DROPS / 167 / 19

Summer Bliss Vest by DROPS Design

Gehaakt DROPS vest met A-lijn, kantpatroon en strikbanden van ”Belle”. Maat S-XXXL.

Trefwoorden: kantpatroon, spencer,
DROPS design: Model nr. vs-019
Garengroep B
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS BELLE van Garnstudio
350-350-400-450-450-500 gr. kleur nr. 03, lichtbeige

DROPS HAAKNLD 4,5 mm - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 16 stk x 8 toeren = 10 x 10 cm, of 1 herhaling van A.2 = 5 cm breed. LET OP: 1 l-lus = 1 stk + 2 l moet ongeveer 1½ cm breed worden - zorg dat de l niet te strak worden gehaakt.
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

53% katoen, 33% viscose, 14% linnen
vanaf 2.40 € /50g
DROPS Belle uni colour DROPS Belle uni colour 2.40 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 16.80€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

INFORMATIE VOOR HET HAKEN:
Vervang elk stk-toer het eerste stk door 4 l. Eindig de toer met 1 hv in de 4e l aan het begin van de toer.
Vervang het eerste dstk elke dstk-toer door 5 l.
Vervang het eerste driedubbel stk elke driedubbel-stk-toer door 6 l.
Begin elke v toer met 1 l. Deze l vervangt NIET de eerste v.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot en met A.8.

TIP VOOR HET MINDEREN:
Minder 1 stk door de volgende 2 stk samen te haken als volgt: haak 1 stk maar wacht met de laatste doorhaling (= 2 lussen op haak), haak dan volgend stk maar haal bij de laatste doorhaling de draad door alle 3 lussen op de haak.

TIP VOOR HET MINDEREN L-LUSSEN:
Minder 1 l-lus aan het begin van de toer als volgt gezien aan de goede kant: haak 2 l, sla de eerste l-lus over, haak 1 stk om volgende l-lus. Sla op de volgende toer de laatste l-lus over gezien aan de verkeerde kant (= eerste lus gezien aan de goede kant)

Minder 1 l aan het einde van de toer als volgt gezien aan de goede kant: haak tot er 1 l-lus overblijft, 2 l, sla de laatste l-lus over, haak 1 st in elke van de overgebleven st. Sla op de volgende toer de eerste l-lus over, haak 2 l, en 1 stk om volgende l-lus gezien aan de verkeerde kant (= eerste lus gezien aan de goede kant)
----------------------------------------------------------

VEST:
Wordt heen en weer gehaakt, van onderen naar boven. Splits dan het werk voor de armsgaten en haak het achterpand en de voorpanden apart verder. Haak tot slot een rand aan de onderkant met een netpatroon aan het einde.

Haak 197-206-225-244-272-290 losse l (incl. 4 l om mee te keren) met haaknld 4,5 mm en Belle. Keer en haak als volgt: Haak 1 stk in 5e l vanaf haak, haak dan 1 stk in elke van de volgende 3-5-3-1-1-5 l, * sla 1 l over, haak 1 stk in elke van de volgende 6 l *, herhaal van *-* nog 26-27-30-33-37-39 keer = 166-174-190-206-230-246 stk en 4 l om mee te keren - LEES INFORMATIE VOOR HET HAKEN. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Ga verder heen en weer met 1 stk in elk stk tot het werk 5-5-6-6-7-7 cm meet.

Haak nu in patroon vanaf de 2e toer in het telpatroon aan de goede kant als volgt: Haak A.1 (= 8 stk), haak dan A.2 (= 8 stk) 19-20-22-24-27-29 keer in de breedte, A.3 (= 7 stk). Minder op de laatste toer in telpatroon A.1 tot en met A.3 32 stk gelijkmatig voor alle maten - LEES TIP VOOR HET MINDEREN = 135-143-159-175-199-215 stk. Ga verder met 1 stk in elk stk tot het werk 25-25-26-26-27-27 cm meet in de hoogte. Haak dan in patroon vanaf de 2e toer in A.1, A.2 en A.3 als hiervoor (maar haak nu 15-16-18-20-23-25 patroonherhalingen van A.2 in de breedte). Eindig voor de laatste 2 toeren in telpatroon A.1 tot en met A.3. Haak nu 1 toer met 1 stk in elk stk en pas het aantal st aan naar 136-140-161-173-197-210 stk. Knip de draad af. Plaats hier een markeerder. MEET NU HET WERK VAN HIER. Splits het werk in 2 voorpanddelen en een achterpand.

RECHTERVOORPAND:
Haak de eerste toer als volgt: A.4 over de eerste 12 stk, haak dan A.5 over de volgende 15-15-21-24-30-33 stk (= 5-5-7-8-10-11 patroonherhalingen in de breedte), A.6 over de volgende 6 stk = 9-9-11-12-14-15 l-lussen op de eerste toer. Ga verder als hieronder uitgelegd staat voor de verschillende maten:

MAAT S en M:
Ga verder heen en weer tot de 4e toer in A.4 klaar is in de hoogte. LET OP: herhaal 2e en 3e toer in A.5 en A.6 in de hoogte. 2 l-lussen zijn geminderd voor de hals middenvoor in beide maten.
Herhaal dan 3e en 4e toer in telpatroon A.4 3-nog 3 keer in de hoogte = 5-5 l-lussen minder in totaal voor de hals middenvoor en 4-4 l-lussen (met 2 l) over voor de schouder. Het werk meet ongeveer 13-13 cm.

MAAT L, XL, XXL en XXXL:
Ga verder heen en weer met l-lussen, minder TEGELIJKERTIJD in de volgende toer l-lussen voor de hals middenvoor en minder l-lussen voor het armsgat als volgt:

MINDEREN ARMSGAT:
Minder in de volgende toer 1 l-lus voor het armsgat – LEES TIP VOOR HET MINDEREN L-LUSSEN. Herhaal dit minderen nog 0-1-2-2) keer = 1-2-3-3 l-lussen minder in totaal voor het armsgat.

MINDEREN HALS:
Als de 4e toer in A.4 klaar is, zijn er 2 l-lussen geminderd voor maat L, XL, XXL en XXXL. Herhaal dan dit minderen voor de hals (dus 3e en 4e toer in A.4) nog 3-3-3-4 keer = 6-6-6-7 l-lussen geminderd in totaal voor de hals.

ALLE MATEN:
Ga verder met l-lussen als hiervoor maar haak nu 5e en 6e toer in A.4 richting de hals tot het werk 16-17-18-19-20-21 cm meet. Keer en haak 16-16-16-16-19-19 stk gelijkmatig over de schouder. Hecht af. Het werk meet ongeveer 17-18-19-20-21-22 cm.

ACHTERPAND:
Begin bij het armsgat op het rechtervoorpand en sla 4-6-6-6-6-8 stk over. Haak A.7 (= 8 stk), A.5 (= 3 stk) 16-16-19-21-25-26 keer in de breedte, haak A.6 (= 6 stk) = 19-19-22-24-28-29 l-lussen op de eerste toer. Ga verder als hieronder uitgelegd staat voor de verschillende maten:

MAAT S en M:
Ga verder heen en weer in patroon volgens 2e en 3e toer van A.5 tot en met A.7 tot het werk 14-15 cm meet – pas zo aan dat de volgende toer wordt gehaakt als de 3e toer.

MAAT L, XL, XXL en XXXL:
Ga verder heen en weer in patroon volgens de 2e en 3e toer van A.5 tot A.7 en minder TEGELIJKERTIJD in de volgende toer voor het armsgat aan elke kant naast 3 st - LEES TIP VOOR HET MINDEREN L-LUSSEN. LET OP: haak 3 dstk in plaats van 3 stk aan elke kant op de toer met minderingen (om te voorkomen dat de randen te strak worden). Herhaal dit minderen nog 0-1-2-2 keer (= 1-2-3-3 keer in totaal aan elke kant) = 20-20-22-23 l-lussen over. Ga dan verder met l-lussen volgens de 2e en 3e toer van telpatroon A.5 tot en met A.7 tot het werk 16-17-18-19 cm meet – pas zo aan dat de volgende toer als de 3e toer wordt gehaakt.

Ga dan verder voor alle maten als volgt:
Haak 1 stk in elke van de eerste 3 stk en 4-4-4-4-5-5 hele l-lussen (dus l-lussen met 2 l), haak 1 stk in volgend stk, haak dan 24-24-26-26-26-28 stk gelijkmatig over de volgende 10-10-11-11-11-12 l-lussen van de vorige toer, haak 1 stk in volgend stk en 1 stk om volgende l-lus, ga verder met 4-4-4-4-5-5 hele l-lussen (dus l-lussen met 2 l) en 1 stk in elke van de buitenste 3 stk. Er zijn nu 26-26-28-28-28-30 stk achtereenvolgens in het midden op het achterpand.

Eindig dan elke schouder apart. Keer, haak 1 stk in elke van de eerste 3 stk, haak dan als hiervoor over de eerste 4-4-4-4-5-5 l-lussen, haak 1 stk in elke van de eerste 3 stk van de 26-26-28-28-28-30 stk. Keer en haak 16-16-16-16-19-19 stk gelijkmatig op de schouder. Hecht af.
Haak de andere schouder op dezelfde manier maar in spiegelbeeld. Begin bij het armsgat en haak 1 stk in elke van de buitenste 3 stk, haak dan l-lussen als hiervoor over de 4-4-4-4-5-5 l-lussen en 1 stk in elke van de volgende 3 stk. Keer en haak 16-16-16-16-19-19 stk gelijkmatig over de schouder. Hecht af.

LINKERVOORPAND:
Begin bij het armsgat op het achterpand en sla 4-6-6-6-6-7 stk over voor het armsgat. Haak A.7 (= 8 stk), A.5 (= 3 stk) 4-4-6-7-9-10 keer in de breedte en eindig met A.8 (= 13 stk). Ga zo verder heen en weer als op het rechtervoorpand maar in spiegelbeeld. Pas aan het rechtervoorpand aan.

AFWERKING:
Naai de schoudernaden samen. Naai steek voor steek en zorg dat de naad niet te strak wordt. Hecht af.

RAND LANGS DE ONDERKANT:
Haak nu een rand aan de onderkant van het vest als volgt:
TOER 1: bevestig de draad met 1 v en 3 l in de eerste l wordt aan het begin van het werk, haak 1 stk in elke van de volgende 3 l (= voorbies), haak dan * 2 l, sla ongeveer 1½ cm over, haak 1 stk in volgende l *, herhaal van *-* langs hele rand tot er ongeveer 1½ cm over is voor de laatste 4 l op de toer, haak 2 l en eindig met 1 stk in elke van de laatste 4 l. Er zijn nu ongeveer 66-69-76-83-93-99 l-lussen en 4 stk voor de voorbies aan elke kant - denk om de informatie voor het haken.
TOER 2: haak 1 stk in elke van de eerste 4 stk, haak 1 l, 1 stk om volgende l-lus, * 2 l, 1 stk om volgende l-lus * in elke l-lus op de toer en eindig met 1 l en 1 stk in elke van de 4 stk voor de voorbies.
TOER 3: haak 1 stk in elke van de eerste 4 stk, haak 2 l, sla 1 l en 1 stk over, * 1 stk om volgende l-lus, 2 l *, herhaal van *-* tot er 1 l-lus overblijft met 2 l, haak 1 stk om deze l-lus, 2 l en eindig met 1 stk in elke van de 4 stk voor de voorbies.
Herhaal de 2e en 3e toer tot het werk 78-80-82-84-86-88 cm meet in totaal (gemeten vanaf de schouder) of tot de gewenste lengte. Hecht af.

STRIKBANDEN MET FRANJE:
Knip 2 draden garen af van 90 cm elk. Draai de draden om elkaar heen tot ze gaan krullen en rijg een uiteinde door de voorbies, ter hoogte van de laatste stk-toer voordat het werk gesplitst is in voorpanden en achterpand, vouw de draden dan dubbel en laat ze om elkaar heen krullen. Leg een knoopje in het uiteinde. Herhaal op het andere voorpand.

Maak dan een franje aan het uiteinde van elke strikband: knip 14 draden af van 24 cm lang, rijg ze door het uiteinde van een strikband zodat aan elke kant evenveel uitsteekt. Vouw ze dubbel en wind er op 1 cm van de bovenkant een stukje garen omheen en maak de draad vast.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 03.03.2016
Correctie in telpatroon A.1 en A.2: 1 v in st (NIET: 1 v om st)
Gewijzigd online: 06.09.2016
Beschrijving symbool no. 10 (sterretje) gewijzigd: deze toer is uitgelegd in het patroon / begin vanaf tweede toer.

Telpatroon

= 1 l
= 4 l
= 1 v om st
= 1 v in st
= 1 stk in st
= 1 stk om l/l-lus
= 1 dstk in st
= 1 driedubbel stk
= haak 2 driedubbel stk samen tot 1 stk als volgt: haak 1 driedubbel stk maar wacht met de laatste doorhaling = 2 lussen op de haak. Haak nog 1 driedubbel stk in dezelfde st maar haal bij de laatste doorhaling de draad door alle 3 lussen op de haak.
= deze toer is uitgelegd in het patroon / begin vanaf tweede toer
= haak in deze st
= haakrichting



Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 167-19) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (63)

Dinie Bouman 13.08.2019 - 15:23:

Volgens mij klopt er nog iets niet in het patroon, er staat dat je moet minderen voor de armsgaten bij het rechtervoorpand, als je dat doet volgens de beschrijving ziet het er raar uit eerst minderen voor de hals en dan pas de armsgaten, volgens mij moet je alleen minderen voor de hals. en als je die minderingen hebt gehad, dan haken volgens patroon tot je de juiste hoogte hebt gehad.

Tina Comeaux 05.08.2019 - 22:55:

This is a comment because I am too confused to ask a question! This is a beautiful vest! I would love to make this for my beautiful niece, but it isn't going to happen! I have been crocheting by pattern for 35 + years and I have yet to find a pattern I can't figure out, I am totally defeated on this pattern. If someone else can figure it out I am so happy for them. I am not the one.

DROPS Design 08.08.2019 kl. 10:33:

Dear Mrs Comeaux, The DROPS patterns are knitted and crocheted by thousands and thousands of people  around the world. We understand however that in certain countries, with different knitting/crochet traditions than Scandinavia, our patterns might be written in a way that differs from what some are used to. But of course we want everyone to understand our patterns, so that’s why we have created an extensive library of tutorial videos as well as step by step lessons that explain how to follow the techniques we use and how to read the diagrams in our patterns. Give them a try!

Marianne 06.06.2019 - 09:43:

Goedemorgen, Ik begrijp het begin van het patroon niet. Op de foto lijkt het heel anders dan de beschrijving doet vermoeden. Kunt u het aan me uitleggen? Vriendelijke groet, Marianne

DROPS Design 06.06.2019 kl. 21:05:

Dag Marianne,

Het vest heeft inderdaad onderaan een netpatroon, terwijl je met stokjes begint te haken. Dit netpatroon haak je aan het einde onderaan het vest, zoals beschreven bij RAND LANGS DE ONDERKANT.

Hanneke 21.03.2019 - 14:57:

Wat betekent 1 stk om l/l-lus

DROPS Design 21.03.2019 kl. 16:28:

Dag Hanneke,

Hiermee wordt bedoeld dat je de haaknaald om de lossenlus steekt en niet in de steek.

Lydia Philippo 12.03.2019 - 13:51:

Hoi hoi. Na de bloem haak je 9 losse klopt dat? Want eronder kom ik op totaal 7. Van rechts naar links. Eerst 4 vaste dan 9 losse. Onder de bloem heb je totaal 4 losse en 3 vaste is 7 totaal. Groetjes lydia. P.s Die vest is geweldig mooi ga ik maken

DROPS Design 12.03.2019 kl. 15:09:

Dag Lydia,

Bij A.1 haak je dan inderdaad eerst 4 vasten en dan A.1 en overgang naar A.2, 9 lossen, warna je weer een vaste maakt bovenop de 'bloem'.

Jill 08.08.2018 - 15:36:

Please help me with the ffg questions what does work 1 dc in each 4 whole ch-spaces (i.e. ch-spaces with 2 ch), work 1 dc in next dc means? work 24 dc evenly over the next 10 ch-spaces?work 1 dc in the next dc and 1 dc around next chain space? does it mean that the back part has 3 parts also?

DROPS Design 03.09.2018 kl. 14:42:

Dear Jill, you continue working the next 4 whole ch-spaces as before and work trebles at the beg of row, after the 4 whole ch-spaces, 24-26 tr (see size) over the next 10-11 ch-spaces ... ie you will work this row with trebles and ch-spaces (as in diagram A.5/A.7). Happy crocheting!

Joan Co 07.08.2018 - 15:20:

Help I'm stuck in right front piece. after i finish the 4th row on A.4. what will i do next? it say (rep 2nd and 3rd row in A.5 and A.6 vertically) does it mean i will not work on A.4 for 2 rows? then rep 3rs and 4th row in diagram A.4 (does it mean i wil not work on A.5 and A.6 for 3rows?

DROPS Design 07.08.2018 kl. 15:50:

Dear Mrs Co, while working A.4 to the 4th row including, you repeat row 2 and 3 in A.5 and A.6. Then repeat row 3 and 4 in A.4 and at the same time continue working A.5 and A.6 repeating row 2 and 3. Happy crocheting!

Joan Co 04.08.2018 - 00:16:

Hi i would like to know if after the 2" base before going to start the diagram A1 - A3 shoud i have 166 dc row? then start the row 2 of diagram? i do that and i end up having around 21 (A2 repeats) on row 3 of the diagram.

DROPS Design 04.08.2018 kl. 23:35:

Dear Joan, if you are making size S, then yes, you should end up with a row of 166 dc. Then as you crochet the second row of the patterns you do pattern A.1 (= 8)+ Pattern A.2 (19x8= 152), + A.3 (=7) that is all together 167 stitches (including th on to turn with. Happy Crocheting!

Nina Schmidt 20.06.2018 - 11:41:

Ich scheitere leider schon an der ersten Reihe... \"dann je 1 Stb in die nächsten 3-5-3-1-1-5 Lm, Ich lese es so: Stäcbchen nach 3 LM, dann Stäbchen nach 5 LM, nach 3 LM .... das wird bei mir aber eher \"kringelig\" danach folgen ja dann die 6 Stäbchen, eine LM auslassen... dieser 3-5-3-1-1-5 taucht für mich nirgendwo mehr auf, lese ich da was falsch?

DROPS Design 20.06.2018 kl. 11:59:

Liebe Frau Schmidt, diese 3-5-3-1-1-5 Maschen sind je für die Größe, dh je nach der Größe werden Sie 1 Stb in die nächsten 3 Lm (= in S und L), in die nächsten 5 Lm (M und XXXL) und in die nächste (= 1) Lm (in XL und XXL). Beim Lm überspringen wird der erste Reihe nicht zu eng. Viel Spaß beim häkeln!

Nadine 09.06.2018 - 04:04:

Hi, I am confused about 2nd part of pattern: (after decreases), “ then work pattern from 2nd row in A 1,2,&3 as before (but work 16 repetitions of A2). Does this mean instead of working 8, I work 16 stitches? Also, do I work A3 continuously with A1&2 or at the end of row? Thank you in advance for your help😀

DROPS Design 11.06.2018 kl. 08:41:

Dear Nadine, before decreasing you had to repeat A.2 a total of 19 times, but now you have decreased 32 sts and there are enough sts to work 16 repeats of A.2 (= 8 sts a total of 16 times in width). From RS work: A.1, repeat A.2 and finish with A.3 and from WS work: A.3, repeat A.2 and finish with A.1, always read diagram from the bottom corner on the right side towards the left from RS and from the left towards the right from WS. Happy crocheting!

Laat een opmerking achter voor DROPS 167-19

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.