DROPS / 183 / 13

Frosty's Christmas by DROPS Design

Trui met raglan en sneeuwman, van boven naar beneden gebreid. Maten S - XXXL. Het werk wordt gebreid in DROPS Eskimo.

DROPS Design: Patroon nr. ee-597
Garengroep E of C + C
-----------------------------------------------------------
Maten: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS ESKIMO van garnstudio (behoort tot garengroep E)
500-600-650-700-750-850 g kleur 46, medium grijs
50 g voor alle maten in kleur 01, naturel
(U heeft 50 g extra nodig van kleur 01, naturel, als u tevens op de achterkant een sneeuwman wilt)
50 g voor alle maten in kleur 02, zwart
Een restant van kleur 07, oranje - voor de neus
Een restant van kleur 05, turkoois – voor de sjaal

Het werk kan tevens gebreid worden met garen van:
"Alternatief garen (Garengroep E)" – zie link hieronder.

DROPS NAALDEN ZONDER KNOP EN RONDBREINAALD (80 cm) MAAT 8 MM – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 11 steken en 15 naalden tricotsteek is 10 cm breed en 10 cm hoog.

DROPS RONDBREINAALD (40 + 80 cm) MAAT 7 MM voor gerstekorrel - of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 12 steken en 16 naalden tricotsteek is 10 cm breed en 10 cm hoog.
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

100% wol
vanaf 2.15 € /50g
DROPS Eskimo uni colour DROPS Eskimo uni colour 2.15 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Eskimo mix DROPS Eskimo mix 2.49 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Eskimo print DROPS Eskimo print 2.65 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 25.80€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

INFORMATIE VOOR HET PATROON:

RIBBEL/RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid):
1 ribbel = 2 naalden recht.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.3. Telpatroon A.3 laat een knoop zien.
Telpatroon A.2 (sneeuwman): Het hele telpatroon wordt gebreid in tricotsteek. Brei met 3 bollen, zodat u lange draden op de verkeerde kant voorkomt. Met andere woorden, u breit met 1 bol medium grijs op elke kant van de trui en 1 bol in patroonkleur in het midden. LET OP: Om gaatjes te voorkomen bij het wisselen van de kleuren moeten de draden samengedraaid worden.

TIP VOOR HET MEERDEREN (voor de raglan):
Alle meerderingen worden aan de goede kant gemaakt!
Brei 1 kantsteek in ribbelsteek, 1 recht, 1 omslag, brei tot er 2 steken over zijn, 1 omslag, 1 recht, 1 kantsteek in ribbelsteek. Brei op de volgende naald de omslagen averecht zodat er gaatjes ontstaan

TIP VOOR HET MINDEREN (voor de mouwen):
Alle minderingen worden aan de goede kant gemaakt!
Minder als volgt na de 1 kantsteek: 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.
Minder als volgt voor de 1 kantsteek: Begin 2 steken voor de kantsteek en brei 2 recht samen.

----------------------------------------------------------

TRUI:
Het werk wordt heen en weer gebreid met de rondbreinaald, van boven naar beneden. Het voorpand, het achterpand (achterpand met of zonder sneeuwman) en de mouwen worden apart heen en weer gebreid. Dit wordt gedaan, zodat het makkelijker is om in patroon te breien. Dan worden de delen steek bij steek samen genaaid langs de raglanmeerderingen en de zijkanten. Aan het einde wordt de halslijn in de rondte gebreid.

ACHTERPAND – zonder sneeuwman:
Zet 22-24-24-28-30-34 steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) met rondbreinaald 8 mm en medium grijs. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant. Brei dan tricotsteek met 1 kantsteek in RIBBELSTEEK - zie uitleg hierboven, aan elke kant. Meerder tegelijkertijd op de volgende naald 1 steek aan elke kant - lees TIP VOOR HET MEERDEREN (voor de raglan) hierboven! Meerder op deze manier iedere 2e naald in totaal 13-14-15-16-17-19 keer = 48-52-54-60-64-72 steken - DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Brei 4-4-4-2-2-2 naalden zonder meerderingen. Het werk meet ongeveer 20-21-23-23-24-27 cm. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN! Zet dan 2-2-3-3-4-4 nieuwe steken op voor de armsgaten aan het einde van de volgende 2 naalden = 52-56-60-66-72-80 steken.
Ga verder met tricotsteek met 1 kantsteek in ribbelsteek aan elke kant tot het werk 30-29-30-31-32-30 cm meet. Ga verder met rondbreinaald 7 mm en brei 1 naald tricotsteek terwijl u 2-2-2-0-2-2 steken verdeeld op de naald meerdert = 54-58-62-66-74-82 steken. Brei dan als volgt: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.1 (= 4 steken) tot er 1 steek over is, brei 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga verder tot A.1 in de hoogte is gebreid. Kant dan losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht.

ACHTERPAND – met sneeuwman:
Zet 22-24-24-28-30-34 steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) met rondbreinaald 8 mm en medium grijs. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant. Brei dan tricotsteek met 1 kantsteek in RIBBELSTEEK (zie uitleg hierboven) aan elke kant. Meerder tegelijkertijd op de volgende naald 1 steek aan elke kant - lees TIP VOOR HET MEERDEREN (voor de raglan) hierboven! Meerder op deze manier iedere 2e naald in totaal 13-14-15-16-17-19 keer = 48-52-54-60-64-72 steken - DENK OM DE STEKENVERHOUDING! – Begin TEGELIJKERTIJD met het patroon als er 40-40-44-44-50-56 steken op de naald zijn. Dus de volgende naald wordt als volgt gebreid (inclusief de meerderingen aan elke kant): Brei 1 kantsteek in ribbelsteek, 1 recht, 1 omslag (= meerdering), 5-5-7-7-10-13 steken recht, telpatroon A.2 (= 26 steken)-Lees PATROON hierboven, 5-5-7-7-10-13 steken recht, 1 omslag (= meerdering), 1 recht en 1 kantsteek in ribbelsteek = 42-42-46-46-52-58 steken. Ga verder in patroon en met de meerderingen tot u 48-52-54-60-64-72 steken heeft.

Brei 4-4-4-2-2-2 naalden zonder meerderingen. Het werk meet ongeveer 20-21-23-23-24-27 cm. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN! Zet dan 2-2-3-3-4-4 nieuwe steken op voor de armsgaten aan het einde van de volgende 2 naalden = 52-56-60-66-72-80 steken.

Ga verder met tricotsteek en in patroon met 1 kantsteek in ribbelsteek aan elke kant. Als A.2 in de hoogte is gebreid, meet het werk 29-27-27-27-26-25 cm. Brei verder in medium grijs zoals hiervoor tot het werk 30-29-30-31-32-30 cm meet. Ga verder met rondbreinaald 7 mm en brei 1 naald tricotsteek terwijl u 2-2-2-0-2-2 steken verdeeld op de naald meerdert = 54-58-62-66-74-82 steken. Brei dan als volgt: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.1 (= 4 steken) tot er 1 steek over is, brei 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga verder tot A.1 in de hoogte is gebreid. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht - zorg ervoor dat de afkantrand niet te strak wordt.

VOORPAND:
Zet 22-24-24-28-30-34 steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) met rondbreinaald 8 mm en medium grijs. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant. Brei dan tricotsteek met 1 kantsteek in ribbelsteek aan elke kant. Begin tegelijkertijd op de volgende naald met meerderen zoals voor het achterpand. Ga verder met meerderen zoals voor het achterpand – en begin TEGELIJKERTIJD, als er 40-40-44-44-50-56 steken op de naald zijn, met het patroon. Dus de volgende naald wordt als volgt gebreid (inclusief de meerderingen aan elke kant): Lees PATROON hierboven! Brei 1 kantsteek in ribbelsteek, 1 recht, 1 omslag (= meerdering), 5-5-7-7-10-13 steken recht, telpatroon A.2 (= 26 steken), 5-5-7-7-10-13 steken recht, 1 omslag (= meerdering), 1 recht en 1 kantsteek in ribbelsteek = 42-42-46-46-52-58 steken. Ga verder in patroon en de meerderingen aan elke kant worden voortgezet zoals voor het achterpand = 48-52-54-60-64-72 steken.
Brei 4-4-4-2-2-2 naalden zonder meerderingen. Het werk meet ongeveer 20-21-23-23-24-27 cm. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN! Zet nieuwe steken op voor de armsgaten zoals voor het achterpand = 52-56-60-66-72-80 steken.
Ga verder met tricotsteek en patroon met 1 kantsteek in ribbelsteek aan elke kant. Als A.2 in de hoogte is gebreid meet het werk ongeveer 29-27-27-27-26-25 cm. Ga verder met breien met medium grijs tot het werk 30-29-30-31-32-30 cm meet. Ga verder met rondbreinaald 7 mm en brei 1 naald tricotsteek terwijl u 2-2-2-0-2-2 steken verdeeld op de naald meerdert = 54-58-62-66-74-82 steken. Brei dan als volgt: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.1 (= 4 steken) tot er is 1 steek over is, brei 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga verder tot A.1 in de hoogte is gebreid. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht - zorg ervoor dat de afkantrand niet te strak wordt.

MOUW:
Zet 10-12-12-12-10-8 steken op (inclusief 1 kantsteek in ribbelsteek aan elke kant) met rondbreinaald 8 mm en medium grijs. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant. Brei dan tricotsteek. Meerder op de volgende naald 1 steek aan elke kant - denk om TIP VOOR HET MEERDEREN (voor de raglan)! Meerder op deze manier iedere 2e naald in totaal 13-14-15-16-17-19 keer = 36-40-42-44-44-46 steken. Brei 4-4-4-2-2-2 naalden zonder meerderingen. Het werk meet ongeveer 20-21-23-23-24-27 cm. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN!

Zet dan 2-2-3-3-4-4 nieuwe steken op voor armsgaten aan het einde van de volgende 2 naalden = 40-44-48-50-52-54 steken. Ga verder met tricotsteek met 1 kantsteek in ribbelsteek aan elke kant. Als het werk 2 cm meet, minder dan 1 steek aan elke kant - lees TIP VOOR HET MINDEREN hierboven. Minder op deze manier iedere 7-5-4-3½-3½-3 cm in totaal 6-8-9-10-10-11 keer = 28-28-30-30-32-32 steken. Ga verder tot het werk 41-40-39-39-39-37 cm meet (kortere afmetingen in de grotere maten vanwege een bredere hals en een langere pas). Ga verder met rondbreinaald 7 mm en brei 1 naald tricotsteek terwijl u 2-2-0-0-2-2 steken verdeeld op de naald meerdert = 30-30-30-30-34-34 steken. Brei dan als volgt: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.1 (= 4 steken) tot er 1 steek over is, brei 1 kantsteek in ribbelsteek. Brei op deze manier voor 4 cm. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht - zorg ervoor dat de afkantrand niet te strak wordt. Brei nog een mouw op dezelfde manier.

AFWERKING:
Naai de mouwen aan het voor- en achterpand - naai aan de binnenkant van de 1 kantsteek in ribbelsteek. LET OP! Zorg ervoor dat de naad niet te strak is! Naai de onderkant van de mouwen en zijnaden in een keer aan de binnenkant van de 1 kantsteek dicht. Naai de gaatjes onder de mouwen dicht.

HALS:
Neem aan de goede kant 1 steek op in elke steek (= 56-64-64-72-72-76 steken) met korte rondbreinaald 7 mm. Brei 1 naald recht terwijl u 8-12-12-16-16-16 steken verdeeld op de naald mindert = 48-52-52-56-56-60 steken. Brei 9 naalden in de rondte volgens telpatroon A.1 (= 4 steken). Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht - zorg ervoor dat de afkantrand niet te strak wordt.

NEUS:
Zet 8 steken op met 2 draden oranje en naald 7 mm (laat een draadlengte van ongeveer 30 cm over; deze worden nadien gebruikt om mee te vullen). Brei verder met 1 draad. Brei 1 naald averecht. De volgende naald wordt als volgt gebreid: 1 recht, 2 recht samen, 5 recht = 7 steken. Brei 1 naald averecht. Brei 3 recht, 2 recht samen, 2 recht = 6 steken. Brei 1 naald averecht. Brei 1 recht, 2 recht samen, 3 recht = 5 steken. Knip de draad af (laat een draadlengte van ongeveer 30 cm over; dit wordt gebruikt voor de afwerking), haal het door de overgebleven steken. Naai samen in de zijkant en druk de lange draden van het opzetten in de neus als opvulling. Naai de neus aan het midden van het hoofd van de sneeuwman.

SJAAL:
Zet 62 steken op met naald 7 mm en turkoois. Brei 2 naalden tricotsteek. Kant af. Haal de sjaal op de verkeerde kant van de trui door de hals van de sneeuwman en terug naar de goede kant op de andere kant van de hals. Knoop de sjaal dicht met een knoop op de voorkant.

SNEEUW, KNOPEN EN OGEN:
Maak 12 knopen met naturel voor de sneeuw en 5 knopen met een restant van zwart voor de ogen en de knopen als volgt: 1 knoop: Knip 1 draad af van ongeveer 40 cm. Maak 4 knopen om naald 8 mm - zie telpatroon A.3 (dus maak 3 LOSSE knoppen, maak nog 1 knoop en trek de draad aan op deze knoop = 1 knoop). Leg de knopen op het voorpand van de trui, rijg de draden op elke kant van de knopen door de trui en knoop samen op de verkeerde kant - zie foto.

Telpatroon

= recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
= averecht aan de goede kant, recht aan de verkeerde kant
= naturel
= medium grijs
= zwart
= breirichting
= enkelvoudige knoop


Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 183-13) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (6)

Sian Brown 20.03.2020 - 12:45:

I am working on a book on intarsia for Crowwod Press and would love to show the image of the cover of the pattern as an example of Christmas intarsia jumpers. Could you please let me know who to contact about this. Thnaks. Regards Sian.

DROPS Design 20.03.2020 kl. 14:40:

Dear Mrs Brown, can you please write us at media@garnstudio.com ? Thank you very much!

NicZwick 17.02.2020 - 09:58:

Guten Tag, wie ist das gemeint mit: 4-4-4-2-2-2 Reihen ohne Zunahmen stricken. Die Arbeit hat eine Länge von ca. 20-21-23-23-24-27 cm. DIE ARBEIT WIRD NUN AB HIER GEMESSEN! Nun am Ende der nächsten 2 Reihen, d.h. beidseitig, je 2-2-3-3-4-4 neue Maschen für die Armausschnitte anschlagen = 52-56-60-66-72-80 Maschen. Muss ich zuerst 4 Reihen stricken und dann noch zwei extra und erst in diesen die M für den Arm anschlagen? Mfg Nicole

DROPS Design 17.02.2020 kl. 12:46:

Liebe NicZwick, Sie stricken zuerst 4 Reihen dann am Ende der 2 nächsten Reihen schlagen Sie 2 neuen Maschen an. Viel Spaß beim stricken!

Karin 10.11.2019 - 06:50:

Hello, I'm not sure which size to choose, my height is 158cm and weight 59 and bust 90 but I want it to fit a little loose

DROPS Design 10.11.2019 kl. 10:55:

Dear Karin, for sizing please refer to the shcematics drawing at the bottom of the pattern, it has the measurements of the sweater. If you are unsure, take an existing sweater of yours that you find comfortable and compar the sizes givenon the drawing. Happy Knitting!

Kathrin 02.02.2019 - 12:30:

Bei mir fällt der Pullover mega-riesig aus. Ich habe Gr. L gestrickt mit Eskimo und Nadeln Nr. 8, die Hüftbreite war dann bei 73!!! cm (anstatt 53). Ich stricke nun Gr. S mit Nadelstärke 7 und hoffe, dass ich zu einem tragbaren Ergebnis komme. Ansonsten muss ich das ganze noch umrechnen... Die Größen sind wirklich sehr reichlich bemessen.

DROPS Design 04.02.2019 kl. 14:46:

Liebe Kathrin, stimmte Ihre Maschenprobe? mit 11 M = 10 cm, haben Sie dann 60 M vor dem Bündchen = ca 54 cm., etwas weniger mit A.1 und Nadeln Nr7. Viel Spaß beim stricken!

Helena Maine 08.10.2018 - 16:47:

Great pattern, as all of your patterns are. I will be making this sweater, but it would be great if you could do a video on how to make the knots. I am a relative beginner, and I learn best when I see it. I\'d be most grateful. Thank you.

Anja 05.03.2018 - 20:12:

Kva for strl bruker modellen som har på genseren på bilde?

DROPS Design 06.03.2018 kl. 16:24:

Hej Anja, modellen bruger str S, du finder tøjets mål nederst i opskriften. God fornøjelse!

Laat een opmerking achter voor DROPS 183-13

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.