DROPS Super Sale · BESPAAR 30% op 5 knusse wolgarens.
DROPS Brushed Alpaca Silk
77% Alpaga, 23% Soie
vanaf 2.29 € /25g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 13.74€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS Autumn & Winter 26/27

Frosted Leaves

Gebreide trui in 1 draad DROPS Brushed Alpaca Silk of 2 draden DROPS Kid-Silk. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met raglan en kantpatroon. Maten S - XXXL.

Markeer maat:
DROPS 216-3

#frostedleavessweater

DROPS Design: Patroon nr. ks-168
Garengroep A + A of C
-------------------------------------------------------

MATEN:
S - M - L - XL - XXL - XXXL

MATERIAAL:
DROPS BRUSHED ALPACA SILK (behoort tot garengroep C)
150-150-175-175-200-225 g kleur 13, denimblauw
Of gebruik:
DROPS KID-SILK van garnstudio (behoort tot garengroep A)
175-175-200-225-250-250 g kleur 10, grijs

STEKENVERHOUDING:
17 steken in de breedte en 22 naalden in de hoogte met tricotsteek = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 5 MM.
DROPS RONDBREINAALD 5 MM: Lengte 40 cm en 60 cm of 80 cm voor tricotsteek.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 4 MM.
DROPS RONDBREINAALD 4 MM: Lengte 80 cm voor de boordsteek.
De naalddikte is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere naald.

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

Misschien vindt u deze ook leuk...

DROPS Brushed Alpaca Silk
77% Alpaga, 23% Soie
vanaf 2.29 € /25g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 13.74€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon

0
0

-------------------------------------------------------

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.4

TIP VOOR HET MINDEREN-1 (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld mindert, tel het totaal aantal steken op de naald (dus 48 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen (dus 8) = 6.
In dit voorbeeld mindert u door elke 5e en 6e steek samen te breien.

TIP VOOR HET MINDEREN-2 (voor de mouwen):
Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd).

TIP VOOR HET AFKANTEN:
Om te voorkomen dat de afkantrand te strak wordt kunt u afkanten met een naald in een grotere maat. Als de rand nog steeds strak is, maak dan 1 omslag na ongeveer elke 4e steek terwijl u tegelijkertijd afkant; de omslagen worden als normale steken afgekant.
-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

TRUI – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
De hals en de pas worden in de rondte gebreid met de rondbreinaald, van boven naar beneden. De pas wordt verdeeld voor het lijf en mouwen en het lijf wordt verder in de rondte gebreid met de rondbreinaald. De naald begint in de overgang tussen de mouw en het achterpand. De mouwen worden in de rondte gebreid met korte rondbreinaald/breinaalden zonder knop, van boven naar beneden. Het werk wordt gebreid met1 draad Brushed Alpaca Silk of 2 draden Kid-Silk.

HALS:
Zet 72-72-92-92-92-92 steken op met rondbreinaald 4 mm en 1 draad Brushed Alpaca Silk of 2 draden Kid-Silk. Brei 1 naald recht. Brei dan 4 cm boordsteek (1 recht, 1 averecht). Voeg 1 markeerdraad in op het begin van de naald. De pas wordt gemeten vanaf deze markeerdraad. Ga verder met rondbreinaald 5 mm en brei de pas zoals beschreven hieronder. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!

PAS:
Brei op de volgende naald in patroon als volgt: Brei 1 steek in tricotsteek, A.1 (= 21-21-31-31-31-31 steken, zie beginpijl voor uw maat), 2 steken in tricotsteek, A.2 (= 11 steken), 2 steken in tricotsteek, A.1 (= 21-21-31-31-31-31 steken, zie beginpijl voor uw maat), 2 steken in tricotsteek, A.2 (= 11 steken) en 1 steek in tricotsteek.

Ga verder met dit patroon; alle meerderingen zijn in de telpatronen getekend. Er worden 8 steken gemeerderd iedere 2e naald. Als A.1 en A.2 1 keer in de hoogte zijn gebreid, ga dan verder met A.3. Brei A.3 A over de eerste 5 steken, herhaal A.3 B tot er 6 steken over zijn op de naald en brei A.3 C over de laatste 6 steken. Elke keer dat A.3 1 keer in de hoogte is gebreid is er ruimte voor nog 1 herhaling van A.3 B in de breedte. Ga verder met de meerderingen zoals te zien is in A.1 en A.2. Meerder iedere 2e naald in totaal 25-30-30-30-35-40 keer = 272-312-332-332-372-412 steken. Het werk meet ongeveer 23-27-27-27-32-36 cm vanaf de markeerdraad.

Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen als volgt (ga verder met het patroon zoals hiervoor; u zou op de laatste naald in een herhaling van A.3 moeten zijn, waar alle steken averecht worden gebreid): Brei 73-83-93-93-103-113 steken (= achterpand), plaats de volgende 63-73-73-73-83-93 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 7 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei 73-83-93-93-103-113 steken zoals hiervoor (= voorpand), plaats de volgende 63-73-73-73-83-93 steken op 1 hulpdraad voor de mouw en zet 7 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. Knip de draad af.

LIJF:
= 160-180-200-200-220-240 steken. Begin 3 steken voor de 7 nieuw opgezette steken in de zijkant en brei A.4 over alle steken; zorg ervoor dat het patroon doorloopt met het patroon op de pas. Brei verder tot het werk 23-21-23-25-22-20 cm meet vanaf de scheiding (er is ongeveer 6 cm over tot de gewenste lengte; u kunt de trui passen en tot de gewenste lengte breien). Ga verder met rondbreinaald 4 mm en brei 6 cm boordsteek (1 recht, 1 averecht). Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht – lees TIP VOOR HET AFKANTEN! De trui meet ongeveer 56-58-60-62-64-66 cm vanaf de schouder naar beneden.

MOUWEN:
Plaats de 63-73-73-73-83-93 steken van de hulpdraad aan de ene kant van het werk op korte rondbreinaald/breinaalden zonder knop maat 5 mm en neem 1 steek op in elk van de 7 opgezette steken onder de mouw = 70-80-80-80-90-100 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de 7 steken onder de mouw. Neem de markeerdraad mee tijdens het breien in de hoogte; het wordt gebruikt bij het minderen onder de mouw. Knip de draad af en begin 3 steken voor de nieuwe steken onder de mouw en ga verder met het patroon in de rondte volgens A.4; zorg ervoor dat het patroon doorloopt met het patroon op de pas. Als de mouw 3 cm meet vanaf de scheiding in alle maten, minder dan 2 steken midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN-2. Minder zo iedere 3-2-1½-2-1-1 cm in totaal 11-15-15-13-17-21 keer = 48-50-50-54-56-58 steken. De steken die niet in het patroon passen bij het minderen, worden in tricotsteek gebreid.

Brei verder tot de mouw 35-34-31-32-28-25 cm meet vanaf de scheiding (er is ongeveer 4 cm over tot de gewenste lengte; u kunt de trui passen en tot de gewenste lengte breien). LET OP: Kortere afmetingen in de grotere maten vanwege een bredere hals en een langere pas. Brei 1 naald recht terwijl u 8 steken verdeeld mindert – lees TIP VOOR HET MINDEREN-1 = 40-42-42-46-48-50 steken. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 4 mm en brei 4 cm boordsteek (1 recht, 1 averecht). Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht – denk om TIP VOOR HET AFKANTEN! De mouw meet ongeveer 39-38-35-36-32-29 cm vanaf de scheiding. Brei de andere mouw op dezelfde manier.

Dit patroon is gecorrigeerd.

Gewijzigd online: 22.10.2020
Correctie van de tekst bij het derde symbool in het telpatroon
Gewijzigd online: 21.04.2023
TRUI - SAMENVATTING VAN HET WERK: De hals en de pas worden in de rondte gebreid met de rondbreinaald, van boven naar beneden.

Telpatroon

recht = recht
averecht = averecht
maak 1 omslag tussen 2 steken; brei op de volgende naald de omslag recht of averecht averecht zoals aangegeven in het telpatroon = maak 1 omslag tussen 2 steken; brei op de volgende naald de omslag recht of averecht averecht zoals aangegeven in het telpatroon
2 recht samen = 2 recht samen
1 steek recht afhalen, 2 recht samen en haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken = 1 steek recht afhalen, 2 recht samen en haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken
Diagram for DROPS 216-3
Diagram for DROPS 216-3
Diagram for DROPS 216-3
Diagram for DROPS 216-3
Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

De garenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Laat een opmerking achter voor DROPS 216-3

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (173)

country flag Jette schreef:

Jeg strikker str. S. Efter A3 har jeg 192 masker, altså 80 masker op til de 172 masker. Men ny omgang af A3, så passer mønstret ikke (som mange andre har skrevet). Vil I for klare helt præcis, hvad jeg skal gøre. Måske jeg har strikket det første af A3 forkert, tror jeg dog ikke, da mønstret passer. Hvis I vil hjælpe videre 🧶🙂

27.10.2026 - 12:38

DROPS Design antwoorde:

Hej Jette, Jo du fortsætter med udtagningerne, som strikkes ind i mønster A.3, nøjagtig som du har strikket hele tiden, og det fortsætter du med til du har 272 masker på pinden :)

27.10.2026 - 13:37

country flag Abc schreef:

På bolen, skal man ikke starte på første maske av A4? Ingenting som går opp og man må trikse med starten hele tiden, så regner med at man egentlig skal begynne et annet sted? Burde i så fall vært beskrevet mye tydeligere i oppskriften da alt er veldig forvirrende og vanskelig forklart.

18.10.2026 - 17:42

DROPS Design antwoorde:

Hei Abc, Du starter A4 på bolen i den 3. masken før de 7 nye maskene under ermet på en side av bolen. Du begynner med en ny rapport av A.1 i bredden over de 3 + 7 maskene slik at mønsteret passer maskene på bærestykke. Deretter, burde det ikke være nødvendig å justere mønsteret mens du strikker videre rundt. Hilsen Drops Team.

19.10.2026 - 06:26

country flag Ragnhild Brudevik schreef:

216-3 Frosted Leaves Lurer også på: På bildene ovenfor ser det ut for at det skal bli en «hullrand» langs hele raglanfellingen, men får ikke dette til å stemme når diagram A3 starter?

14.10.2026 - 16:24

DROPS Design antwoorde:

Hei Ragnhild. Man fortsett økningene som vist i A.1 og A.2 = kast på hver 2. omgang = hullmønster ved raglanlinjen. mvh DROPS Design

19.10.2026 - 10:58

country flag Ragnhild Brudevik schreef:

216-3 Froste Leaves str L Bærestykke - Det står «Når A1 og A2 er strikket 1 gang i høyden..» Men for str L startes diagrammet A1 etter første «rapport» og det gjenstår da 2 rapporter i høyden for str. Diagram A2 har 3 rapporter i høyden, så når er man da ferdig med A1 og A2 1 gang i høyden? Vil det si at ferdig 1 gang i høyden=3 rapporter i høyden? Og når man starter med A3 fortsetter økning med 8m for hver 2 omgang som før?

14.10.2026 - 12:19

DROPS Design antwoorde:

Hei Ragnhild. Når A.1 er strikket 1 gang i høyden, strikkes det videre med A.3. Når A.2 er strikket 1 gang i høyden, strikkes det videre med A.3. Strikk A.3 A over de første 5 maskene, gjenta A.3 B til det gjenstår 6 masker over A.1/A.2, og strikk A.3 C over de siste 6 maskene. For hver gang A.3 er strikket 1 gang i høyden, strikkes det 1 rapport mer av A.3 B i bredden. Fortsett økningene som vist i A.1 og A.2. mvh DROPS Design

19.10.2026 - 10:56

country flag Fråga Om Slätstickningen Samt A3 schreef:

Skall slätmaskorna (2-2-2-1) som stickas efter A1 resp A2 fortsättas med även när man går över till A3? Tycker mönstret/instruktionen är otydlig kring det. När man börjar med A3, är det A3A första 5 maskorna av varvet, sedan A3B tills det återstår 6 m av varvet då man går över till A3C, eller gäller hela A3 mönstret för resp A1 och A2.

22.06.2026 - 08:05

DROPS Design antwoorde:

Hei. Vi skal hjelpe deg så godt vi kan, men fint om du kan opplyse hvilken str. du strikker og mer nøyaktig hvor i oppskriften du mener / er? mvh DROPS Design

30.06.2026 - 06:41

country flag Sinimari schreef:

Hei, voisitteko vielä tarkentaa että miten lisäykset tehdään, kun kuvio 3ABC on tehty ensimmäisen kerran? Ja tehdäänkö lisäykset siis kierroksen alkuun ja loppuun?

01.05.2026 - 11:52

DROPS Design antwoorde:

Hei, aina kun olet neulonut piirroksen A.3 loppuun, kerrokselle tulee 1 piirroksen A.3B mallikerta enemmän. Eli neulo seuraavasti: Neulo ensimmäisillä 5 silmukalla mallineuletta piirroksen A.3 A mukaisesti, toista piirroksen A.3 B mallikertaa, kunnes jäljellä 6 silmukkaa, neulo viimeisillä 6 silmukalla mallineuletta piirroksen A.3 C mukaisesti. Lisäykset tehdään ennen piirroksen A.3A mallikertaa ja piirroksen A.3C mallikerran jälkeen. Ennen piirroksen A.3A mallineuletta lisätyt silmukat neulotaan kuten piirroksen A.1 mallineuleen alussa ja piirroksen A.3C jälkeen lisätyt silmukat neulotaan kuten piirroksen A.1 mallineuleen lopussa.

01.05.2026 - 17:12

country flag Delia schreef:

Buongiorno, ho qualche difficoltà con A3, dopo averlo finito in altezza e ricominciato dal basso, il motivo non corrisponde, devo ripartire da A1 e A2?

24.03.2026 - 07:02

DROPS Design antwoorde:

Buonasera Delia, dopo aver lavorato A.3, deve continuare sempre con A.3. Buon lavoro!

25.03.2026 - 08:37

country flag Delia schreef:

Buonasera, ho qualche difficoltà con A3, dopo averlo finito in altezza e ricominciato dal basso, il motivo non corrisponde, devo ripartire da A1 e A2?

24.03.2026 - 00:48

DROPS Design antwoorde:

Buonasera Delia, no, deve ripartire con A.3. Buon lavoro!

04.04.2026 - 18:17

country flag Cristina schreef:

I'm having difficulty with A3. I've concluded that the increases are the first yarn over after the raglan stitches. But it's not clear what it means to increase like A1 and A2 while doing A3. Does that mean only the YO (and the correspondent knit next row), or more? because as I go along A3 I'm "missing" more and more stitches after the YO to match the scheme of A1. So before A3 should I do YO (first row), then YO+1 (third row), YO+2 (fifth row), YO+3 (seventh row), YO+4 (ninth row) ?

14.03.2026 - 17:45

DROPS Design antwoorde:

Dear Cristina, you can insert a marker before A.3A and after A.3C so that you will know how to work the new stitches before / after, ie work the new stitches before A.3A as at the beg of A.1 before and work the new stitches after A.3C as you worked at the end of A.1 before (ie yarn overs and all new stitches created). Happy knitting!

16.03.2026 - 09:06

country flag Eva schreef:

Jeg får ikke mønsteret til å stemme når jeg begynner på A. 4 etter å ha delt i bol og ermer, og lagt opp 7 masker i hver side.

09.03.2026 - 17:52