DROPS design: Patroon me-155
Garengroep B
----------------------------------------------------------

Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS MERINO EXTRA FINE van garnstudio (behoort tot garengroep B)
600-700-750-800-900-1000 g kleur 11, rood

----------------------------------------------------------
BENODIGDHEDEN VOOR HET WERK:

STEKENVERHOUDING:
20 steken in de breedte en 26 naalden in de hoogte in tricotsteek = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP EN RONDBREINAALD 4.5 mm, lengte 40 en 80 cm voor het kledingstuk.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP EN RONDBREINAALD 3.5 mm, lengte 40 en 80 cm voor ribbelsteek.
De naalddikte is slechts een richtlijn! Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere naald.

-------------------------------------------------------

Stekenverhouding – Kijk hier hoe u deze moet opmeten en waarom
Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------


100% wol
vanaf 2.96 € /50g
DROPS Merino Extra Fine uni colour DROPS Merino Extra Fine uni colour 2.96 € /50g
Hobbydoos.nl
Bestel
DROPS Merino Extra Fine mix DROPS Merino Extra Fine mix 2.96 € /50g
Hobbydoos.nl
Bestel
needles Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 35.52€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

----------------------------------------------------------

RIBBEL/RIBBELSTEEK (wordt in de rondte gebreid):
1 ribbel = 2 naalden. Brei 1 naald recht en 1 naald averecht.

RIBBEL/RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid):
1 ribbel = 2 naalden recht.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.4.
Telpatroon A.1b/A.3b meet ongeveer 10 cm in de breedte.

TIP VOOR HET MEERDEREN-1 (verdeeld):
Zo berekent u hoe vaak er gemeerderd moet worden, neem het totaal aantal steken op de naald (dus 88 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen (dus 20) = 4.4.
In dit voorbeeld meerdert u door 1 omslag te maken na afwisselend ongeveer iedere 4e en 5e steek. Brei op de volgende naald de omslag gedraaid om een gaatje te voorkomen.

TIP VOOR HET MEERDEREN-2 (geldt voor de zijkanten van het lijf):
Meerder door 1 omslag te maken. Brei op de volgende naald de omslag gedraaid om gaatjes te voorkomen. Brei dan de nieuwe steken in tricotsteek.

TIP VOOR HET MINDEREN (geldt voor de mouwen):
Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad en brei 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.

----------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

----------------------------------------------------------

TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Van boven naar beneden gebreid op de rondbreinaald. Brei eerst een pas in de rondte op de rondbreinaald. Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen. Ga verder in de rondte op de rondbreinaald tot er ongeveer 16 cm over is, brei dan het voor- en achterpand apart (= split in de zijkant). Brei de mouwen in de rondte op breinaalden zonder knop.

PAS:
Zet 88-92-96-104-108-112 steken op rondbreinaald 3.5 mm met Merino Extra Fine. Brei in RIBBELSTEEK - lees uitleg hierboven. Meerder bij een hoogte van 2 cm, 20-20-24-20-24-28 steken verdeeld op de volgende naald - lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1 = 108-112-120-124-132-140 steken.
Brei 1 naald averecht. Ga verder met rondbreinaald 4.5 mm en brei dan als volgt (de naald begint midden achter):

Helft van het achterpand: Brei A.1a (= 17 steken), 2-2-4-4-6-8 steken in tricotsteek, 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan).
Rechter mouw: Brei A.2 (= 7 steken), 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan), 2-4-4-6-6-6 steken in tricotsteek, 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan), A.2 over de volgende 7 steken
Voorpand: Brei 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan), 2-2-4-4-6-8 steken in tricotsteek, A.3a (= 17 steken) (= midden voor), A.1a over de volgende 17 steken, 2-2-4-4-6-8 steken in tricotsteek, 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan).
Linker mouw: Brei A.2 over de volgende 7 steken, 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan), 2-4-4-6-6-6 steken in tricotsteek, 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan), A.2 over de volgende 7 steken
Helft van het achterpand: Brei 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voorde raglan), 2-2-4-4-6-8 steken in tricotsteek en eindig met A.3a over de laatste 17 steken.

DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Brei de omslagen gedraaid aan elke kant van A.2 om gaatjes te voorkomen!
Ga zo verder in patroon en meerderingen voor de raglan, meerder verschillend op het voor-/achterpand en de mouwen (de eerste meerdering zoals uitgelegd hierboven), meerder steken op elke kant van A.2 als volgt:
Voor-/achterpand: Meerder 1 steek op iedere andere naald 18-22-25-29-32-36 keer in totaal (= 2 steken gemeerderd op elk voor-/achterpand).
Mouw: Meerder 1 steek iedere andere naald 20-23-26-27-28-30 keer in totaal (= 2 steken gemeerderd op elke mouw).
Als A.1a en A.3a een keer in de hoogte zijn gebreid, brei dan A.1b (= 32 steken) over A.1a en A.3b (= 32 steken) over A.3a.
Als alle meerderingen klaar zijn, zijn er 320-352-384-408-432-464 steken op de naald. Brei tot het werk 21-23-25-27-29-31 cm meet vanaf de opzetrand. Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen als volgt:
Helft van het achterpand: Brei A.1b (= 32 steken), brei 20-24-29-33-38-44 steken in tricotsteek.
Rechter mouw: Zet de volgende 56-64-70-74-76-80 steken op een hulpdraad voor de mouw en zet 8-8-10-10-12-12 steken op onder de mouw.
Voorpand: Brei 20-24-29-33-38-44 steken in tricotsteek, A.3b (= 32 steken) (= midden achter), A.1b (= 32 steken), 20-24-29-33-38-44 steken in tricotsteek.
Linker mouw: Zet de volgende 56-64-70-74-76-80 steken op een hulpdraad voor de mouw en zet 8-8-10-10-12-12 steken op onder de mouw.
Helft van het achterpand: Brei 20-24-29-33-38-44 steken in tricotsteek en eindig met A.3b (= 32 steken).

LIJF:
= 224-240-264-280-304-328 steken.
Brei A.3b (= 32 steken) zoals hiervoor, 17-21-27-31-37-43 steken in tricotsteek, A.4 (= 14 steken = midden onder de mouw), 17-21-27-31-37-43 steken in tricotsteek. A.1b en A.3b zoals hiervoor (= 64 steken in totaal), 17-21-27-31-37-43 steken in tricotsteek, A.4 over de volgende 14 steken (= midden onder de mouw), 17-21-27-31-37-43 steken in tricotsteek en eindig met A.1b (= 32 steken) zoals hiervoor.
Ga zo verder in patroon.
Bij een hoogte van 2 cm vanaf waar het lijf gescheiden is van de mouwen, meerdert u 1 steek aan elke kant van iedere A.4 (= 4 steken gemeerderd) - lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2. Meerder zo iedere 2 cm 10 keer in totaal = 264-280-304-320-344-368 steken. Bij een hoogte van 22 cm vanaf waar het lijf gescheiden is van de mouwen, verdeelt u het voor- en achterpand, om een split aan elke kant te maken (= ongeveer 16 cm).
Verdeel het werk in het midden van elke A.4 (= 132-140-152-160-172-184 steken op elk voorpand/achterpand).

ACHTERPAND:
Brei nu heen en weer.
Ga verder met de helft van patroon A.4 (= 7 steken), tricotsteek, A.1b en A.3b zoals hiervoor tot het werk 36 cm meet vanaf waar het lijf gescheiden is van de mouwen, ga verder met rondbreinaald 3.5 mm en brei 2 cm RIBBELSTEEK – lees uitleg hierboven (= 16 cm split). Kant af met recht. Het werk meet ongeveer 62-64-66-68-70-72 cm in totaal vanaf de schouder.

VOORPAND:
Brei zoals het achterpand.

MOUW:
Brei de mouwen in de rondte op breinaalden zonder knop.
Zet de 56-64-70-74-76-80 steken van de hulpdraad aan de ene kant van het werk op breinaalden zonder knop maat 4.5 mm en neem 1 steek op in elk van de 8-8-10-10-12-12 steken onder de mouw = 64-72-80-84-88-92 steken.
Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 8-8-10-10-12-12 steken onder de mouw.
Ga verder in patroon A.2 (aan elke kant van de markeerdraad) en tricotsteek, maar minder A.2 als volgt: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad – lees TIP VOOR HET MINDEREN (= 2 steken geminderd) in iedere tweede naald en meerder 1 steek in iedere tweede naald door een omslag te maken na de eerste A.2 en voor de laatste A.2 (= 2 steken gemeerderd), dus de steken onder de mouw worden geminderd en de steken in tricotsteek worden gemeerderd. Brei de gemeerderde steken gedraaid recht op de volgende naald, brei ze dan in tricotsteek. Als de mouw 2 cm meet vanaf waar de mouw gescheiden is voor het lijf, meerdert u geen steken op de volgende naald met meerderingen/minderingen, dus minder 2 steken.
Minder zo iedere 3-2-1½-1½-1-1 cm 10-13-16-17-18-19 keer in totaal = 44-46-48-50-52-54 steken (als A.2 aan beide kanten is geminderd, worden er geen steken meer gemeerderd). Als de mouw 34-33-31-29-28-26 cm meet vanaf waar de mouw gescheiden is van het lijf, meerdert u 1-2-0-1-2-0 steken verdeeld op de volgende naald = 45-48-48-51-54-54 steken. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3.5 mm en brei boordsteek = 1 recht/2 averecht. Als de mouw 39-38-36-34-33-31 cm meet vanaf waar de mouw gescheiden is van het lijf, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht.
Brei de andere mouw op dezelfde wijze.

Telpatroon

symbols = recht
symbols = averecht
symbols = maak 1 omslag tussen 2 steken, brei op de volgende naald 3 steken in de omslag als volgt: 1 recht, 1 omslag, 1 recht, brei dan op de volgende naald deze steken in het patroon (= 3 steken gemeerderd)
symbols = 1 steek afhalen op de rechter naald en zet het gedraaid terug op de linker naald en brei deze en de volgende 3 steken (= 4 steken) gedraaid recht samen
symbols = 4 recht samen
diagram
diagram
diagram
diagram
diagram
signature-image

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 197-9) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (16)

country flag Françoise Haquart wrote:

Bonjour Sur la photo du modèle, le devant se termine par une pointe légèrement arrondie. Cela ne correspond pas du tout aux explications puisqu'on arrête toutes les mailles d'un coup. Cordialement Françoise Haquart

13.01.2021 - 14:11:

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Haquart, cet arrondi va se former automatiquement à cause du point fantaisie tricoté au milieu devant/milieu dos. Bon tricot!

13.01.2021 kl. 15:37:

country flag Gisela Hohn wrote:

Hallo, heute habe ich mit der Anleitung begonnen, habe es bis zur 1. Runde nach der Passe geschafft, jetzt muss ich lesen, dass die Zunahmen nur alle 2 Runden gemacht erden. Was passiert in den Runden dazwischen? Grüße aus Burgas

04.09.2020 - 16:55:

DROPS Design answered:

Liebe Frau Hohn, die Raglanzunahmen werden in jede 2. Runde gestrickt (und unterchiedlich am Vorder-Rückenteil als an den Ärmeln) - bei der Runde nach den Zunahmen stricken Sie wie zuvor - die Umschläge für den Raglan werden verschränkt gestrickt. Viel Spaß beim stricken!

07.09.2020 kl. 08:02:

country flag Gisela wrote:

Ich habe versucht die Anleitung zu drucken, es kommen immer nur 2 Seiten aus dem Drucker mit der Fußzeile 2 von 2 Seiten. Der Beginn der Anleitung fehlt, was mache ich falsch?

13.10.2019 - 17:27:

DROPS Design answered:

Liebe Gisela, die ganze Anleitung sollte gedruckt werden; prüfen Sie mal die Druckereinstellungen damit alle Seiten gedruckt sind; versuchen Sie den Browser-Cache zu löschen und den Browser neu starten, und Sie können auch mal mit einem anderen Browser versuchen . Viel Spaß beim stricken!

14.10.2019 kl. 10:36:

country flag Shosho wrote:

We want to see videos for finally patterns

05.05.2019 - 00:58:

country flag Martine wrote:

Bonjour une fois tricoter le motif n'est pas comme sur la photo,il y a un soucis avec le diagramme ,il ne fait pas de tulipe merci cdt

14.02.2019 - 09:19:

DROPS Design answered:

Bonjour Martine, le diagramme correspond bien au motif sur la photo. Vérifiez bien votre diagramme et vos mailles, n'hésitez pas à demander conseil auprès de votre magasin en leur apportant ou en leur montrant une photo de votre ouvrage. Ce sera plus facile ainsi de vous aider. Bon tricot!

14.02.2019 kl. 11:51:

country flag Maria Jose wrote:

Buenas, este patron me parece muy bonito, pero las explicaciones no se corresponden, me parece, con él. En primer lugar, el resorte inclinado no lo veo descrito. En segundo lugar, tampoco veo cómo se hace la forma ondulada de la parte final del jersey (en el croquis está además recta). Muchas gracias. Un cordial saludo.

05.02.2019 - 12:09:

DROPS Design answered:

Hola Maria Jose. El patrón es correcto. Se trabaja de arriba abajo. La forma ondulada en la parte inferior del jersey se consigue después de finalizar los diagramas A.1B y A.3B. El dibujo de este patrón solo se presenta en diagramas, no esta duplicado en el texto.

11.02.2019 kl. 20:23:

country flag Teresa wrote:

La descrizione del modello mostra 4 modelli di conteggio. Tuttavia, vedo l'olefina ma i modelli di conteggio A1a, A1b, A3a e A3b. Dove posso trovare gli schemi A2 e A4?

09.01.2019 - 12:21:

DROPS Design answered:

Buongiorno Teresa. Trova i diagrammi A2 e A4 alla fine delle spiegazioni, di fianco al grafico con le misure. Buon lavoro!

09.01.2019 kl. 14:09:

country flag Greet wrote:

Misschien iets duidelijker vermelden dat het aantal steken oploop voor en na de omslagen. Vb), 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan), 2-4-4-6-6-6 steken in tricotsteek, 1 omslag (= 1 steek gemeerderd voor de raglan), De steken 2-4-4-6-6-6 worden dus resp. Steeds 1 of 2 meer. . Altijd voor en na het patroon A2.

10.11.2018 - 20:46:

country flag Klazien Modderman-Bijlsma wrote:

De patroonbeschrijving vermeld 4 telpatronen. Ik zie echter alkeen maar de telpatronen A1a,A1b, A3a en A3b. Waar kan ik de telpatronen A2 en A4 vinden?

06.11.2018 - 11:05:

country flag Wenche Ulvan wrote:

Jeg får ikke opp noe bilde av strikkeplaggene

09.09.2018 - 22:10:

Laat een opmerking achter voor DROPS 197-9

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.