DROPS Nepal
DROPS Nepal
65% wol, 35% alpaca
vanaf 2.49 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 39.84€ krijgen. Lees meer.

Gemstone

Gebreide DROPS trui met ronde pas en Noors patroon, wordt van boven naar beneden gebreid van ”Nepal”. Maat: S - XXXL.

DROPS 171-31
DROPS design: Model nr. ne-219
Garengroep C of A en A
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS NEPAL van Garnstudio
500-550-600-650-700-750 gr. kleur nr. 0501, grijs
50-100-100-100-100-100 gr. kleur nr. 0500, lichtgrijs
50-50-50-50-100-100 kleur nr. 7238, olijfgroen
50-50-50-50-50-50 gr. kleur nr. 8038, licht olijf
50-50-50-50-50-50 kleur nr. 8906, bosgroen
50-50-50-50-50-50 gr. kleur nr. 0100, naturel
50-50-50-50-50-50 gr. kleur nr. 0612, bruin

DROPS BREINLD ZONDER KNOP EN RONDBREINLD (40 en 80 cm) 5 mm - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 17 st x 22 nld in tricotst = 10 x 10 cm.
DROPS BREINLD ZONDER KNOP EN RONDBREINLD (40 en 80 cm) 4,5 mm voor de boordsteek - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 18 st x 23 nld in tricotst = 10 x 10 cm.
----------------------------------------------------------

-------------------------------------------------------

Stekenverhouding – Kijk hier hoe u deze moet opmeten en waarom
Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Nepal
DROPS Nepal
65% wol, 35% alpaca
vanaf 2.49 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 39.84€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

PATROON:
Zie telpatroon A.1. Brei het hele patroon in tricotst. Zie het telpatroon voor de juiste maat.

TIP VOOR HET BREIEN:
Om te voorkomen dat de stekenverhouding te strak wordt als u in patroon breit, is het belangrijk om de draden niet te strak aan te trekken aan de achterkant van het werk. Brei het patroon indien nodig met een grotere maat breinaalden als uw werk te strak wordt.

TIP VOOR HET MINDEREN (voor het lijf):
Minder aan elke kant van de markeerder aan elke zijkant als volgt: Begin 4 st voor de markeerder en 2 r samen, 4 r (markeerder staat tussen deze 4 st), 1 r afh, 1 r, afgeh st overh (= 2 st geminderd).

TIP VOOR HET MEERDEREN (voor het lijf):
Meerder aan elke kant van de markeerder als volgt:
Begin 2 st voor de markeerder en maak 1 omsl, 4 r (markeerder staat tussen deze 4 st), maak 1 omsl (= 2 st gemeerderd). Brei in de volgende nld de omsl gedraaid om gaatjes te voorkomen.

----------------------------------------------------------

TRUI:
Wordt in de rondte gebreid op de rondbreinld, van boven naar beneden.

PAS:
Zet 108-112-116-120-124-128 st op met rondbreinld 4,5 mm en grijs. Brei boordsteek (= 2 r/2 av). Brei 2 nld boordsteek met grijs, brei dan boordsteek met lichtgrijs. Brei tot een hoogte van 4 cm, ga verder met rondbreinld 5 mm, brei 1 nld recht en minder 18-16-17-12-10-5 st gelijkmatig = 90-96-99-108-114-123 st.
Brei dan een ronding op het achterpand voor een betere pasvorm als volgt:
Plaats 1 markeerder middenvoor (tussen de 2 middelste st in maat S-M-XL-XXL, in de middelste st in maat L en XXXL). Begin middenachter en brei een ronding op het achterpand op rondbreinld 5 mm met lichtgrijs als volgt: r tot er 10-10-12-12-14-16 st over zijn voor de markeerder op het voorpand, keer en av tot er 10-10-12-12-14-16 st over zijn voor de markeerder aan de andere kant. Keer en r tot er 20-20-22-22-24-26 st over zijn voor de markeerder op het voorpand, keer en av tot er 20-20-22-22-24-26 st over zijn voor de markeerder aan de andere kant. Keer en brei r tot er 30-30-32-32-34-36 st over zijn voor de markeerder, keer en av tot er 30-30-32-32-34-36 st over zijn voor de markeerder aan de andere kant. Keer en brei r tot middenachter. Brei dan volgens A.1 (= 30-32-33-36-38-41= patroonherhalingen). DENK OM STEKENVERHOUDING EN LEES TIP VOOR HET BREIEN. Brei en meerder volgens telpatroon A.1. Als A.1 een keer in de hoogte is gebreid, staan er 240-256-264-288-304-328 st op de nld en het werk meet ongeveer 23-23-23-28-28-28 cm vanaf de opzetrand middenvoor. Ga verder met grijs. Brei 1 nld en meerder TEGELIJKERTIJD 0-0-4-4-0-4 st gelijkmatig = 240-256-268-292-304-332 st. Ga 0-2-3-0-1-3 cm verder in tricotst met grijs, het werk meet nu ongeveer 23-25-26-28-29-31 cm middenvoor. Brei de volgende nld als volgt: brei de eerste 33-36-39-43-46-51 st (= helft achterpand), zet de volgende 54-56-56-60-60-64 st op een hulpdraad (= mouw), zet 6-6-8-8-10-10 nieuwe st op, brei de volgende 66-72-78-86-92-102 st (= voorpand), zet de volgende 54-56-56-60-60-64 st op een hulpdraad (= mouw), zet 6-6-8-8-10-10 nieuwe st op, brei de laatste 33-36-39-43-46-51 st (= helft achterpand).

LIJF: = 144-156-172-188-204-224 st.
Plaats 1 markeerder aan elke zijkant, in het midden tussen de nieuwe st die opgezet zijn onder de mouwen. MEET NU HET WERK VANAF HIER. Brei dan in tricotst met grijs. Brei tot een hoogte van 3 cm, minder 1 st aan elke kant van elke markeerder – LEES TIP VOOR HET MINDEREN (= 4 st geminderd), minder elke 3½ cm 3 keer in totaal = 132-144-160-176-192-212 st. Brei tot een hoogte van 17 cm, meerder 1 st aan elke kant van elke markeerder - LEES TIP VOOR HET MEERDEREN, meerder elke 5-5-5-4-4-4 cm 4-4-4-5-5-5 keer in totaal = 148-160-176-196-212-232 st. Ga verder in tricotst tot het werk 35-35-36-36-37-37 cm meet, brei 1 nld recht en meerder 36-40-44-48-52-60 st gelijkmatig = 184-200-220-244-264-292 st. Ga verder met rondbreinld 4,5 mm en brei 8 cm boordsteek = 2 r/2 av. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht.

MOUWEN:
Brei de mouwen in de rondte op de rondbreinld/breinld zonder knop. Zet de 54-56-56-60-60-64 st van de hulpdraad terug op een korte rondbreinld 5 mm en neem 1 st op in elke st die opgezet is onder de mouw = 60-62-64-68-70-74 st. Plaats 1 markeerder midden onder de mouw. Brei in tricotst met grijs. Brei tot een hoogte van 3 cm en 1 st aan elke kant van de markeerder, minder elke 3-2½-2½-2-2-1½ cm 10-11-12-12-13-15 keer in totaal = 40-40-40-44-44-44 st. Ga verder in tricotst tot het werk 33-32-32-31-31-30 cm meet, brei 1 nld recht en meerder 12 st gelijkmatig = 52-52-52-56-56-56 st. Ga verder met breinld zonder knop 4,5 mm. Ga 8 cm verder in boordsteek = 2 r/2 av. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht.

Telpatroon

symbols = lichtgrijs
symbols = bosgroen
symbols = bruin
symbols = olijfgroen
symbols = naturel
symbols = licht olijf
symbols = grijs
symbols = 1 omsl tussen 2 st, brei op de volgende nld de omsl gedraaid recht
diagram
diagram

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Laat een opmerking achter voor DROPS 171-31

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (12)

country flag Sarah wrote:

I like the look of this particular pattern but am allergic to yarns with wool content, do you do any non-wool content yarn which I could use instead?

07.01.2023 - 17:10

DROPS Design answered:

Dear Sarah, you could use 2 threads of Safran or 1 thread of Paris, both 100% cotton yarns. Happy knitting!

07.01.2023 - 18:27

country flag Ans Van Dijck wrote:

Ik heb net een vraag gesteld over de omslag. Ik heb het exact hetzelfde gedaan maar dan klopt heel de stekenverhoudig niet. Ik moet dat in het patroon 5x herhalen maar dan kom ik op bijna 800 steken uit waar ik 288 steken moet hebben.

07.12.2021 - 19:27

DROPS Design answered:

Dag Ans,

Daar waar een staand ovaaltje tussen de steken in het telpatroon staat maak je een omslag. De eerste keer dat je een omslag maakt in de telpatronen is dus op de derde naald, aan het begin van het telpatroon. Het telpatroon herhaalt zich steeds in de breedte, dus 1 omslag 3 steken, en dat steeds herhalen.

Kijk anders ook even bij vaak gestelde vragen over hoe je een telpatroon leest. Misschien helpt dat je verder.

09.12.2021 - 15:01

country flag Ans Van Dijck wrote:

Wat betekend bij het patroon 1 omslag tussen 2 steken?

07.12.2021 - 16:01

DROPS Design answered:

Dag Ans,

Je breit dan 1 steek, maakt een omslag (dus de draad om de naald heen slaan), dan nog 1 steek breien. Er zit dan dus 1 omslag tussen 2 steken.

07.12.2021 - 16:47

country flag Sonya Noble wrote:

On the left hand side of my computer on your website only there is an icon with a shield and a check mark inside. when i go to print a pattern this icon is on the bottom of every page and obscures the print underneath. is there some way of getting ride of this icon when i am printing.

21.07.2021 - 02:56

DROPS Design answered:

Dear Mrs Noble, we tried to reproduce what you say but we didn't get any shield, so we are not sure to understand what you mean here; maybe try another browser/support - you are welcome to ask your DROPS store to print the pattern for you if you cannot. Happy knitting!

21.07.2021 - 08:24

country flag FRANCA NONNIS wrote:

Buongiorno,la spiegazione dice: "Proseguire seguendo il diagramma A.1 (= 30-32-33-36-38-41= ripetizioni)" Ma come è possibile ripetere il diagramma per 32 volte su 96 maglie, se non vi sono indicati aumenti? dove sbaglio?. Al termine del diagramma dovrei avere 216 maglie ma come? Grazie se vorrete rispondere.

09.12.2020 - 23:18

DROPS Design answered:

Buonasera Franca, i diagrammi si leggono dal basso verso l'alto, da destra a sinistra, per cui il diagramma A.3 inizia con 3 maglie e su 96 maglie si lavorano quindi 32 ripetizioni. Durante la lavorazione si aumentano 5 maglie per ogni ripetizione per un totale di 160 maglie: per cui 96+160=256 maglie. Buon lavoro!

10.12.2020 - 17:37

country flag Jo wrote:

The 2nd picture shows that the bottom hems are not joined, it is split like a tunic. The instructions say to increase a large number of stitches just before the rib, but do not say to split the work and work the bottom of the back and front separately. Can you confirm how the bottom should be finished please.

28.05.2020 - 00:09

DROPS Design answered:

Dear Jo, if you like to get a split, you can divide the body and finish front and back piece separately approx. 7 cm before total length - the number of increases will have to be divided into both pieces. Happy knitting!

28.05.2020 - 09:14

Kallia wrote:

I made it in blue. It's fantastic!

03.01.2019 - 08:45

country flag Shannon wrote:

Love it! Definately on my list.

05.07.2016 - 07:50

country flag Douwelina wrote:

Ook wel leuk

27.06.2016 - 16:45

country flag Marieke wrote:

Heel mooi, ik wacht op het patroon!

27.06.2016 - 12:52