DROPS Extra / 0-1132

Finnley by DROPS Design

Gebreid DROPS herenvest met kabels en sjaalkraag van ”Lima”. Maat: S - XXXL.

DROPS design: Model nr. li-059
Garengroep B
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS LIMA van Garnstudio
800-950-1050-1150-1250-1400 gr. kleur nr. 7810, mosgroen

DROPS RONDBREINLD (60 cm) 4 mm - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 21 st x 28 nld in tricotst = 10 x 10 cm.
DROPS RONDBREINLD (60 cm) 3,5 mm – voor de boordsteek.
DROPS BUFFELHOORNKNOOP NR. 535: 6 stuks voor alle maten
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!

65% wol, 35% alpaca
vanaf 2.39 € /50g
DROPS Lima uni colour DROPS Lima uni colour 2.39 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Lima mix DROPS Lima mix 2.52 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 38.24€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

RIBBELST (heen en weer):
Brei alle nld recht. 1 ribbel = 2 nld r.

PATROON:
Zie telpatronen A.1-A.10. De telpatronen laten het patroon aan de goede kant zien. Zowel de heengaande als de teruggaande naalden zijn weergegeven.

TIP VOOR HET MEERDEREN:
Meerder 1 st door 1 omsl te maken. Brei in de volgende nld de omsl gedraaid (dus brei achter in de steek in plaats van voor in de steek) om gaatjes te voorkomen.

TIP VOOR HET MINDEREN:
Alle minderingen worden aan de goede kant gemaakt!
Minder als volgt na A.1: 2 av samen
Minder als volgt voor A.1: brei tot er 2 st over zijn voor A.1, 2 av samen.

KNOOPSGATEN:
Maak knoopsgaten op de linkervoorbies. 1 knoopsgat = brei de zesde en zevende st vanaf de kant samen en maak 1 omsl.
Maak knoopsgaten bij een hoogte van:
MAAT S: 2, 9, 17, 25, 33 en 41 cm.
MAAT M: 2, 10, 18, 26, 34 en 42 cm.
MAAT L: 3, 11, 19, 27, 35 en 43 cm.
MAAT XL: 3, 12, 20, 28, 36 en 44 cm.
MAAT XXL: 4, 13, 21, 29, 37 en 45 cm.
MAAT XXXL: 5, 14, 22, 30, 38 en 46 cm.

VERKORTE TOEREN (voor de sjaalkraag):
Brei verkorte toeren over de st in ribbelst vanaf middenvoor als volgt:
Brei elke 14e nld brei over de st in ribbelst middenvoor als volgt (begin aan de goede kant): Brei over alle st in ribbelst, keer het werk, trek de draad aan en brei recht terug, keer het werk en brei als hiervoor over alle st. Zo zullen de ribbels in de kraag niet teveel in elkaar trekken. Brei op het linkervoorpand in spiegelbeeld, dus begin de verkorte toeren aan de verkeerde kant.
----------------------------------------------------------

VEST:
Wordt heen en weer gebreid in delen en later in elkaar genaaid.

ACHTERPAND:
Zet 145-150-158-178-186-206 st op met rondbreinld 3,5 mm en Lima. Brei in boordsteek als volgt: 1 kant st in RIBBELST - zie uitleg boven, A.6 (vind het telpatroon voor de juiste maat), A.4, A.3, 2 av, 2 r, * 3 av, 2 r *, herhaal van *-* nog 4-5-5-9-9-11 keer, 2 av, A.3, A.4, A.5 (vind het telpatroon voor de juiste maat), 1 kant st in ribbelst. Ga zo verder en herhaal de eerste 2 nld in A.3-A.6 tot er 12 nld zijn gebreid.
Ga nu verder in patroon vanaf de 3e nld in het telpatroon en brei als volgt: brei de eerste 59-59-63-63-67-72 st als hiervoor, brei de volgende 27-32-32-52-52-62 st en minder TEGELIJKERTIJD 11-8-8-12-12-14 st gelijkmatig in de av-delen, ga verder als hiervoor over de overgebleven 59-59-63-63-67-72 st = 122-130-138-154-162-178 st. Brei 1 nld. Ga nu verder met rondbreinld 4 mm en in patroon maar brei A.8 over de middelste 16-24-24-40-40-48 st. LET OP: herhaal nu A.3- A.6 vanaf de pijl in het telpatroon. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Kant bij een hoogte van 46-47-48-49-50-51 cm 3-3-3-4-4-4 st af aan het begin van de volgende 4 nld voor de armsgaten = 110-118-126-138-146-162 st op de nld. Brei bij een hoogte van 53-54-55-56-57-58 cm, A.7 over alle st tussen de kant st in ribbelst aan elke kant en minder TEGELIJKERTIJD in de eerste nld 20-20-18-24-22-24 st gelijkmatig voor alle maten = 90-98-108-114-124-138 st. Herhaal A.7 tot het werk klaar is.
Brei bij een hoogte van 66-68-70-72-74-76 cm als volgt: brei de eerste 32-36-40-42-46-53 st, kant de volgende 26-26-28-30-32-32 st af en brei de overgebleven 32-36-40-42-46-53 st. Eindig dan elke schouder apart als volgt: minder in de volgende nld langs de hals 1 st = 31-35-39-41-45-52 st over op elke schouder. Brei bij een hoogte van 68-70-72-74-76-78 cm 1 ribbel over alle st. Kant alle st af. Brei de andere schouder op dezelfde manier.

RECHTERVOORPAND:
Zet 81-85-89-98-102-111 st op met rondbreinld 3,5 mm en Lima. Brei boordsteek als volgt: A.1 (= 12 st), A.2 (vind het telpatroon voor de juiste maat), 2 av, A.3, A.4, A.5 (vind het telpatroon voor de juiste maat), 1 kant st in ribbelst. Ga zo verder en herhaal de eerste 2 nld in A.2-A.5 tot er 12 nld zijn gebreid. Ga verder met rondbreinld 4 mm en in patroon = 73-77-81-89-93-101 st. LET OP: herhaal nu het telpatroon vanaf de pijl. Begin bij een hoogte van 40-41-42-43-44-46 cm met de sjaalkraag en brei TEGELIJKERTIJD de schouder zoals hieronder uitgelegd staat:
LEES ALLE ONDERSTAANDE AANWIJZINGEN DOOR VOOR U VERDER GAAT!

SJAALKRAAG:
Brei de eerste st in A.1, 1 omsl, brei de overgebleven 11 st in A.1, minder 1 st - LEES TIP VOOR HET MINDEREN, ga dan verder over de overgebleven st op de nld als hiervoor. Herhaal dit verschuiven van A.1 elke 1½ cm 0-2-3-3-3-4 keer in totaal en elke 1 cm 26-24-23-24-25-24 keer = 26-26-26-27-28-28 st (incl. de eerste st in A.1). Brei de gemeerderde st middenvoor in ribbelst en brei TEGELIJKERTIJD in VERKORTE TOEREN - zie uitleg boven.

SCHOUDER:
Kant bij een hoogte van 46-47-48-49-50-51 cm 3-3-3-4-4-4 st af aan het begin van de volgende 2 nld aan de verkeerde kant = 67-71-75-81-85-93 st op de nld. Brei bij een hoogte van 53-54-55-56-57-58 cm de kraag st in ribbelst en in A.1 als hiervoor, brei dan A.7 over de overgebleven st op de nld en minder TEGELIJKERTIJD 10-10-10-13-12-13 st gelijkmatig = 57-61-65-68-73-80 st. Ga verder in patroon tot het werk klaar is.

Brei dan als volgt aan de goede kant:
Bij een hoogte van 68-70-72-74-76-78 cm – pas aan het achterpand aan - de eerste 26-26-26-27-28-28 st en zet ze dan op een hulpdraad, brei dan een ribbel over de overgebleven 31-35-39-41-45-52 st. Kant alle st af.
Zet de st terug op de nld. Brei dan verkorte toeren in ribbelst als volgt, begin aan de verkeerde kant:
Brei over alle 26-26-26-27-28-28 st, * 2 nld heen en weer over de eerste 13-13-14-14-15-15 st, 2 nld over alle st *, herhaal van *-* tot werk 7-7-7-8-8-8 cm meet aan de kortste kant. Kant alle st af.

LINKERVOORPAND:
Brei als het rechtervoorpand maar in spiegelbeeld. Dus brei A.10 in plaats van A.1, A.9 in plaats van A.2 en A.6 in plaats van A.5. Denk om de KNOOPSGATEN op de linkervoorbies - zie uitleg boven.

MOUW:
De mouw wordt heen en weer gebreid op de rondbreinld.
Zet 59-64-64-69-69-74 st op (incl. 1 kant st in ribbelst aan elke kant) met rondbreinld 3,5 mm en Lima. Brei boordsteek als volgt: 1 kant st in ribbelst, * 2 r, 3 av *, herhaal van *-* tot er 3 st over zijn, 2 r, 1 kant st in ribbelst. Ga zo verder tot de boordsteek meet 4 cm meet. Ga verder met rondbreinld 4 mm en brei 1 nld in tricotst en minder TEGELIJKERTIJD 9-10-10-11-11-12 st gelijkmatig = 50-54-54-58-58-62 st. Ga verder met A.8 naast de kant st in ribbelst aan elke kant. Meerder bij een hoogte van 14-13-8-8-13-11 cm 1 st naast de kant st in ribbelst aan elke kant - lees TIP VOOR HET MEERDEREN. Herhaal dit meerderen ongeveer elke 2-2-1½-1½-1½-1½ cm nog 20-20-22-22-25-25 keer = 92-96-100-104-110-114 st. Kant bij een hoogte van 57-56-55-54-53-50 cm af aan het begin van elke nld aan elke kant: 1-1-1-2-2-2 keer 3 st, 1 keer 2 st en 2-2-2-3-3-3 keer 3 st. Kant alle st af. De mouw meet ongeveer 60-59-58-58-57-54 cm. Brei nog een mouw.

ZAKKEN:
Worden heen en weer gebreid op de rondbreinld.
Zet 42 st op met rondbreinld 4 mm en Lima. Brei 1 ribbel in ribbelst en meerder TEGELIJKERTIJD 6 st gelijkmatig op de nld aan de goede kant = 48 st. Brei in de volgende nld aan de goede kant in patroon als volgt: (LET OP: begin en herhaal patroon A.3 en A.4 vanaf de 5e nld in A.3 en A.4)
1 kant st in ribbelst, A.3, A.4, A.8, 1 kant st in ribbelst. Ga zo verder heen en weer tot A.3 en A.4 twee keer in de hoogte zijn gebreid. Ga dan verder en brei de eerste 6 nld vanaf de pijlen in de telpatronen nog 1 keer.
Brei dan en minder als volgt: 1 kant st in ribbelst, brei de volgende 4 st 2 aan 2 recht samen (= 2 st geminderd), ga verder als hiervoor over de volgende 7 st, brei de volgende 4 st 2 aan 2 recht samen, ga verder in patroon als hiervoor over de volgende 15 st, brei de volgende 4 st 2 aan 2 recht samen, brei de resterende st zoals eerst en eindig met 1 kant st in ribbelst. Ga dan verder met nld 3,5 mm en brei 2 ribbels over alle st, begin aan de verkeerde kant. Kant af aan de verkeerde kant. Brei nog een zak op dezelfde manier maar in spiegelbeeld.

AFWERKING:
Naai de schoudernaden samen. Naai de mouwen in het lijf. De onderarm- en zijnaden samen naast de kant st in ribbelst. Naai de knopen op de rechtervoorbies. Naai de afkantranden van beide kraagdelen samen middenachter, naai de kraag langs de hals op het achterpand.
Naai de zakken op de voorpanden zodat het patroon van de zak doorloopt op het patroon van het voorpand. Naai de zak netjes vast door beide lagen heen, naai in de kant st in ribbelst aan elke kant en naai de onderkant van de zak vast. Knip de draad af en zet vast.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 04.11.2015
2e tekst telpatroon = recht aan de verkeerde kant, averecht aan de goede kant
Gewijzigd online: 25.08.2016
ZAKKEN:...Brei dan en minder als volgt: 1 kant st in ribbelst, brei de volgende 4 st 2 aan 2 recht samen (= 2 st geminderd), ga verder als hiervoor over de volgende 7 st, brei de volgende 4 st 2 aan 2 recht samen, ga verder in patroon als hiervoor over de volgende 15 st, brei de volgende 4 st 2 aan 2 recht samen, brei de resterende st zoals eerst en eindig met 1 kant st in ribbelst.
Gewijzigd online: 29.10.2018
Correctie: Achterpand.... herhaal nu A.3 - A.6 vanaf de pijl in het telpatroon.

Telpatroon

= recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
= recht aan de verkeerde kant, averecht aan de goede kant
= zet 4 st op een kabelnld en houd deze voor het werk, 4 r, 4 r van de kabelnld
= zet 4 st op een kabelnld en houd deze achter het werk, 4 r, 4 r van de kabelnld
= herhaal het patroon vanaf hier (= 5e nld in het telpatroon)
= 2 av samen



Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS Extra 0-1132) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (167)

Matthieu 28.06.2020 - 21:52:

Bonjour, Pour le col châle en XL, on nous dit de répéter le décalage de A1 27 fois en tout. Puis on est censé trouver un col de 27 mailles dont la première de A1. Ne serait-ce pas plutôt 28 mailles (les 27 augmentations + la première maille de A1) ?

Anne-Marie Dick 27.06.2020 - 01:07:

Bonjour, je commence ce patron, grandeur M. J'ai monté 150 mailles mais quand je regarde ce qu'on doit tricoter j'arrive à 145 mailles comme pour la grandeur S. Je serais tentée de faire 6 répétitions au lieu de 5 de 3 Env, 2 End qui sont au milieu.... mais est-ce la bonne chose? merci de votre aide!

DROPS Design 29.06.2020 kl. 07:44:

Bonjour Mme Dick, en taille M, tricotez ainsi: 1 m lis, A.6 (= 10 m), A.4 (= 10 m), A.3 (=36 m), 2 m env, 2 m end, *3 m env, 2 m end *, répéter de *-* encore 5 fois (= 5 m x 6 = 30m), 2 m env, A.3 (= 36 m), A.4 (= 10 m), A.5 (= 10 m), 1 m lis = 1+10+10+36+4+30+2+36+10+10+1= 150 m. Bon tricot!

Matthieu 08.06.2020 - 20:08:

Bonjour, Pour le col châle en XL, faut-il faire le décalage de A1 3 fois tous les 1, 5 cm PUIS 24 fois tous les 1 cm, ou bien imbriquer les 3 augmentations dans les 24 autres (c'est à dire faire un jeté à 1cm, puis à 1,5 cm, 2cm, 3cm... Etc) ?

DROPS Design 09.06.2020 kl. 09:47:

Bonjour Matthieu, vous faites le décalage 3 fois tous les 1,5 cm (= 43 cm, 44.5 cm, 46 cm) puis 24 fois tous les 1 cm (= 47, 48, 48 ... cm). Bon tricot!

Julie 03.06.2020 - 19:06:

Hello, I'm working on the sleeve for an XXXL, and the pattern says to "bind off at beginning of every row in each side: 3 sts 2 times, 2 sts 1 time, and 3 sts 3 times"......I'm not sure what that means, do I bind off only at the beginning of each row, or the beginning and end of each row?

DROPS Design 04.06.2020 kl. 08:15:

Hi Julie, You bind off at the beginning of every row; 3 stitches at the beginning of 4 rows, 2 stitches on 2 rows and 3 stitches on 6 rows. I hope this helps and happy knitting!

Jutta Lamprop 22.05.2020 - 22:24:

Ich bin eine erfahrene Strickerin und ich kann Strickanleitungen lesen. Diese Anleitung ist ein einziges Chaos und nicht nachzuvollziehen . Schade, ich hätte diese Jacke gern gestrickt, werde mir aber nun eine andere Anleitung suchen. Gruß, Jutta

MARIE 17.05.2020 - 05:05:

Bonjour, pour le devant droit droit, ne devrait-on pas commencer par A1, puisque le côté gauche finit par 10? Sinon les 2 devants ne correspondent pas au niveau de la lisière pour les boutonnières

DROPS Design 18.05.2020 kl. 08:33:

Bonjour Marie, j'ai peur de ne pas bien saisir votre question, le devant droit se commence bien par A.1 (sur l'endroit), autrement dit la bordure du devant. Bon tricot!

Marie-Ange 26.04.2020 - 07:41:

Bonjour, je ne comprends pas : pour les rangs raccourcis du devant, cela concerne - t- il uniquement les mailles point mousse du col ? Pourtant, dans les explications des rangs raccourcis, vous dites qu'il faut commencer à partir du milieu devant, s'agit-il de la hauteur du milieu devant et sur toute la longueur du rang ? Merci pour votre réponse

DROPS Design 27.04.2020 kl. 09:03:

Bonjour Marie-ange, il faut plus de rangs au point mousse que de rangs en point fantaisie pour la même hauteur, et, pour éviter que les bordures des devants ne resserrent l'ouvrage en hauteur on tricote des rangs raccourcis (= supplémentaires) uniquement sur les mailles point mousse en tricotant 2 rangs sur les mailles point mousse seulement et ce tous les 14 rangs. Bon tricot!

Zineb 15.04.2020 - 20:41:

Bonjour! Juste une remarque, pour commencer le col châle , vous demandez de commencer après la première maille de A1 ! Normalement c’est après la maille lisière , non? Bon j’ai suivi vos instructions à la lettre, tant pis!😉

DROPS Design 16.04.2020 kl. 10:13:

Bonjour Mme Zineb, quand on tricote les devants, il n'y a pas de maille lisière côté bordure devant, seulement les mailles de A.1 (la maille lisière au point mousse se trouve sur le côté qui sera cousu au dos). Les augmentations du col châle se font ainsi après la 1ère m de A.1 (devant droit) / avant la dernière maille de A.10 (devant gauche) - mais cette maille se tricote également au point mousse. Bon tricot!

Marie-Ange 04.04.2020 - 21:23:

Bonsoir, je suis en train de tricoter en taille S, le devant droit, est-ce que j'ai bien compris que je ne devais commencer le décalage du col au moment où c'est à 1cm 1/2 pour les autres tailles ? Merci beaucoup

DROPS Design 09.04.2020 kl. 13:26:

Bonjour Marie-Ange, en taille S vous répétez le décalage 26 fois tous les 1 cm. Bon tricot!

Jomarie Decker 25.03.2020 - 18:12:

At the beginning of the pattern, it reads “ GARTER ST (back and forth): K all rows. 1 ridge = K2 rows. “ However, it does not say how many rows to k. It also does not say which diagram to look at. I have my 186 stitches casted on but am at a standstill without knowing the number of rows to garter st. Help!

DROPS Design 26.03.2020 kl. 09:35:

Dear Mrs Decker, this is a general information explaining how to work garter stitch in rows, ie when you read you have to work 1 st in garter stitch, you have to knit this stitch from RS and from WS. Work the bottom of back piece as explained for your size following appropriate diagrams to the size - read more here about diagrams. Happy knitting!

Laat een opmerking achter voor DROPS Extra 0-1132

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.