DROPS / 119 / 9

Edge of Summer by DROPS Design

DROPS omslagdoek met blaadjes randen van ”Alpaca” en ”Kid-Silk”. DROPS design: Model nr. Z-475.

--------------------------------------------------------
Maten:
Breedte aan de bovenkant: ongeveer 102 cm
Lengte middenachter: ongeveer 48 cm
Materiaal: DROPS ALPACA van Garnstudio,
150 gr. kleur nr. 100, eco naturel
en gebruik: DROPS KID SILK van Garnstudio,
150 gr. kleur nr. 01, naturel

DROPS RONDBREINLD (80 cm) 5 mm - of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 19 st x 25 nld in tricotst met 1 draad Alpaca en 2 draden Kid-Silk = 10 x 10 cm.
--------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

100% alpaca
vanaf 3.50 € /50g
DROPS Alpaca uni colour DROPS Alpaca uni colour 3.50 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Alpaca mix DROPS Alpaca mix 3.69 € /50g
Breiwebshop
Bestel

75% mohair, 25% zijde
vanaf 3.99 € /25g
DROPS Kid-Silk uni colour DROPS Kid-Silk uni colour 3.99 € /25g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Kid-Silk long print DROPS Kid-Silk long print 3.99 € /25g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 34.44€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

--------------------------------------------------------
RIBBELST (heen en weer gebreid op de nld):
brei alle nld recht.

PATROON:
Zie telpatronen M.1 en M.2. De telpatronen geven de goede kant van het werk weer. Zowel de heengaande als de teruggaande naalden zijn weergegeven.
--------------------------------------------------------
--------------------------------------------------------

OMSLAGDOEK:
Vanwege het grote aantal st, wordt deze omslagdoek heen en weer gebreid op de rondbreinld. De omslagdoek wordt als volgt gebreid: u begint bij de hals middenachter aan de bovenkant van de sjaal met een klein aantal steken en gaandeweg meerdert u in het midden en aan beide zijkanten. Zo ontstaat een grote driehoek. U eindigt dus met de onderrand, die loopt van de punt aan de linkerkant naar beneden naar de punt onder in het midden en weer omhoog naar de punt aan de rechterkant.

Zet 19 st op met rondbreinld 5 mm en 1 draad Alpaca en 2 draden Kid-Silk.
Ga verder als volgt (eerste nld = goede kant): M.1, 1 RIBBELST - zie boven, M.2. Meerder in de 3e nld 1 st aan iedere kant van de ribbelst in het midden en herhaal dit meerderen elke 4e nld in totaal 4 keer. Meerder door 1 omsl te maken, brei in de volgende nld de omsl recht achter in de st om een gaatje te voorkomen. Brei de gemeerderde st in ribbelst.

Na 1 vertikale herhaling van M.1/M.2 staan er 27 st op de nld. Plaats 1 markeerdraad na 12 st en 1 markeerdraad na 15 st (3 st tussen markeerders = het midden van de omslagdoek). Meet nu het werk vanaf hier.
Ga verder als volgt (eerste nld = goede kant): M.1, 3 tricotst (= Recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant), M.2.
Meerder TEGELIJKERTIJD 1 st aan iedere kant van de 3 tricotst in het midden om de nld en meerder TEGELIJKERTIJD 1 st aan iedere kant naast M.1/M.2 elke 6e nld. Maak alle meerderingen aan de goede kant en meerder door 1 omsl te maken, brei de omsl in tricotst in de teruggaande naald zodat u gaatjes krijgt (zie de foto). Kant bij een hoogte van ongeveer 42 cm vanaf de markeerdraad (gemeten in de breirichting) 3 st af in het midden van het werk en brei iedere kant apart verder.

LINKERKANT:
Ga verder in M.2 aan de zijkant, ga TEGELIJKERTIJD verder en meerder 1 st naast M.2 elke 6e nld als hiervoor. Kant TEGELIJKERTIJD 2 st af aan het begin van iedere nld aan de goede kant. Ga zo verder tot alleen de st van M.2 over zijn op de nld. Brei M.3 af = 9 st op de nld. Kant alle st af.

RECHTERKANT:
Ga verder in M.1 aan de zijkant, ga TEGELIJKERTIJD ga verder met 1 st meerderen naast M.1 elke 6e nld als hiervoor. Kant TEGELIJKERTIJD 2 st af aan het begin van iedere nld aan de verkeerde kant. Ga zo verder tot alleen de st van M.1 over zijn op de nld. Brei M.1 af = 9 st op de nld. Kant alle st af.

Telpatroon

= recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
= averecht aan de goede kant, recht aan de verkeerde kant
= 1 omsl tussen 2 st
= brei 2 st in 1 st
= 1 st r afh, 1 st r, afgeh st overh
= 2 st recht samen
= 1 st r afh, 2 st recht samen, afgeh st overh
= 2 st av samen, kant de overgebleven st af
= kant af st
= 2 st av samen

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 119-9) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (21)

Anna 10.08.2018 - 19:01:

Bonjour, vous dites que les diagrammes montrent les motifs sur l'endroit. Est-ce que cela veut dire que ce sont seulement les rang impairs (1,3,5 etc)? Si c'est le cas comment on tricote les rang sur l'envers? Merci

DROPS Design 13.08.2018 kl. 08:58:

Bonjour Anna, tous les rangs du motif sont représentés dans le diagramme, vus sur l'endroit. Tricotez les mailles sur l'endroit comme indiqué (= case blanche = jersey end & croix = jersey envers par exemple et 1 case blanche/1 croix alternativement = point mousse). Lisez les diagrammes de bas en haut, de droite à gauche sur l'endroit et de gauche à droite sur l'envers. Bon tricot!

Dominique Coffinet 16.01.2018 - 18:32:

Bonjour, Je ne comprends pas bien vos explications. Une fois que l’on a tricoté M1 et M2 la première fois j’ai bien 27 mailles. Vous dites de placer un marqueur après 12m et après 15m cela fait bien 27m. Donc d’ou Viennent les 3 mailles centrales que l’on doit avoir entre les marqueurs? Merci pour votre aide Sincèrement Dominique

DROPS Design 17.01.2018 kl. 08:27:

Bonjour Mme Coffinet, les marqueurs sont espacés de 3 mailles, vous placez le 1er après les 12 premières mailles et le 2ème après les 15 premières mailles = après les 3 mailles suivantes. Bon tricot!

Birgit 20.02.2017 - 17:50:

Vielen Dank für die schnelle Antwort. Sollte noch ein Problem auftauchen wende ich mich gerne wieder an Sie.👌🏻☺️

Birgit 19.02.2017 - 14:45:

Also , ich habe folgendes zweimal durchprobiert:in der 3.reihe neben der mittelmasche 2 Maschen zugenommen. Dann in jeder 4.reihe ( insegamt 4 mal) 2 Maschen neben der mittelmasche zugenommen.das letze Zeichen im Diagramm bedeutet wohl 2 Maschen links zusammen,habe ich so gestrickt.in der letzten Reihe (M2) werden da insgesamt 6 m abgenommen?2 m links zusammen, die Masche abketten und dann noch 4 Maschen abketten? So komme ich am Ende auf 29 Maschen. Nehme ich also irgendwo 2 M Zuviel auf?

DROPS Design 20.02.2017 kl. 10:17:

Liebe Birgit, in der vorletzten Reihe in M.1 werden die ersten 5 M abgekettet (nich abgenommen), in der letze Reihe in M.2 stricken Sie zuerst 2 M li zs, dann solle Sie 4 M abketten (= ins 5 M abketten) = 9 M sind jetzt übrig in M.1 und in M.2, so können Sie bei der nächsten Reihe die beide Diagramme noch einmal in der Höhe stricken. Viel Spaß beim stricken!

Birgit 18.02.2017 - 12:19:

Eine Frage: was bedeutet...und bei jeder 4.R. total 4 mal wiederholen? In der 3.Reihe beidseitig der Mittelmasche eine Masche zunehmen ist klar, und dann... Dann wäre noch die Bedeutung des letzten Zeichens vom Diagramm zu klären, gehe aber von 2M. Rechts zusammen stricken aus. Vielen Dank erstmal.

DROPS Design 20.02.2017 kl. 09:30:

Liebe Birgit, am 3. Reihe von Ansshchlagskante (= Hinreihe) 1 M auf beiden Seiten der mittleren zunehmen (= nach M.1 und vor M.2), dann 3 Reihe stricken (M1 und M2 wie im Diagram stricken), und am 4. Reihe diese Zunahme wiederholen, und so weiter stricken, dh in jeder 4. R werden Sie 2 M (= beidseitig der mittleren M) zunehmen. Das letze Zeichen = 2 M li zs (wird bald ergänzt). Viel Spaß beim stricken!

Kaija 11.01.2013 - 07:20:

Kaunis malli, mutta ohje ei aukene millään. Voisitteko laittaa yksityiskohtaisemmat ohjeet sähköpostiini?

DROPS Design 14.01.2013 kl. 16:30:

Ohje kyllä aukenee hyvin. Yritä vaan uudestaan! Joskus, kun sivujen kävijämäärä on suuri, voi kestää hieman pidempään ennen kuin tietty sivu aukeaa.

Ingalill 20.05.2012 - 20:16:

Är dessa ökningar något utöver de som finns i M1 och M2? Beskrivningen är otydlig -- varför inte göra en gemensamt diagram för M1 och M2? På det 3:e v börjar man öka 1 m på varje sida om den rätst m i mitten, upprepa på vart 4:e v totalt 4 ggr. Öka genom att göra ett omslag, på nästa v stickas omslaget vridet rät (dvs. sticka i den bakre maskbågen i stället för i den främre) för att slippa hål. De ökade m stickas in i rätst.

DROPS Deutsch 30.12.2011 - 18:35:

M1 (9 M.) + 1 M. Krausrippe + M2 (9 M.) = 19 Maschen

Franziska 30.12.2011 - 15:14:

Ich weiß nicht so kenau was ich machen soll nach dem ich die 19 Maschen angeschlagen habe stricke ich M1 und 2 Krausrippe und dann M2?

DROPS Design NL 11.05.2010 - 13:34:

Beste Dragica. U begint met de 19 st en meerdert zoals er wordt aangegeven. U breit eerst op de goede kant: M.1 (9 st), 1 ribbelst en M.2 (9 st). In deze eerste naald zijn er 2 omslagen in zowel M.1 als M.2. Dwz, u meerdert hier 4 st. Brei de teruggaande naald (2e rij van het telpatroon. Brei door zoals beschreven. Ik hoop dat het nu duidelijker is. Gr. Tine

Laat een opmerking achter voor DROPS 119-9

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.