DROPS / 196 / 28

Green Envy by DROPS Design

Gehaakte vest in DROPS BabyMerino. Het werk wordt gehaakt in een vierkant met waaiers, kantpatroon en strepen. Maten S - XXXL.

DROPS Design: Patroon nr. bm-055
Garengroep A
-------------------------------------------------------

Maten: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS BABYMERINO van garnstudio (behoort tot garengroep A)
50-100-100-100-100-100 g kleur 20, donkergrijs
500-550-600-650-700-750 g kleur 38, olijfgroen

-------------------------------------------------------
BENODIGDHEDEN VOOR HET WERK:

STEKENVERHOUDING:
20 dubbele stokjes in de breedte en 7.5 toeren in de hoogte = 10 x 10 cm.
Het telpatroon A.4 meet ongeveer 2½ cm in de breedte.

HAAKNAALD:
DROPS HAAKNAALD 4 mm.
De naalddikte is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere toer. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere toer.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

100% wol
vanaf 3.39 € /50g
DROPS Baby Merino uni colour DROPS Baby Merino uni colour 3.39 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Baby Merino mix DROPS Baby Merino mix 3.39 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 37.29€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.4.

INFORMATIE VOOR HET HAKEN:
Op elke toer die begint met 1 stokje, begint u met 3 lossen (deze vervangt het eerste stokje) en eindigt u met 1 halve vaste in de 3e losse op het begin van de toer.
Op elke toer die begint met 1 dubbel stokje, begint u met 4 lossen (welke het eerste dubbele stokje vervangt) en eindigt u met 1 halve vaste in de 4e losse op het begin van de toer.
Op elke toer die begint met 1 vaste, begint u met 1 losse (welke de eerste vaste vervangt) en eindigt u met 1 halve vaste in de eerste losse op het begin van de toer.

STREPEN:
Als het werk 5, 10, 20 en 36 cm meet vanaf het midden (pas zo aan dat de volgende toer een toer is zonder stokjesgroepen) haak dan de volgende toer met donkergrijs. Knip en hecht de donkergrijze draad af als de toer klaar is. Knip de olijfgroene draad niet af, deze wordt meegenomen op de verkeerde kant, maar zorg ervoor dat hij niet te strak zit.

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

VEST - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Het achterpand wordt eerst in de rondte gehaakt vanaf het midden naar buiten toe, in een vierkant en dan heen en weer gehaakt over elk voorpand. De mouwen worden in de rondte gehaakt van boven naar beneden en op het vierkant genaaid.

ACHTERPAND:
Het werk wordt gehaakt in STREPEN – lees beschrijving hierboven.
Haak A.1 met haaknaald 4 mm en olijfgroen. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Als A.1 1 keer is gehaakt, herhaal dan steeds de laatste 2 toeren met meerderingen zoals hiervoor. Ga verder tot het vierkant 36-38-40-42-44-46 cm meet (dus 18-19-20-21-22-23 cm vanaf het midden), pas zo aan dat de volgende toer een toer is zoals de laatste toer in telpatroon A.1 (dus een toer met 1 vaste in het midden aan elke kant, zodat het makkelijker is om te verdelen voor het armsgat).
Haak nu de armsgaten als volgt: Haak over de eerste kant zoals hiervoor (tot en met de eerste hoek), haak 48-52-55-59-62-62 lossen, sla de eerste helft van de volgende kant over voor de mouw, haak de tweede helft tot de hoek, de volgende kant zoals hiervoor tot de hoek, haak de eerste helft van de laatste kant zoals hiervoor, haak 48-52-55-59-62-62 lossen, sla de laatste helft van de laatste kant over voor de mouw en haak de laatste hoek zoals hiervoor.
Ga op de volgende toer verder met het patroon zoals hiervoor; om de lossen voor de mouwen haak patroon zoals hiervoor (dus u haakt hetzelfde aantal herhalingen als dat u heeft overgeslagen, inclusief de meerdering in de hoek).
Ga verder in de rondte tot het werk in totaal 78-80-82-84-86-88 cm meet, pas zo aan dat u eindigt met 1 toer van dubbele stokjesgroepen (dus 39-40-41-42-43-44 cm vanaf het midden van het vierkant). Knip de draad af.

RECHTER VOORPAND:
Begin in het midden van de eerste hoek.
De eerste toer wordt gehaakt aan de verkeerde kant als volgt: Haak A.2b (dus 1 stokje + 2 lossen + 1 stokje worden gehaakt in de 4 lossen die het eerste dubbele stokje op het begin van de vorige toer vervangt, 4 lossen, sla de eerste lossenlus over, 1 vaste om de volgende lossenlus) – lees INFORMATIE VOOR HET HAKEN, haak dan patroon zoals hiervoor tot er 2 lossen over zijn voor de volgende hoek, haak A.2a over de hoek (dus 4 lossen, 1 stokje + 2 lossen + 1 stokje worden gehaakt in het dubbele stokje in de hoek).
Ga verder met dit patroon heen en weer gehaakt (dus herhaal de 4 toeren in A.2). Haak tot het werk 61-63-65-67-69-71 cm meet vanaf het midden van het vierkant; pas zo aan dat u eindigt met 1 toer van dubbele stokjesgroepen. Knip en hecht de draad af.

LINKER VOORPAND:
Haak zoals voor het rechter voorpand.

MOUW:
Haak 97-104-111-118-125-125 lossen met haaknaald 4 mm en olijfgroen en vorm deze tot een ring met 1 halve vaste in de eerste losse.
Haak 4 lossen (= 1 dubbel stokje), sla 1 losse over, 1 dubbel stokje in elk van de volgende 5 lossen, * sla 1 losse over, haak 1 dubbel stokje in elk van de volgende 6 lossen *, haak van *-* en eindig met 1 halve vaste in de 4e losse op het begin van de toer = 84-90-96-102-108-108 dubbele stokjes.
Haak dan patroon in de rondte als volgt: Haak A.3 (= 6 steken) en herhaal A.4 over de overgebleven steken (= 13-14-15-16-17-17 keer in de breedte).
Ga verder met dit patroon.
Als de mouw 4 cm meet, pas zo aan dat de volgende toer toer 3 is in A.3, minder als volgt:
Haak 1 losse, sla de eerste 4 lossen over (= vervangt het eerste dubbele stokje op de vorige toer) en 2 dubbele stokjes op de vorige toer, ga verder in patroon zoals hiervoor tot er 3 lossen en 1 halve vaste over zijn, sla 3 dubbele stokjes op de vorige toer over en eindig met 1 halve vaste in de eerste losse (= 3 stokjes geminderd aan elke kant = in totaal 6 stokjes geminderd).
De volgende toer wordt gehaakt op dezelfde manier als toer 2 (zodat de lossenlussen verder gaan en verplaatst worden). Ga verder met toeren 1 tot 4 zoals hiervoor. Minder zo iedere 10-8-8-7-7-7 cm in totaal 5-6-6-7-7-7 keer = 54-54-60-60-66-66 steken (op 1 toer van dubbele stokjes). Als de mouw ongeveer 53 cm meet (pas zo aan dat u eindigt met 1 toer van lossen en vasten) knip en hecht dan de draad af.
Haak nog 1 mouw op dezelfde manier.

AFWERKING:
Naai de mouwen aan het vierkant met olijfgroen, in de buitenste lus van de buitenste steek.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 04.09.2018
Telpatroon A.3 is aangepast: het aantal steken na het minderen op toer 3 is aangepast + averechte steken toegevoegd aan toer 19 en 20.
Gewijzigd online: 12.11.2019
Nieuwe tekst bij ACHTERPAND en RECHTER VOORPAND + nieuwe telpatronen A.2a en A.2b.

Telpatroon

= 2 lossen
= 3 lossen
= 4 lossen
= 6 lossen
= vaste om de lossenlus
= stokje om de lossenring
= dubbel stokje in de steek
= dubbel stokje om de lossenlus
= dubbele stokjesgroep: (3 dubbele stokjes + 2 lossen + 3 dubbele stokjes) om de lossenlus
= (1 stokje + 6 lossen + 1 stokje) om de lossenlus/in dubbel stokje
= toer begint met 3 lossen, haak dan 6 lossen + 1 stokje in de 4e losse op het begin van vorige toer. De toer eindigt met 1 halve vaste in de 3e losse op het begin van de toer, haak dan halve vasten tot het midden van de eerste lossenlus
= toer begint met 3 lossen en eindigt met 1 halve vaste in de 3e losse op het begin van de toer
= toer begint met 4 lossen en eindigt met 1 halve vaste in de 4e losse op het begin van de toer
= haakrichting
= haak 5 lossen en vorm deze tot een ring met 1 halve vaste in de eerste losse - zie punt op de cirkel; de toer begint en eindigt hier
= toer is reeds gehaakt; dit laat zien hoe de volgende toer wordt gehaakt tussen de steken - Begin op de volgende toer!
= stokje in de steek
= vaste tussen 2 dubbele stokjes
= toer begint met 1 losse (vervangt de eerste vaste) en eindigt met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer



Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 196-28) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (35)

Małgorzata 28.10.2020 - 08:35:

Nie umiem poradzić sobie ze schematem i opisem wykonania przodu (lewego lub prawego). Jak powtarzać schemat?

DROPS Design 30.10.2020 kl. 09:45:

Witaj Małgosiu! Przerabiasz 1-szy rząd na lewej stronie robótki następująco: schemat A.2b (tj. 1 słupek + 2 oczka łańcuszka + 1 słupek w 4-te oczko łańcuszka, które zastępuje pierwszy słupek podwójny na początku poprzedniego okrążenia, 4 oczka łańcuszka, ominąć pierwszy łuk, 1 oczko ścisłe wokół następnego łuku) – patrz WSKAZÓWKA, dalej przerabiasz jak wcześniej (jak na tyle), aż zostaje 2 oczka łańcuszka przed następnym rogiem, przerabiasz schemat A.2a ponad rogiem (tj. 4 oczka łańcuszka, 1 słupek + 2 oczka łańcuszka + 1 słupek w słupek podwójny w rogu). Dalej przerabiać tak samo w tę i z powrotem. Pozdrawiamy!

Zakia 14.09.2020 - 16:34:

Bonjour Je suis en train de crocheter ce modèle et j’ai un petit soucis : quand on réalise le corps nous avons entre 2 brides 6 m en l’air et pour la réalisation des côtes on réalise seulement 2 m en l’air ? Il est mentionné que le modèle est corrigé. Donc les diagrammes A2a et A2b sont les diagrammes corrigés

DROPS Design 15.09.2020 kl. 09:26:

Bonjour Zakia, quand on crochète en rond, on a effectivement 1 tour sur 2 un arceau de 6 mailles en l'air dans chaque coin, quand on continue les devants séparément, en rangs, on crochète d'un coin à l'autre avec A.2a et A.2b en début/fin de rang et comme avant entre les 2, mais on n'a plus d'arceau de 6 mailles en l'air, on crochète 1 bride, 2 mailles en l'air, 1 bride de chaque côté (rangs 1 et 3 de A.2a/A.2b). Bon crochet!

Monika Weissgram 28.08.2020 - 20:16:

Hallo, ich habe Probleme mit den Ärmeln, ich komme mit der Häkelschrift samt Erklärung nicht klar. Bitte um Verständliche Erklärung. GlG Monika

DROPS Design 31.08.2020 kl. 08:52:

Liebe Frau Weissgram, bei der Ärmel häkeln Sie zuerst 1 Runde mit nur Doppelstäbchen ( 84 bis 108 Doppelstb je nach der Größe), dann häkeln Sie die Diagramme wie folgt: A.3 am Anfang der Runde, dann A.4 13 bis 17 Mal (je nach der Größe) wiederholen. Viel Spaß beim häkeln!

Mihaela Simion 06.04.2020 - 19:16:

Hi, I like the pattern but I m having trouble on the 4 th row I really can t understand it at all.if someone can explain the row I would appreciate it.Thank you!

DROPS Design 09.04.2020 kl. 14:33:

Dear Mrs Simon, in UK-English, work 4th round as follows: 4 ch (= 1st dtr), *2 ch, 1 dtr group around next ch-space, 1 dc around next ch-space, 6 ch, 1 dc around next ch-space, 1 dtr group around next ch-space, 2 ch, (1 tr+6ch+1tr) in the dbtr at the corner*, repeat from *-* 2 more times (first 3 sides of squares are done), and finish with 2 ch, 1 dtr group around next ch-space, 1 dc around next ch-space, 6 ch, 1 dc around next ch-space, 1 dtr group around next ch-space, 2 ch, 1 slip st in4th ch from beg of round (= 4th side of square). Happy crocheting!

Erika Wickman 26.02.2020 - 11:06:

Jag kan inte få varv 3 att bli rätt. Finns det någon film eller annan tydlig beskrivning att se hur man gör. Det gäller DROPS Design: Modell bm-055 Green Envy. Vänligen Erika Wickman

DROPS Design 26.02.2020 kl. 12:10:

Hej Erika, när du har virkat smygmaskan i 4:e lm i början på varv 2, virkar du 9lm, 1 stolpe i samma 4:e lm från förra varvet, sedan 4 lm, 1 fm om lm-bågen (i mitten på dbl-stolpgruppen från förra varvet), 4lm osv. Lycka till :)

Sharon 29.01.2020 - 16:59:

Why have you not used the recognized standard crochet symbols in these charts? The end result makes the chart more difficult to follow. Will not be making this lovely jacket now.

Sara 29.10.2019 - 14:19:

En los diagrams A2a y A2 b el grupo de puntos va alrededor de los 4 puntos de cadeneta de la vuelta anterior o va en el arco de 2 cadenetas entre los dos puntos altos de la vuelta anterior?

DROPS Design 30.11.2019 kl. 23:24:

Hola Sara. Los grupos de puntos altos se trabajan en el arco de 2 puntos de cadeneta de la vuelta anterior.

Sara 29.10.2019 - 14:19:

Buenas tardes, he terminado ya con la parte de la espalda y estoy haciendo el frontal derecho, mi pregunta es si el tejido debe de seguir creciendo ? Porque estoy siguiendo el patrón A2a y A2b y en las esquinas va creciendo con lo que no me queda un rectángulo si no que va quedando el lateral en diagonal.

Nelleke 23.09.2019 - 20:51:

Op 6 juni stelde Mieke de volgende vraag: de 2de rij is dan dubbel stokje 2losse, het dubbelstokjesgroepje, v, 6l, v enz.... als dit de manier is, dan meerdert de rij, dit kan niet de bedoeling zijn, hoe wordt dit opgelost? Ik loop ook tegen het probleem aan dat ik op deze wijze meerder. Hoe voorkom ik dit? Met vriendelijke groeten, Nelleke

DROPS Design 15.11.2019 kl. 15:42:

Dag Nelleke,

Het heeft even geduurd, maar het patroon is nu aangepast met nieuwe telpatronen; er zat inderdaad een fout in.

Dagmar 17.09.2019 - 07:31:

Hallo, ich habe auch Probleme mit den Vorderteilen, die Häkelschruft ist etwas ungenau. Wird in der Hinreihe, also der mit den Stäbchengruppe, die erste Stäbchengruppe in eine 4er luftmaschenkette gehäkelt? Im Diagramm wird das ja in die 6er Luftmaschenkette gemacht. Das irritiert mich etwas. Ist es normal das dann die ersten 2 Stäbchengruppen dichter zusammen sitzen. Bitte erkläre. Lg Dagmar

DROPS Design 17.09.2019 kl. 10:22:

Liebe Dagmar, ich bin etwas unsicher mit Ihrer Frage, entschuldigung. Wenn Sie die Vorderteile häkeln (separat), beginnen Sie mit A.2A (= 1 Stb, 2 Lm, 1 Stb), dann häkeln Sie wie zuvor bis nächster Ecke und mit A.2b (1 Stb, 2 Lm, 1 Stb) , zwischen A.2a und A.2b häkeln Sie wie zuvor, Diagramme zeigen die nächste Maschen, dh entweder 4 Lm oder 1Stb-gruppe um zu wissen, wie die Reihe beginnt/endet. Hoffentlich hilft es. Viel Spaß beim häkeln!

Laat een opmerking achter voor DROPS 196-28

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.