Cosy Josie#cosyjosiejacket |
|||||||
![]() |
![]() |
||||||
Gebreid vest in DROPS Puna. Het werk wordt gebreid in structuurpatroon met v-hals, korte mouwen en zakken. Maten S - XXXL.
DROPS 195-18 |
|||||||
|
INFORMATIE VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- RIBBEL/RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid): 1 ribbel = 2 naalden recht. PATROON: Zie telpatronen A.1 en A.2. De telpatronen laten alle naalden in het patroon aan de goede kant zien. BIEZEN: Zie telpatroon A.3 (de rechter voorbies als het kledingstuk gedragen wordt) en A.4 (de linker voorbies als het kledingstuk gedragen wordt). De telpatronen laten alle naalden in het patroon aan de goede kant zien. . TIP VOOR HET MINDEREN (voor de halslijn): Minder voor de hals aan de binnenkant de buitenste 7 voorbiessteken, dus de laatste voorbiessteek zit in de mindering. Alle minderingen worden aan de goede kant gemaakt! Minder als volgt na de 7 voorbiessteken op het begin van de naald: 2 steken gedraaid recht samen (= 1 steek geminderd). Minder als volgt voor de 7 voorbiessteken aan het einde van de naald: Brei zoals hiervoor tot er 9 steken over zijn op de naald, brei 2 recht samen en eindig met 7 voorbiessteken (= 1 steek geminderd). ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- VEST - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: Het werk wordt heen en weer gebreid met de rondbreinaald in delen welke op het einde samengenaaid worden. Alle de delen worden van onder naar boven gebreid. ACHTERPAND: Zet 129-137-145-155-165-177 steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) met rondbreinaald 5.5 mm en Puna. Brei 1 naald averecht (= verkeerde kant). De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: 1 kantsteek in RIBBELSTEEK – lees beschrijving hierboven, brei A.1A tot er 2 steken over zijn op de naald, brei A.1B (= 1 steek) en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga zo verder MET het patroon. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Als het werk 36-38-38-40-40-42 cm meet, kant dan 2 steken af op het begin van de volgende 2 naalden voor de armsgaten = 125-133-141-151-161-173 steken. Brei verder tot het werk 60-62-64-66-68-70 cm meet. LEES HET VOLGENDE DEEL HELEMAAL DOOR VOORDAT U VERDER GAAT! Plaats nu steken op een hulpdraad aan elke kant voor de diagonale schouders terwijl u tegelijkertijd mindert voor de hals als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei de eerste 6-7-7-8-9-9 steken zoals hiervoor en zet ze dan op een hulpdraad, ga verder met het patroon zoals hiervoor tot het einde van de naald, keer het werk. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de eerste 6-7-7-8-9-9 steken zoals hiervoor, zet ze op 1 hulpdraad, ga verder met het patroon zoals hiervoor tot het einde van de naald, keer het werk. Herhaal naalden 1 en 2 tot u in totaal aan elke kant 7 keer steken op een hulpdraad heeft geplaatst, zet 1 keer 10-7-10-8-5-10 steken op een hulpdraad aan elke kant = 52-56-59-64-68-73 steken op een hulpdraad aan elke kant. Kant TEGELIJKERTIJD als het werk 64-66-68-70-72-74 cm meet, de middelste 17-17-19-19-21-23 steken af voor de hals en brei elk schouder apart verder. Ga verder met het plaatsen van steken op een hulpdraad voor de diagonale schouder zoals hiervoor. Kant daarnaast 2 steken af op de volgende naald vanaf de hals. Als alle steken zijn afgekant en op een hulpdraad zijn geplaatst, meet het werk ongeveer 66-68-70-72-74-76 cm vanaf de schouder (bij de hals) en naar beneden. RECHTER VOORPAND: Zet 69-73-77-82-87-93 steken op (inclusief 8 voorbiessteken richting midden voor en 1 kantsteek in de zijkant) met rondbreinaald 5.5 mm en Puna. Brei 1 naald averecht (= verkeerde kant). De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: Brei A.3 (= 8 steken), brei A.1A tot er 2 steken over zijn op de naald, brei A.1B (= 1 steek) en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga verder met dit patroon. Als het werk 36-38-38-40-40-42 cm meet, kant dan 2 steken af voor het armsgat op het begin van de volgende naald aan de verkeerde kant = 67-71-75-80-85-91 steken. Minder TEGELIJKERTIJD als het werk 36-38-40-42-44-46 cm meet, 1 steek voor de hals – lees TIP VOOR HET MINDEREN. Ga verder met het patroon zoals hiervoor en minder voor de hals zoals beschreven hierboven iedere 4-4-3½-3½-3-2½ cm in totaal 7-7-8-8-9-10 keer. Plaats TEGELIJKERTIJD als het werk 60-62-64-66-68-70 cm meet, steken op een hulpdraad voor de diagonale schouders op het begin van elke naald aan de verkeerde kant op dezelfde manier als voor het achterpand. Met andere woorden plaats in totaal 7 keer 6-7-7-8-9-9 steken op een hulpdraad en dan 1 keer 10-7-10-8-5-10 steken op een hulpdraad = 52-56-59-64-68-73 steken op de hulpdraad. Als alle steken op een hulpdraad zijn geplaatst en de minderingen voor de hals klaar zijn, zijn er 8 steken over op de naald en meet het werk ongeveer 66-68-70-72-74-76 cm vanaf de schouder (bij de hals) en naar beneden. Ga verder met de boordsteek zoals hiervoor over de overgebleven 8 steken voor 8-8-8-8-9-9 cm (= halsrand). Kant af. LINKER VOORPAND: Zet 69-73-77-82-87-93 steken op (inclusief 1 kantsteek in de zijkant en 8 voorbiessteken richting midden voor) met rondbreinaald 5.5 mm en Puna. Brei 1 naald averecht (= verkeerde kant). De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.1A tot er 9 steken over zijn op de naald, brei A.1B (= 1 steek) en eindig met A.4 over de 8 overgebleven steken. Ga verder met dit patroon. Als het werk 36-38-38-40-40-42 cm meet, kant dan 2 steken af op het begin van de volgende naald aan de goede kant. Minder TEGELIJKERTIJD als het werk 36-38-40-42-44-46 cm meet, 1 steek voor de hals – lees TIP VOOR HET MINDEREN. Ga verder met het patroon zoals hiervoor en minder voor de hals zoals beschreven hierboven iedere 4-4-3½-3½-3-2½ cm in totaal 7-7-8-8-9-10 keer. Plaats TEGELIJKERTIJD als het werk 60-62-64-66-68-70 cm meet, steken op een hulpdraad voor de diagonale schouder op het begin van elke naald aan de goede kant op dezelfde manier als voor het achterpand. Met andere woorden plaats in totaal 7 keer 6-7-7-8-9-9 steken op een hulpdraad en dan 1 keer 10-7-10-8-5-10 steken op een hulpdraad = 52-56-59-64-68-73 steken op een hulpdraad. Als alle steken op een hulpdraad zijn geplaatst en de minderingen voor de hals klaar zijn, zijn er 8 steken over op de naald en meet het werk ongeveer 66-68-70-72-74-76 cm vanaf de schouder (bij de hals) en naar beneden. Ga verder met de boordsteek zoals hiervoor over de 8 overgebleven steken voor 8-8-8-8-9-9 cm (= halsrand). Kant af. MOUW: Zet 98-98-106-106-114-114 steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) met rondbreinaald 5.5 mm en Puna. Brei 1 naald averecht (= verkeerde kant). De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.2A tot er 1 steek over is op de naald en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga verder met dit patroon tot het werk ongeveer 24-24-26-26-28-28 cm meet. Kant dan losjes af met recht aan de goede kant. Brei de andere mouw op dezelfde manier. AFWERKING: Begin met de 52-56-59-64-68-73 steken van de hulpdraad op de ene schouder. Plaats deze steken op de rondbreinaald 4.5 mm. Begin aan de goede kant en brei 1 naald recht, maar om gaatjes te voorkomen in elke overgang waar steken op een hulpdraad zijn gezet, plaatst u de lus tussen de steken in elke overgang op de naald en brei deze gedraaid recht samen met de volgende steek op de naald. Brei 1 naald recht aan de verkeerde kant, ga verder met rondbreinaald 5.5 mm en kant dan af met recht aan de goede kant. Brei dezelfde rand op de 3 andere schouders. Naai de schoudernaden samen aan de binnenkant de afkantrand. Naai de halsrand samen midden achter en naai de halsrand aan de achterkant van de hals (zorg ervoor dat de naad op de hals richting de verkeerde kant van het kledingstuk zit). Vouw de mouwen dubbel in de lengte en naai de onderarm mouwen aan de binnenkant van de 1 kantsteek aan elke kant. Naai de mouwen in de trui. ZAK: Zet 33-33-35-35-37-37 steken op (inclusief 1 kantsteek aan elke kant) met rondbreinaald 5.5 mm en Puna. Brei 1 naald averecht (= verkeerde kant). De volgende naald wordt als volgt gebreid aan de goede kant: 1 kantsteek in ribbelsteek, brei A.2A tot er 2 steken over zijn op de naald, brei A.2B (= 1 steek) en eindig met 1 kantsteek in ribbelsteek. Ga verder met dit patroon tot de zak ongeveer 15-15-16-16-17-17 cm meet. Ga verder met rondbreinaald 4.5 mm. Begin aan de goede kant en brei 2 ribbels heen en weer gebreid over alle steken. Kant af met recht aan de goede kant. De zak meet ongeveer 16-16-17-17-18-18 cm van boven naar beneden. Brei de andere zak op dezelfde manier. Plaats een zak op elk voorpand ongeveer 8-9-10-11-12-13 cm vanaf midden voor en ongeveer 8-8-9-9-10-10 cm vanaf de onderrand (u kunt het vest passen met de zakken opgespeld om de juiste positie te bepalen). Naai de zakken vast met maassteken aan de binnenkant van de 1 kantsteek. |
|||||||
Uitleg van het telpatroon |
|||||||
|
|||||||
![]() |
|||||||
![]() |
|||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #cosyjosiejacket of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 20 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 195-18
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.