DROPS / 153 / 2

Butterfly Dance by DROPS Design

Gebreide DROPS omslagdoek in ribbelst met kantpatroon van ”Alpaca”.

DROPS design: Model nr. z-674
Garengroep A
-----------------------------------------------------------
Maat: ongeveer 60 cm gemeten middenachter vanaf de hals naar beneden langs de middelste st.
Materiaal:
DROPS ALPACA van Garnstudio
200 gr. kleur nr. 8105, ijsblauw

DROPS RONDBREINLD 3.5 mm (80 cm) - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 23 st x 45 nld in ribbelst = 10 x 10 cm.
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

100% alpaca
vanaf 3.50 € /50g
DROPS Alpaca uni colour DROPS Alpaca uni colour 3.50 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Alpaca mix DROPS Alpaca mix 3.69 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 14.00€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

RIBBELST (heen en weer gebreid op de nld):
brei alle nld recht. 1 ribbel = 2 nld r.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot en met A.6. De telpatronen laten het patroon aan de goede kant zien. Zowel de heengaande als de teruggaande naalden zijn weergegeven.

HERHALING MEERDEREN:
Meerder elke nld aan de goede kant als volgt met dubbele omsl:
Nld 1: maak een dubbele omsl naast de kant st aan elke kant van de omslagdoek en aan elke kant van de mid st.
Nld 2: brei alle st recht, brei eerste omsl recht en laat tweede van de nld glijden om een gaatje te maken.
Nld 3: maak een dubbele omsl naast de kant st aan elke kant van de omslagdoek en aan elke kant van de mid st.
Nld 4: brei alle st recht, brei eerste omsl recht en laat tweede van de nld glijden om een gaatje te maken.
Elke keer dat HERHALING MEERDEREN gebreid is, is het werk 8 st breder geworden.
----------------------------------------------------------

OMSLAGDOEK:
Zet 3 st op met rondbreinld 3.5 mm en Alpaca. Plaats een markeerder in de 2e st = middelste st (mid st). Brei eerste nld als volgt: 1 st r, 1 omsl, 1 st r, 1 omsl, en 1 st r, keer en brei recht = 5 st op de nld. Ga verder in RIBBELST - zie uitleg boven en brei TEGELIJKERTIJD een HERHALING MEERDEREN (brei dit de hele omslagdoek) – zie uitleg boven, tot HERHALING MEERDEREN 22 keer gebreid is en er 44 gaatjes in de hoogte zijn aan elke kant van de mid st = 181 st op de nld. Het aantal st is nu deelbaar door 8 plus 5. Brei dan telpatroon A.1 (brei de gemeerderde als hiervoor en brei kant st en mid st in ribbelst). Brei in de nld in het telpatroon met 2 st r samen en omsl tot er 1 st overblijft voor de mid st, brei 1 st r, mid st en meerder als hiervoor aan elke kant van deze mid st, 1 st r en ga verder met telpatroon A.1. Als het telpatroon een keer in de hoogte is gebreid staan er 197 st op den nld.

Brei dan volgens telpatroon A.2, A.3 en A.4 als volgt: brei de kant st en de omsl als hiervoor, brei A.2 (LET OP! Er zijn geen st om te breien in A.2 op de eerste nld van het telpatroon), herhaal A.3 tot er 1 st overblijft voor de mid st, brei A.4 over deze st, maak omsl en brei mid st als hiervoor. Herhaal aan de andere kant van de omslagdoek. Ga verder volgens A.2, A.3 en A.4 op deze manier. Als het telpatroon een keer in de hoogte is gebreid, staan er 229 st op de nld.
Vervang nu telpatroon A.3 door telpatroon A.5 – er is gemeerderd zodat er 2 extra patroonherhalingen van A.5 passen aan elke kant van de omslagdoek. Brei volgens telpatroon A.2, A.5 en A.4 en brei meer patroonherhalingen van A.5 zodra dit past. Ga zo verder tot A.5 in totaal 6 keer is gebreid in de hoogte. Er staan nu 325 st op de nld en het aantal st is nog steeds deelbaar door 8 plus 5.

Brei in de volgende nld aan de goede kant zonder HERHALING MEERDEREN als volgt:
Brei 2 st recht in de eerste st, dan * 4 st r, omsl *, herhaal *-* 8 keer, 97 st r, herh *-* 8 keer, brei 2 st r in de middelste st, herh *-* 8 keer 97 st r, herh *-* 8 keer en eindig met 2 st r in de laatste st = 360 st op de nld, dus een aantal st dat deelbaar is door 8. Brei 1 nld r van de verkeerde kant, de omsl van de vorige nld achterin de st breien om gaatjes te voorkomen. Brei vervolgens de rand van de sjaal.

RAND:
Keer het werk niet, maar zet 14 nieuwe st op voor de rand van de omslagdoek aan de verkeerde kant. Keer het werk, brei 1 nld recht over de 14 nieuwe st. Keer het werk. Brei dan volgens telpatroon A.6 over deze st aan de verkeerde kant (1e nld in telpatroon = verkeerde kant). LET OP! Brei elke nld aan de goede kant de laatste st samen met de volgende vrije st van de omslagdoek – zo wordt de rand aan de omslagdoek vast gebreid. Haal in de volgende nld de 1e st af alsof u hem averecht zou breien. Ga verder in A.6 langs de hele rand van de omslagdoek = 43 punten. Kant losjes alle st af.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 10.03.2014
Onder SJAAL (aantal st aangepast): ga verder met telpatroon A.1. Als het telpatroon A.1 een keer in de hoogte is gebreid staan er 197 st op den nld. Brei dan volgens telpatroon A.2, A.3 en A.4 als volgt:...Ga verder volgens A.2, A.3 en A.4 op deze manier. Als het telpatroon een keer in de hoogte is gebreid, staan er 229 st op de nld.
Gewijzigd online: 08.05.2014
Onder SJAAL: (zin toegevoegd aan het eind van het patroon: ....Brei 1 nld r van de verkeerde kant, de omsl van de vorige nld achterin de st breien om gaatjes te voorkomen. Brei vervolgens de rand van de sjaal.

Telpatroon

= recht aan de verkeerde kant
= recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
= 2 omsl, brei in de volgende nld de eerste omsl recht en laat de tweede omsl van de nld glijden zodat een gaatje ontstaat
= kant deze st af aan de goede kant
= 1 st r afh, 1 st r, afgeh st overh
= 2 st r samen
= 1 st r afh, 2 st r samen, afgeh st overh
= 1 omsl



Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 153-2) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (81)

Carolyn Bremner 01.04.2019 - 20:22:

Butterfly Dance Shawl: Under the section titled "INC REPETITION" it says Every time inc repetition has been worked, piece inc 8 sts. Should that not be 4 stitches as you drop the second loop off when knitting from the wrong side?

DROPS Design 02.04.2019 kl. 09:55:

Dear Mrs Brenner, on row 1 and 3 you are increasing 4 stitches with a double yarn over: make 1 double yarn over after the first stitch, 1 double yarn over before the middle stitch, 1 double yarn over after the middle stitch, and 1 double yarn over before the last stitch = 4 double yarn overs = 4 stitches increased on row 1 + 4 stitches increased on row 3 = 8 stitches have been increased after these 4 rows have been worked. Happy knitting!

Solbjorg Olsen 16.10.2018 - 17:34:

På bildet av sjalet ser jeg at det er strikket ett par omganger med hullmønster før kanten strikkes. Jeg kan ikke finne dette nevnt i mønsteret hvordan dette skal srikkes.

DROPS Design 17.10.2018 kl. 08:30:

Hei Solbjorg. Den kanten med hullmønster før spissene langs kanten er en del av A.6 - hullmønsteret lengst til høyre i diagrammet. God fornøyelse.

Michele Rousse 04.06.2018 - 11:59:

Bonjour, Sur la photo du châle il y a un rang entièrement ajouré entre A5 et A6 comment le faire , rien ne l'indique dans les explications. Merci d'avance

DROPS Design 04.06.2018 kl. 13:24:

Bonjour Mme Rousse, le diagramme A.6 est la bordure qui se tricote le long des 2 diagonales du châle (= le long du début et de la fin des rangs, où vous avez 1 trou (= 1 jeté, 2 m ens à l'end) tout du long de ces 2 diagonales. Bon tricot!

Anne 09.06.2017 - 00:13:

Je fais le châle et je rencontres un problème avec le diagramme A6 je n arrive pas à faire les jours côté raccordement au chale merci de me indiquer la marge de suivre Merci de avance Anne

DROPS Design 09.06.2017 kl. 08:23:

Bonjour Anne, les 4 premières m de A.6 (vu sur l'envers) se tricotent ainsi: glisser la 1ère m à l'end, 1 m end, 1 jeté, 2 m ens à l'end - en fin de rang sur l'endroit, tricotez à l'endroit jusqu'à ce qu'il reste 4 m et tricotez ces 4 m ainsi: 1 m end, 1 jeté, 2 m ens à l'end, et tricotez ens à l'end la 4ème m de A.6 avec la m suivante du châle. Bon tricot!

Anne 25.04.2017 - 00:20:

Je ai fait une faute dans mon précédent message Christophe est le modèle Butterfly Dance by drops design et non D'ancêtres Mes excuses Merci de avance pour votre réponse

Anne 25.04.2017 - 00:04:

Merci pour votre réponse mais je ne trouve la légende du diagramme A1/ A3/ A6/côté gauche pour le A6 Du chale Butterfly D'ancêtres by drops 153-2 Modele ° z-674 n en alpaca Merci de me dépanner je suis bloqué

DROPS Design 25.04.2017 kl. 09:04:

Bonjour Anne, les symboles utilisés dans A.1/A.3/A.6 sont les mêmes que précédemment, ainsi dans A.3 au 1er rang, vous tricotez: 1 m end, 1 double jeté, glisser 1 m à l'end, 1 m end, passer la m glissée par-dessus la m tricotée, 3 m end, 2 m ens à l'end, 1 double jeté. Bon tricot!

Anne Auguste 23.04.2017 - 22:08:

Bonsoir Je ne comprends pas les diagramme A1/A3/A6 ne ayant pas la Legendre des formes crochet merci de me donner le expliquation Cordialement

DROPS Design 24.04.2017 kl. 10:38:

Bonjour Mme Auguste, vous trouverez la légende des diagrammes au-dessus des diagrammes, à la fin de explications, et la signification de chaque symbole. Bon tricot!

Antonia 24.02.2016 - 23:02:

En diagrama A6 los puntos orillos se incluyen en el o van a parte?

DROPS Design 25.02.2016 kl. 20:21:

Hola Antonia. Los pts orillo están incluidos en el diagrama A.6. No te olvides de que en cada fila por el LD tienes que trabajar el último pt del diagrama junto con el siguiente pt libre del chal, de este modo el borde del chal se une al chal.

Almudena 24.02.2016 - 16:49:

Cuando se termina de repetir A5 en las indicaciones dice 2 pjd en el 1er pt, se refiere a hacer un aumento? Y cuando dice 2d en el pt central, también se refiere a realizar un aumento ?

DROPS Design 25.02.2016 kl. 20:31:

Hola Almudena. Después de terminar A.5 se hacen los aum trabajando 2 d. en el 1er pt, el pt central y el último pt.

Rocio 24.02.2016 - 16:03:

(no entiendo cuando dice que en cada fila por LD trabajar el último punto junto con elsiguiente libre del chal, a qué último punto se refiere? Al ultimo del diagrama A6? Entonces sería 2pjd?) (tampoco entiendo cómo trabajar la siguiente fila desl el 1er pt como de revés ) gracias

DROPS Design 26.02.2016 kl. 17:18:

Hola Rocio. Para unir el borde del chal con el chal hay que trabajar por el LD el último pt del borde con el último punto del chal como 2 pjd, a la vta pasar este pt sin trabajar (deslizarlo) a la ag derecha pinchando el pt como si lo trabajaramos de revés.

Laat een opmerking achter voor DROPS 153-2

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.