White Dreams Cardigan#whitedreamscardigan |
|||||||||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
||||||||||||||||||||||||
Gebreid vest in DROPS Paris. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met raglan en tricotsteek en golfpatroon. Maat XS – XXXL.
DROPS 266-12 |
|||||||||||||||||||||||||
|
---------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ---------------------------------------------------------- RIBBELSTEEK: Recht op alle naalden, dus recht aan de goede kant en recht aan de verkeerde kant. 1 ribbel in de hoogte = brei 2 naalden recht. VOORBIES MET PUNNIKRAND: BEGIN VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt: Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant van het werk, 1 recht en brei 5 steken in ribbelsteek. EINDE VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt: Brei tot er 7 steken over zijn op de naald, brei 5 steken in ribbelsteek, haal 1 steek averecht af met de draad voor het werk, 1 recht. Brei op dezelfde manier aan zowel de goede kant als de verkeerde kant. PATROON: Zie telpatronen A.1 tot A.4. De telpatronen tonen alle naalden in het patroon aan de goede kant gezien. Lees het telpatroon van rechts naar links als u aan de goede kant breit en van links naar rechts als u aan de verkeerde kant breit. RAGLAN: Meerder 1 steek door 1 omslag te maken, brei op de volgende naald de omslagen zoals uitgelegd hieronder: VOOR DE RAGLANSTEKEN (= draai de omslag naar links): Brei de omslag averecht in de lus achter de naald - om gaatjes te voorkomen. NA DE RAGLANSTEKEN (= draai de omslag naar rechts): Haal de omslag averecht af, zet de omslag omgekeerd terug op de linker naald door de linker naald van achteren in de omslag te steken. Brei de omslag averecht in de lus aan de voorkant van de naald - om gaatjes te voorkomen. KNOOPSGATEN: Minder voor de knoopsgaten op de rechter voorbies (als het kledingstuk gedragen wordt). Minder aan de goede kant als er 5 steken over zijn op de naald als volgt: NAALD 1 (= goede kant): Maak 1 omslag, 2 recht samen, 1 recht, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant van het werk, 1 recht.NAALD 2 (= verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor en brei de omslag recht om een knoopsgat te maken. Minder voor het eerste knoopsgat op de eerste naald aan de goede kant nadat de halsrand is gebreid. Minder dan de volgende 8-8-8-8-9-9-9 knoopsgaten met ongeveer 4½-4½-5-5-4½-5-5 cm tussen elkaar. Plaats het onderste knoopsgat ongeveer in de overgang tussen tricotsteek en boordsteek. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, ontstaat er een klein gaatje in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouwen. De gaatjes kunnen gesloten worden door de draad tussen twee steken op te nemen - brei deze draad gedraaid samen met de eerste steek tussen het lijf en de mouw om het gaatje te sluiten. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd). ---------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ---------------------------------------------------------- VEST - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: In dit patroon worden naalden van verschillende lengtes gebruikt, begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Brei de halsrand en de pas heen en weer gebreid op de rondbreinaald vanaf midden voor, brei van boven naar beneden. Als de pas klaar is, verdeel dan het werk voor het lijf en de mouwen. Brei het lijf naar beneden heen en weer gebreid op de rondbreinaald terwijl u de mouwen aan de kant legt. Brei dan de mouwen naar beneden in de rondte op de naald. HALSRAND: Zet 107-109-115-117-123-125-131 steken op rondbreinaald 3.5 mm met DROPS Paris. Brei dan als volgt: Aan de verkeerde kant: Brei 7 steken VOORBIES MET PUNNIKRAND, brei averecht tot er 7 steken over zijn op de naald, brei 7 steken voorbies met PUNNIKRAND. Brei nog 2 naalden in tricotsteek en voorbiessteken aan elke kant, brei de volgende naald aan de goede kant: Ga verder als volgt: Aan de goede kant: Brei de voorbies zoals hiervoor, brei boordsteek (= 1 recht/1 averecht) tot er 8 steken over zijn, 1 recht, brei de voorbies zoals hiervoor. Aan de verkeerde kant: Brei de voorbies zoals hiervoor, brei boordsteek (= 1 averecht/1 recht) tot er 8 steken over zijn, 1 averecht, brei de voorbies zoals hiervoor. Brei deze 2 naalden 1 keer = 4 naalden boordsteek. PAS: Ga verder met rondbreinaald 5 mm. Voeg 4 markeerders in het werk zonder de steken te breien, voeg de markeerders in een steek, deze steken worden raglansteken genoemd en het meerderen voor de raglan wordt aan elke kant van de raglansteken gedaan. Tel 20-20-22-22-24-24-26 steken (= linker voorpand), voeg 1 markeerder in de volgende steek, tel 19 steken (= mouw), voeg 1 markeerder in de volgende steek, tel 25-27-29-31-33-35-37 steken (= achterpand), voeg 1 markeerder in de volgende steek, tel 19 steken (= mouw), voeg 1 markeerdraad in de volgende steek. Er zijn 20-20-22-22-24-24-26 steken over op de naald na de laatste markeerder (= rechter voorpand). Voeg 1 markeerder in aan de binnenkant van de voorbies aan een kant van het werk (= midden voor), meet het werk vanaf deze mark markeerder. Brei patroon en tricotsteek heen en weer gebreid met biezen zoals hiervoor en meerder voor de RAGLAN aan elke kant van de raglansteken - lees uitleg hierboven voor de meerdermethode. Denk om het minderen voor de knoopsgaten - lees uitleg hierboven. Patroon- en raglanmeerderingen beginnen tegelijkertijd, dus lees de volgende 2 delen door voordat u verder gaat. PATROON: Linker voorpand: 7 voorbiessteken zoals hiervoor, A.1, 0-0-2-2-4-4-6 steken in tricotsteek, 1 raglansteek in tricotsteek. Mouw: tricotsteek Achterpand: tricotsteek Mouw: tricotsteek Rechter voorpand: 1 raglansteek in tricotsteek, 0-0-2-2-4-4-6 steken in tricotsteek, A.2, 7 voorbiessteken zoals hiervoor. Als A.1 en A.2 een keer in de hoogte zijn gebreid, ga dan verder met A.3 over A.1 en A.4 over A.2. RAGLAN: NAALD 1 (= goede kant): Brei patroon, tricotsteek en biezen zoals hiervoor en meerder voor de raglan aan elke kant van elke raglansteek (= 8 steken gemeerderd) NAALD 2 (= verkeerde kant): Brei patroon, tricotsteek en biezen zoals hiervoor (denk om de omslagen zoals uitgelegd in RAGLAN). Brei de 1e en 2e NAALD 3-1-6-7-6-5-5 keer in totaal (= 6-2-12-14-12-10-10 naalden zijn gebreid) = 135-121-167-177-175-169-175 steken op de naald. Denk om de stekenverhouding! Brei dan en meerder voor de raglan als volgt: NAALD 1 (= goede kant): Brei patroon, tricotsteek en biezen zoals hiervoor, en meerder voor de raglan aan elke kant van elke raglansteek (= 8 steken gemeerderd) NAALD 2 (= verkeerde kant): Brei patroon, tricotsteek en biezen zoals hiervoor (denk om de omslagen zoals uitgelegd in RAGLAN). NAALD 3 (= goede kant): Brei patroon, tricotsteek en biezen zoals hiervoor en meerder voor de raglan op de voorpanden en het achterpand, dus meerder voor de 1e en 3e markeerder en na de 2e en 4e markeerder - meerder geen steken op de mouwen (= 4 steken gemeerderd). NAALD 4 (= verkeerde kant): Brei patroon, tricotsteek en biezen zoals hiervoor (denk om de omslagen zoals uitgelegd in RAGLAN). Brei de 1e tot 4e NAALD in totaal 10-12-10-11-13-15-16 keer (= 40-48-40-44-52-60-64 naalden gebreid = 10-12-10-11-13-15-16 meerderingen op de mouwen en 20-24-20-22-26-30-32 meerderingen op de voorpanden/het achterpand) = 255-265-287-309-331-349-367 steken op de naald. Alle meerderingen voor de raglan zijn klaar, er zijn in totaal 23-25-26-29-32-35-37 meerderingen op het voorpanden/achterpand en 13-13-16-18-19-20-21 meerderingen op de mouwen. Brei patroon, tricotsteek en voorbies zoals hiervoor, zonder te meerderen, tot het werk ongeveer 21-23-24-27-29-32-34 cm meet vanaf de markeerder midden voor. Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: TEGELIJKERTIJD als de volgende naald wordt gebreid verdeelt u de pas voor het lijf en de mouwen als volgt: Brei 46-48-51-54-59-62-66 steken zoals hiervoor (= voorpand), zet de volgende 45-45-51-55-57-59-61 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 10-12-14-16-18-20-20 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw), brei 73-79-83-91-99-107-113 steken zoals hiervoor (= achterpand), zet de volgende 45-45-51-55-57-59-61 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 10-12-14-16-18-20-20 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw) en brei de laatste 46-48-51-54-59-62-66 steken zoals hiervoor (= voorpand). Brei het lijf en de mouwen apart verder. LIJF: = 185-199-213-231-253-271-285 steken. Brei patroon, tricotsteek en voorbies zoals hiervoor tot het werk 36-38-40-42-43-45-47 cm meet vanaf de markeerdraad midden voor. Begin op de volgende naald aan de goede kant met boordsteek terwijl u TEGELIJKERTIJD 18-20-20-22-24-26-28 steken verdeeld meerdert op de naald (meerder niet over de biezen) = 203-219-233-253-277-297-313 steken, brei dan als volgt: Ga verder met rondbreinaald 3.5 mm, brei voorbies zoals hiervoor, brei boordsteek (= 1 recht/1 averecht - denk om het meerderen) tot er 8 steken over zijn, 1 recht en voorbies zoals hiervoor. Als de boordsteek 4-4-4-4-5-5-5 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht. Het vest meet 40-42-44-46-48-50-52 cm vanaf de markeerder midden voor en ongeveer 46-48-50-52-54-56-58 cm vanaf de bovenkant van de schouder. MOUWEN: Zet de 45-45-51-55-57-59-61 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 5 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 10-12-14-16-18-20-20 opgezette steken onder de mouw– lees MOUWTIP = 55-57-65-71-75-79-81 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de nieuwe steken onder de mouw. Brei in tricotsteek in de rondte op de naald - TEGELIJKERTIJD als de mouw 1 cm meet vanaf de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN en minder als volgt: Minder 2 keer 2 steken in iedere tweede naald, minder dan 2 steken 2-2-5-7-8-9-9 keer iedere 4-4-4-3½-3-2½-2½ cm = 47-49-51-53-55-57-59 steken op de naald. Brei tot de mouw 39-37-37-34-32-29-27 cm meet vanaf de scheiding. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3.5 mm en brei boordsteek (= 1 recht/1 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 9-9-9-11-11-11-11 steken verdeeld meerdert op de 1e naald = 56-58-60-64-66-68-70 steken. Als de boordsteek 6-6-6-6-7-7-7 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht. De mouw meet ongeveer: 45-43-43-40-39-36-34 cm vanaf de scheiding. AFWERKING: Naai de knopen aan de linker voorbies. |
|||||||||||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
|||||||||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #whitedreamscardigan of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 48 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|||||||||||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 266-12
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.