DROPS / 191 / 9

Myosotis by DROPS Design

Trui met ronde pas, veelkleurig Scandinavisch patroon en ¾-mouwen met ruche, gebreid van boven naar beneden. Maat: S - XXXL Het werk wordt gebreid in DROPS Cotton Merino.

  • Myosotis / DROPS 191-9 - Trui met ronde pas, veelkleurig Scandinavisch patroon en ¾-mouwen met ruche, gebreid van boven naar beneden. Maat: S - XXXL Het werk wordt gebreid in DROPS Cotton Merino.
  • Myosotis / DROPS 191-9 - Trui met ronde pas, veelkleurig Scandinavisch patroon en ¾-mouwen met ruche, gebreid van boven naar beneden. Maat: S - XXXL Het werk wordt gebreid in DROPS Cotton Merino.
  • Myosotis / DROPS 191-9 - Trui met ronde pas, veelkleurig Scandinavisch patroon en ¾-mouwen met ruche, gebreid van boven naar beneden. Maat: S - XXXL Het werk wordt gebreid in DROPS Cotton Merino.
  • Myosotis / DROPS 191-9 - Trui met ronde pas, veelkleurig Scandinavisch patroon en ¾-mouwen met ruche, gebreid van boven naar beneden. Maat: S - XXXL Het werk wordt gebreid in DROPS Cotton Merino.
DROPS design: Patroon cm-085
Garengroep B
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS COTTON MERINO van garnstudio (behoort tot garengroep B)
450-450-500-550-650-700 g kleur 01, naturel
50-50-50-50-50-100 g kleur 29, zeegroen
50-50-50-50-50-50 g kleur 10, pistache
50-50-50-50-50-50 g kleur 26, stormblauw

U kunt de gebruikte DROPS Cotton Merino kleuren in dit patroon vervangen door vele andere kleurcombinaties. Bekijk de afbeeldingen voor inspiratie en kijk bij de commentaren voor de exacte kleurnummers van de voorbeelden

Het werk kan tevens gebreid worden met garen van:
“Alternatief garen (garengroep B)” - zie link hieronder.

-------------------------------------------------------
Colour combinations shown are:
A) DROPS Cotton Merino 01, 17, 29, 15.
B) DROPS Cotton Merino 16, 01, 21, 09.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP EN RONDBREINAALD (40 + 60 of 80 cm) MAAT 4 mm – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 21 steken en 28 naalden in tricotsteek = breedte 10 cm en 10 cm in de hoogte.

DROPS NAALDEN ZONDER KNOP en RONDBREINAALD (40 cm) MAAT 3 mm - voor de randen in ribbelsteek.

----------------------------------------------------------
De kleurcombinaties die te zien zijn:
A) DROPS Cotton Merino 01, 17, 29, 15.
B) DROPS Cotton Merino 16, 01, 21, 09.

-------------------------------------------------------
Stekenverhouding – Kijk hier hoe u deze moet opmeten en waarom
Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger
-------------------------------------------------------


50% Wol, 50% Katoen
vanaf 3.16 € /50g
DROPS Cotton Merino uni colour DROPS Cotton Merino uni colour 3.16 € /50g
Hobbydoos.nl
Bestel
needles Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 37.92€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

INFORMATIE VOOR HET PATROON:

RIBBEL/RIBBELSTEEK (wordt in de rondte gebreid):
1 ribbel = 2 naalden. Brei 1 naald recht en 1 naald averecht.

TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld meerdert/mindert, neem het totaal aantal steken op de naald (dus 100 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen/minderingen (dus 35) = 2.9.
In dit voorbeeld meerdert u door 1 omslag te maken na ongeveer iedere 3e steek. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen. Bij het minderen breit u ongeveer iedere 2e en 3e steek samen.

TIP VOOR HET MEERDEREN (geldt voor de zijkanten van het lijf):
Brei tot er 8 steken over zijn voor de markeerdraad, maak 1 omslag, 16 recht (de markeerdraad in de zijkant is in het midden van deze 16 steken), maak 1 omslag (= 2 steken gemeerderd). Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.4. Kies het telpatroon voor uw maat (geldt voor A.1).

TIP VOOR HET BREIEN:
Om te voorkomen dat de stekenverhouding te strak wordt wanneer u in patroon breit, is het belangrijk om de draden niet te strak aan te trekken op de achterkant van het werk. Gebruik een grotere naald als u in patroon breit, indien nodig.

RAGLAN:
Meerder voor de raglan aan elke kant van de 4 markeerdraden in iedere overgang tussen de mouwen en het lijf. Brei tot er 1 steek over is voor de markeerdraad, maak 1 omslag, 2 recht (de markeerdraad zit in het midden van deze 2 steken), maak 1 omslag (= 2 steken gemeerderd). Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.

TIP VOOR HET MINDEREN (geldt voor midden onder de mouw):
Begin 3 steken voor de markeerdraad en brei 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd).
----------------------------------------------------------

TRUI:
De pas en het lijf worden in de rondte gebreid op de rondbreinaald, van boven naar beneden. Brei de mouwen in de rondte op breinaalden zonder knop/een korte rondbreinaald, van boven naar beneden.
U kunt een verhoging in de achterkant van de hals breien voor een betere pasvorm, zodat de pas ietsje hoger is in de hals. Deze verhoging kunt u ook overslaan, zodat de hals op de voor- en achterkant hetzelfde wordt - zie uitleg bij verhoging in patroon.

HALSRAND:
Zet 100-106-110-116-120-126 steken op een korte rondbreinaald 3 mm met pistache. Brei 3 ribbels in RIBBELSTEEK in de rondte - zie uitleg hierboven. Ga verder met rondbreinaald 4 mm, brei 1 naald recht en meerder 35-38-43-37-42-45 steken verdeeld - lees MEERDER/TIP VOOR HET MINDEREN = 135-144-153-153-162-171 steken. Brei 1 naald recht.
Brei nu de verhoging in de achterkant van de hals of begin met de pas als u geen verhoging wilt.

VERHOGING IN DE ACHTERKANT VAN DE HALS:
Sla deze paragraaf over als u geen verhoging wilt.
Voeg 1 markeerdraad in, op het begin van de naald .
Begin aan de goede kant met pistache en brei 15-16-17-18-19-20 steken recht voorbij de markeerdraad, keer het werk, trek de draad aan en brei 30-32-34-36-38-40. averecht. Keer het werk, trek de draad aan en brei 45-48-51-54-57-60, recht, keer het werk, trek de draad aan en brei 60-64-68-72-76-80. averecht. Keer het werk, trek de draad aan en brei 75-80-85-90-95-100, recht, keer het werk, trek de draad aan en brei 90-96-102-108-114-120. averecht. Keer het werk, trek de draad aan en brei recht tot midden achter.

PAS:
= 135-144-153-153-162-171 steken. Lees TIP VOOR HET BREIEN en brei A.1 in de rondte (= 15-16-17-17-18-19 herhalingen van 9 steken). Ga zo verder in patroon. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Meerder TEGELIJKERTIJD op de naald gemarkeerd met een pijl in A.1 21-36-27-39-54-45 steken verdeeld = 156-180-180-192-216-216 steken. Brei A.1 (er is nu ruimte voor 13-15-15-16-18-18 herhalingen van 12 steken).
Als A.1 klaar is, brei dan 1 naald recht terwijl u met naturel 4-0-0-8-4-4 steken verdeeld meerdert = 160-180-180-200-220-220 steken.
Brei A.2 in de rondte (= 8-9-9-10-11-11 herhalingen van 20 steken). Ga zo verder in patroon en meerder zoals te zien is in A.2. Als A.2 is gebreid, zijn er 240-270-270-300-330-330 steken op de naald. Brei dan met naturel tot de gewenste lengte.
Brei 1 naald recht en meerder 8-2-10-12-2-10 steken verdeeld = 248-272-280-312-332-340 steken.
Brei de volgende naald als volgt: Brei 36-39-41-46-51-54 steken (= ½ achterpand), voeg 1 markeerdraad in, brei 52-58-58-64-64-62 steken (= mouw), voeg 1 markeerdraad in, brei 72-78-82-92-102-108 steken (= voorpand), voeg 1 markeerdraad in, brei 52-58-58-64-64-62 steken (= mouw), voeg 1 markeerdraad in en brei de overgebleven 36-39-41-46-51-54 steken (= ½ achterpand).
Meerder op de volgende naald voor de RAGLAN – zie uitleg hierboven (= 8 steken gemeerderd). Meerder zo iedere 4e naald 4-5-7-7-8-9 keer in totaal = 280-312-336-368-396-412 steken.
Brei tot het werk 22-24-26-28-30-32 cm meet vanaf de opzetrand midden voor. Brei de volgende naald als volgt: Brei 40-44-48-53-59-63 steken zoals hiervoor (= ½ achterpand), zet de volgende 60-68-72-78-80-80 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-10-10-12-14 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei 80-88-96-106-118-126 steken zoals hiervoor (= voorpand), zet de volgende 60-68-72-78-80-80 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-10-10-12-14 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw) en brei de 40-44-48-53-59-63 steken zoals hiervoor (= ½ achterpand). Verwijder alle markeerdraden.
Brei het lijf en de mouwen apart verder. MEET NU HET WERK VANAF HIER!

LIJF:
= 176-192-212-232-260-280 steken. Voeg 1 markeerdraad in aan elke kant, in het midden van de 8-8-10-10-12-14 opgezette steken onder de mouwen = 88-96-106-116-130-140 steken tussen de markeerdraden. Begin de naald op een van de markeerdraden en brei in tricotsteek in de rondte.
Meerder bij een hoogte van 3 cm vanaf de scheiding, 1 steek aan elke kant van beide markeerdraden - lees TIP VOOR HET MEERDEREN (= 4 steken gemeerderd). Meerder zo iedere 6 cm 4 keer in totaal aan elke kant = 192-208-228-248-276-296 steken. Brei tot het werk 26 cm meet vanaf de scheiding.
Brei 1 naald recht terwijl u het aantal steken aanpast naar 190-209-228-247-285-304. Brei A.3 in de rondte (= 10-11-12-13-15-16 herhalingen van 19 steken). Ga zo verder in patroon. Als A.3 is gebreid, zijn er 270-297-324-351-405-432 steken op de naald. Brei 2 ribbels in de rondte over alle steken. Kant af met recht, maar zorg ervoor dat de afkantrand niet te strak is. De trui meet ongeveer 56-58-60-62-64-66 cm vanaf de schouder naar beneden.

MOUW:
Zet de 60-68-72-78-80-80 steken van de hulpdraad aan een kant van het werk op een korte rondbreinaald 4 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 8-8-10-10-12-14 opgezette steken onder de mouw = 68-76-82-88-92-94 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 8-8-10-10-12-14 steken onder de mouw en begin de naald op de markeerdraad.
Brei in tricotsteek in de rondte. Minder bij een hoogte van 2 cm vanaf de scheiding, 2 steken midden onder de mouw - lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo iedere 3-2-1½-1-1-1 cm 8-11-13-15-16-15 keer in totaal = 52-54-56-58-60-64 steken.
Brei tot het werk 25-24-22-21-19-18 cm meet vanaf de scheiding. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm. Brei 2 ribbels in de rondte over alle steken. Brei dan 2 naalden recht en meerder TEGELIJKERTIJD 16-14-12-10-25-21 steken verdeeld op de eerste naald = 68-68-68-68-85-85 steken. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 4 mm en brei A.4 in de rondte (= 4-4-4-4-5-5 herhalingen van 17 steken). Als A.4 is gebreid, zijn er 108-108-108-108-135-135 steken op de naald. Brei 2 ribbels in de rondte. Kant af met recht, maar zorg ervoor dat de afkantrand niet te strak is.
De mouw meet ongeveer 34-33-31-30-28-27 cm vanaf de scheiding. Brei de andere mouw op dezelfde wijze.

Telpatroon

symbols = recht met naturel
symbols = recht met pistache
symbols = recht met zeegroen
symbols = recht met stormblauw
symbols = averecht met naturel
symbols = maak 1 omslag tussen 2 steken met naturel, brei op de volgende naald de omslag gedraaid recht om gaatjes te voorkomen
symbols = maak 1 omslag tussen 2 steken met naturel, brei op de volgende naald de omslag recht zodat er gaatjes ontstaan
symbols = 2 recht samen met naturel
symbols = 1 steek recht afhalen, 1 recht met naturel, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek
symbols = 1 steek recht afhalen, 2 steken recht samen met naturel, haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken
symbols = meerdernaald
diagram
diagram
diagram
diagram
diagram
signature

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 191-9) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (21)

country flag Olena 16.02.2021 - 07:32:

Vorrei lavorare questo modello ma il fiore all'estrema destra sembra decisamente storto rispetto all'altro , cosa che in foto non risulta così . Dipende dagli aumenti sottostanti ? Potete aiutarmi ? Grazie in anticipo !

user icon DROPS Design 16.02.2021 kl. 22:29:

Buonasera Olena, i fiori devono essere in linea: controlli di aver lavorato correttamente. Buon lavoro!

country flag Riviere Francoise 17.03.2020 - 08:29:

Bonjour, j'ai bien avancé mon ouvrage et je suis sur le diagramme A.3 rang 8. le point envers du rg 8 correspond au jete torse du rg 7. Comment fait-on un point envers torse. Merci !

user icon DROPS Design 17.03.2020 kl. 10:08:

Bonjour Mme Rivière, pour tricoter une maille torse, on la tricote en piquant le brin arrière au lieu du brin avant, piquez dans le brin arrière du jeté au lieu du brin avant pour les tricoter torse à l'endroit ou torse à l'envers - cf time code 1:13 dans cette vidéo. Bon tricot!

country flag Riviere Francoise 09.02.2020 - 13:50:

Bonjour, J'ai toujours un choix difficile lorsque je dois choisir la taille. Pouvez-vous m'indiquer à quelle taille europeenne correspond le S et le M. Merci !

user icon DROPS Design 10.02.2020 kl. 09:24:

Bonjour Mme Rivière, mesurez un vêtement analogue dont vous aimez la forme et comparez ces mesures à celles du modèle que vous souhaitez réaliser, c'est la méthode la plus fiable pour trouver votre taille - plus d'infos sur les mesures ici. Bon tricot!

country flag Aylin 30.10.2019 - 18:20:

Where do I find this pattern in Spanish? Thank you

user icon DROPS Design 30.10.2019 kl. 18:45:

Hi Aylin! Please see HERE. Happy knitting!

country flag Pascaline 13.03.2019 - 15:49:

Re-bonjour excusez-moi d'insister mais on voit au 20e rang case 23 que la base de la dernière partie de la fleur supérieure gauche commence après une longue rangée blanche, alors que toujours sur le rang 23, case 8 , la base de la dernière partie de la fleur est décalée .

user icon DROPS Design 13.03.2019 kl. 16:09:

Bonjour Pascaline, Correction réponse précédente - les diagrammes sont justes ainsi, on augmente 1 m entre les 2 fleurs au 20ème rang, le rang 21 se trouve ainsi décalé car cette maille n'existe pas auparavant, mais en tricotant, les mailles à droite du premier pétale seront bien alignés: A.2 commence par 2 m naturel puis 4 m vert océan. Bon tricot!

country flag Pascaline 13.03.2019 - 14:09:

Bonjour, il semble bien y avoir un problème avec le motif A2. Sur la deuxième rangée de motif à partir du treizième rang, le pétale supérieur droit n'est plus symétrique par rapport aux autres. Merci

user icon DROPS Design 13.03.2019 kl. 15:16:

Bonjour Pascaline, sauf erreur de ma part, sur le 2ème rang de la 2ème rangée de fleur, on a bien 5 mailles naturel entre chaque fleur (on commence par 3 m naturel, on a 5 m naturel entre les 2 premières fleurs et on termine par 2 m naturel). Bon tricot!

country flag Gladys Hatcher 30.12.2018 - 00:13:

The chart A2 has a Defect. Round 20 is off

user icon DROPS Design 02.01.2019 kl. 12:04:

Dear Mrs Hatcher, A.2 is correct, just make sure after the increase stitch that the pattern will continue as the other flower to get it working right. Happy knitting!

country flag Barbara 24.08.2018 - 23:33:

Witam, Mam kłopot z interpretacją fragmentu instrukcji. Po dodaniu wszystkich oczek na reglan powinnam przerabiać bez dodawania aż długość robótki wyniesie 24 cm (dla rozmiaru M), mierząc od rzędu nabierania oczek. O którym rzędzie mowa? Pierwszym w którym nabierałam oczka na reglan? Z góry dziękuję za pomoc! Pozdrawiam.

user icon DROPS Design 28.08.2018 kl. 19:13:

Witaj Barbaro! Chodzi o pierwszy rząd na początku robótki (czyli od dekoltu). Pozdrawiamy

country flag Berit Alice J. Collert 04.06.2018 - 20:04:

Beklager ,over en linje ang.lengde til ermhull.

country flag Berit Alice J. Collert 04.06.2018 - 19:48:

Begge deler.

Laat een opmerking achter voor DROPS 191-9

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.