 2,5?

22.03.2022 - 10:30

country flag JOELLE DE LEENER wrote:

Bonjour, si je monte les mailles sur une aiguille circulaire 80cm, je n'arrive pas à faire le tour et à faire joindre la 1ère maille avec la dernière. Merci d'avance pour votre aide et bonne journée

04.02.2022 - 11:25

DROPS Design answered:

Bonjour Mme De Leener, effectivement, pour l'encolure il vous faudra commencer par l'aiguille circulaire de 40 cm, vous pourrez changer pour la plus grande quand vous aurez augmenté suffisamment de mailles. Vous pouvez également tricoter en rond avec la 80 cm grâce à la technique du "magic loop". Bon tricot!

04.02.2022 kl. 13:18

country flag JOELLE DE LEENER wrote:

Je ne comprends pas comment on réalise la bordure des manches avec des aiguilles double pointes. On ne peut pas alors tricoter de manière circulaire

29.01.2022 - 16:44

DROPS Design answered:

Bonjour Mme De Leener, vous pouvez tout à fait utiliser une aiguille circulaire de 40 cm ou bien une de 80 cm en magic loop; peut-être cette leçon pourra vous aider, elle montre à partir des photos 18A et B comment reprendre les mailles des manches (on tricote sur circulaire dans la leçon). Bon tricot!

31.01.2022 kl. 10:33

country flag Anette wrote:

Efter första varvet med raglanökning är det från mitt bak två extra maskor (en av sidorna på raglan) hur stickas dessa två maskor? Diagrammet är ju 5 maskor.

13.07.2021 - 17:32

DROPS Design answered:

Hej Anette, de ökade maskorna stickas räta till de går upp i mönstret :)

14.07.2021 kl. 10:08

country flag ANNA MARIA Scaglia wrote:

Ho rifatto i conti e ho capito! Bisogna sempre leggere bene la spiegazione! Grazie!

04.07.2021 - 08:34

country flag ANNA MARIA Scaglia wrote:

Ho calcolato il numero delle maglie aumentate. Se si parte da 104 maglie, +20 aumenti distribuiti, + 15 (1+14)aumenti di 1 maglia ad ogni lato del segna punti ( tot. 120 maglie) non si arriva a 284 maglie ma a 244......

04.07.2021 - 08:19

country flag Françoise wrote:

Bonjour, Pour le modèle178-45, quand on tricote le dos et le devant, comment fait on pour faire les augmentations en même temps que le point fantaisie sur le côté? Il faut augmenter de 2 mailles de chaque côté du fil marqueur pendant un rang endroit? merci pour votre réponse

24.06.2021 - 22:31

DROPS Design answered:

Bonjour Françoise, vous devez augmenter 2 m de chaque côté soit 4 m au total (pas 2 m de chaque côté de chaque fil marqueur, ce qui ferait 8 augmentations) ; augmentez comme indiqué sous AUGMENTATIONS-2 (côtés devant et dos) autrement dit: tricotez jusqu'à ce qu'il reste 2 mailles avant A.1, faites 1 jeté, tricotez 2 mailles endroit, A.1 comme avant, 2 mailles endroit et faites 1 jeté. Répétez au marqueur suivant = vous augmentez 2 m de chaque côté, 4 m au total par tour. Bon tricot!

25.06.2021 kl. 07:25

country flag Françoise MAHE wrote:

Bonjour Merci pour votre réponse très claire. Toujours pour drops 178-45, avant l'augmentation pour le raglan, s'il n'y a pas assez de mailles pour un motif A.1, faut-il tricoter ces mailles à l'endroit et continuer après l'augmentation en point fantaisie? Merci encore

14.05.2021 - 10:28

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Mahe, tout à fait, tans que vous n'avez pas assez de mailles pour tricoter 1 diminution/1 jeté de A.1, tricotez ces mailles en jersey. Bon tricot!

17.05.2021 kl. 08:25

country flag Françoise wrote:

Bonjour, Pour le modèle 178-45 taille M, j'ai monté 104 mailles, puis après 2 côtes au point mousse, j'ai augmenté de 20 mailles, ce qui me fait 124 mailles en tout. Je ne comprends pas pourquoi, après avoir placé les ' fils marqueurs, il est dit dans les explications qu'il y a 40 mailles pour le devant, 40 mailles pour le dos et 20 mailles pour chaque manche, ce qui fait en tout 120 mailles. Il manque 4 mailles par rapport au 124 mailles du début. Merci beaucoup pour votre aide

10.05.2021 - 15:58

DROPS Design answered:

Bonjour Françoise, les fils marqueurs doivent être placés dans une maille: 20 m (demi-dos), 1 m avec le 1er fil marqueur, 20 m (manche), 1 m avec le 2ème fil marqueur, 40 m (devant), 1 m avec le 3ème fil marqueur, 20 m (manche), 1 m avec le 4ème fil marqueur, 20 m (demi-dos) = 20+1+20+1+40+1+20+1+20= 124 m. Bon tricot!

10.05.2021 kl. 16:16

Laat een opmerking achter voor DROPS 178-45

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.