DROPS Paris
DROPS Paris
100% katoen
vanaf 1.30 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 9.10€ krijgen. Lees meer.

Canyon Clay

Gebreide top met raglan in DROPS Paris. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met boordsteek. Maat: S - XXXL

DROPS 212-15
DROPS design: Patroon w-806
Garengroep C of A + A
----------------------------------------------------------

MAAT:
S - M - L - XL - XXL - XXXL

MATERIAAL:
DROPS PARIS van garnstudio (behoort tot garengroep C)
350-350-400-450-500-550 g kleur 65, roest

STEKENVERHOUDING:
17 steken in de breedte en 22 naalden in de hoogte in tricotsteek = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 5 mm
DROPS RONDBREINAALD 5 mm : Lengte 40 en 80 cm.
DROPS RONDBREINAALD 3.5 mm : Lengte 40 en 80 cm voor de boordsteek.
De naalddikte is slechts een richtlijn! Als u te veel steken heeft op 10 cm, brei dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, brei dan verder met een kleinere naald.

-------------------------------------------------------

Stekenverhouding – Kijk hier hoe u deze moet opmeten en waarom
Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Paris
DROPS Paris
100% katoen
vanaf 1.30 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 9.10€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

----------------------------------------------------------

TIP VOOR HET MEERDEREN-1 (verdeeld):
Zo berekent u hoe vaak er gemeerderd moet worden, tel de steken waarover gemeerderd moet worden (dus 9 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen (dus 2) = 4.5.
In dit voorbeeld meerdert u door 1 omslag te maken na afwisselend iedere 4e en 5e steek. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid om gaatjes te voorkomen.

TIP VOOR HET MEERDEREN-2:
Meerder 1 steek door 1 omslag te maken. Brei op de volgende naald de omslag gedraaid averecht om gaatjes te voorkomen. Brei de nieuwe steken averecht.

TIP VOOR HET MEERDEREN-3 (geldt voor de zijkanten van het lijf):
Brei tot er 2 steken over zijn voor de markeerdraad, 1 omslag, 4 recht (de markeerdraad is in het midden van deze steken), 1 omslag. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen. Brei dan de nieuwe steken in tricotsteek.

TIP VOOR HET MINDEREN:
Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad en brei 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.

RAGLAN:
In het begin meerdert u 2 steken richting elke raglan op het voor- en achterpand (= 8 steken gemeerderd op de naald), en daarna meerdert u 1 steek richting elke raglan op het voor- en achterpand (= 4 steken gemeerderd op de naald).
Meerder 2 steken voor de markeerdraad als volgt: Brei tot er 2 steken over zijn voor de markeerdraad: 1 omslag, 1 recht, 1 omslag, 1 recht, de markeerdraad is hier.
Meerder 2 steken na de markeerdraad als volgt: 1 recht, 1 omslag, 1 recht, 1 omslag.
Meerder 1 steek voor de markeerdraad als volgt: Brei tot er 1 steek over is voor de markeerdraad: 1 omslag, 1 recht, de markeerdraad is hier.
Meerder 1 steek na de markeerdraad als volgt: 1 recht, 1 omslag.
Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen. Brei dan de nieuwe steken in tricotsteek.

TIP VOOR HET AFKANTEN:
Om een strakke afkantrand te voorkomen kunt u een naald in een maat groter gebruiken. Als het nog steeds te strak is, maak dan 1 omslag na ongeveer iedere 4e steek en kant deze af als normale steken.

----------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

----------------------------------------------------------

TOP - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Brei de halsrand en de pas in de rondte op de rondbreinaald vanaf midden achter, van boven naar beneden. Verdeel nu de pas voor het lijf en mouwen. Brei het lijf in de rondte op de rondbreinaald. Brei de mouwen in de rondte op breinaalden zonder knop/korte rondbreinaald, van boven naar beneden.

HALSRAND:
Zet 112-118-126-138-144-144 steken op rondbreinaald 3.5 mm met Paris. Brei 1 naald recht. Brei de volgende naald als volgt: (2 recht/2 averecht) over de eerste 8-8-12-12-12-12 steken, 1 recht, voeg hier een markeerdraad in (= in de overgang tussen het achterpand en de rechter mouw), 1 recht, (1 averecht/2 recht) over de volgende 33-36-36-42-45-45 steken, 1 averecht, 1 recht, voeg hier een markeerdraad in (= in de overgang tussen de rechter mouw en het voorpand), 1 recht, (2 averecht/2 recht) over de volgende 16-16-20-20-20-20 steken, 2 averecht, 1 recht, voeg hier een markeerdraad in (= in de overgang tussen het voorpand en de linker mouw), 1 recht, (1 averecht/2 recht) over de volgende 33-36-36-42-45-45 steken, 1 averecht, 1 recht, voeg hier een markeerdraad in (= in de overgang tussen de linker mouw en het achterpand), 1 recht, (2 averecht/2 recht) over de volgende 8-8-8-8-8-8 steken, 2 averecht.
Ga zo verder in de rondte tot de boordsteek 3 cm meet.
Als de boordsteek klaar is, brei dan de volgende naald als volgt:
Brei recht tot de eerste markeerdraad en meerder tegelijkertijd 2-3-3-3-3-4 steken verdeeld – lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei recht boven recht en averecht boven averecht tot de volgende markeerdraad en meerder tegelijkertijd 1 steek in ieder averecht deel – lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2, brei recht tot de volgende markeerdraad en meerder tegelijkertijd 4-6-5-5-6-8 steken verdeeld, brei recht boven recht en averecht boven averecht tot de volgende markeerdraad en meerder tegelijkertijd 1 steek in ieder averecht deel, brei de laatste 11-11-11-11-11-11 steken recht en meerder tegelijkertijd 2-3-2-2-3-4 steken verdeeld = 144-156-162-178-188-192 steken. Brei 1 naald met recht boven recht en averecht boven averecht (brei de omslagen gedraaid om gaatjes te voorkomen).
Ga verder met rondbreinaald 5 mm. Voeg 1 markeerdraad in op het begin van de naald (= ongeveer midden achter), meet de pas vanaf deze markeerdraad!

PAS:
Brei recht boven recht en averecht boven averecht. Begin op de eerste naald met meerderen voor de RAGLAN – lees uitleg hierboven. Meerder alleen op het voorpand en het achterpand richting elke raglan. Meerder 2 steken iedere andere naald 9-9-8-10-12-13 keer in totaal, meerder dan 2-4-6-6-8-8 keer 1 steek op iedere andere naald = 224-244-250-282-316-328 steken. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Ga verder met recht boven recht en averecht boven averecht tot het werk 12-13-15-16-18-20 cm meet vanaf de markeerdraad.
De pas is klaar. Brei dan in de buitenste steek aan elke kant van het voorpand en het achterpand in op de mouwen.
Brei de volgende naald als volgt: Brei de eerste 30-33-37-41-47-50 steken, zet de volgende 50-54-54-62-66-66 steken op een hulpdraad voor de mouw en zet 6-6-10-10-10-14 steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei de volgende 62-68-71-79-92-98 steken (= voorpand), zet de volgende 50-54-54-62-66-66 steken op een hulpdraad voor de mouw en zet 6-6-10-10-10-14 steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei de overgebleven 32-35-34-38-45-48 steken op de naald.
Brei dan het lijf en de mouwen apart verder. MEET NU HET WERK VANAF HIER!

LIJF:
= 136-148-162-178-204-224 steken. Voeg 1 markeerdraad in aan elke kant, in het midden van de nieuw opgezette steken onder de mouwen (= 3-3-5-5-5-7 nieuwe steken aan elke kant van de markeerdraad). Neem de markeerdraden mee in de hoogte tijdens het breien; ze worden later gebruikt voor het meerderen in de zijkanten.
Brei in tricotsteek in de rondte. Minder bij een hoogte van 4 cm vanaf de scheiding, 1 steek aan elke kant van de markeerdraden - lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo ongeveer iedere 8-7-6-5-4-3 cm 2 keer in totaal = 128-140-154-170-196-216 steken. Meerder bij een hoogte van 20-18-16-14-12-10 cm vanaf de scheiding, 1 steek aan elke kant van de markeerdraden - lees TIP VOOR HET MEERDEREN-3. Meerder zo ongeveer iedere 3-4-4-5-6-6 cm 4-4-4-4-3-3 keer in totaal = 144-156-170-186-208-228 steken. Bij een hoogte van 30 cm vanaf de scheiding (er is 3 cm over tot de gewenste afmetingen - brei tot de gewenste lengte), breit u 1 naald recht en meerdert u 28-28-34-38-40-44 steken = 172-184-204-224-248-272 steken. Ga verder met rondbreinaald 3.5 mm. Brei 3 cm boordsteek (2 recht/2 averecht) in de rondte. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht - lees TIP VOOR HET AFKANTEN. De top meet in totaal 50-52-54-56-58-60 cm vanaf de schouder naar beneden.

MOUW:
Zet de 50-54-54-62-66-66 steken van de hulpdraad aan een kant terug op breinaalden zonder knop/rondbreinaald 5 mm en neem 1 steek op in elk van de 6-6-10-10-10-14 opgezette steken onder de mouw = 56-60-64-72-76-80 steken. Brei boordsteek (2 recht/2 averecht) in de rondte. Als de mouw 3 cm meet vanaf de scheiding, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht - denk om TIP VOOR HET AFKANTEN. Brei de andere mouw op dezelfde wijze.

Dit patroon is gecorrigeerd.

Gewijzigd online: 07.05.2020
MOUW:
Zet de 50-54-54-62-66-66 steken van de hulpdraad aan een kant terug op breinaalden zonder knop/rondbreinaald 5 mm en neem 1 steek op in elk van de 6-6-10-10-10-14 opgezette steken onder de mouw = 56-60-64-72-76-80 steken.
Gewijzigd online: 30.09.2021
Correctie LIJF:...Minder zo ongeveer iedere 8-7-6-5-4-3 cm 2 keer in totaal = 128-140-154-170-196-216 steken....

Telpatroon

diagram measurements

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Canyon Clay

@agnes_strikk, Norway

Canyon Clay

Rocío Martínez, Spain

Canyon Clay

Marga Suárez, Spain

Canyon Clay

Ada, Croatia

Canyon Clay

Ina, Netherlands

Canon Clay toppen in Drops Paris

Ellen Kenntoft Hof, Sweden

Canyon Clay, knitted with Paris colour 27

Elise Johansen, Afghanistan

Canyon Clay

Gabriela, Romania

Laat een opmerking achter voor DROPS 212-15

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (160)

country flag Esther Heiliegers wrote:

Sorry, ik schreef eerder dat het om 4 steken gaat maandag is niet zo. Als ik alle steken optel, 30,50,62,50 en 32 steken, kom ik op aantal op de naald 224 steken ( maat s), die ik op de naald heb staan. Ik heb de term: brei dan in de buitenste steek aan elke kant van het voorpand en achterpand in op de mouwen ( geen idee wat daarmee bedoeld wordt!) maar gelaten voor wat het is!

30.01.2024 - 11:53

DROPS Design answered:

Dag Esther,

Mooi dat je eruit gekomen bent en bedankt voor de terugkoppeling. Nu ik die zin lees wat je moet doen vlak nadat de pas klaar is, lijkt het me ook dat die daar tussenuit kan.

31.01.2024 - 20:01

country flag Esther Heiliegers wrote:

Mijn pas is klaar! Daarna volgt: Brei dan in de buitenste steek aan elke kant van het voorpand en het achterpand in op de mouwen. Wat wordt daar mee bedoeld? Als het goed is gaat het om 4 steken. Alvast bedankt voor Uw reactie!

29.01.2024 - 21:22

country flag Anna wrote:

Als je de steken van de hals verdeling bij elkaar opteld kom ik voor maat M op 104 steken, terwijl ik er 118 op moet zetten. Waar laat ik dan die andere 14 steken? En als je gaat meerderen in 2 recht, 2 averecht dan verschieten de steken toch? Met andere woorden dan zitten ze niet meer tegenover elkaar. Graag hulp

24.10.2023 - 10:46

country flag Nay wrote:

In the neck edge, the pattern said to work 1 row with knit over knit and purl over purl (work the yarn overs twisted to avoid holes), I am confused which yarn over stitch for knit or purl, and what kind of rib will be formed after this round?

23.08.2023 - 04:40

DROPS Design answered:

Hi Nay, You increase in each purled section on the rib, so these yarn overs will be purled on the next round to give a new rib (K2, P3). Happy knitting!

23.08.2023 - 06:38

country flag Roxanne wrote:

At the end of the neck edge the pattern reads “ Switch to circular needle size 5 mm = US 8. Insert 1 marker at the beginning of round (= approx. mid back), “ I had to cut the yarn as I had started at the neck edge on the transition from back to right sleeve. Did I get mixed up? Is the starting point of the neck piece the centre of the back?

13.08.2023 - 18:45

DROPS Design answered:

Hi Roxanne, Yes, the neck is also worked from mid-back but, if you don't mind cutting and fastening the strands, you can now begin from mid-back for the yoke without undoing the neck. Happy knitting!

14.08.2023 - 06:42

country flag Roxanne wrote:

In the knit and yoke sections the pattern calls for increasing stitches. You continue with K over K and P over P. When the increase has been added in every P section I consider the additional stitch a P. When it is knitting and P with increases how do you determine what the additional stitch is? Issue is when you add evenly over a K/P section. When you add between a K and a P is the new stitch a K or P?

13.08.2023 - 18:38

DROPS Design answered:

Dear Roxanne, when increasing on the yoke (with diagram A.5) you have to work the stitches on next row after A.5 (from RS) with pattern A.4 as before (= 1 stitch in English rib, P3). Happy knitting!

14.08.2023 - 10:12

country flag Roxanne wrote:

When rib is done, work next round as follows:\r\nKnit until first marker thread and increase ….. Knit the last 11-11-11-11-11-11 stitches and increase …..My question is,Is this just K stitch versus K,P? If so I end up with the 2 knit sections together. What part of the sweater is this and why is it just K?

13.08.2023 - 18:30

DROPS Design answered:

Dear Roxanne, you should knit until first marker thread, work the stitches til next marker thread with K over K and P over P increasing P1 in each P section, knit the stitches til next marker thread, etc... so that the stitches on front and back pieces are knitted and the stitches on sleeves are worked in rib, with K over K and P over P. Happy knitting!

14.08.2023 - 10:43

country flag Inge wrote:

Jeg følger opskriften med at tage 10 masker op under ærmet, men der kommer store huller før og efter optagningerne og demasker som er på pinden. Hvordan undgår jeg det ?

10.07.2023 - 22:25

DROPS Design answered:

Hei Inge. Det vil alltid komme noen små hull før og etter en opplukkning, men stram tråden evnt ta opp tråden mellom maskene og strikk den sammen med neste maske. Eller så kan du sy noen maskesting i maskene rundt og i hullet med en egen tråd til slutt, slik at det ikke blir hull. mvh DROPS Design

24.07.2023 - 13:58

country flag Inge wrote:

Efter indtagning på ryg og forstykke skal der tages masker ud. Jeg ønsker den ikke bredere og tager derfor ikke ud. Hvad gør jeg med ribkanten og aflukning ?

03.07.2023 - 21:44

DROPS Design answered:

Hej Inge, du sørger for at have et maskeantal som kan deles med 4, så du kan strikke 2ret, 2 vrang hele vejen rundt :)

04.07.2023 - 07:59

country flag Karin Gmach wrote:

1. Runde nach der Halsblende: vor dem 2. Markierungsfaden soll ich rechte Masche rechts und linke Maschen links stricken und gleichzeitig IN jeder Linksrippe 1 Masche zunehmen. Ich habe aber doch nur 1 linke Masche, weil das Muster 1 links und 2 rechts ist. Soll ich jetzt vor oder nach der linken Masche 1 Masche zunehmen? Im Voraus lieben Dank für die Antwort

02.07.2023 - 20:13

DROPS Design answered:

Liebe Frau Gmach, Sie hatten Bündchen 1 M links, 2 M rechts, und jetzt nehmen Sie zu 2 M links, 2 M rechts (= 1 M links in jedem Links-Partei) zu. Viel Spaß beim stricken!

03.07.2023 - 11:02