DROPS Baby / 33 / 30

Baby Talk by DROPS Design

Gebreide overall en muts voor baby met gerstekorrel, ribbelsteek en gehaakte rand. De set wordt gebreid in DROPS BabyMerino. Maat overall: 1 maand tot 2 jaar Maat muts: Prematuur tot 4 jaar

DROPS design: Patroon nr. bm-102-by
Garengroep A
----------------------------------------------------------

OVERALL:

MAAT:
0/1 - 1/3 - 6/9 - 12/18 maanden (2 - 3/4) jaar
De maat komt ongeveer overeen met de hoogte van het kind in cm:
48/52 - 56/62 - 68/74 - 80/86 (92 - 98/104)

MATERIAAL:
DROPS BABY MERINO van garnstudio (behoort tot garengroep A)
200-250-250-300 (300-300) g kleur 37, licht lavendel
50-100-100-100 (100-100) g kleur 23, lichtbeige mix

STEKENVERHOUDING:
24 steken in de breedte en 48 naalden in de hoogte in gerstekorrel = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS RONDBREINAALD 3 mm, lengte 60 cm.
De naalddikte is slechts een richtlijn! Als u te veel steken heeft op 10 cm brei dan verder met grotere naalden. Als u te weinig steken heeft op 10 cm brei dan verder met kleinere naalden.

DROPS HAAKNAALD 2.5 mm - voor de randen en koorden.
----------------------------------------------------------

MUTS:

MAAT: (<0) 0/1 - 1/3 - 6/9 - 12/18 maanden (2 - 3/4) jaar
Voor een hoofdomtrek van ongeveer:
(28/32) 34/38 - 40/42 - 42/44 - 44/46 (48/50 - 50/52) cm

MATERIAAL:
DROPS BABY MERINO van garnstudio (behoort tot garengroep A)
(50) 50-50-50-50 (50-50) g kleur 37, licht lavendel

STEKENVERHOUDING:
24 steken in de breedte en 48 naalden in de hoogte in gerstekorrel = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 3 mm
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 2.5 mm
De naalddikte is slechts een richtlijn! Als u te veel steken heeft op 10 cm brei dan verder met grotere naalden. Als u te weinig steken heeft op 10 cm brei dan verder met kleinere naalden.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!

100% wol
vanaf 2.60 € /50g
DROPS Baby Merino uni colour DROPS Baby Merino uni colour 2.60 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Baby Merino mix DROPS Baby Merino mix 2.60 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 20.80€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

----------------------------------------------------------

RIBBELSTEEK (in de rondte - geldt voor de muts):
1 ribbel in de hoogte = 2 naalden. Brei 1 naald recht en 1 naald averecht.

GERSTEKORREL:
Naald 1: * 1 recht, 1 averecht *, herhaal van *-*.
Naald 2: Recht over averecht en averecht over recht.
Herhaal de 2e naald in de hoogte.

TIP VOOR HET MEERDEREN (geldt voor de overall):
Meerder aan de binnenkant van de 1 kantsteek. Alle meerderingen worden aan de goede kant gemaakt.
Meerder door 1 omslag te maken. Brei de omslag op de volgende naald gedraaid recht, zodat er geen gaatjes ontstaan

TIP VOOR HET MINDEREN (geldt voor de overall):
Minder aan de binnenkant van de 1 kantsteek. Alle minderingen worden aan de goede kant gemaakt.
Minder als volgt na 1 kantsteek: 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.
Minder als volgt voor de 1 kantsteek: 2 recht samen.

----------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK VOOR DE OVERALL HIER:

----------------------------------------------------------

OVERALL - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Brei van onder naar boven. Brei eerst 2 pijpen, brei dan de pijpen samen en brei heen en weer tot de mouw. Zet steken op voor de mouw aan elke kant van het werk, en brei het voor- en achterpand apart tot het werk klaar is. Naai de schouder en mouwnaden dicht en haak een rand rondom de opening op de overall aan het einde. Brei de hele overall in gerstekorrel.

PIJP:
Wordt heen en weer gebreid op de rondbreinaald, zodat alle steken goed op de naald passen.
Zet 46-50-54-58 (66-70) steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) op rondbreinaald 3 mm met licht lavendel. Brei in GERSTEKORREL over alle steken - zie uitleg hierboven. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Meerder bij een hoogte van 6 cm, 1 steek aan elke kant van het werk aan de binnenkant van de 1 kantsteek (= 2 steken gemeerderd). Meerder zo iedere 3e-4e-5e-5e (8e - 8e) naald 11-11-12-14 (13-16) keer in totaal = 68-72-78-86 (92-102) steken. Kant bij een hoogte van 15-18-21-24 (29-34) cm, 5 steken af op het begin van de 2 volgende naalden voor de spie (dus kant steken af aan elke kant van het werk) = 58-62-68-76 (82-92) steken. Leg het werk terzijde en brei een andere pijp op dezelfde manier.

OVERALL:
Zet beide pijpen op dezelfde rondbreinaald 3 mm, met de afgekante steken naar elkaar toe = 116-124-136-152 (164-184) steken. Voeg 1 markeerdraad in het werk. MEET NU HET WERK VANAF HIER! Brei 3 naalden gerstekorrel heen en weer gebreid, begin midden voor.
Brei dan als volgt: Zet 3 steken op aan het einde van de volgende 2 naalden (voor de biezen aan de voorkant) = 122-130-142-158 (170-190) steken. Voeg 1 markeerdraad in na 32-34-37-41 (44-49) steken vanaf elke kant. Neem de markeerdraden in de hoogte mee tijdens het breien, ze geven het voor- en achterpand aan.
Meerder nu steken midden voor (dus aan elke kant van het werk) zodat de voorpanden overlappen. Meerder 1 steek aan de binnenkant van de 1 kantsteek aan elke kant van het werk (= 2 steken gemeerderd) - lees TIP VOOR HET MEERDEREN! Meerder op iedere 4e naald 3-2-0-3 (2-13) keer, dan op iedere 6e naald 8-11-16-17 (21-15) keer (= 12-14-17-21 (24-29) steken gemeerderd in totaal aan elke kant van het werk) = 44-48-54-62 (68-78) steken op elk voorpand = 146-158-176-200-218-248 steken in totaal.

LEES HET VOLGENDE DEEL HELEMAAL DOOR VOORDAT U VERDER GAAT! MINDER MIDDEN VOOR, VOOR DE HALS AAN DE BINNENKANT VAN DE 1 KANTSTEEK TERWIJL U TEGELIJKERTIJD HET WERK VERDEELD EN STEKEN OPZET VOOR DE MOUW.
MINDER MIDDEN VOOR, VOOR DE HALS ALS VOLGT:
Brei over alle steken tot het werk 17-20-25-28 (32-34) cm meet vanaf de markeerdraad. Minder dan 1 steek aan de binnenkant van de 1 kantsteek voor de hals aan elke kant van het werk (= 2 steken geminderd) - lees TIP VOOR HET MINDEREN! Minder zo op iedere andere naald 20-24-27-31 (35-41) keer, dan op iedere 4e naald 2 keer (= 23-27-30-34 (38-44) steken geminderd in totaal aan elke kant van het werk).
VERDEEL HET WERK EN ZET STEKEN OP VOOR DE MOUW ALS VOLGT:
RECHTER VOORPAND:
Bij een hoogte van 21-26-30-35 (40-43) cm vanaf markeerdraad, verdeelt u het werk bij de 2 markeerdraden en brei voor- en achterpand apart verder. Pas zo aan dat de volgende naald aan de goede kant is. Brei nu over de steken tot de eerste markeerdraad (= rechter voorpand). Zet de overgebleven steken op een hulpdraad. Zet nu steken op voor de mouw aan het einde van iedere naald aan de goede kant als volgt (LET OP: Ga verder met minderen aan de binnenkant van de 1 kantsteek op het begin van de naald zoals hiervoor): Zet 4-4-5-6 (7-8) keer 4-6-6-6 (6-6) steken op en dan 1 keer 17-17-16-16 (18-20) steken (= 33-41-46-52 (60-68) steken opgezet in totaal voor de mouw).
Als alle steken opgezet zijn en alle minderingen klaar zijn, zijn er 54-62-70-80 (90-102) steken op de naald. Brei tot het werk 45-53-62-70 (81-90) cm meet in totaal, gemeten vanaf de pijp tot de schouder. Kant af.

LINKER VOORPAND:
Brei over de laatste steken die op een hulpdraad gezet zijn, tot de markeerdraad.
Brei zoals het rechter voorpand maar dan omgekeerd - dus zet steken op voor de mouw aan het einde van de naald op de verkeerde kant. Ga verder met minderen aan de binnenkant van de 1 kantsteek aan het einde van de naald zoals hiervoor voor de hals.

ACHTERPAND:
= 58-62-68-76 (82-92) steken. Zet nieuwe steken op aan het einde van iedere naald aan elke kant voor de mouwen als volgt: Zet 4-4-5-6 (7-8) keer 4-6-6-6 (6-6) steken op en dan 1 keer 17-17-16-16 (18-20) steken (= 33-41-46-52 (60-68) steken opgezet in totaal voor de mouw aan elke kant van het werk) = 124-144-160-180 (202-228) steken.
Kant dan bij een hoogte van 44-52-61-69 (80-89) cm in totaal, de middelste 16-20-20-20 (22-24) steken af voor de hals en eindig elkE schouder/mouw apart (= 54-62-70-80 (90-102) steken over op elk schouder). Brei zo tot het werk 45-53-62-70 (81-90) cm meet in totaal, gemeten vanaf de pijp tot de schouder, pas aan volgens de voorpanden. Kant af. Brei de andere schouder op dezelfde manier.

AFWERKING:
Naai DE bovenarm/schoudernaden dicht met maassteken aan de goede kant.
Naai de onderarmnaden samen rand tot rand in de voorste lus van de buitenste steken. Naai de pijpen samen aan de binnenkant van de 1 kantsteek, en naai de 5 afgekante steken tussen de pijpen samen. Naai het split tot waar de 3 nieuwe steken opgezet zijn aan elke kant voor de voorbiessteken en naai de 3 voorbiessteken aan elke kant van het werk aan de overall.

GEHAAKTE RAND:
Haak op haaknaald 2.5 mm met lichtbeige rondom de hele opening midden voor op de overall als volgt:
TOER 1 (= op de verkeerde kant): Begin midden voor op de onderkant van het linker voorpand, haak 1 vaste in de eerste steek waar 3 voorbiessteken opgezet zijn, * 1 losse, sla ongeveer 1 cm over, 1 vaste in de volgende steek *, herhaal van *-* (zorg ervoor om een strakke rand te voorkomen), ga verder met de gehaakte rand rondom de overall tot de hoek waar de minderingen voor de hals op het linker voorpand zijn begonnen, haak het koord als volgt: 1 vaste in de punt, haak dan lossen voor ongeveer 20-25 cm, keer het werk en haak 1 halve vaste in iedere losse, haak dan opnieuw 1 vaste in de punt op het voorpand, haak in de rondte tot de volgende punt (dus op het rechter voorpand), haak een koord, ga zo verder als hiervoor rondom de rest van de overall naar beneden tot waar de 3 voorbiessteken opgezet zijn, pas aan op het einde met 1 vaste.
TOER 2 (= aan de goede kant): Haak 1 losse, 1 vaste om de eerste losse, * 4 lossen, 1 stokje in de 4e losse vanaf de haaknaald, sla 1 vaste + 1 losse + 1 vaste over, haak 1 vaste om de volgende losse *, herhaal van *-* (zorg ervoor dat u over de koorden haakt, zodat de koorden onder de rand komen, dus haak niet in de steek in het koord), eindig met 1 halve vaste in de eerste vaste op de vorige toer. Knip en hecht het garen af.

Haak op haaknaald 2.5 mm met licht beige mix op de onderkant om beide pijpen als volgt:
TOER 1: Begin op de naad. Haak 1 vaste in de eerste steek, * 1 losse, sla 2 steken over, 1 vaste in de volgende steek *, herhaal van *-* en eindig met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer.
TOER 2: Haak 1 losse, 1 vaste om de eerste losse, * 4 lossen, 1 stokje in de 4e losse vanaf de haaknaald, sla 1 vaste + 1 losse + 1 vaste over, haak 1 vaste om de volgende losse *, herhaal van *-* de hele toer, eindig met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer.

Haak op haaknaald 2.5 mm met licht beige mix op de rand rondom beide mouwen als volgt:
TOER 1: Haak 1 vaste in de eerste steek op de onderkant van de mouw, * 1 losse, sla ongeveer 1 cm over, 1 vaste in de volgende steek *, herhaal van *-* (zorg ervoor om een strakke rand te voorkomen) en eindig met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer.
TOER 2: Haak 1 losse, 1 vaste om de eerste losse, * 4 lossen, 1 stokje in de 4e losse vanaf de haaknaald, sla 1 vaste + 1 losse + 1 vaste over, haak 1 vaste om de volgende losse *, herhaal van *-* de hele toer, eindig met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer.
Haak dan 1 koord zoals die in de punt op het rechter en linker voorpand, op de buitenkant van het linker voorpand, onder de mouw (dus in de zijkant) en aan de binnenkant van het rechter voorpand – zorg ervoor dat de koorden op dezelfde hoogte komen als de punten op het voorpand.


----------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK VOOR MUTS HIER:

----------------------------------------------------------

MUTS:

Brei in de rondte op de naalden zonder knop. Zet losjes (68) 80-92-96-104 (112-116) steken op breinaalden zonder knop maat 2.5 mm met licht lavendel.
Brei (2) 2-3-3-3 (4-4) cm boordsteek = 2 recht/2 averecht.
Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm en brei 1 naald recht terwijl u tegelijkertijd 8 steken verdeeld mindert = (60) 72-84-88-96 (104-108) steken.
Ga verder met GERSTEKORREL - zie uitleg hierboven. Brei bij een hoogte van (9) 10-11-11-13 (13-14) cm, in RIBBELSTEEK - zie uitleg hierboven. Minder op de volgende naald met recht (6) 8-7-8-8 (8-9) steken verdeeld. Herhaal het minderen om de naald (dus iedere rechte naald) (5) 5-5-5-5 (6-6) keer (= (6) 6-6-6-6 (7-7) mindernaalden in totaal) = (24) 24-42-40-48 (48-45) steken.
Brei op de volgende naald alle steken 2 aan 2 recht samen. Brei 1 naald averecht en herhaal het minderen op de volgende naald recht in maat 6/9 en 12/18 maanden en (2 - 3/4) jaar (minder niet in de andere maten) = (12) 12-11-10-12 (12-12) steken.
Haal een dubbel draad door de overgebleven steken en hecht stevig af.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 25.03.2019
Correctie OVERALL: Voeg 1 markeerdraad in het werk. MEET NU HET WERK VANAF HIER! Brei 3 naalden gerstekorrel heen en weer gebreid, begin midden voor.
Gewijzigd online: 15.08.2019
Hoeveelheid garen toegevoegd voor maat 0/1 en 3/4 jaar.

Telpatroon

= breirichting

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS Baby 33-30) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (41)

Christel 02.09.2020 - 10:05:

Hallo, ich stricke die Babymütze und habe folgende Frage: In der Anleitung steht, dann im Perlmuster stricken. Bei einer Länge von 11 cm Krausrippen stricken. Diese angegebenen cm beziehen die sich auf die Länge vom Perlmuster oder die gesamte Länge der Mütze incl. Bündchen. Vielen Dank für Ihre Info.

DROPS Design 02.09.2020 kl. 11:16:

Liebe Christel, die 11 cm werden von der Anschlagskante gemessen. Viel Spaß beim stricken!

Sima 25.08.2020 - 16:19:

Bonjour je n’ai pas compris qd vous dites diviser l’ouvrage et monter les mailles de manches est ce qu’il faut diviser ts l’ouvrage en 2 et travailler chaque côté séparément merci de me répondre

DROPS Design 25.08.2020 kl. 16:30:

Bonjour Mme Sima, vous divisez l'ouvrage en 3 parties et terminez chaque devant et le dos séparément. La séparation des 3 pièces se fait au niveau des marqueurs de chaque côté. Tricotez les mailles du devant droit sur l'endroit jusqu'au 1er marqueur et mettez toutes les autres mailles (= dos + devant gauche) en attente, tricotez maintenant le devant droit en montant les mailles à la fin de ce rang (= sur l'endroit). Bon tricot!

Karin Stapf 20.08.2020 - 19:15:

Ik snap het begin al niet! Moet ik de pijp gewoon doorbreken? En ze dan later bij 6 cm ze naast elkaar zetten en verder in het rond breien? En later de pijp dichtnaaien? Groetjes

DROPS Design 21.08.2020 kl. 10:41:

Dag Karin,

Je breit beide pijpen heen en weer en de zijkanten van het breiwerk zijn de binnenbeen naden. Je naait ze op het eind in elkaar.

Sylvi Velle Vingerhagen 12.08.2020 - 19:59:

Jeg stilte et spørsmål for noen minutter siden. Nå forstår jeg sammenhengen 👍

Sylvi Velle Vingerhagen 12.08.2020 - 19:46:

Hei! Jeg har satt i sammen beina, og økt tre masker i hver ende av rundpinnen (som da er foran på dressen). Videre skal det økes med 1 maske i hver ende. Men på str. 6/9 mnd. skal økningen gjentas hver 4. pinne 0 ganger. Når skal jeg begynne med økning hver 6. pinne? Med en gang? Totalt 17 ganger? Da vil dressen bli kortere i ryggen enn str. 1/3 mnd. Vennlig hilsen Sylvi

DROPS Design 13.08.2020 kl. 11:47:

Hej Sylvi. Så fint att det löste sig. Mvh DROPS Design

Sylvia Donaldson 08.08.2020 - 13:32:

Hallo. Leider habe ich auf Monika Exners Frage bzgl. Des zusammen nähens keine Antwort gefunden. Diesen Teil verstehe ich auch nicht so ganz. Bitte um Hilfe. Danke schön

DROPS Design 11.08.2020 kl. 09:50:

Liebe Sylvia, die Frage wurde nun beantwortet. Hoffentlich hilft Ihnen das weiter! Schauen Sie auch gerne bei den Videotutotials, die Sie unter der Anleitung finden, dort gibt es auch Videos zum Arbeiten flacher Nähte. Gutes Gelingen!

Solveig 09.06.2020 - 09:44:

Hvor mange nøster må jeg ha til dressen?

DROPS Design 09.06.2020 kl. 14:27:

Hei Solveig. Det kommer an på hvilken størrelse du skal strikke. Garnmengden til denne dressen finner du til høyre / eller under bildet i 6 forskjellige størrelser. God Fornøyelse!

Lone 19.05.2020 - 18:28:

Hej. Jeg har brug for tolkning af “ midt foran” Efter at man har indsat begge ben på pinden, skal der strikkes 6 p perlestrik frem og tilbage med start midt foran Min pind ser nu sådan ud: 5 lukket m - strik - 10 lukket m - strik - 5 lukket m Hvor er “ start midt foran” på pinden? Venlig hilsen Lone

DROPS Design 25.05.2020 kl. 13:22:

Hei Lone. Midt foran blir rett etter der du felt de 5 maskene på det ene beinet og rett før du felt de 5 maskene på det andre beinet (fellingene ligger mot hverandre). Når du har felt de siste 5 maskene, må du klippe tråden for så å starte midt foran. God Fornøyelse!

Lise Trebbien 04.05.2020 - 18:54:

Den er bare så sød

Loren 24.04.2020 - 16:24:

I have almost completed this gorgeous baby overall but have two questions. 1. Any suggestions on how to convert inside leg seams to snap tape so the baby can more easily have her diaper changed? 2. More importantly, how does the overall fasten on the baby with the ties? I really don’t understand how the ties work! Thank you so much!! I love your patterns and yarns!!

DROPS Design 24.04.2020 kl. 16:29:

Dear Loren, this pattern doesn't include any leg opening, the legs are supposed to be sewn here - you can maybe require suggestions from other knitters in our DROPS Workshop? You will have a total of 4 ties: see e.g. 4th picture: 1 tie under left sleeve tog with 1 tie on right front piece (outside garment) + 1 tie right sleeve tog with 1 tig on left font piece (inside garment, hidden). Hope this helps, happy knitting!

Laat een opmerking achter voor DROPS Baby 33-30

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.