DROPS / 206 / 48

Winter Wheat by DROPS Design

Gebreide trui met raglan in DROPS Puna. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met structuurpatroon op de mouwen. Maten S - XXXL.

DROPS Design: Patroon nr. pu-042
Garengroep B
-------------------------------------------------------

MATEN:
S - M - L - XL - XXL – XXXL

MATERIAAL:
DROPS PUNA van garnstudio (behoort tot garengroep B)
400-450-500-550-600-650 g kleur 02, beige

STEKENVERHOUDING:
20 steken in de breedte en 26 naalden in de hoogte met tricotsteek = 10 x 10 cm.
Ongeveer 24 steken in de breedte met structuurpatroon (A.2) = 10 x 10 cm.
(Het structuurpatroon trekt een beetje samen met Puna en is elastisch).

NAALDEN:
DROPS RONDBREINAALD 4.5 MM: Lengte 40 cm en 60 cm of 80 cm voor tricotsteek/structuurpatroon.
DROPS RONDBREINAALD 3 MM: Lengte 40 cm voor de boordsteek op de hals.
De naalddikte is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere naald.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

100% alpaca
vanaf 3.02 € /50g
DROPS Puna natural DROPS Puna natural 3.02 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Puna natural mix DROPS Puna natural mix 3.02 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Puna uni colour DROPS Puna uni colour 3.47 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 24.16€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.3.

TIP VOOR HET MEERDEREN (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld meerdert, tel het totaal aantal steken waarover gemeerderd moet worden (dus 4 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen (dus 4) = 1.
In dit voorbeeld, meerdert u door 1 omslag te maken na elke steek. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid om gaatjes te voorkomen.

MEERDEREN MOUWEN:
Brei tot de middelste steek op de mouw (= steek met de markeerdraad), * 1 recht, maak 1 omslag *, brei van *-* in totaal 2 keer in dezelfde steek, 1 recht in dezelfde steek (= 4 steken gemeerderd in dezelfde steek). Herhaal op de andere mouw. De nieuwe steken worden in patroon A.2 gebreid.

TIP VOOR HET MINDEREN (voor de mouwen):
Minder in de verschillende maten als volgt:
Maten L en XXXL:
Brei tot er 2 steken over zijn voor de steek met de markeerdraad, 2 recht samen, 1 averecht (de markeerdraad zit in deze steek), 1 steek recht afhalen, 1 recht en haal de afgehaalde steek over (= 2 steken geminderd).
Maten XL en XXL:
Brei tot er 3 steken over zijn voor de steek met de markeerdraad, 2 recht samen, 3 recht (de markeerdraad zit in de middelste steek van deze 3), 1 steek recht afhalen, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd).

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

TRUI – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Het werk wordt in de rondte gebreid met de rondbreinaald, van boven naar beneden. De mouwen worden in de rondte gebreid met breinaalden zonder knop/korte rondbreinaald. Tricotsteek wordt gebreid op de voor- en achterpanden, structuurpatroon op de mouwen.

HALS:
Zet 100-108-108-116-116-124 steken op met rondbreinaald 3 mm en Puna. Brei 1 naald recht en brei dan 3 cm boordsteek (= 1 recht / 1 averecht) in de rondte. Voeg hier een markeerdraad. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN!

PAS:
Ga verder met rondbreinaald 4.5 mm en brei in patroon als volgt: Brei de eerste 4-6-6-8-8-10 steken en meerder tegelijkertijd 4-2-4-2-5-4 steken verdeeld – lees TIP VOOR HET MEERDEREN, brei A.1 over de volgende steek, voeg hier een markeerdraad in (= overgang tussen de helft van het achterpand en de rechter mouw), brei A.2 over de volgende 40 steken, brei de eerste steek in A.2, voeg hier een markeerdraad in (= overgang tussen de rechter mouw en het voorpand), brei A.3 over de volgende steek, brei 7-11-11-15-15-19 steken recht en meerder tegelijkertijd 7-4-7-3-9-7 steken verdeeld, A.1 over de volgende steek, voeg hier een markeerdraad in (= overgang tussen het voorpand en de linker mouw), brei A.2 over de volgende 40 steken, brei de eerste steek in A.2, voeg hier een markeerdraad in (= overgang tussen de linker mouw en de helft van het achterpand), brei A.3 over de volgende steek, 3-5-5-7-7-9 steken recht en meerder tegelijkertijd 3-2-3-1-4-3 steken verdeeld = 118-120-126-126-138-142 steken op de naald.
Er is nu 1 markeerdraad in elke overgang tussen het lijf en de mouwen (= 4 markeerdraden). Voeg 1 markeerdraad in, in de middelste steek op elke mouw (= rechte steek). DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Ga verder in de rondte met patroon A.2 tussen de markeerdraden op de mouwen en A.1/A.3 + tricotsteek over de steken op de voor- en achterpanden – begin TEGELIJKERTIJD op naald 3 in A.1/A.3 met MEERDEREN MOUWEN – lees beschrijving hierboven (= 4 steken gemeerderd op elke mouw). Meerder zo iedere 8e-8e-6e-6e-4e-4e naald in totaal 6-7-10-11-13-14 keer. Als A.1 en A.3 klaar zijn in de hoogte, ga dan verder met de herhalingen richting de raglanlijnen 7-8-9-10-11-12 keer (in totaal 8-9-10-11-12-13 keer), brei dan de eerste 3-3-1-1-0-0 naalden in de telpatronen.
Als alle meerderingen voor de mouwen en voor- en achterpanden klaar zijn, zijn er 302-328-366-390-430-458 steken op de naald (24-28-40-44-52-56 steken gemeerderd op elke mouw en 35-39-41-45-48-52 steken gemeerderd aan elke kant van de voor- en achterpanden). Het werk meet nu 20-22-24-26-28-30 cm vanaf de markeerdraad op de hals. Als het werk korter is dan dit, brei dan verder tot de juiste lengte.
Brei de volgende naald als volgt: Brei de eerste 44-48-52-56-62-67 steken (= ongeveer de helft van het achterpand), plaats de volgende 65-69-81-85-93-97 steken op 1 hulpdraad voor de mouw en zet 9-9-9-11-11-13 nieuwe steken op de naald (= in zijkant onder de mouw), brei de volgende 86-95-102-110-122-132 steken (= voorpanden), plaats de volgende 65-69-81-85-93-97 steken op 1 hulpdraad voor de mouw en zet 9-9-9-11-11-13 nieuwe steken op de naald (= in zijkant onder de mouw) en brei de overgebleven 42-47-50-54-60-65 steken (= ongeveer de helft van het achterpand). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN!

LIJF:
Er zijn 190-208-222-242-266-290 steken op het lijf. Ga verder in de rondte met tricotsteek tot het werk 21 cm meet. Brei een rand met patroon A.2 in de rondte. Als de rand 4 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht. De trui meet ongeveer 50-52-54-56-58-60 cm vanaf de schouder naar beneden.

MOUW:
Plaats de 65-69-81-85-93-97 steken van de hulpdraad aan de ene kant van het werk op korte rondbreinaald 4.5 mm en neem 1 steek op in elk van de 9-9-9-11-11-13 opgezette steken onder de mouw = 74-78-90-96-104-110 steken. Brei patroon A.2 in de rondte zoals hiervoor. Het patroon zou op de naald moeten passen. Brei dan als volgt in de verschillende maten:
Maten S, M:
Brei structuurpatroon tot de mouw 41-39 cm meet vanaf de scheiding. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht.
Maten L, XL, XXL en XXXL:
Brei structuurpatroon tot de mouw 4 cm meet vanaf de scheiding. Voeg een markeerdraad in de middelste steek onder de mouw. Begin op de volgende naald met minderen onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo iedere 2e naald in totaal 4-4-4-4 keer = 82-88-96-102 steken. Ga verder met structuurpatroon tot de mouw 38-37-36-34 cm meet. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht. Brei de andere mouw op dezelfde manier.

Telpatroon

= recht
= averecht
= maak 1 omslag tussen 2 steken; brei op de volgende naald de omslag gedraaid recht om een gaatje te voorkomen.

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 206-48) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (45)

Sophie 16.03.2020 - 13:29:

Skal følgetråden i A2 ikke sættes efter sidste maske? I opskriften står der, at den skal sættes efter første maske (overgang ml ærme forstykke), men er dette ikke først ved A3? Overgangen er vel først efter færdigstrikket A2?

DROPS Design 19.03.2020 kl. 13:45:

Hej igen Sophie, tråden sættes i den ekstra maske du strikker efter A2. God fornøjelse!

Sophie 16.03.2020 - 13:27:

Str. XL: halskant = 116 masker Når arbejdet fortsætter på bærestykke bruges kun 114 masker. Ved omgang slut er der derfor to masker i overskud. Uden udtagning er det således: Ret 8 m, A1 = 1m, A2 = 40m, A3 = 1m, ret 15m, A1 =1m, A2= 40m, A3 = 1m, ret 7m Samlet 114 masker. Hvad skal der gøres ved de to overskydende masker?

DROPS Design 19.03.2020 kl. 13:44:

Hej Sophie, Det ser ud som om at du har glemt "strik første maske i A2 (den kommer lige efter at du har strikket A.2 på to steder). God fornøjelse!

Marion 07.03.2020 - 18:53:

Hallo ich komme mit der ersten Reihe nach dem Bund mit der Einteilung nicht klar. Wieviel maschen sind denn für Rücken und Vorderteil bzw für die Ärmel. Habe schon sooft probiert, aber die Anleitung verstehe ich nicht

DROPS Design 09.03.2020 kl. 10:46:

Liebe Marion, in XXL haben Sie: Half Rücken: 13 + A.1 (1 M) = 13+1+48 Zunahmen = 62 M. 2. HalfRücken: 1 M (A.3) + 11 M = 1+11+ 48 Zunahmen = 60 (= 122 M für Rücken) - Für Vorderteil: A.3 (1 M), 24, A.1 (1M = 48+1+24+1+48=122 M. Ärmel: A.2 = 41 M + 52 Zunahmen = 93 M. Viel Spaß beim stricken!

Marion 04.03.2020 - 20:56:

Hallo mit dem zunehmen, habe ich verstanden, aber, wenn ich mit der Einteilung beginne und Markierung an bringe, würde ich mit dem halben Arm und nicht wie üblich, halber Rücken. Den ich fange ja mit der ersten Markierung an, die ist Mitte Rücken, insgesamt 5 Markierungen.

Marion 02.03.2020 - 07:54:

Hallo ich verstehe leider nicht , wie ich bei 8 Maschen gleichmässig verteilt zunehmen soll: Ich stricke XXL PASSE: Zu Rundnadel Nr. 4,5 wechseln. Nun wie folgt im Muster stricken: die ersten 4-6-6-8-8-10 Maschen rechts stricken und gleichzeitig 4-2-4-2-5-4 Maschen gleichmäßig verteilt zunehmen – ZUNAHMETIPP

DROPS Design 02.03.2020 kl. 11:01:

Liebe Marion, in die Größe XXL (= 5. Größe) stricken Sie 8 Maschen und nehmen Sie gleichzeitig 5 Maschen glechmäßig verteilt = es sind jetzt 13 Maschen (über die 8 Maschen). Viel Spaß beim stricken!

Heike 27.02.2020 - 16:57:

Ganz herzlichen Dank an das DROPS Team!!! Tolle Strickanleitungen, sehr schönes Garn (incl. schnelle Zusendung) und IMMER SCHNELLE Hilfe, wenn ich stecken bleibe. Eure Web-Site ist äußerst benutzerfreundlich. Das bringt mich wirklich zum sehr häufigen Stricken. DANKE!

Heike 27.02.2020 - 12:55:

Gibt's ein Video zur Ärmelzunahme? Ich verstehe nicht, wie es geht und komme bei der Beschreibung auch nur auf 3 Zunahmen. Ich stricke die markierte Mittelmasche ab und dann einen Umschlag, dann nochmal re, dann Umschlag, dann nochmal re = 3 zugenommene Maschen aus der markierten Mittelmasche des Ärmels.

DROPS Design 27.02.2020 kl. 15:10:

Liebe Heike, Schauen Sie vielleicht dieses Video, aber bitte beachten, hier wird nicht im Patentmuster gestrickt, nur wird die Zunahmmen genauso gestrickt, dh: die Masche rechts stricken, 1 Umschlag, die Masche noch einmal rechts stricken, 1 Umschlag, die Maschen noch einmal rechts stricken = es wurden jetzt 5 Maschen aus 1 Masche gestrickt. Viel Spaß beim stricken!

Ursula 26.02.2020 - 23:52:

Liebes Team, wenn man bei der Ärmelzuname in der Mitte des Ärmels fünf Machen aus einer rechten Masche heraus strickt entsteht dabei ein kleines Loch. Ist das richtig so? Vielen Dank für die Hilfe!

DROPS Design 27.02.2020 kl. 09:28:

Liebe Ursula, ja genau so ist es auch richtig. Wenn Sie diese Löcher lieber kleiner möchten, dann können Sie sie vielleicht bei der nächsten Runde verschränkt stricken. Viel Spaß beim stricken!

Heike 24.02.2020 - 20:43:

Kommt der Markierungsfaden bei A1 vor oder nach dem Umschlag rein, also 1m re, Markierungsfaden, Umschlag? Oder vor der re M oder nach dem Umschlag?

DROPS Design 25.02.2020 kl. 09:30:

Liebe Heike, die Markierungen werden so eingesetzt: Rückenteil endet mit A.1, Markierung, Ärmel = A.2, Markierung, Vorderteil = A.3, glatt rechts, A.1, Markierung, Ärmel = A.2, Markierung, Rückenteil = A.3, glatt rechts. Viel Spaß beim stricken!

Heike 24.02.2020 - 20:39:

Ich schließe mich Francoise (25,11,19) an: In der Antwort (für Größe S) findet sich die genaue Abfolge der Maschen und da heißt es A.2=40m, A.2= 1m . Wo kommt A.2= 1m her? Dann sind es A.2=40m + 1m re?

DROPS Design 25.02.2020 kl. 09:24:

Liebe Heike, Sie sollen bei den Ärmeln A.2 über 40 M stricken dann die 1. Maschen in A.2 stricken (= 41 M für jeden Ärmel), deshalb haben Sie diese Beschreibung von den Maschen für Größe S in diesem Antwort. Viel Spaß beim stricken!

Laat een opmerking achter voor DROPS 206-48

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.