Martha Angel schreef:
Muchas gracias por su respuesta me queda muy claro la distribución
27.04.2026 - 02:01
Anne schreef:
Hihojen kuvion kulku, 61s+10s=71s kohdasta: missä kohtaa kuviota pitäisi olla ja miten se jatkuu hihan alla?
26.04.2026 - 13:13DROPS Design antwoorde:
Hei, jatka mallineuletta niillä hihan silmukoilla, joilla neuloit mallineuletta jo aiemmin. Keskellä hihan alla olevilla 10 silmukalla + niillä silmukoilla, joilla ei voida neuloa kokonaista kuviota, neulotaan sileää neuletta.
28.04.2026 - 16:34
Martha Cecilia Angel schreef:
Tengo una duda con respecto a los puntos de la manga se dejan para la primera medida 19 puntos y señala que en doce puntos iniciar con la figura A y B que suman 9 puntos donde quedan los 3 puntos restantes? . Lo mismo pasa con la figura C que tiene 3 puntos y donde dejo los 4 restantes?
10.04.2026 - 15:16DROPS Design antwoorde:
Hola Martha, en la manga tienes 19 pts. Sobre los pts de la manga trabajas A.1 (= 4 pts), A.2 sobre 12 pts (= A.2 2 veces, 6x2=12 pts) y A.3 (=3 pts). 4+12+3 = 19 pts.
27.04.2026 - 00:34
Eszter schreef:
Az e lenne a kérdésem, hogy elértem a kötésemben a megadott minta tetejét és onnan hogyan kell tovabb követni a mintát? Továbbra is szaporítunk? És hogyan? És ha az ujjánál mondjuk megvan a 17 szaporítás akkor hogy eljussak a testén a 22 szaporításhoz akkor az ujjánál már nem kell többet szaporítani és az csak sima szem lesz?
30.03.2026 - 07:40
Annie Thiffault schreef:
Bonjour je suis rendue à reprendre le tricot des manches j’ai 69 mailles plus les 14 mailles sous la manche, ma question: il faut faire le points ajouré sans faire les jetés noires mais est-ce que je doit commencer mon point ajouré au fil marqueur du centre des 14 mailles avec A1, et A2 autant de fois que je suis capable et terminer par A3 et si reste des mailles je les tricote en jersey
26.03.2026 - 17:24DROPS Design antwoorde:
Bonjour Mme Thiffault, effectivement, vous allez tricoter en jersey les mailles au début/à la fin du tour que vous ne pouvez pas tricoter dans le point ajouré. Calculez combien de mailles vous pouvez tricoter avant la 1ère des 69 m et notez dans le diagramme à quelle maille cela correspond, et de même après les 69 mailles. Tricotez ensuite le point ajouré comme indiqué, mais si vous n'avez pas suffisamment de mailles au début/à la fin du tour pour 1 diminution et son jeté, tricotez ces mailles en jersey. Alignez bien le A.2 de l'empiècement pour commencer au bon endroit et ne pas "contrarier" le point ajouré. Bon tricot!
27.03.2026 - 07:12
Toulemonde Brigitte schreef:
Bonjour Je fais le modèle 250_1 A la fin de mes 16 premiers rangs de mon point fantaisie est ce que je dois tricoter A2 une troisième fois entre A1 et A3 Merci pour me répondre Cordialement Mme Toulemonde
13.03.2026 - 15:28DROPS Design antwoorde:
Bonjour Mme Toulemonde, quand les diagrammes ont été tricotés 1 x en hauteur, vous les recommencez au début ainsi: A.1 (= 4 m), répétez ensuite les 6 m de A.2 jusqu'à ce qu'il reste 3 m (vous aurez 2 motifs de A.2 en plus en largeur par rapport à la 1ère fois) et terminez par A.3 (3 m). Continuez ainsi jusqu'à ce que vous ayez augmenté le nombre de fois indiqué pour votre taille. Bon tricot!
13.03.2026 - 15:51
Eva Tuninger schreef:
Diagrammet till tröjan har ett fel. Tröjan har raglanärm och uttag görs varannan varv. I diagrammet på v 8 nerifrån räknat ska det vara en ruta till på vardera sidan och därmed fattas också rutorna i de följande varven. På diagrammet ser det ut som om man skulle hoppa över en raglanökning. Det tog en stund innan jag såg vad som var fel.
08.03.2026 - 16:14
TOULEMONDE Brigitte schreef:
Merci beaucoup pour vos explications je vais pouvoir continuer mon tricot Cordialement
05.03.2026 - 23:45
TOULEMONDE Brigitte schreef:
Bonjour Je fais le modèle 250-1 et je ne comprends pas le point fantaisie car on a 19 m pour la manche et on me dit de tricoter les 12 m de A1 et A2 alors qu il n y a que 10 m et après faire A3 et donc je n aurai que 15 m . Pouvez vous m expliquer Merci de votre réponse Cordialement Mme TOULEMONDE
05.03.2026 - 10:48DROPS Design antwoorde:
Bonjour Mme Toulemonde, les 19 mailles des manches ainsi: commencez par les 4 mailles de A.1, puis tricotez 2 fois les 6 mailles de A.2 et terminez par les 3 mailles de A.3 soit 4+12+3=19 mailles, en même temps, augmentez comme indiqué dans les diagrammes au début de A.1 et à la fin de A.3 = vous augmentez ainsi 2 mailles tous les 2 tours (sauf aux tours 7 et 15 de A.1 et A.3). Bon tricot!
05.03.2026 - 16:44
Līga schreef:
Hi! I was wondering how to increase a raglan. The instructions say to increase one stitch. Do you mean between 2 stitches make 1 yarn over, which is knitted on the next round – leaves a hole?
27.02.2026 - 19:29DROPS Design antwoorde:
Dear Liga, the increases for raglan will be worked with a yarn over on sleeves and body, but the yarn overs on sleeves shouldn't create holes, this means they will be worked into back of loop (see diagrams A.1 and A.3 where yarn overs for raglan increases are drawn) while the yarn overs on body will should create holes = they will be knitted in front loop on next round. Happy knitting!
02.03.2026 - 07:37
Remembering Spring#rememberingspringsweater |
|||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
||||||||||||||||||
Gebreide trui in DROPS Alpaca en DROPS Kid-Silk. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met dubbele halsrand, raglan, kantpatroon en ¾-lengte mouwen. Maten S - XXXL.
DROPS 250-1 |
|||||||||||||||||||
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- PATROON: Zie telpatronen A.1 tot A.3. RAGLAN: Meerder 1 steek door 1 omslag te maken voor/na elke markeerdraadsteek. Brei op de volgende naald de omslagen recht op de voor- en achterpanden, zodat er gaatjes ontstaan. De omslagen op de mouwen worden gedraaid gebreid, zodat er geen gaatjes ontstaan. Brei de nieuwe steken in tricotsteek op de voor- en achterpanden en in het patroon op de mouwen. TIP VOOR HET MINDEREN (voor de mouwen): Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd). ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- TRUI – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel indien nodig. De dubbele halsrand en de pas worden in de rondte gebreid met de rondbreinaald, van boven naar beneden. Als de pas klaar is, wordt het werk verdeeld voor het lijf en de mouwen en het lijf wordt verder in de rondte gebreid, terwijl de mouwen wachten. De mouwen worden in de rondte gebreid, van boven naar beneden. De hals wordt naar de binnenkant gevouwen en naar beneden vast genaaid. Als er een «0» staat in de maat die u breit, sla de informatie dan over en ga gelijk verder met de volgende instructie. DUBBELE HALSRAND: Zet 104-108-114-118-122-126 steken op met rondbreinaald 4.5 mm, 1 draad DROPS Alpaca en 1 draad DROPS Kid-Silk (= 2 draden). Ga verder met rondbreinaald 3.5 mm (opzetten met een grotere naald zorgt voor een elastische opzetrand). Brei in tricotsteek in de rondte voor 2½ tot 3 cm. Brei 1 naald averecht, de hals wordt later over deze naald dubbel gevouwen. Ga verder met tricotsteek tot de hals 6 cm meet. De hals is ongeveer 3 cm als hij dubbel gevouwen is. Voeg 1 markeerdraad in op het begin van de naald (= midden achter), de pas wordt vanaf hier gemeten. PAS: Ga verder met rondbreinaald 4.5 mm. Brei 1 naald recht en minder 10-10-12-12-12-12 steken verdeeld = 94-98-102-106-110-114 steken. Voeg 4 markeerdraden in zonder de steken te breien (deze worden gebruikt voor het meerderen voor de raglan) als volgt: Tel 13-14-15-16-17-18 steken (= helft van het achterpand), voeg 1 markeerdraad in, in de volgende steek, tel 19 steken (= mouw), voeg 1 markeerdraad in, in de volgende steek, tel 26-28-30-32-34-36 steken (= voorpand), voeg 1 markeerdraad in, in de volgende steek, tel 19 steken (= mouw), voeg 1 markeerdraad in, in de volgende steek, er zijn 13-14-15-16-17-18 steken over na de laatste markeerdraad (= helft van het achterpand). Brei op de volgende naald in PATROON en meerder voor de RAGLAN – lees beschrijving hierboven, als volgt: 13-14-15-16-17-18 recht (= helft van het achterpand), meerder 1 steek voor de raglan, 1 recht (de eerste de markeerdraad zit in deze steek), brei A.1, A.2 over de volgende 12 steken, brei A.3, 1 recht (de tweede de markeerdraad zit in deze steek) (= mouw), meerder 1 steek voor de raglan, 26-28-30-32-34-36 recht, meerder 1 steek voor de raglan (= voorpand), 1 recht (de derde markeerdraad zit in deze steek), brei A.1, A.2 over de volgende 12 steken, brei A.3, 1 recht (de vierde markeerdraad zit in deze steek), meerder 1 steek voor de raglan (= mouw), 13-14-15-16-17-18 recht (= helft van het achterpand). DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Ga verder met dit patroon maar let erop dat de meerderingen verschillend zijn op het voorpand/achterpand en de mouwen – lees MEERDERINGEN VOOR DE MOUWEN en MEERDERINGEN VOOR HET VOORPAND/ACHTERPAND voordat u verder gaat! MEERDERINGEN VOOR DE MOUWEN: Op de mouwen meerdert u 17-20-21-23-24-25 keer aan elke kant (inclusief de eerste meerdering beschreven hierboven). De mouwmeerderingen zijn in telpatronen A.1 en A.3 getekend. Elke keer dat A.1, A.2 en A.3 klaar zijn in de hoogte, is er ruimte voor nog 2 herhalingen van A.2 tussen A.1 en A.3. De steken die niet in het patroon passen aan elke kant van de mouw worden in tricotsteek gebreid. MEERDERINGEN VOOR HET VOORPAND/ACHTERPAND: Op de voor- en achterpanden, meerdert u 22-24-26-29-33-36 keer (inclusief de eerste meerdering beschreven hierboven), als volgt: Meerder op elke naald 0-0-0-0-4-6 keer, dan iedere 2e naald 22-24-26-29-29-30 keer. NA DE LAATSTE MEERDERING: Als alle meerderingen klaar zijn, zijn er 250-274-290-314-338-358 steken (70-76-82-90-100-108 steken op het voorpand/achterpand en 55-61-63-67-69-71 steken op elke mouw (inclusief de markeerdraadsteken aan elke kant van de mouwen). Ga verder in patroon en tricotsteek maar zonder verdere meerderingen. De steken die niet in het patroon passen aan elke kant van de mouw worden in tricotsteek gebreid. Brei tot de pas 19-23-24-26-27-28 cm meet vanaf de markeerdraad. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen als volgt: 35-38-41-45-50-54 recht (= helft van het achterpand), plaats de volgende 55-61-63-67-69-71 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 10-10-12-12-14-16 steken op (in de zijkant onder de mouw), brei 70-76-82-90-100-108 recht (= voorpand), plaats de volgende 55-61-63-67-69-71 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 10-10-12-12-14-16 steken op (in de zijkant onder de mouw), brei de laatste 35-38-41-45-50-54 steken recht (= helft van het achterpand). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. Het werk wordt nu vanaf hier gemeten! LIJF: = 160-172-188-204-228-248 steken. Ga verder met tricotsteek in de rondte tot het lijf 20-18-19-18-19-20 cm meet vanaf de scheiding. Begin op de volgende naald met de boordsteek, meerder TEGELIJKERTIJD op de eerste naald 0-4-4-8-8-12 steken verdeeld = 160-176-192-212-236-260 steken, als volgt: Ga verder met rondbreinaald 3.5 mm, brei boordsteek (1 recht, 1 averecht – denk om de meerderingen). Als de boordsteek 3-3-3-4-4-4 cm meet, kant dan ietwat losjes af met boordsteek. De trui meet ongeveer 47-49-51-53-55-57 cm vanaf de schouder. MOUWEN: Plaats de 55-61-63-67-69-71 steken van de hulpdraad aan de ene kant van het werk op rondbreinaald 4.5 mm en neem 1 steek op in elk van de 10-10-12-12-14-16 opgezette steken onder de mouw = 65-71-75-79-83-87 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de 10-10-12-12-14-16 steken onder de mouw. Begin op de markeerdraad en ga verder in patroon in de rondte. De steken die niet in het patroon passen onder de mouw worden in tricotsteek gebreid. Minder TEGELIJKERTIJD als de mouw 3-3-3-4-4-4 cm meet vanaf de scheiding, 2 steken onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo iedere 4-2½-2-1½-1½-1 cm in totaal 6-8-9-10-11-12 keer = 53-55-57-59-61-63 steken. Brei verder tot de mouw 30-27-26-23-23-22 cm meet vanaf de scheiding. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3.5 mm en brei boordsteek (1 recht, 1 averecht). Meerder TEGELIJKERTIJD op de eerste naald 1-1-3-3-5-7 steken verdeeld = 54-56-60-62-66-70 steken. Als de boordsteek 3-3-3-4-4-4 cm meet, kant dan ietwat losjes af met boordsteek. De mouw meet ongeveer 33-30-29-27-27-26 cm vanaf de scheiding. AFWERKING: Vouw de hals dubbel naar de binnenkant en naai naar beneden vast. Om te voorkomen dat de hals te strak wordt en naar buiten rolt, is het belangrijk dat de naad elastisch is. |
|||||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #rememberingspringsweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 30 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|||||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 250-1
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.