DROPS Super Sale · BESPAAR 30% op 5 knusse wolgarens.
DROPS Baby Merino
100% laine
vanaf 3.20 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 9.60€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS Autumn & Winter 26/27

Sweet Marigold Sweater

Gebreide trui voor baby en kinderen in DROPS BabyMerino. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met raglan en kantpatroon. Maat 6 maand - 8 jaar

Markeer maat:
DROPS Baby & Children 38-12

#sweetmarigoldsweater

DROPS design: Patroon nr. bm-022-bn
Garengroep A
-------------------------------------------------------

MAAT:
Maat: 6/9 - 12/18 maanden (2 - 3/4 - 5/6 - 7/8 jaar)
De maat komt ongeveer overeen met de hoogte van het kind in cm:
68/74 - 80/86 (92 - 98/104 - 110/116 - 122/128)

MATERIAAL:
DROPS BABY MERINO van garnstudio (behoort tot garengroep A)
150-150 (150-200-200-200) g kleur 45, citroengeel

STEKENVERHOUDING:
24 steken in de breedte en 32 naalden in de hoogte in tricotsteek = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 3 mm
DROPS RONDBREINAALD 3 mm: Lengte 40 en 60 cm voor tricotsteek/kantpatroon.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 2.5 mm
DROPS RONDBREINAALD 2.5 mm: Lengte 40 en 60 cm voor de randen in ribbelsteek.
De naalddikte is slechts een richtlijn! Als u te veel steken heeft op 10 cm, brei dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, brei dan verder met een kleinere naald.

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

Misschien vindt u deze ook leuk...

DROPS Baby Merino
100% laine
vanaf 3.20 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 9.60€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon

0
0

-------------------------------------------------------

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

RIBBEL/RIBBELSTEEK (wordt in de rondte gebreid):
1 ribbel = 2 naalden. Brei 1 naald recht en 1 naald averecht.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.5. Kies het telpatroon voor uw maat.

TIP VOOR HET MEERDEREN (verdeeld):
Zo berekent u hoe vaak er gemeerderd moet worden, neem het totaal aantal steken op de naald (dus 72 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen (dus 6) = 12.
In dit voorbeeld meerdert u door 1 omslag te maken na iedere 12e steek.
Brei op de volgende naald de omslag gedraaid om een gaatje te voorkomen.
RAGLAN:
Op het voor- en achterpand zijn de raglanmeerderingen in de telpatronen weergegeven.
Meerder voor de raglan op elk van de mouwen als volgt:
Meerder 1 steek na de 1e en 3e markeerdraad en voor de 2e en 4e markeerdraad door een omslag te maken. Brei de omslagen gedraaid recht op de volgende naald.
Brei dan de nieuwe steken in tricotsteek.

TIP VOOR HET MINDEREN (geldt voor de mouwen):
Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de steek met de markeerdraad, 2 recht samen, 3 recht, haal 1 steek recht af, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.

TIP VOOR HET AFKANTEN:
Om een strakke afkantrand te voorkomen kunt u een naald in een grotere maat gebruiken. Als het nog steeds te strak is, brei dan 1 omslag na ongeveer iedere 4e steek terwijl u afkant (kant de omslagen af als normale steken).

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN DE KLEDINGSTUK:
Wordt in de rondte gebreid op de rondbreinaald vanaf midden achter, van boven naar beneden. Brei de mouwen in de rondte op breinaalden zonder knop, van boven naar beneden.

HALSRAND:
Zet 72-76 (82-84-90-94) steken op een korte rondbreinaald 2.5 mm met Baby Merino. Brei 4 ribbels in RIBBELSTEEK - lees uitleg hierboven.
Brei 1 naald recht en meerder 6-2 (2-0-8-4) steken verdeeld - lees TIP VOOR HET MEERDEREN = 78-78 (84-84-98-98) steken.
Brei 1 naald averecht. Voeg 1 markeerdraad in op het begin van de naald = midden achter. MEET NU HET WERK VANAF HIER!
Brei verder met een korte rondbreinaald 3 mm en brei de pas zoals uitgelegd hieronder.
DENK OM DE STEKENVERHOUDING!

PAS:
Brei de volgende naald als volgt:
Helft van het achterpand: Brei A.1 (= 10-10 (12-12-14-14) steken), A.2 (= 2-2 (1-1-3-3) steken).
Rechter mouw: Brei 1 steek in tricotsteek, voeg de 1e markeerdraad in, maak 1 omslag, brei 14 steken in tricotsteek, maak 1 omslag, voeg de 2e markeerdraad in, 1 steek in tricotsteek.
Voorpand: Brei A.3 (= 1-1 (1-1-2-2) steken), A.1 over 20-20 (24-24-28-28) steken, A.2 over 2-2 (1-1-3-3) steken.
Linker mouw: Brei 1 steek in tricotsteek, voeg de 3e markeerdraad in, maak 1 omslag, brei 14 steken in tricotsteek, maak 1 omslag, voeg de 4e markeerdraad in, 1 steek in tricotsteek.
Helft van het achterpand: Brei A.3 over 1-1 (1-1-2-2) steken, A.1 (= 10-10 (12-12-14-14) steken) = 86-86 (92-92-102-102) steken (inclusief de omslagen).

Op de naalden die met 1 steek recht afhalen beginnen, breit u 2 recht samen, haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken in A.1, verplaats het begin van de naald 1 steek naar achteren, dus het begin van de naald begint als er 1 steek over is op de vorige naald. Als A.1 in de hoogte is gebreid, brei dan de volgende steek recht. Brei dan het begin van de naald zoals eerder.
Ga zo verder in patroon en meerder voor de RAGLAN - lees uitleg hierboven, meerder om de naald 14-16 (17-18-19-20) keer in totaal (inclusief de meerderingen op de eerste naald na de halsrand). Als het meerderen voor de mouwen klaar is, ga dan verder in tricotsteek en patroon zoals hiervoor.
Na de laatste meerdering voor de raglan en als A.2/A.3 een keer in de hoogte zijn gebreid, zijn er 208-216 (244-248-276-280) steken op de naald.
Het werk meet ongeveer 10-10 (12-12-15-15) cm vanaf de halsrand.
Brei nu in patroon als volgt:
Helft van het achterpand: Brei A.1 over 20-20 (24-24-28-28) steken, A.4 over 11-11 (13-13-15-15) steken.
Rechter mouw: Brei 43-47 (49-51-53-55) steken in tricotsteek.
Voorpand: Brei A.5 over 10-10 (12-12-14-14) steken, A.1 over 40-40 (48-48-56-56) steken (= 4 keer in de breedte), A.4 over 11-11 (13-13-15-15) steken.
Linker mouw: Brei 43-47 (49-51-53-55) steken in tricotsteek.
Helft van het achterpand: Brei A.5 over 10-10 (12-12-14-14) steken en A.1 over 20-20 (24-24-28-28) steken.
Ga zo verder in patroon tot het werk 12-13 (14-15-16-17) cm meet vanaf de markeerdraad na de halsrand midden achter.
Op de volgende naald verdeelt u het werk voor het lijf en de mouwen als volgt:
Ga verder in patroon zoals hiervoor over de eerste 31-31 (37-37-43-43) steken (= helft van het achterpand), zet de volgende 43-47 (49-51-53-55) steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 9-9 (11-11-13-13) nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), ga verder in patroon zoals hiervoor over de volgende 61-61 (73-73-85-85) steken (= voorpand), zet de volgende 43-47 (49-51-53-55) steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 9-9 (11-11-13-13) nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw) en ga verder in patroon zoals hiervoor over de laatste 30-30 (36-36-42-42) steken (= helft van het achterpand).
Brei het lijf en de mouwen apart verder.

LIJF:
= 140-140 (168-168-196-196) steken.
Brei A.1 over alle steken (= 14 keer in de breedte, ga verder op de juiste naald in het telpatroon).
Ga zo verder in patroon tot het werk 14-15 (17-19-22-25) cm meet vanaf de scheiding. Ga verder met rondbreinaald 2.5 mm. Brei 3 ribbels over alle steken. Kant af met recht– lees TIP VOOR HET AFKANTEN.

MOUWEN:
Zet de 43-47 (49-51-53-55) steken van de hulpdraad aan een kant van het werk op breinaalden zonder knop maat 3 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 9-9 (11-11-13-13) nieuw opgezette steken onder de mouw = 52-56 (60-62-66-68) steken. Voeg 1 markeerdraad in, in de middelste steek onder de mouw en begin de naald hier.
Brei in tricotsteek in de rondte.
Minder bij een hoogte van 2 cm vanaf de scheiding, 2 steken midden onder de mouw - lees TIP VOOR HET MINDEREN.
Minder zo iedere 1½-1½ (2-3-3-3) cm 8-9 (9-8-9-9) keer in totaal = 36-38 (42-46-48-50) steken.
Brei tot de mouw 16-19 (22-28-32-33) cm meet.
Brei verder met breinaalden zonder knop maat 2.5 mm.
Brei 3 ribbels.
Kant af met recht. De mouw meet ongeveer 17-20 (23-29-33-34) cm vanaf de scheiding.
Brei de andere mouw op dezelfde wijze.

Telpatroon

recht = recht
2 recht samen = 2 recht samen
1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek = 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek
maak 1 omslag tussen 2 steken = maak 1 omslag tussen 2 steken
maak 1 omslag tussen 2 steken, brei de omslag gedraaid op de volgende naald om gaatjes te voorkomen = maak 1 omslag tussen 2 steken, brei de omslag gedraaid op de volgende naald om gaatjes te voorkomen
haal 1 steek recht af, brei 2 steken recht samen, haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken = haal 1 steek recht af, brei 2 steken recht samen, haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Diagram for DROPS Baby & Children 38-12
Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

De garenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!
Heeft u dit patroon gemaakt?
Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #sweetmarigoldsweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij.

Laat een opmerking achter voor DROPS Baby & Children 38-12

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (33)

country flag Manuela schreef:

Hei, jeg strikker denne men mangler 5 cm av ermet før genseren er helt ferdig. Jeg ser at fargen 45, som dere også har brukt, ikke lenger finnes. Har dere mulighet til å hjelpe meg?

15.10.2026 - 13:46

DROPS Design antwoorde:

Hei Manuela, Hvis du klikker på Finn en Butikk! på toppen av sida, får du butikker både på nett og i nærmiljø som du kan kontakte. Mange butikker har fremdeles utgåtte garn på lager. Lykke til! Hilsen Drops Team.

16.10.2026 - 06:03

country flag Carolina schreef:

När jag har stickat klart A2 och A3 en gång på höjden och ska sticka A4 och A5 får jag det inte att gå ihop då mönstret säger att jag ska sticka 47 rätmaskor över ärmarna men innanför markörerna är det bara 46 maskor. Hur ska jag tänka? Tack på förhand Carolina

26.09.2026 - 18:30

DROPS Design antwoorde:

Hei Carolina. Etter siste økning til raglan og A.2/A.3 er strikket 1 gang i høyden, er det 216 m på pinnen. 31 m på 1/2 bakstykket + 48 m på 1. erme + 60 m på forstykket + 48 m på 2. erme + 29 m på 1/2 bakstykket = 216 m. Så strikker du A.1 over 20 m, A.4 over 11 m = 31 m (1/2 bakstykket), deretter strikkes det over 47 m av de 48 erm maskene, så strikkes forstykket slik: A.5 over 10 m (den ene masken "tilhører" erm maskene), A.1 over 40 m, A.4 over 11 m. Neste erm: 47 masker glattstrikk. Neste halve bakstykket strikkes slik: Strikk A.5 over 10 m (den ene masken "tilhører" erm maskene) og A.1 over 20 m. mvh DROPS Design

28.09.2026 - 09:41

country flag Carolina schreef:

Så jag ska alltså sticka A1 på nytt? Jag har bara stickat det en gång på höjden och inte kommit till delningen än. Tack på förhand

08.09.2026 - 12:33

DROPS Design antwoorde:

Det stemmer :)

09.09.2026 - 10:16

country flag Carolina schreef:

Hej, Jag stickar storlek 12/18 och förstår inte riktigt hur jag ska sticka vidare efter att A1 är avslutat. Tack på förhand. Carolina

07.09.2026 - 21:55

DROPS Design antwoorde:

Hej Carolina, når arbejdet måler 15 cm fra delingen er du færdig med A.1. Nu skifter du til rundpind 2,5 og strikker Rätstickning runt såhär: RÄTSTICKNING (stickas runt): Sticka *1 varv rätt och 1 varv avigt*, upprepa *-*.

08.09.2026 - 10:05

country flag Maria schreef:

Kan man lave denne sweater med Drops cotton merino?

02.08.2026 - 21:30

DROPS Design antwoorde:

Hei Maria, Drops Cotton Merino tilhører garngruppe B så er tykkere enn Baby Merino. Du må derfor bruke mindre pinnestørrelse for å få riktige mål på genseren. Strikke en prøvelapp slik at du får riktige maskeantall på 10 cm. Hilsen Drops team.

03.08.2026 - 06:22

country flag Mina schreef:

Liebes Drop-Team, habe ich die Diagramme richtig gelesen? In A.2 und A.3 in Größe 5/6 in Runde 15: es sind 3 Umschläge zu lesen. Stimmt das? Sollten es nicht 4 Umschläge sein?

13.02.2026 - 13:48

DROPS Design antwoorde:

Liebe Mina, es fehlt hier kein Umschlag, es werden in Runde 15 nur jeweils 3 Umschläge in A.2 und A.3 gestrickt, da in dieser Reihe keine Maschen zugenommen werden. Zusammen mit A.1 sind die Zunahmen und Abnahmen im Muster ausgeglichen. Viel Spaß beim Weiterstricken!

16.02.2026 - 21:32

country flag Huda schreef:

Hello , i really admire your site , can i know the knit stitch name , i have difficulty reading the chart , i need it to be explained in rows thank you

04.07.2025 - 19:57

DROPS Design antwoorde:

Dear Huda, this is a type of lace pattern and it's explained in the charts, at the bottom of the pattern. If you have trouble understanding our knitting charts you can read this lesson to interpret them better. We don't make custom patterns, but you can ask us if you need help with specific rows of the charts. Happy knitting!

06.07.2025 - 19:58

country flag Emily VanDoren schreef:

Hello! I'm making a size 3/4. For each raglan increase, does each total round increase by 8 stitches? In chart A2 (row 3) this section increases by 2 stitches instead of 1, and wondering if there are more increases than 8 depending on the row?

27.05.2025 - 22:59

DROPS Design antwoorde:

Hi Emily, No, the raglan increases on the front and back pieces are included in diagrams A.2 and A.3 (4 stitches increased on the front and back pieces). However, you do increase for raglan on the sleeves, after markers 1 and 3 and before markers 2 and 4 (4 increases on the sleeves - see RAGLAN in pattern explanations). So a total of 8 increased stitches on each increase-round. Regards, Drops Team.

28.05.2025 - 06:43

country flag Johanna schreef:

I am not sure I understand this: On rounds that begin with slip 1 stitch knitwise, knit 2 together, pass slipped stitch over stitches worked together in A.1, displace beginning of round 1 stitch backwards, i.e. beginning of round begins when 1 stitch remains on previous round. When A.1 has been worked vertically, knit next stitch. Then work beginning of round as previously in piece. I am working on the 12/18 months pattern. I do not see where there are slip stitches anywhere in the charts.

05.05.2025 - 19:46

DROPS Design antwoorde:

Hi Johanna, The 3 squares in the diagram which are covered by the black triangle are the "Slip 1, K2 tog, pass slipped stitch over knitted together stitches" in A.1. The A.1 diagram for your size is top right of all the diagrams. There are also slip stitches in the 2 squares covered by the diagonal line which goes from bottom right to top left. Regards, Drops Team.

06.05.2025 - 06:39

country flag Suzanne schreef:

Bonjour, je fais la grandeur 2 ans et je ne comprends pas comment faire les manches. Dans la section :Empiecement Manche droite: 1m jersey, 1 jeté, 14 mailles jersey, 1 jeté, 1 maille jersey = 18 mailles au total et quand je lis les instructions quand l'ouvrage mesure 12 cm à partir du col, je devrais avoir 49 mailles , comment arriver à ce chiffre . Merci

06.04.2025 - 18:31

DROPS Design antwoorde:

Bonjour Suzanne, vous allez augmenter pour le raglan 17 fois tous les 2 rangs pour les manches, vous aurez donc (1+14+1) mailles + (2x17) = 50 mailles. Lorsque l'ouvrage mesure 12 cm à partir col, répartissez les mailles comme indiqué, vous avez ainsi 49 mailles pour les manches. Bon tricot!

07.04.2025 - 09:17