DROPS Super Sale · BESPAAR 30% op 5 knusse wolgarens.
DROPS Safran
100% katoen
vanaf 1.32 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 3.96€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS Autumn & Winter 26/27
DROPS 200-35

#pineappletote

DROPS Design: Patroon nr. e-289
Garengroep A
-------------------------------------------------------

MAAT:
Afmetingen: Omtrek: ongeveer 75 cm. Lengte zonder banden: ongeveer 42 cm.
Banden: ongeveer 38 cm.

MATERIAAL:
DROPS SAFRAN van garnstudio (behoort tot garengroep A)
150 g kleur 11, felgeel

STEKENVERHOUDING:
24 stokjes in de breedte en 13 toeren in de hoogte = 10 x 10 cm.

HAAKNAALD:
DROPS HAAKNAALD 3 MM.
De haaknaald is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere haaknaald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere haaknaald.

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

Misschien vindt u deze ook leuk...

DROPS Safran
100% katoen
vanaf 1.32 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 3.96€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon

0
0

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.6 (A.1, A.3 en A.5 laat zien hoe de toeren beginnen en eindigen).

HAAKTIP (voor de lossen):
1 losse staat gelijk aan 1 vaste/stokje in de breedte. Zorg ervoor dat de lus die in de losse wordt gehaakt, een beetje omhoog getrokken wordt op de haaknaald, zodat het niet strak zit. Als de lossen te strak worden, dan worden de delen in de tas waar veel lossen in zitten ook strak.

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

TAS - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Het werk wordt in de rondte gehaakt, van onder naar boven. Lees HAAKTIP (voor de lossen).

TAS:
Haak 4 lossen met haaknaald 3 mm en Safran en vorm deze tot een ring met 1 halve vaste in de eerste losse. Haak in patroon in de rondte als volgt: A.1 (laat zien hoe de toeren beginnen), haak A.2 in totaal 10 keer op de toer. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Als A.1 en A.2 klaar zijn in de hoogte, zijn er 80 stokjes op de toer. Ga zo verder met stokjes en meerderingen; dus meerder 10 stokjes op elke toer en er komt nog 1 stokje meer tussen elke meerdering na elke gehaakte toer. Als u 15 toeren van stokjes heeft gehaakt, zijn er 150 stokjes op de toer. Haak nog 1 toer terwijl u 30 stokjes verdeeld meerdert = 180 stokjes.
Voeg een markeerdraad in het werk. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN!
Haak nu in patroon in de rondte als volgt: Haak A.3 (laat zien hoe de toeren beginnen en eindigen), A.4 in totaal 15 herhalingen op de toer. Als A.3 en A.4 klaar zijn in de hoogte, herhaal dan de laatste 4 toeren in de telpatronen tot het werk 25 cm meet vanaf de markeerdraad – pas zo aan dat u eindigt na een hele herhaling in de hoogte. Haak nu de banden als volgt:

RAND MET BANDEN:
TOER 1: Haak A.5 (laat zien hoe toeren beginnen en eindigen), A.6 in totaal 15 keer op de toer = 180 stokjes op de toer.
TOER 2: Haak 1 stokje in elk stokje.
TOER 3: Haak 1 stokje in elk van de eerste 30 stokjes, haak losjes 90 lossen – denk om HAAKTIP, sla de volgende 30 stokjes over, haak 1 stokje in elk van de volgende 60 stokjes, haak losjes 90 lossen, sla de volgende 30 stokjes over, haak 1 stokje in elk van de overgebleven 30 stokjes.
TOER 4: Haak 1 vaste in elk van de eerste 30 stokjes, haak 1 vaste in elk van de volgende 90 lossen, 1 vaste in elk van de volgende 60 stokjes, 1 vaste in elk van de volgende 90 lossen, 1 vaste in elk van de laatste 30 vasten.
TOEREN 5-8: Haak 1 vaste in elke steek. Knip en hecht de draad af.

Telpatroon

Begin hier - deze lossenring (= 4 lossen + 1 halve vaste in de eerste losse) is beschreven in de tekst. Ga verder met het symbool over de punt op de cirkel en haak richting links = Begin hier - deze lossenring (= 4 lossen + 1 halve vaste in de eerste losse) is beschreven in de tekst. Ga verder met het symbool over de punt op de cirkel en haak richting links
1 stokje om lossenring = 1 stokje om lossenring
1 stokje in de steek = 1 stokje in de steek
4 lossen = 4 lossen
1 vaste in de steek = 1 vaste in de steek
1 vaste om de lossenlus = 1 vaste om de lossenlus
1 dubbel stokje in de steek = 1 dubbel stokje in de steek
toer begint met 4 lossen (vervangt het eerste dubbele stokje) en eindigt met 1 halve vaste in de 4e losse op het begin van de toer = toer begint met 4 lossen (vervangt het eerste dubbele stokje) en eindigt met 1 halve vaste in de 4e losse op het begin van de toer
toer begint met 3 lossen (vervangt het eerste stokje) en eindigt met 1 halve vaste in de 3e losse op het begin van de toer = toer begint met 3 lossen (vervangt het eerste stokje) en eindigt met 1 halve vaste in de 3e losse op het begin van de toer
toer begint met 1 losse (vervangt niet de eerste vaste) en eindigt met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer = toer begint met 1 losse (vervangt niet de eerste vaste) en eindigt met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer
deze toer is reeds gehaakt. Begin op de volgende toer in het telpatroon = deze toer is reeds gehaakt. Begin op de volgende toer in het telpatroon
Diagram for DROPS 200-35
Diagram for DROPS 200-35
Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

De garenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Laat een opmerking achter voor DROPS 200-35

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (34)

country flag Guylaine Reid schreef:

Bonjour, après avoir tricoté A1 et A2 il y a 80 brides au total. Après vous dites augmenter de 10 brides à chaque tour pour 15 tours de brides on va avoir 150 brides. Vous ne compter pas les 80 brides de la fin de A1 et A2. Moi j'arrive à un total de 230 brides plus 30 du dernier tour je suis à 250 brides. Est-ce bien cela? Merci

06.09.2026 - 17:52

DROPS Design antwoorde:

Bonjour Mme Reid, quand vous crochetez les diagrammes, vous augmentez 10 brides à chaque tour (1 à la fin de chaque A.2), vous allez continuer à augmenter de la même façon, 1 bride à la fin de chaque A.2 soit 10 brides en plus à chaque tour jusqu'à ce que vous ayez crochetez 15 tours au total; vous avez commencé par 1 bride x 10 au 1er tour (= 10 brides), après 15 tours vous avez (15 brides x 10) = 150 brides. Bon crochet!

07.09.2026 - 08:54

country flag Mia schreef:

Bonjour, comment pour recommander 1 pelote Drops Safran couleur 66

13.08.2026 - 01:29

DROPS Design antwoorde:

Bonjour Mia, contactez votre magasin et/ou retrouvez ici la liste des magasins DROPS en France et leurs coordonnées. Bon tricot!

13.08.2026 - 09:50

country flag Camilla schreef:

Hej! Hur många centimeter ska det bli när man virkar det första 15 varven innan man gör mönstret? Mvh Camilla

12.08.2026 - 22:13

DROPS Design antwoorde:

Hej Camilla, du har 13 stolpar på 10 cm i højden, så ca 11 cm :)

13.08.2026 - 14:45

country flag Mia schreef:

Je vous remercie de m avoir aide

10.08.2026 - 17:12

country flag Mia schreef:

Comment répartir les 10 augmentations pendant 15 tours après avoir finI A1 ET A2

10.08.2026 - 15:24

DROPS Design antwoorde:

Bonjour Mia, vous continuez les augmentations comme avant, autrement dit, au rang après A.2, augmentez dans chaque 8ème maille tout le tour, puis dans chaque 9ème maille et et ainsi de suite jusqu'à ce que vous ayez 150 brides , vous augmentez ainsi 10 mailles par tour comme avant et vous avez 1 maille en plus entre chaque augmentation à chaque nouveau tour. Bon crochet!

10.08.2026 - 16:29

country flag Sabrina Mauro schreef:

Hej Är nybörjare på att läsa diagram och fattar ingenting. Finns det en vanlig beskrivning till denna fina väska? Med vänlig hälsning, Sabrina

24.06.2026 - 07:01

DROPS Design antwoorde:

Hej Sabrina. Vi har bara detta mönster, men om du ser på denna lektion så tror jag det hjälper dig att förstå hur du ska läsa diagrammet. Mvh DROPS Design

24.06.2026 - 08:28

country flag Sara schreef:

Buongiorno, io non capisco bene lo schema. sono arrivata a 80 punti ma il fondo è a punta, perchè? Inoltre se adesso devo aumentare di 10 maglie per giro come faccio? a caso? per favore può spiegare bene e non dire di seguire lo schema? perchè non lo capisco grazie

22.06.2026 - 23:13

DROPS Design antwoorde:

Buonasera Sara, gli aumenti sono incorporati nel diagramma. Può seguire la legenda. Buon lavoro!

01.07.2026 - 23:51

country flag Hermine schreef:

J'en suis au 3 ème rang A2 et je ne comprends pas mon ouvrage ondule J'ai fait 1 er rang 10 brides dans le cercle ,ensuite 2 brides dans chaque maille puis 3 brides dans chacune des mailles est ce bien ce qu'il faut faire?

13.05.2026 - 20:12

country flag Hermine schreef:

J'en suis au 3 ème rang A2 et je ne comprends pas mon ouvrage ondule J'ai fait 1 er rang 10 brides dans le cercle ,ensuite 2 brides dans chaque maille puis 3 brides dans chacune des mailles est ce bien ce qu'il faut faire?

13.05.2026 - 19:58

DROPS Design antwoorde:

Bonjour Hermine, au 2ème tour on doit bien crocheter 2 brides dans chaque bride, mais au 3ème tour, on crochète 2 brides dans chacune des dernières mailles de chaque A.2, autrement dit, on répète 10 fois ( 1 bride dans la première maille/dans la bride suivante, puis 2 brides dans la bride suivante) on répète de (à) tout le tour, on augmente ainsi 10 brides. On va continuer à augmenter ainsi, toujours dans la dernière maille de chaque A.2, on va augmenter 10 brides tous les tours jusqu'à ce que A.2 soit terminé. Bon crochet!

15.05.2026 - 08:02

country flag Delphine schreef:

Bonjour, je n'arrive pas à faire le premier tour de A4. Doit-on faire 6br, passer 1 maille, 1br, passer 1 maille et 5 br ; puis faire *11br, passer 1 maille, 1br, passer 1 maille* et répéter **? On finit donc par 5 br?

22.03.2026 - 22:53

DROPS Design antwoorde:

Bonjour Delphine, notez que le rang avec l'étoile noire n'est pas à faire, le 1er tour de A.4 commence ainsi: 1 ml (A.3) puis {1 ms dans chacune des 3 m suivantes, 4 mailles en l'air, sautez 3 mailles, 1 double-bride dans la m suivante, 4 mailles en l'air, sautez 3m, 1 ms dans chacune des 2 m suivantes}, répétez de {à} tout le tour. Bon crochet!

23.03.2026 - 10:00