DROPS Karisma
DROPS Karisma
100% wol
vanaf 2.65 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 37.10€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS SS24

Fisherman's Friend

Gebreide trui voor heren met kabels in DROPS Karisma of DROPS Merino Extra fine.

DROPS 85-11
Maat: 12/14 jaar - S/M - L - XL – XXL
Afmetingen:
Bovenwijdte: 100-108-114-126-132 cm
Zoom: 88-98-102-118-122 cm
Materialen: DROPS Karisma Superwash van Garnstudio,
650-700-750-850-950 gr nr. 57 olijfgroen

Of gebruik:
Merino Extra Fine fra Garnstudio
(550) 700-750-850-950 gr nr. 06, bruin

DROPS Breinld en sokkenbreinld 3 mm en 4 mm, of de maat die u nodig heeft voor de juiste steekverhouding.
DROPS Kabelnaald.

LET OP! De vernieuwde DROPS Karisma heeft een kortere looplengte: 100 meter i.p.v. 110 meter.
U heeft voor dit patroon dus 10% meer garen nodig dan aangegeven staat. Bereken eventueel 1 of 2 bollen extra.

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Karisma
DROPS Karisma
100% wol
vanaf 2.65 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 37.10€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon

Steekverhouding: 21 st x 28 nld met breinld 4 mm in tricotst = 10 x 10 cm. Gebruik eventueel grotere of kleinere naalden om de juiste steekverhouding te krijgen. Brei een proeflapje!

Boordst: *1 r, 2 av*, herhaal van *-*.

Patroon: Zie de teltekeningen hieronder. Alle naalden van het patroon zijn weergegeven op de goede kant.

Voorpand: Zet 95-104-110-125-131 st op met breinld 3 mm en Karisma of Merino Extra Fine. Brei boordst, met 1 kantst aan weerskanten in ribbelst. Wissel als de boordst een hoogte van 5-7-7-7-7 cm heeft naar breinld 4 mm en brei 3 nld ribbelst en meerder tegelijkertijd (17) 16-16-15-15 st gelijkmatig verdeeld in derde nld = 112-120-126-140-146 st. Brei de volgende nld als volgt (goede kant): 1 r (kantst in ribbelst), 1-2-5-12-15 st tricotst, 1 av, 1 r, Patroon 1 op de volgende 84-90-90-90-90 st, Patroon 2 (= 22 st), 1-2-5-12-15 st tricotst en 1 r (kantst in ribbelst). Ga zo verder met het patroon. Meerder vanaf een hoogte van 10 cm 6-6-6-5-5 x 1 st aan weerskanten op elke 4-5-5-7-7 cm = 124-132-138-150-156 st – brei de gemeerderde st in tricotst. Kant bij een hoogte van 36-44-45-46-47 cm af voor de armsgaten aan weerskanten in elke 2e nld: 1 x 3 st, 3-1-1-3-4 x 2 st en 3-3-3-3-4 x 1 st = 100-116-122-126-126 st. Brei verder volgens het patroon. Minder bij een hoogte van 50-59-61-63-65 cm – eindig na de 5e of de 11e nld van de teltekening – 4 st boven de 2 middelste kabels als volgt:
* 1 r, 2 r samenbr *, herhaal van *-* in totaal 4 keer (brei de overige st door zoals eerst) = 92-108-114-118-118 st. Brei 1 nld terug in patroon, en zet dan de middelste 18-22-22-26-26 st op een hulpdraad voor de hals. Kant vervolgens af aan de beide halskanten in elke 2e nld: 2 x 2 st en 4 x 1 st = 29-35-38-38-38 st resteren voor de schouder. Minder bij een hoogte van 55-65-67-69-71 cm 4 st boven de kabels op elke schouder op dezelfde manier als bij de hals = 25-31-34-34-34 st resteren voor elke schouder. Brei 1 nld terug in patroon en kant af, het werk heeft een hoogte van ca. 56-66-68-70-72 cm.

Achterpand: Zet op en brei zoals beschreven voor het voorpand. Kant af voor de armsgaten zoals voor het voorpand. Minder bij een hoogte van 53-63-65-67-69 cm – d.w.z. na een 5e of 11e nld van de teltekening – 4 st boven de beide middelste 2 kabels op dezelfde wijze als bij het voorpand. Brei 1 nld terug in patroon, en kant dan de middelste 30-34-34-38-38 st af voor de hals. Minder vervolgens 2 x 1 st aan beide halskanten in elke 2e nld = 29-35-38-38-38 st resteren voor elke schouder. Minder bij een hoogte van 55-65-67-69-71 cm 4 st boven de kabels op de schouders zoals beschreven bij het voorpand. Brei 1 nld terug in patroon en kant af, het werk heeft een hoogte van ca 56-66-68-70-72 cm.

Mouwen: Zet 47-50-53-53-56 st op met breinld 3 mm en Karisma of Merino Extra Fine. Brei boordst, met 1 kantst aan weerskanten in ribbelst. Wissel bij een hoogte van 7-9-9-9-9 cm naar breinld 4 mm. Brei 2 nld r (1e nld = goede kant) en brei de rest van het werk in tricotst. Meerder vanaf een hoogte van 12-12-12-16-16 cm, 15-17-18-21-22 x 1 st aan weerskanten op elke 2½-2-2-1½ -1½ cm = 77-84-89-95-100 st. Kant bij een hoogte van 46-48-50-50-52 cm af voor de mouwkop aan weerskanten in elke 2e nld: 1 x 4 st, 1 x 3 st, 2-3-3-4-4 x 2 st en 5-2-2-3-3 x 1 st, en kant hierna steeds 2 st af aan weerskanten tot een hoogte van ca. 54-55-57-58-61 cm, en kant vervolgens nog 1 x 3 st af aan weerskanten. Kant de resterende st af, het werk heeft een hoogte van ca. 55-56-58-59-62 cm.

Afwerken: Sluit de schoudernaden.

Boord met gerolde rand: Neem ca 93-117 st op (deelbaar door 3) langs de hals met de sokkenbreinld en Karisma of Merino Extra Fine. Brei in het rond en brei 6-7-7-8-8 cm boordst en kant af in patroon. Neem vervolgens ca. 87-106 nieuwe st op van de 1e nld boordst met de sokkenbreinld. Brei in het rond 6 nld tricotst (= gerolde rand) – om te zorgen dat de rand mooi omrolt kunt u een omsl maken bij elke 8e st terwijl u afkant. Vouw de boord naar de verkeerde kant en zet hem vast. Zet de mouwen in. Sluit de zij- en de mouwnaden met de kantst als naadtoeslag.

Dit patroon is gecorrigeerd.

Gewijzigd online: 08.12.2008
Kant bij een hoogte van 36-44-45-46-47 cm af voor de armsgaten aan weerskanten in elke 2e nld: 1 x 3 st, 3-1-1-3-4 x 2 st en 3-3-3-3-4 x 1 st = 100-116-122-126-126 st.
Gewijzigd online: 17.11.2015
Voorpand: Zet 95-104-110-125-131 st op met breinld 3 mm en Karisma of Merino Extra Fine. Brei boordst, met 1 kantst aan weerskanten in ribbelst. Wissel als de boordst een hoogte van 5-7-7-7-7 cm heeft naar breinld 4 mm en brei 3 nld ribbelst en meerder tegelijkertijd (17) 16-16-15-15 st gelijkmatig verdeeld in derde nld = 112-120-126-140-146 st.

Telpatroon

symbols = r op de goede kant, av op de verkeerde kant
symbols = av op de goede kant, r op de verkeerde kant
symbols = 4 st op een kabelnld voor het werk leggen, 4 r, 4 r van de kabelnld
symbols = 4 st op een kabelnld achter het werk leggen, 4 r, 4 r van de kabelnld
diagram
diagram
Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Laat een opmerking achter voor DROPS 85-11

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (69)

country flag Padmaja wrote:

How do i distribute the 112 stitches in the first row to form the cable pattern for 12/14.

22.04.2024 - 03:14

DROPS Design answered:

Hi Padmaja, You use the top diagram (M.1 = 28 stitches) for size 12/14. Begin the row with 1 edge stitch (knitted on all rows), 1 stocking stitch, P1, K1, repeat M.1 3 times over the next 84 stitches (working from bottom right to left and upwards and left to right working back from the wrong side), work M.2 (= first 22 stitches in M.1), 1 stocking stitch and 1 edge stitch. This pattern is worked in reverse from the wrong side (starting with 1 edge stitch, 1 stocking stitch, M.2, etc). Hope this helps and happy knitting!

22.04.2024 - 06:43

country flag Elodia Hernandez Leon wrote:

Podría tener un video de tejer el cuello? No entiendo bien la explicación.

06.03.2024 - 16:27

DROPS Design answered:

Hola Elodia, no hacemos videos personalizados. Puedes ver la sección "Videos" en la parte superior del patrón para ver todos nuestros videos relevantes para realizar la labor. También puedes escribir aquí si tienes una duda específica a la hora de trabajar el cuello.

10.03.2024 - 20:49

country flag Meghan Maulucci wrote:

When you refer to "Pattern 1" and "Pattern 2" what does this mean?

01.02.2023 - 00:31

DROPS Design answered:

Hi Meghan, The diagrams for each pattern (which are labelled M1 and M2) are at the bottom of the page. Happy knitting!

01.02.2023 - 07:09

country flag Maria Cristina Rucci wrote:

Sto iniziando questo maglione, sul primo giro del lavoro dite di seguitare sul motivo M1 per 90 m. Lo schema è formato da 28m. Se ripeto 28 per 3, arrivo a 84 m. come faccio per le altre fino a 90? Grazie

26.10.2022 - 08:41

DROPS Design answered:

Buonasera Maria Cristina, deve seguire lo schema M.1 relativo alla taglia che sta lavorando: se sta lavorando taglie da adulto, lo schema M.1 è largo 30 maglie e quindi verrà ripetuto 3 volte. Buon lavoro!

26.10.2022 - 19:13

country flag Anna Möllerfors wrote:

Hej! Jag undrar varför jag inte får till det med mönstret stickar storlek XL och då står det att jag ska börja med med 1 kastmaska och sedan sticka 12 m slätstickning m1 över följande 90 maskor och sedan m2 22 maskor och sedan 12m och 1 kantmaska.. Det stämmer inte med bilden! Vad gör jag för fel?

21.02.2022 - 14:06

country flag Maria Teresa Modafferi wrote:

Ho fatto questo maglione, spiegato benissimo, pur essendo una principiante sono riuscita ad eseguirlo senza grandi difficoltà. Grazie di cuore.

27.01.2022 - 08:26

country flag Stacey Churchill wrote:

I am making size xl and feel like my cables are not centered on the sweater front. If I start with 1 garter stitch, 12 ss, p1, k1. Then begin with pattern 1, which is 14 stitches until the cables, I have 28 completed stitches before my 1st cable from front side left (when knitting). After I do 3 repeats of pattern 1 and then one repeat pattern 2 and 12 ss and 1 garter edge - that leaves only 17 stitches after the final cable. So one side is 28 and the other is 17. I hope that makes sense!

10.01.2022 - 23:11

DROPS Design answered:

Dear Mrs Churchill, you start with 1 garter st, 12 ss, P1, K1, then repeat M.1 (starting with P4 before first cable) a total of 3 times (over the next 90 sts) then work M.2 (ending with P4, K1, P1) and now work 12 ss and 1 garter st. There will be a total of 4 cables. and you have: 1+12+2+90+22+12+1=140 sts, and pattern starting and ending the same way on each side. Can this help?

11.01.2022 - 09:15

country flag Carmel Lambert wrote:

According to the pattern when making the decreases in the cables it says to KNIT two together. However if you do this after the 5th or the 11th row then the wrong side of work is facing & the cables present as PURL stitches?

15.05.2021 - 00:41

DROPS Design answered:

Dear Carmen, you are kind of right. Finishing after the 5th or 11th row of thepattern means that NOT directly after you have done the actual cabling (changing the stitches). You can do these decreases from the RS (as knit stitches) or the WS (as purl stitches). Happy Knitting!

15.05.2021 - 01:18

country flag Hetty wrote:

Hoi, ik heb na proberen mijn bovenstaande vraag opgelost. Ik heb deze trui gebreid voor mijn man. De trui is heel mooi gelukt, hij is er erg blij mee. Bedankt voor het goede patroon . Mvg

21.04.2021 - 11:37

country flag Hetty De Groot wrote:

Hoi, even een vraagje, bij het minderen van het voorpand van de hals staat 4 st. boven de middelste kabels . 1st r, 2 r samenbreien in totaal 4 keer. Is het de bedoeling in meerdere pennen of in pen 12. Het is mij niet duidelijk. Mvg.

04.03.2021 - 15:48