Pretty Jane Cardigan#prettyjanecardigan |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Gebreid vest in DROPS Flora. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met kantpatroon op de voorpanden, A-vorm, gehaakte randen en korte mouwen. Maten XS - XXXL.
DROPS 267-35 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid): Brei alle naalden recht, aan zowel de goede als de verkeerde kant. 1 ribbel in de hoogte = brei 2 naalden recht. RIBBELSTEEK (in de rondte gebreid): Brei afwisselend 1 naald recht en 1 naald averecht. 1 ribbel in de hoogte = 2 naalden. KNOOPSGATEN: Brei de knoopsgaten op de rechter voorbies (als het kledingstuk gedragen wordt) aan de goede kant, als er 4 steken over zijn op de naald als volgt: NAALD 1 (goede kant): Maak 1 omslag, 2 recht samen, brei 2 ribbelsteken. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat. Het eerste knoopsgat wordt 2 cm gemaakt nadat de hals klaar is. Brei dan de andere 8-8-8-8-8-9-9 knoopsgaten met 4½-5-5-5½-5½-5-5 cm tussen elk. Het laatste knoopsgat wordt op de hals gebreid. PATROON: Zie telpatronen A.1 tot A.10. Kies het telpatroon voor uw maat (geldt voor A.1, A.2, A.4, A.6, A.7 en A.8). De telpatronen worden van rechts naar links gehaakt als u aan de goede kant breit en van links naar rechts als u aan de verkeerde kant breit. Telpatroon A.10 = gehaakte rand op de voorpanden en manchetten. TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus die aan de voorkant van de naald ligt. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: Meerder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad. Brei tot er 2 steken over zijn voor de markeerdraad, maak 1 omslag, 4 recht (de markeerdraad zit in het midden van deze 4 steken), maak 1 omslag (2 gemeerderde steken). Brei op de volgende naald de omslagen averecht zodat er gaatjes ontstaan. Brei dan de nieuwe steken in tricotsteek. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 4 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 4 recht (de markeerdraad zit in het midden van deze 4 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd). TIP VOOR HET BREIEN: Als u verkorte toeren breit, ontstaat er een klein gaatje na elke keer dat u het werk keert. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad aan te trekken of de techniek Duitse Verkorte toeren te gebruiken als volgt: Haal de eerste steek averecht af, breng de draad over de rechter naald en trek goed aan vanaf de achterkant (2 lussen op de naald). Deze lussen worden samen gebreid op de volgende naald. ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- VEST – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK. Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. De achter- en voorpanden worden apart heen en weer gebreid met de rondbreinaald en van boven naar beneden, tot aan de armsgaten. Dan worden de delen samengevoegd en wordt het lijf verder heen en weer gebreid vanaf midden voor. Er worden steken opgenomen rondom de armsgaten voor de mouwen, welke eerst heen en weer worden gebreid met verkorte toeren voor de mouwkop, dan in de rondte verder worden gebreid. Er worden steken opgenomen langs de halslijn en de hals wordt gebreid. Op het einde wordt een gehaakte rand over elk voorpand en rond de manchetten gehaakt. Als er een «0» in uw maat staat, sla dan de informatie over en ga gelijk verder met de volgende instructie. ACHTERPAND: RECHTERSCHOUDER: Zet 25-29-32-34-34-36-39 steken op met rondbreinaald 3 mm en DROPS Flora. Brei tricotsteek heen en weer gebreid met 1 RIBBELSTEEK aan elke kant – lees uitleg hierboven, tot het werk 2 cm meet, met de volgende naald aan de verkeerde kant. Zet nu steken op voor de halslijn als volgt. NAALD 1 (verkeerde kant): Brei 1 ribbelsteek, brei averecht tot het einde van de naald en zet 2 steken op aan het einde van de naald. NAALD 2 (goede kant): Brei recht tot er 1 steek over is, brei 1 ribbelsteek. NAALD 3 (verkeerde kant): Brei 1 ribbelsteek, brei averecht tot het einde van de naald en zet 1 steek op aan het einde van de naald. NAALD 4 (goede kant): Brei recht tot er 1 steek over is, brei 1 ribbelsteek. NAALD 5 (verkeerde kant): Brei 1 ribbelsteek averecht tot het einde van de naald en zet 1 steek op aan het einde van de naald = 29-33-36-38-38-40-43 steken. Leg het werk aan de kant en brei de linkerschouder. LINKERSCHOUDER: Zet 25-29-32-34-34-36-39 steken op met rondbreinaald 3 mm en DROPS Flora. Brei tricotsteek heen en weer gebreid met 1 ribbelsteek aan elke kant tot het werk 2 cm meet, met de volgende naald aan de goede kant. Zet nu steken op voor de halslijn als volgt. NAALD 1 (goede kant): Brei 1 ribbelsteek, brei recht tot het einde van de naald en zet 2 steken op voor de halslijn. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht tot er 1 steek over is, brei 1 ribbelsteek. NAALD 3 (goede kant): Brei 1 ribbelsteek, brei recht tot het einde van de naald en zet 1 steek op aan het einde van de naald. NAALD 4 (verkeerde kant): Brei averecht tot er 1 steek over is, brei 1 ribbelsteek. NAALD 5 (goede kant): Brei 1 ribbelsteek, brei recht tot het einde van de naald en zet 1 steek op = 29-33-36-38-38-40-43 steken. NAALD 6 (verkeerde kant): Brei averecht tot er 1 steek over is, brei 1 ribbelsteek. Voeg nu de 2 schouders voor het achterpand samen. ACHTERPAND (linker en rechter schouder samengevoegd): Brei de eerste naald aan de goede kant als volgt: Brei over de 29-33-36-38-38-40-43 steken op de linkerschouder zoals hiervoor, zet 38-38-38-38-44-44-44 steken op voor de halslijn en brei over de 29-33-36-38-38-40-43 steken vanaf de rechterschouder = 96-104-110-114-120-124-130 steken. Brei tricotsteek heen en weer gebreid met 1 ribbelsteek aan elke kant tot het werk 17-18-18-17-17-16-15 cm meet vanaf de opzetrand op de schouder. Denk om de stekenverhouding. Meerder nu voor de armsgaten. MEERDEREN VOOR DE ARMSGATEN: NAALD 1 (goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 4 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 4 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 4 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht met 1 ribbelsteek aan elke kant. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 1-2-3-7-8-12-15 keer (2-4-6-14-16-24-30 naalden gebreid) = 98-108-116-128-136-148-160 steken. Brei verder tot het werk 18-19-20-21-22-23-24 cm meet vanaf de opzetrand op de schouder, eindig na een naald aan de verkeerde kant. Knip de draad af. Brei de voorpanden als volgt. RECHTER VOORPAND: Zet 25-29-32-34-34-36-39 steken op met rondbreinaald 3 mm en DROPS Flora. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant, brei dan als volgt aan de goede kant: 1 ribbelsteek, 17-21-24-26-26-28-31 recht, brei A.1. Aan de verkeerde kant: Brei A.1 (lees het telpatroon van links naar rechts als u aan de verkeerde kant breit), brei 17-21-24-26-26-28-31 averecht, 1 ribbelsteek. Ga verder met dit patroon heen en weer gebreid. Begin TEGELIJKERTIJD, op de naald gemarkeerd met een pijl in A.1, met meerderen voor de halslijn aan het einde van elke naald aan de goede kant als volgt: Zet 4 keer 1 steek op, 4 keer 2 steken en 1-1-1-1-2-2-2 keer 3 steken; De nieuwe steken worden in het patroon gebreid zoals te zien is in het telpatroon. Zet aan het einde van de volgende naald aan de goede kant, 19-19-19-19-20-20-20 steken op voor de halslijn en de voorbies = 59-63-66-68-72-74-77 steken. Eindig A.1 (de 7 buitenste steken midden voor = voorbies). Brei de volgende naald aan de goede kant als volgt: 1 ribbelsteek, brei 17-21-24-26-26-28-31 tricotsteken, A.2, dan A.3 (= voorbies). Ga verder met dit patroon heen en weer – denk om de knoopsgaten – lees uitleg hierboven. Brei tot het werk 17-18-18-17-17-16-15 cm meet vanaf de opzetrand op de schouder. Meerder nu voor het armsgat. MEERDEREN VOOR HET ARMSGAT: NAALD 1 (goede kant): Denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 4 recht, meerder 1 steek richting links, brei tot het einde van de naald zoals hiervoor. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei zoals hiervoor zonder te meerderen. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 1-2-3-7-8-12-15 keer (2-4-6-14-16-24-30 naalden gebreid) = 60-65-69-75-80-86-92 steken. Brei verder tot het werk 18-19-20-21-22-23-24 cm meet vanaf de opzetrand op de schouder, eindig na een naald aan de verkeerde kant. Knip de draad af. Brei het linker voorpand als volgt. LINKER VOORPAND: Zet 25-29-32-34-34-36-39 steken op met rondbreinaald 3 mm en DROPS Flora. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant, brei dan als volgt aan de goede kant: Brei A.4, 17-21-24-26-26-28-31 recht, 1 ribbelsteek. Aan de verkeerde kant: 1 ribbelsteek, 17-21-24-26-26-28-31 averecht, brei A.4. Ga verder met dit patroon heen en weer gebreid. Begin TEGELIJKERTIJD, op de naald gemarkeerd met een pijl in A.4, met meerderen voor de halslijn aan het einde van elke naald aan de verkeerde kant als volgt: Zet 4 keer 1 steek op, 4 keer 2 steken en 1-1-1-1-2-2-2 keer 3 steken; De nieuwe steken worden in het patroon gebreid zoals te zien is in het telpatroon. Zet aan het einde van de volgende naald aan de verkeerde kant, 19-19-19-19-20-20-20 steken op voor de halslijn en de voorbies = 59-63-66-68-72-74-77 steken. Eindig A.4 (de 7 buitenste steken midden voor = voorbies). Brei de volgende naald aan de goede kant als volgt: A.5 (= voorbies), A.6, brei 17-21-24-26-26-28-31 tricotsteken en 1 ribbelsteek. Ga verder met dit patroon heen en weer gebreid tot het werk 17-18-18-17-17-16-15 cm meet vanaf de opzetrand op de schouder. Meerder nu voor het armsgat. MEERDEREN VOOR HET ARMSGAT: NAALD 1 (goede kant): Denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei zoals hiervoor tot er 4 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 4 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei zoals hiervoor zonder te meerderen. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 1-2-3-7-8-12-15 keer (2-4-6-14-16-24-30 naalden gebreid) = 60-65-69-75-80-86-92 steken. Brei verder tot het werk 18-19-20-21-22-23-24 cm meet vanaf de opzetrand op de schouder, eindig na een naald aan de verkeerde kant. Knip de draad niet af. De delen worden nu als volgt samengevoegd. LIJF: Brei als volgt aan de goede kant: Brei over de 60-65-69-75-80-86-92 steken van het linker voorpand, zet 6-6-8-8-12-16-20 steken op (midden onder de mouw), brei 98-108-116-128-136-148-160 tricotsteken (= achterpand), zet 6-6-8-8-12-16-20 steken op (midden onder de mouw), brei over de 60-65-69-75-80-86-92 steken van het rechter voorpand zoals hiervoor = 230-250-270-294-320-352-384 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 6-6-8-8-12-16-20 opgezette steken onder elke mouw. Neem deze draden mee tijdens het breien, ze worden gebruikt voor het minderen en meerderen in de zijkanten. Brei verder zoals hiervoor met 7 voorbiessteken aan elke kant, A.2 en A.6 op de voorpanden en tricotsteek over de andere steken. Als het werk 3-3-3-3-4-4-4 cm meet vanaf het samenvoegen, minder dan 1 steek aan elke kant van beide markeerdraden – lees TIP VOOR HET MINDEREN (4 steken geminderd). Minder zo iedere 2-2½-2½-3-3-3½-3½ cm in totaal 4 keer = 214-234-254-278-304-336-368 steken. OVERZICHT VAN DE VOLGENDE SECTIE: Terwijl u het laatste deel van het patroon op de voorpanden breit, meerdert u ook aan elke kant voor de A-vorm. Lees beide volgende 2 alinea's door voordat u verder gaat. PATROON: Nadat de laatste minderingen in de zijkanten zijn gemaakt en A.2 en A.6 tot en met naald 4 in de telpatronen zijn gebreid, brei dan de volgende naald aan de goede kant als volgt: De voorbies zoals hiervoor, brei A.7, dan tricotsteek tot er 41-41-41-41-45-45-45 steken over zijn op de naald, brei A.8 en de voorbies zoals hiervoor. Ga verder met dit patroon tot A.7 en A.8 klaar zijn in de hoogte. Ga dan verder met tricotsteek met 7 voorbiessteken aan elke kant. MEERDERINGEN: Als het werk 31-33-35-37-39-41-43 cm meet vanaf de opzetrand op de schouder (ongeveer 13-14-15-16-17-18-19 cm vanaf het samenvoegen), meerder dan 1 steek aan elke kant van beide markeerdraden – lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2 (4 gemeerderde steken). Meerder zo iedere 4e naald 17 keer = 282-302-322-346-372-404-436 steken. Het werk meet ongeveer 51-53-55-57-59-61-63 cm vanaf de opzetrand op de schouder. U kunt doorgaan met breien tot de gewenste lengte, eindig na een naald aan de verkeerde kant. Haak nu een rand als volgt. RAND: Ga verder met rondbreinaald 2.5 mm. Brei dan als volgt aan de goede kant: De voorbies zoals hiervoor, brei A.9a tot er 8 steken over zijn, meerder 1 steek zodat het aantal steken een oneven getal is, brei A.9b en de voorbies zoals hiervoor. Als A.9 klaar is, ga dan verder met rondbreinaald 3 mm en kant af met recht aan de goede kant. De jas meet ongeveer 54-56-58-60-62-64-66 cm vanaf de opzetrand op de schouder. AFWERKING-1: Naai de schoudernaden samen. MOUWEN: De mouw wordt van boven naar beneden gebreid. Leg het werk plat neer en voeg 1 markeerder in op de bovenkant van het armsgat = schoudernaad. Gebruik rondbreinaald 3 mm. NEEM STEKEN OP ALS VOLGT. Brei strak recht of gebruik een kleinere naald. Begin in het midden van de opgezette steken onder de mouw en neem 82-88-94-102-110-116-124 steken op rondom het armsgat, met een gelijk aantal steken aan beide kanten van de markeerder. MOUWKOP: Brei tricotsteek heen en weer gebreid met verkorte toeren voor de mouwkop, beginnend vanaf midden onder de mouw als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei recht tot 13-13-14-14-14-12-10 steken voorbij de markeerder op de bovenkant van de mouw, keer het werk – lees TIP VOOR HET BREIEN. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht tot 13-13-14-14-14-12-10 steken voorbij de markeerder, keer het werk. NAALD 3 (goede kant): Brei recht tot 3 steken voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk. NAALD 4 (verkeerde kant): Brei averecht tot 3 steken voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk. Brei NAALDEN 3 en 4 in totaal 4-4-4-4-5-1-1 keer (8-8-8-8-10-2-2 naalden gebreid). Brei dan als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei recht tot 2 steken voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht tot 2 steken voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 5-5-7-7-7-15-18 keer (10-10-14-14-14-30-36 naalden gebreid). U heeft in totaal 20-20-24-24-26-34-40 keer gekeerd (10-10-12-12-13-17-20 keer aan elke kant met de laatste naald aan de verkeerde kant). NA DE LAATSTE KEER KEREN: Na de laatste keer keren aan de verkeerde kant, breit u aan de goede kant tot het einde van de naald (midden onder de mouw). Voeg hier 1 markeerdraad in. Deze wordt gebruikt voor het minderen onder de mouw. Neem de draad mee tijdens het breien. MOUW VERVOLG: Brei in tricotsteek in de rondte. Minder TEGELIJKERTIJD na 1 naald 2 steken midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN: Minder iedere 2e naald 2-2-2-2-2-1-1 keer, minder dan 2 steken 2-2-2-2-1-1-0 keer elke 3 cm = 74-80-86-94-104-112-122 steken. Brei verder tot de mouw 21 cm meet vanaf de schouder. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 2.5 mm en brei 2 ribbels – zie RIBBELSTEEK (in de rondte) hierboven. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm en kant af met recht. De mouw meet ca. 23 cm vanaf de markeerdraad op de schouder (in alle maten). HALS: Gebruik rondbreinaald 2.5 mm. Begin aan de goede kant, midden voor en neem 137-137-137-137-155-155-155 steken op aan de binnenkant van 1 steek langs de halslijn; het aantal steken moet deelbaar zijn door 2 + 1. Begin op naald 2 in A.9 en brei aan de verkeerde kant als volgt: De voorbies zoals hiervoor, brei A.9b, dan A.9a tot er 7 steken over zijn, brei de voorbies zoals hiervoor. Als de hals 1 cm meet, brei dan het laatste knoopsgat boven de andere knoopsgaten op de rechter voorbies (aan de goede kant: 2 ribbelsteken, brei 2 gedraaid recht samen, maak 1 omslag). De omslag wordt op de volgende naald gebreid zodat er een gaatje ontstaat. Als A.9 klaar is, ga dan verder met rondbreinaald 3 mm en kant af met recht aan de goede kant. AFWERKING-2: Naai de knopen op de linker voorbies. GEHAAKTE RAND OP RECHTER VOORPAND: Gebruik haaknaald 3 mm. Begin aan de goede kant op een schouder en haak telpatroon A.10a in de eerste steek vanaf A.1 (de buitenste steek richting de zijkant), haak dan telpatroon A.10b naar beneden op het voorpand (haak altijd in de eerste steek in A.1), ga verder met A.1 en A.2, eindig na een volledige herhaling. Knip en hecht de draad af. GEHAAKTE RAND OP HET LINKER VOORPAND: Gebruik haaknaald 3 mm. Begin aan de goede kant aan de onderkant van A.6 en haak telpatroon A.10a in de laatste steek in A.6 (de buitenste steek naar de zijkant), dan A.10b naar boven (haak altijd in de laatste steek in A.6/A.4), eindig na een volledige herhaling op de bovenkant van de schouder. Knip en hecht de draad af. GEHAAKTE RAND RONDOM DE MANCHETTEN: Gebruik haaknaald 3 mm. Begin aan de goede kant midden onder de mouw en haak telpatroon A.10a in de eerste steek, dan A.10b rondom de manchet, eindig na een volledige herhaling midden onder de mouw. Knip en hecht de draad af. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #prettyjanecardigan of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 54 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 267-35
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.