DROPS / 166 / 45

Victorian Charm by DROPS Design

Gebreide DROPS stola met kantpatroon van "Lace" of "BabyAlpaca Silk".

Trefwoorden: kantpatroon, omslagdoek, sjaal, stola,
DROPS design: Model nr. la-024
Garengroep A
----------------------------------------------------------
Maten: ongeveer 32 cm breed en 160 cm lang
Materiaal:
DROPS LACE van Garnstudio
100 gr. kleur nr. 8105, ijsblauw
Of gebruik:
DROPS BABYALPACA SILK
200 gr. kleur nr. 8112, ijsblauw

DROPS RONDBREINLD (80 cm) 3 mm – LET OP: lees over de STEKENVERHOUDING hieronder!

STEKENVERHOUDING:
Deze stola wordt nat gemaakt en opgerekt tot de juiste maat na het breien. De stekenverhouding is niet zo belangrijk, maar om een idee te krijgen wanneer u te los of te vast breit, kunt u ongeveer een stekenverhouding aanhouden van 24 st x 32 nld in tricotst met nld 3 mm = ongeveer 10 x 10 cm. Lees OPSPANNEN BIJ ANDER GAREN.
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

70% alpaca, 30% zijde
vanaf 4.15 € /50g
DROPS Lace uni colour DROPS Lace uni colour 4.15 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Lace mix DROPS Lace mix 4.15 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 8.30€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

RIBBELST (heen en weer gebreid):
Brei alle nld recht. 1 ribbel = 2 nld r.

PATROON:
Zie telpatronen A.1-A.12. De telpatronen laten het patroon aan de goede kant zien. Zowel de heengaande als de teruggaande naalden zijn weergegeven.

OPSPANNEN BIJ ANDER GAREN:
Als u een ander garen van garengroep A gebruikt dan Lace, hoeft u het werk niet op te spannen om de juiste maten te krijgen, maar u kunt het vochtig maken, in vorm trekken en laten drogen.
Herhaal dit proces elke keer dat u het werk wast.
----------------------------------------------------------

STOLA:
Wordt in 2 verschillende delen gebreid die later in het midden aan elkaar genaaid/gemaasd worden.

DEEL 1:
Zet 115 st op met rondbreinld 3 mm en Lace of BabyAlpaca Silk. Brei 2 nld recht (1e nld = goede kant). Brei telpatronen A.1-A.3 als volgt: 3 kant st in RIBBELST - zie uitleg boven, A.1 over 18 st, herhaal A.2 tot er 22 st over zijn, A.3 over 19 st en 3 kant st in ribbelst. Brei telpatronen A.1-A.3 1 keer in de hoogte = 79 st.
Brei telpatroon A.4 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.4 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon (brei op de nld met alleen omsl en 2 r samen de laatste st r) en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.4 1 keer in de hoogte.
Brei telpatronen A.5-A.7 als volgt: 3 kant st in ribbelst, A.5 over 12 st, herhaal A.6 tot er 16 st over zijn, A.7 over 13 st en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.5-A.7 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.4 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.4 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.4 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.8 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.8 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.8 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.9 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.9 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.9 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.10 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.10 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei dan patroon A.10 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.11 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.11 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei volgens telpatroon A.11 tot het werk ongeveer 76 cm meet als u het licht oprekt, pas zo aan dat het na een hele herhaling in de hoogte is.
Brei telpatroon A.12 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.12 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon (brei op de nld met alleen omsl en 2 r samen de laatste st r) en 3 kant st in ribbelst. Brei telpatroon A.12 1 keer in de hoogte en zet de st op een hulpdraad of kant ze af - LEES AFWERKING.

DEEL 2:
Zet 115 st op met nld 3 mm en Lace of BabyAlpaca Silk. Brei 2 nld recht (1e nld = goede kant).
Brei telpatronen A.1-A.3: 3 kant st in ribbelst, A.1 over 18 st, herhaal A.2 tot er 22 st over zijn, A.3 over 19 st en 3 kant st in ribbelst. Brei telpatronen A.1-A.3 1 keer in de hoogte = 79 st.
Brei telpatroon A.4 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.4 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.4 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.8 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.8 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.8 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.9 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.9 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.9 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.10 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.10 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei dan patroon A.10 1 keer in de hoogte.
Brei telpatronen A.5-A.7 als volgt: 3 kant st in ribbelst, A.5 over 12 st, herhaal A.6 tot er 16 st over zijn, A.7 over 13 st en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.5-A.7 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.4 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.4 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon (brei op een nld met alleen omsl en 2 r samen de laatste st r) en 3 kant st in ribbelst. Brei patroon A.4 1 keer in de hoogte.
Brei telpatroon A.11 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.11 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon en 3 kant st in ribbelst. Brei volgens telpatroon A.11 tot het werk ongeveer 76 cm meet als u het licht oprekt, pas zo aan dat het na een hele herhaling in de hoogte is en brei evenveel patroonherhalingen van A.11 als op deel 1.

Brei telpatroon A.12 als volgt: 3 kant st in ribbelst, herhaal A.12 tot er 4 st over zijn, 1 st als de eerste st in het telpatroon (brei op een nld met alleen omsl en 2 r samen de laatste st r) en 3 kant st in ribbelst. Brei dan patroon A.12 1 keer in de hoogte. Zet de st op een hulpdraad of kant alle st af.

AFWERKING:
Gebruik maassteken/kitchenersteek en naai deel 1 aan deel 2. Als u de steken afgekant hebt, naai dan de twee afkantranden aan elkaar.

OPSPANNEN:
Leg de stola in lauw water totdat hij door en door nat is. Duw het water er voorzichtig uit - niet wringen – en rol de stola dan in een handdoek om er nog meer water uit te duwen. De stola is nu alleen nog vochtig – Als u een ander garen dan Alpaca gebruikt, lees dan OPSPANNEN ANDER GAREN boven.
Plaats de stola op een kleed of matras en rek hem voorzichtig op tot de juiste maten. Zet vast met spelden en laat goed drogen.
Herhaal dit proces elke keer als u de stola wast.

Telpatroon

= recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
= r aan de verkeerde kant, av aan de goede kant
= 1 omsl tussen 2 st
= 2 r samen
= 1 r afh, 1 r, afgeh st overh
= 1 r afh, 2 r samen, afgeh st overh




Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 166-45) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (9)

Liisa Salonen 12.09.2019 - 03:53:

Olen juuri neulomssa kappaletta 2 mallineuelessa A9, A10 jälkeen tulisi A5-A7 ja A4, mutta ne neuloin jo kappaleen 1 mukaan. Mitä ihmettä teen seuraavaksi, purkaa en halua. Miksi mallineuleet ovat eri järjestyksessä? Nyt vasta huomasin, että poikkeavat toisistaan, en vain ymmärrä, miksi?

Heike Rohn 09.10.2017 - 20:29:

Guten Tag, was ist bitte der Unterschied zwischen Teil 1 und Teil 2? Kann ich einfach zwei Teile 1 stricken? Danke!

DROPS Design 10.10.2017 kl. 09:31:

Liebe Frau Rohn, die Diagramme sind nicht in den gleichen Order unter beiden Teilen. Viel Spaß beim stricken!

Wilma Brouwer 04.12.2015 - 13:53:

Ben bezig met 166-45, klopt het dat in patroon A4, dat ik de omslagen en overhalingen/ samenbreien op de verkeerde kant komt? Er zijn meerdere patroontjes dat ik op de verkeerde kant dit moet doen.

DROPS Design 07.12.2015 kl. 13:30:

Hoi Wilma. De patronen A.1, 2 en 3 eindigen met een naald op de goede kant. Daarom begint A.4 ook met een naald op de verkeerde kant en de omslagen/samenbreien komen dan op de goede kant.

Sandrine GERARD 27.10.2015 - 13:10:

Bonjour, j'aimerais réaliser cette étole mais j'ai l'impression que les diagrammes A5 et A6 comportent des erreurs. En effet les rangs 19 et 25 sont décalés et terminent pas 1 jeté, un surjet double et un jeté. Merci pour votre réponse.

DROPS Design 27.10.2015 kl. 15:03:

Bonjour Mme Gérard, les diagrammes A.5 et A.6 sont justes: la dernière m de A.5 se tricote avec les 2 premières m de A.6, la dernière m de A.6 se tricote avec les 2 premières m du A.6 suivant et la dernière fois avec les 2 premières m de A.7 - et ce, sur ces 2 rangs. Bon tricot!

Barb Barraclough 26.06.2015 - 16:57:

Lovely shawl reminds me of Estonian lace without being so 'busy' in patterns.

Rosa 26.06.2015 - 13:28:

Hola, falta el diagrama, no se ve. Un saludo.

Centina 15.06.2015 - 12:17:

Leuk patroon om er een topje van te maken!

E. M. 08.06.2015 - 23:10:

Wat een juweeltje

E. M. 08.06.2015 - 23:09:

Zeer mooi kantwerk

Laat een opmerking achter voor DROPS 166-45

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.