DROPS / 163 / 20

Ice Rose by DROPS Design

Gehaakte DROPS kleed van 3 draden "Eskimo".

DROPS design: Model nr. ee-539
Garengroep E en E en E
----------------------------------------------------------
Maten: ongeveer 132 cm in diameter.
Materiaal:
DROPS ESKIMO van Garnstudio
1700 gr. kleur nr. 37, saffier

DROPS HAAKNLD 12 mm – of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 5 stk met 3 draden Eskimo = 10 cm breed.
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!

100% wol
vanaf 2.15 € /50g
DROPS Eskimo uni colour DROPS Eskimo uni colour 2.15 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Eskimo mix DROPS Eskimo mix 2.49 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Eskimo print DROPS Eskimo print 2.65 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 73.10€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

INFORMATIE VOOR HET HAKEN:
Begin elke toer met stk met 3 l (deze vervangen niet het eerste stk) en eindig met 1 hv in de 3e l aan het begin van de toer.

BOBBEL:
Haak 1 dstk in achterste lus van eerste/volgend stk maar wacht met de laatste doorhaling (= 2 lussen op haak), haak 1 dstk in elke van de volgende 3 stk op dezelfde manier, haal dan draad door alle 5 lussen op haak.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot en met A.5. Telpatroon A.5 laat zien hoe de toer begint en eindigt. LET OP: In telpatronen A.2-A.4 is de eerste toer de laatste toer van het vorige telpatroon; haak deze toer dus niet nog een keer, hij is alleen weergegeven zodat u weet hoe de telpatronen boven elkaar komen.
----------------------------------------------------------

KLEED:
Haak 5 l met haaknld 12 mm en 3 draden Eskimo en vorm een ring met 1 hv in de eerste l. Haak dan in PATROON – zie uitleg boven, of volgens telpatroon A.1 als volgt:
TOER 1: haak 3 l - LEES INFORMATIE VOOR HET HAKEN, 12 stk in l-ring en eindig met 1 hv in de 3e l.
TOER 2: haak 2 stk in achterste lus van elk stk = 24 stk.
TOER 3: haak * 2 stk in achterste lus van eerste stk, 1 stk in achterste lus van volgend stk *, herhaal van *-* de hele toer = 36 stk. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!

Haak dan A.2 (A.5 toont begin en einde van toer) 6 keer in de rondte in totaal als volgt:

TOER 4: haak 3 l, * 1 stk in beide lussen van eerste/volgend stk, 1 l, 1 stk in beide lussen van hetzelfde stk, 3 l, sla 2 stk over, 1 v in volgend stk, 3 l, sla 2 stk over *, herhaal van *-* nog 5 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer.
TOER 5: haak 1 l, * 1 v om eerste/volgende l, 3 l, 1 v om dezelfde l, 7 l, sla 3 l en 1 v en 3 l over *, herhaal van *-* nog 5 keer, eindig met 1 hv in eerste l aan het begin van de toer.
TOER 6: haak 3 l, * 7 stk om eerste/volgende l-lus (= 3 l-lus), 3 l, 1 v om volgende l-lus (= 7 l-lus), 3 l *, herhaal van *-* nog 5 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 6 stk-groepen op toer.
TOER 7: haak 3 l, * sla 3 stk over, 1 v in volgend stk, 3 l, sla 3 stk en 3 l over, 7 stk in volgende v, 3 l *, herhaal van *-* nog 5 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 6 stk-groepen op toer.
TOER 8: haak 3 l, * 4 stk om eerste/volgende l-lus, 1 stk in achterste lus van elke van de volgende 7 stk, 4 stk om volgende l-lus *, herhaal van *-* nog 5 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 90 stk.
TOER 9: haak 3 l, * 2 stk in achterste lus van eerste/volgend stk, 1 stk in achterste lus van elke van de volgende 10 stk, 2 stk in achterste lus van volgend stk, 1 stk in achterste lus van elke van de volgende 3 stk *, herhaal van *-* nog 5 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 102 stk.
TOER 10: haak 3 l, * 1 stk in beide lussen van eerste/volgend stk, 4 l, sla 3 stk over, 1 stk in beide lussen van volgend stk, 4 l, sla 3 stk over, 1 stk in beide lussen van volgend stk, 4 l, sla 3 stk over, 1 stk in beide lussen van volgend stk, 4 l, sla 4 stk over*, herhaal van *-* nog 5 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 24 l-lussen.
TOER 11: haak 3 l, * 1 l, 4 stk om eerste/volgende l-lus *, herhaal van *-* nog 23 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 96 stk en 24 l.

Haak dan A.3 (A.5 toont begin en einde van toer) 12 keer in de rondte in totaal als volgt:
TOER 12: haak 4 l, * 3 l, haak 1 BOBBEL – zie uitleg boven – in de volgende/eerste 4 stk, 6 l, 1 bobbel in de volgende 4 stk, 3 l *, herhaal van *-* nog 11 keer, eindig met 1 hv in de 4e l aan het begin van de toer = 24 bobbels.
TOER 13: haak 3 l, 3 stk om eerste l-lus, * 6 stk om volgende l-lus, 7 stk om volgende l-lus *, herhaal van *-* nog 10 keer, 6 stk om volgende l-lus, 4 stk om laatste l-lus, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 156 stk.
TOER 14: haak 3 l, * 2 stk in achterste lus van eerste/volgend stk, 1 stk in achterste lus van elke van de volgende 12 stk *, herhaal van *-* nog 11 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 168 stk.
TOER 15: haak 3 l, * 1 stk in achterste lus van eerste/volgend stk, 1 l, 1 stk in achterste lus van volgend stk, ** 1 l, sla 1 stk over, 1 stk in achterste lus van volgend stk **, herhaal van **-** nog 4 keer, 1 l, 1 stk in achterste lus van volgend stk, 1 l, sla 1 stk over *, herhaal van *-* nog 11 keer, eindig met 1 hv in 3e l aan het begin van de toer = 96 stk en 96 l.
TOER 16: haak 3 l, 1 stk in achterste lus van elk stk en 1 stk in achterste lus van elke l = 192 stk.

Haak dan A.4 (A.5 toont begin en einde van toer) 48 keer op de toer in totaal als volgt:
TOER 17: haak 3 l, * 3 l, sla 3 stk over, 1 stk in beide lussen van volgend stk *, herhaal van *-* nog 47 keer, eindig met 1 hv in de 3e l aan het begin van de toer = 48 l-lussen.
TOER 18: haak 3 l, * haak 5 stk in middelste l, 1 v in eerste/volgend stk *, herhaal van *-* nog 47 keer, eindig met 1 hv in de 3e l aan het begin van de toer = 48 stk-groepen.
Hecht af.

Telpatroon

= l
= v in stk
= v in middelste stk
= v om l-lus
= stk in achterste lus van st
= stk om l-lus/ring
= stk in beide lussen van st
= begin toer met 3 l en eindig met 1 hv in 3e l
= begin toer met 1 l en eindig met 1 hv in eerste l
= 1 v om l, 3 l, 1 v om dezelfde l
= 7 stk om l-lus
= 7 stk in v
= Bobbel: haak 1 dstk in achterste lus van eerste/volgend stk maar wacht met de laatste doorhaling (= 2 lussen op haak), haak 1 dstk in elke van de volgende 3 stk op dezelfde manier, haal dan draad door alle 5 lussen op haak.
= 5 stk in middelste l
= begin toer met 4 l en eindig met 1 hv in 4e l
= 5 l, 1 hv in eerste l
= laatste toer van het vorige telpatroon, deze toer is al gehaakt



Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 163-20) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (20)

Maren Platou 16.03.2020 - 14:01:

Hej når jeg kommer til 11 række så er det altid 25 lm hvad er der galt ?

Marianne Heimdal 07.04.2019 - 09:42:

Hei. Jeg står fast på omg 15, får det ikke til å stemme

DROPS Design 09.04.2019 kl. 11:13:

Hei Marianne. Du hekler etter A.3. På omg 15 (4 rad i diagrammet, ikke inkludert raden med hvit stjerne) hekles det annenhver st og lm over hele omgangen. Du hekler først 3 lm, videre hekler du 1 st, 1 lm og 1 st = 3 første symbolene i A.3. Så skal du gjenta neste avsnitt 4 ganger: 1 lm, hopp over 1 st, 1 st i bakre ledd av neste st (altså 1 st og 1 lm) = de neste 8 symbolene i A.3. Så hekler du1 lm, 1 st i neste st, 1 lm, 1 st i neste st 1 lm = de siste 5 symbolene i A.3. Slik forstetter du over hele omgangen. Hvert symbol i A.3 hekles akkurat slik det står, og st hekles i st rett under, på forrige rad. God fornøyelse

Aline 22.05.2018 - 08:55:

Bonjour, je voulais savoir si on veut laver ce tapis il feutre ou pas car cette laine est prévue pour cela je crois. Et si on veut feutrer ce tapis combien faut-il de grammes de laine esquimo en plus pour avoir la même taille. Merci

DROPS Design 22.05.2018 kl. 09:57:

Bonjour Aline, vous trouverez les consignes d'entretien sur le nuancier de DROPS Eskimo et également quelques généralités sur l'entretien des laines ici. Ce tapis n'est pas feutré, il nous est donc difficile de donner la quantité nécessaire pour le même en version feutrée, vous trouverez ici quelques indications complémentaires sur le feutrage. Votre magasin DROPS pourra vous aider si besoin, même par mail ou téléphone. Bon crochet!

Åse Marit Hage 04.03.2018 - 21:28:

Finnes det noen instruksjonsvideo på mønster a2? Jeg evner ikke å få dette til..

DROPS Design 06.03.2018 kl. 16:58:

Hej Åse, det har vi desværre ikke, vi kan skrive det på ønskelisten. Prøv at spørge i butikken hvor du har købt dit DROPS garn, de kan helt sikkert hjælpe dig videre. Held og lykke!

Bibi 27.02.2018 - 19:31:

Bedankt voor dit patroon. Ik heb Het als Pdf kunnen bewaren bij mijn iBooks op mijn iPad.

Noha 11.02.2018 - 10:53:

Bonjour je voulais savoir si le matériel est Cotton ou laine et qu'elle est la meilleure pour les tapis. Merci beaucoup pour tout ces belles choses que vous nous faites.

DROPS Design 12.02.2018 kl. 09:13:

Bonjour Mme Noha, ce tapis a été réalisé en Laine (= DROPS Eskimo), si vous voulez le réaliser en Cotton, vous trouverez ici quelques informations et conseil à propos des alternatives. Bon crochet!

A.Pieters 07.04.2017 - 18:54:

Beste heer, mevrouw. Helaas kan ik met toer 15 niet verder. Het is mij niet duidelijk. Van waar tot waar moet je het patroon 11 keer herhalen? Bij voorbaat dank

DROPS Design 08.04.2017 kl. 11:35:

Je herhaalt 11 keer wat tussen twee sterren (*) staat, dus dit gedeelte * 1 stk in achterste lus van eerste/volgend stk, 1 l, 1 stk in achterste lus van volgend stk, ** 1 l, sla 1 stk over, 1 stk in achterste lus van volgend stk **, herhaal van **-** nog 4 keer, 1 l, 1 stk in achterste lus van volgend stk, 1 l, sla 1 stk over *
(Binnen het stuk wat je 11 keer moet herhalen zit ook weer een stuk dat tussen twee sterren staat (Dus tussen ** en **) wat je 4 keer herhaalt; dus een herhaling binnen een herhaling :))

Alma 30.10.2016 - 20:23:

Bonjour. Je n'arrive pas à faire le rang 15. Pourquoi * et **? J'ai toujours 8 brides en plus! Merci de m'expliquer.

DROPS Design 31.10.2016 kl. 11:21:

Bonjour Alma, au rang 15 = rang 4 de A.3, vous devez avoir 8B,8ml dans chaque rapport de A.3 x 12 fois A.3 = 96 B. Crochetez ainsi: [1 B dans le brin arrière de la 1ère B/de la B suivante, 1 ml, 1 B dans le brin arrière de la B suivante, puis: **1 ml, sauter 1 B, 1 B dans le brin arrière de la B suivante**, répéter de **-** encore 4 fois, 1 ml, 1 B dans le brin arrière de la B suivante, 1 ml, sauter 1 B], on va ainsi crocheter au début 1B,1ml,1B dans la B suivante, puis crocheter 1 ml, 1B, sauter 1B et 1B dans la B suivante (x 4) et terminer par 1ml, 1B,1 ml, 1B dans la B suivante (sans en sauter), 1 ml, sauter 1B. On a ainsi de [à] 1 foix A.3 = 8 B et 8 ml. Bon crochet!

Elizabeth 20.09.2016 - 18:08:

Is there an error in row 7? Am I crocheting 6 ch or what? ROUND 7: Work ch 3, * skip 3 dc, 1 sc in next dc, ch 3, skip 3 dc and ch 3, 7 dc in next sc, 3 ch *, repeat from *-* 5 more times, finish with 1 sl st in 3rd ch at beg of round = 6 dc-groups on round.

DROPS Design 21.09.2016 kl. 09:10:

Dear Elizabeth, you will work *1 sc in the dc in the middle of the dc-group from previous round (= there were 7 dc, you crochet now 1 sc in the 4th dc = in the mid dc), then 3 ch, then 7 dc in the next dc, then 3 ch* and repeat from *-* - see also row 4 in A.2. Happy crocheting!

Sara 24.08.2016 - 20:59:

34 nöster

Laat een opmerking achter voor DROPS 163-20

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.