DROPS / 85 / 23

To the Sea by DROPS Design

Gebreide trui voor heren met kabels en hoge col in DROPS Alaska, plus muts in DROPS Eskimo.

Trui:
Maat: (12/14 jaar) - S/M - L - XL - XXL
Materialen: DROPS Alaska van Garnstudio,
(750) 900-1000-1100-1200 gr nr. 02, ecru

DROPS Rondbreinld en sokkenbreinld 4 mm en 5 mm, of de maat die u nodig heeft voor de juiste steekverhouding.

Muts:
Maat: One-size
Materialen: DROPS Eskimo van Garnstudio,
100 gr nr. 15, marineblauw

DROPS Sokkenbreinld 9 mm, of de maat die u nodig heeft voor de juiste steekverhouding.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!

100% wol
vanaf 2.07 € /50g
DROPS Alaska uni colour DROPS Alaska uni colour 2.07 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Alaska mix DROPS Alaska mix 2.07 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 37.26€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

Steekverhouding: 17 st x 22 nld met breinld 5 mm in tricotst = 10 x 10 cm. Gebruik eventueel grotere of kleinere nld om de juiste steekverhouding te krijgen. Brei een proeflapje!

Boordst: *3 r, 3 av*, herhaal steeds *-*.

Patroon: Zie de teltekeningen M.1 t/m M.4. Het patroon is weergegeven op de goede kant.

Gerstekorrelst:
1e nld: 1 r, 1 av. 2e nld: av boven r en r boven av.

Tips minderen (voor de raglanmouwen):
Minder op de goede kant van het werk als volgt: Begin 4 st voor de merkdraad: 1 st r afhalen, 1 r, en haal de afgeh st daarover, 4 r (de merkdraad zit tussen deze 4 st), 2 st r samen breien.
Minder op de verkeerde kant als volgt: Begin 4 st voor de merkdraad: 2 st av samen breien, 4 av, 2 st verdraait av samen breien.

Achter- en voorpand: De getallen tussen de ( ) gelden voor de kleinste maat. Zet (155) 159-179-183-203 st op met rondbreinld 4 mm en Alaska. Brei de Boordst als volgt: (3) 5-3-5-3 r (plaats 1 merkdraad in de middelste van deze st = zijkant), *3 av, 3 r*, herhaal steeds *-* over de volgende (24) 24-30-30-36 st. Brei volgens teltekening M.1 (= 26 st), *3 r, 3 av*, herhaal steeds *-* over de volgende (24) 24-30-30-36 st, (3) 5-3-5-3 r (plaats 1 merkdraad in de middelste van deze st = zijkant), * 3 av, 3 r *, herhaal steeds *-* over de volgende 72-72-84-84-96 st en eindig met 3 av. NB: Minder in de laatste nld van de teltekening M.1 2 st in het achterpand – en meerder tegelijkertijd 4 st in het voorpand zoals beschreven in d teltekening = (157) 161-181-185-205 st. Wissel na één herhaling van teltekening M.1 (de hoogte is nu ca 4 cm) naar rondbreinld 5 mm. Brei door als volgt: (3) 5-3-5-3 r, teltekening M.2 over de volgende (24) 24-30-30-36 st, teltekening M.3 (= 30 st) en teltekening M.2 over de volgende (24) 24-30-30-36 st – begin het patroon met 5 r, zodat het patroon gelijk wordt aan de weerskanten van teltekening M.3! Brei (3) 5-3-5-3 r en volgens teltekening M.2 over de resterende (73) 73-85-85-97 st (eindig met 1 gerstekorrelst). Let op de steekverhouding! Meerder vanaf een hoogte van 12 cm (4) 6-4-6-6 x 1 st aan de weerskanten van de merkdraden bij elke (5) 4-6-4-4 cm – de nieuwe st in tricotst breien totdat zij deel van de teltekening M.2 vormen = (173) 185-197-209-229 st. Kant bij een hoogte van (34) 41-42-43-43 cm 7 st af voor de armsgaten aan de weerskanten (= st met de merkdraad + 3 st aan de weerskanten van deze) = (82) 88-94-100-110 st op het voorpand, en (77) 83-89-95-105 st op het achterpand. Leg het werk terzijde en brei de mouwen.

Mouwen: Zet (42) 42-42-48-48 st op met sokkenbreinld 4 mm en Alaska. Brei boordsteek. Wissel bij 4 cm naar sokkenbreinld 5 mm en brei en brei door volgens teltekening M.2 – zorg dat er 1 gerstekorrelst in het midden van de ondermouw komt. Meerder vanaf een hoogte van (9) 12-14-14-14 cm (11) 14-17-15-20 x 1 st aan de weerskanten van de gerstekorrelst bij elke (3½) 2½-2-2½-2 cm (de st geleidelijk met het patroon breien = De eerste st in gerstekorrelst breien, de 5 volgende st in tricotst breien enz) = (64) 70-76-78-88 st. Kant bij een hoogte van (50) 51-53-53-54 cm 7 st af van het midden van de ondermouw = (57) 63-69-71-81 st. Leg het werk terzijde en brei nog 1 mouw.

Pas: Zet de mouwen op dezelfde rondbreinld als de panden boven de afgekante st van de armsgaten = (273) 297-321-337-377 st. Plaats 1 merkdraad in elke overgang tussen de mouwen en de panden = 4 merkdraden. Brei (2) 3-0-0-0 nld voordat de minderingen voor de raglan begint.

Lees a.u.b. het volgende stukje goed door, voordat u doorgaat met breien!
Raglan: Minder (18) 21-23-24-24 x 1 st aan de weerskanten van alle merkdraden in elke 2e nld (= 8 minderingen per nld) – Zie Tip Minderen! En vervolgens (0) 0-1-1-6 keer in elke nld.
Patroon: Brei tegelijkertijd vanaf een hoogte van (50) 59-61-63-65 cm – na een kabeltje afpassen – volgens de teltekening M.4 over de middelste 30 st (de 4 vermeerderde st van eerder, worden nu weer verminderd) – brei de overige st op de beschreven manier. Zet in de volgende nld de middelste (30) 30-30-34-34 st van het voorpand op 1 draad voor de hals – de rest van het werk wordt heen en weer op de breinld gebreid. Kant daarbij af aan beide halszijden in elke 2e nld als volgt: (1) 2 x 1 st. Als de minderingen voltooid zijn, staan er totaal (93) 91-91-95-95 st op de breinld. Het werk heeft een totale hoogte van ca (56) 66-68-70-72 cm tot aan de schouder.
Hals: Neem ca 32 tot 38 st op met sokkenbreinld 4 en Alaska voor aan in de hals (incl. de st van de draad). Zet alle st op dezelfde breinld = ca 125 tot 133 st. Brei 1 nld av, en vervolgens 1 nld r en pas tegelijkertijd het aantal st (minder/meerder) aan naar een totaal van (83) 89-89-95-95 st. Brei de Boord met 3 r, 3 av – zorg ervoor dat er komen 2 av boven de 2 av in het midden van het voorpand. Kant bij een hoogte van (18) 20-20-22-22 cm af met r boven r en av boven av. De hals naar buiten omvouwen.
NB: Als u col (hoge hals) wenst, brei dan als volgt: Brei ca (10) 11-12-12-13 cm Boordst en kant af met r boven r en av boven av. De hals naar de binnenkant omvouwen en vastnaaien met kleine matrasst.

Afwerken: Sluit de naden onder de armen.




MUTS:

Steekverhouding: 10 st x 14 nld met breinld 9 mm in tricotst = 10 x 10 cm. Gebruik eventueel grotere of kleinere nld om de juiste steekverhouding te krijgen. Brei een proeflapje!

Boordst: *5 av, 2 r*, herhaal steeds *-*.

Muts: Zet 56 st op met sokkenbreinld 9 mm en Eskimo en brei 1 nld tricotst. Brei door in Boordst – zie de beschrijving hierboven. Minder bij een hoogte van 12 cm alle 5 av naar 4 av = 48 st. Minder bij een hoogte van 15 cm alle 4 av naar 3 av = 40 st. Brei door en minder tegelijkertijd nog 2 keer (met 3 cm ertussen) op dezelfde manier = totaal 24 st (Er staan nu 2 r/1 av op de hele nld. Brei bij een hoogte van 22 cm de volgende nld als volgt: *2 st r samen breien, 1 av*, herhaal steeds *-* = 16 st. Rijg nu de draad door de resterende st en hecht stevig af. De muts heeft een totale hoogte van ca 23 cm.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 17.04.2009
Mouwen: Zet (42) 42-42-48-48 st op met sokkenbreinld 4 mm en Alaska. Brei 4 cm Boordst en brei vervolgens door volgens teltekening M.2 – zorg dat er 1 gerstekorrelst in het midden van de ondermouw komt. Meerder vanaf een hoogte van (9) 12-14-14-14 cm (11) 14-17-15-20 x 1 st aan de weerskanten van de gerstekorrelst bij elke (3½) 2½-2-2½-2 cm
Gewijzigd online: 16.04.2013
Mouw: Zet (42) 42-42-48-48 st op met sokkenbreinld 4 mm en Alaska. Brei boordsteek. Wissel bij 4 cm naar sokkenbreinld 5 mm en brei en brei door volgens teltekening M.2...
Gewijzigd online: 04.12.2013
Nieuwe teltekening M.1

Telpatroon

= geen st (sla dit ruitje over)
= recht
= averecht
= meerder 1 st door 2 st in 1 st te breien
= 2 st av samen
= 2 st r samen
= haal 1 st r van de nld af, 1 r, haal de afgeh st daarover
= 5 st op een kabelnld achter het werk leggen, 5 r, 5 r van de kabelnld
= 5 st op een kabelnld voor het werk leggen, 5 r, 5 r van de kabelnld


Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 85-23) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (103)

Elaine 21.03.2019 - 11:58:

Suite à votre réponse j’en déduit donc que c’est M3 que l’on fait sans les torsades ?

DROPS Design 21.03.2019 kl. 12:48:

Bonjour Elaine, vous tricotez le col en côtes 3 m end/3 m env mais au milieu devant, tricotez seulement 2 m env (au-dessus des 2 m env au milieu de M.3). Bon tricot!

Elaine 20.03.2019 - 12:44:

Pour le col le point de fantaisie se fait seulement sur les 2 mailles au centre du devant, est-ce que j’ai bien compris le patron?

DROPS Design 20.03.2019 kl. 13:37:

Bonjour Elaine, en fait pour le col, on doit continuer les côtes du devant, mais on ne continue pas les torsades - reformulation faite. Bon tricot!

Elaine Hébert 10.03.2019 - 14:49:

Dans la légende des diagrammes, il y a un carré vide presque effacé ou l’on doit mettre 5 mailles sur une aiguille auxiliaire derrière l’ouvrage. Dans quel diagramme doit-on le faire? J’ai beau regarder mais je ne vois vraiment pas à quel diagramme l’appliquer.

DROPS Design 11.03.2019 kl. 10:51:

Bonjour Mme Hébert, le symbole dont vous parlez semble être le 8ème symbole (et son équivalent le 9ème = les 5 m sont placées devant). Vous retrouvez ces deux symboles dans M.3 (= les 10 mailles endroit de M.3 qui sont tricotées en torsades). Bon tricot!

Elaine Hébert 16.02.2019 - 18:48:

Est-ce que la laine Alaska est une laine douce sur la peau , non piquante? Si non par qu'elle laine peut-on la remplacer qui donnera la même tenue sans créer de démangeaisons?

DROPS Design 18.02.2019 kl. 09:45:

Bonjour Mme Hébert, la sensibilité de chacun étant différent, je vous invite à contacter votre magasin DROPS - même par mail ou téléphone - on pourra vous y apporter une assistance personnalisée au choix de votre laine. Bon tricot!

Faggi Isabelle 21.01.2019 - 20:08:

Y a t il une erreur ? lorsque j'additionne les mailles pour un modele M sur le devant dos j'ai 5+24+26+24+5=84 On me dit de continuer sur les 72 m restantes. Hors sur 159 -84 =75 Et non pas 72 comme il est dit. ??????

DROPS Design 22.01.2019 kl. 08:06:

Bonjour Mme Faggi, vous avez bien 159 m en taille M: 5 m end + 24 m en côtes (3/3), M.1 (= 26 m), 24 m en côtes (3/3), 5 m end, 72 m en côtes (3/3), 3 m env = 5+24+26+24+5+72+3= 159 m. On n'a pas le même nombre de mailles pour le devant et le dos car il n'y a pas de torsades dans le dos et on prépare le motif dès le 1er tour et M.1 (on diminue ensuite 2 m dans le dos et on augmente 4 m sur le devant) = 161 M. Bon tricot!

Sven Danch 14.01.2019 - 15:56:

Vielen Dank. ich habe mich schon gewundert.

Sven Danch 12.01.2019 - 15:42:

Hallo, ich hab mal noch ne Frage. Werden die Maschen bei M2 zwischen den glatt rechts gestrickten immer als linke oder werden alle mit kreuz markierten im Perlmuster gestrickt? Ich habe sie alle links gestrickt und jetzt zieht es sich zusammen, sodas man nur die glatt gestrickten sieht.

DROPS Design 14.01.2019 kl. 10:10:

Lieber Sven, die Maschen mit dem Kreuz in M.2 abwechslungsweise rechts und links gestrickt: rechts bei der 1. Runde (= leeres Kästchen), links bei der 2. Runde (= Kreuz). Viel Spaß beim stricken!

Sven Danch 05.01.2019 - 22:25:

Hallo! Nach 12 cm soll ich 4 M zunehmen und das ganze 4 mal bei größe L. Wie integriere ich das ins Muster?

DROPS Design 07.01.2019 kl. 11:04:

Lieber Herr Danch, die neuen Maschen (= Zunahmen) sollen so gestrickt werden, damit M.2 immer weiter gestrickt wird, dh Sie sollen immer das Muster haben (1 M kraus rechts, 6 M glatt rechts). Viel Spaß beim stricken!

Sven Danch 04.01.2019 - 13:31:

Hallo! Ich hätte da mal eine du..e Frage. Wird das Vorder- und Rückenteil in Runden oder in Reihen gestrickt? Weil nirgendwo etwas von zusammen nähen steht.

DROPS Design 04.01.2019 kl. 15:11:

Lieber Herr Danch, das Vorder- und Rückenteil werden in der Runde in einem Stück bis zum Armlöcher gestrickt, dann stillgelegt. Die Ärmel werden dann separat gestrickt. Alle Maschen sind dann alle zusammen für die Passe bis zum Halsausschnitt in der Runde gestrickt, nach Halsausschnitt stricken Sie in Reihen. Viel Spaß beim stricken!

Darlene Ritchie 08.12.2018 - 21:00:

What letter A B C D etc. would be worsted weight yarn?

DROPS Design 10.12.2018 kl. 09:13:

Dear Mrs Ritchie, please find here an overview of all our yarns sorted by yarn groups - for any further assistance choosing the yarn, you are welcome to contact your DROPS store, even per mail or telephone. Happy knitting!

Laat een opmerking achter voor DROPS 85-23

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.