Waterline Cardigan#waterlinecardigan |
|
![]() |
![]() |
Gebreid vest in DROPS Air. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid in tricotsteek, met zadelschouders, rolhalsrand en PUNNIKRAND. Maten XS - XXXL.
DROPS 266-8 |
|
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid): Brei alle naalden recht, aan zowel de goede als de verkeerde kant. 1 ribbel in de hoogte = brei 2 naalden recht. TIP VOOR HET MEERDEREN-1 (aan de goede kant): MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS VOOR DE MARKEERDRAAD: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus aan de voorkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS NA DE MARKEERDER: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. TIP VOOR HET MEERDEREN-2 (op de verkeerde kant): MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS VOOR DE MARKEERDRAAD: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht door de lus aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS NA DE MARKEERDER: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht door de lus aan de voorkant van de naald. BIEZEN MET PUNNIKRAND: BEGIN VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt (7 steken): Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei 5 ribbelsteken. EINDE VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt (7 steken): Brei tot er 7 steken over zijn op de naald, brei 5 ribbelsteken, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. Brei zo aan zowel de goede als de verkeerde kant. KNOOPSGATEN: Brei de knoopsgaten op de rechter voorbies (als het kledingstuk gedragen wordt) aan de goede kant, als er 5 steken over zijn op de naald als volgt: NAALD 1 (goede kant): Maak 1 omslag, 2 recht samen, 1 recht, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat. Het eerste knoopsgat wordt op de eerste naald aan de goede kant gebreid nadat de steken voor de biezen zijn opgezet. Brei dan de andere 4-4-5-5-5-6-6 knoopsgaten met 10½-10½-9-9-9½-8-8½ cm tussen elk. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje ontstaan in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd). ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- VEST – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. De pas wordt heen en weer gebreid terwijl u meerdert voor de halslijn. Als de pas klaar is, wordt het verdeeld voor het lijf en de mouwen. Het lijf wordt heen en weer afgewerkt, terwijl de mouwen wachten. De mouwen worden van boven naar beneden in de rondte gebreid. Er worden steken opgenomen rondom de halslijn en de hals wordt op het einde heen en weer gebreid. PAS: Zet 66-68-70-70-72-72-74 steken op met rondbreinaald 5 mm en DROPS Air. Voeg 4 markeerders in, elk tussen 2 steken en zonder de steken als volgt te breien - deze markeerders worden gebruikt bij het meerderen voor de zadelschouders, mouwen en pas: Tel 2 steken (= voorpand), voeg markeerdraad-1 in voor de volgende steek. Tel 18 steken vanaf markeerdraad-1, voeg markeerdraad-2 in voor de volgende steek (= mouw). Tel 26-28-30-30-32-32-34 steken vanaf markeerdraad-2 (= achterpand), voeg markeerdraad-3 in voor de volgende steek. Tel 18 steken vanaf markeerdraad-3, voeg markeerdraad-4 in voor de volgende steek (= mouw). Er zijn 2 steken over na markeerdraad-4 (= voorpand). Brei tricotsteek heen en weer gebreid, meerder voor de schouders en zet steken op voor de voorkant van de halslijn als volgt - u meerdert alleen op de voor- en achterpanden, het aantal steken op de mouwen blijft hetzelfde: NAALD 1 (goede kant) – lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1: * Brei recht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken recht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links *, brei van *-* 1 keer, brei recht tot het einde van de naald, zet 2 steken op = 72-74-76-76-78-78-80 steken. NAALD 2 (verkeerde kant) – lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2: * Brei averecht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting links, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken averecht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting rechts *, brei van *-* 1 keer, brei averecht tot het einde van de naald, zet 2 steken op = 78-80-82-82-84-84-86 steken. NAALD 3 (goede kant): * Brei recht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken recht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links *, brei van *-* 1 keer, brei recht tot het einde van de naald, zet 2 steken op = 84-86-88-88-90-90-92 steken. NAALD 4 (verkeerde kant): * Brei averecht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting links, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken averecht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting rechts *, brei van *-* 1 keer, brei averecht tot het einde van de naald, zet 2 steken op = 90-92-94-94-96-96-98 steken. NAALD 5 (goede kant): * Brei recht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken recht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links *, brei van *-* 1 keer, brei recht tot het einde van de naald, zet 3 steken op = 97-99-101-101-103-103-105 steken. NAALD 6 (verkeerde kant): * Brei averecht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting links, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken averecht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting rechts *, brei van *-* 1 keer, brei averecht tot het einde van de naald, zet 3 steken op = 104-106-108-108-110-110-112 steken. NAALD 7 (goede kant): * Brei recht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken averecht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links *, brei van *-* 1 keer, brei recht tot het einde van de naald en zet 11-12-13-13-14-14-15 steken op voor de halslijn = 119-122-125-125-128-128-131 steken. NAALD 8 (verkeerde kant): Brei de eerste 7 steken volgens BIEZEN MET PUNNIKRAND – lees uitleg hierboven, * brei averecht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting links, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken averecht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting rechts *, brei van *-* 1 keer, brei averecht tot het einde van de naald en zet 11-12-13-13-14-14-15 steken op = 134-138-142-142-146-146-150 steken. Er zijn 28-29-30-30-31-31-32 steken op elk voorpand, 18 steken op elke mouw en 42-44-46-46-48-48-50 steken op het achterpand. U heeft in totaal 8 keer gemeerderd voor de zadelschouders. MEERDEREN VOOR ZADELSCHOUDERS: Ga verder met tricotsteek heen en weer gebreid, brei biezen met PUNNIKRAND aan elke kant. Ga verder met meerderen voor de zadelschouders. Brei het eerste knoopsgat – lees uitleg hierboven. NAALD 1 (goede kant): * Brei recht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken recht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links *, brei van *-* 1 keer, brei recht tot het einde van de naald (4 gemeerderde steken). NAALD 2 (verkeerde kant): * Brei averecht tot de eerste/volgende markeerder, meerder 1 steek richting links, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 18 steken averecht (= mouw), verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting rechts *, brei van *-* 1 keer, brei averecht tot het einde van de naald (= 4 gemeerderde steken). Brei NAALDEN 1 en 2 tot u 10 keer heeft gemeerderd – in totaal 18 meerderingen in de hoogte voor de zadelschouders, inclusief de meerderingen op de halslijn = 174-178-182-182-186-186-190 steken. Denk om de stekenverhouding. Er zijn 38-39-40-40-41-41-42 steken op elk voorpand, 18 steken op elke mouw en 62-64-66-66-68-68-70 steken op het achterpand. Meerder nu voor de mouwen. MEERDEREN VOOR DE MOUWEN: Meerder alleen op de mouwen, het aantal steken op de voor- en achterpanden blijft hetzelfde. Brei tricotsteek en de biezen en meerder 4 steken op elke naald aan de goede kant als volgt - denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1: NAALD 1 (goede kant): * Brei naar de eerste/volgende markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht naar de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, *, brei van *-* 1 keer, brei recht tot het einde van de naald (= 4 gemeerderde steken). NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei averecht tot er 7 steken over zijn, brei de voorbies zoals hiervoor. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 10-10-10-10-8-5-3 keer (20-20-20-20-16-10-6 naalden gebreid) = 214-218-222-222-218-206-202 steken. Er zijn 38-39-40-40-41-41-42 steken op elk voorpand, 38-38-38-38-34-28-24 steken op elke mouw en 62-64-66-66-68-68-70 steken op het achterpand. Meerder nu voor zowel de pas als de mouwen als volgt. MEERDEREN VOOR DE PAS: Brei tricotsteek en meerder op zowel de mouwen als de voor- en achterpanden, meerder 8 steken op elke naald aan de goede kant (dus meerder 1 steek voor en na elke markeerder) als volgt: NAALD 1 (goede kant): * Brei tot er 1 steek over is voor de eerste markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 1 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 1 recht, meerder 1 steek richting links *, Brei van *-* 1 keer, brei recht tot het einde van de naald (8 gemeerderde steken). NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei averecht tot er 7 steken over zijn, brei de voorbies zoals hiervoor. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 6-8-10-12-15-20-23 keer (12-16-20-24-30-40-46 naalden gebreid) = 262-282-302-318-338-366-386 steken. Er zijn 44-47-50-52-56-61-65 steken op elk voorpand, 50-54-58-62-64-68-70 steken op elke mouw en 74-80-86-90-98-108-116 steken op het achterpand. Het werk meet ongeveer 20-21-23-25-26-28-29 cm vanaf de buitenkant op de schouder (= 5 cm schouderdiepte en 15-16-18-20-21-23-24 cm mouwmeerderingen). Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Brei 44-47-50-52-56-61-65 steken zoals hiervoor (= voorpand), plaats de volgende 50-54-58-62-64-68-70 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-6-8-10-10-12 steken op (midden onder de mouw), brei 74-80-86-90-98-108-116 steken zoals hiervoor (= achterpand), plaats de volgende 50-54-58-62-64-68-70 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-6-8-10-10-12 steken op (midden onder de mouw), brei de laatste 44-47-50-52-56-61-65 steken zoals hiervoor (= voorpand). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. LIJF: = 170-186-198-210-230-250-270 steken. Ga verder met tricotsteek en de biezen heen en weer gebreid tot het werk 46-48-50-52-53-55-57 cm meet vanaf de opzetrand midden achter. Begin op de volgende naald aan de goede kant met de boordsteek, meerder tegelijkertijd 29-29-31-35-35-39-43 steken verdeeld op de naald (meerder niet over de biezen) = 199-215-229-245-265-289-313 steken. Ga verder met rondbreinaald 3.5 mm. Brei de voorbies zoals hiervoor, brei boordsteek (1 recht, 1 averecht - denk om het meerderen) tot er 8 steken over zijn, 1 recht en brei de voorbies zoals hiervoor. Als de boordsteek 4-4-4-4-5-5-5 cm meet, kant dan af. Het vest meet ongeveer 50-52-54-56-58-60-62 cm vanaf de opzetrand midden achter. MOUWEN: Plaats de 50-54-58-62-64-68-70 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 5 mm en neem 1 steek op in elk van de 4-6-6-8-10-10-12 opgezette steken onder de mouw – lees MOUWTIP = 54-60-64-70-74-78-82 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de 4-6-6-8-10-10-12 steken onder de mouw. De naald begint bij de markeerdraad. Brei in tricotsteek in de rondte. TEGELIJKERTIJD, als de mouw 1 cm meet vanaf de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN als volgt: Minder 2 keer 2 steken iedere 2e naald, minder dan 2 steken iedere 4-4-4-3½-3-3-2 cm, 1-3-4-6-7-8-9 keer = 48-50-52-54-56-58-60 steken. Brei verder tot de mouw 35-35-34-33-31-30-30 cm meet vanaf de scheiding. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3.5 mm. Brei boordsteek (1 recht, 1 averecht), meerder tegelijkertijd 4-6-6-6-6-6-6 steken verdeeld op de eerste naald = 52-56-58-60-62-64-66 steken. Als de boordsteek 4-4-4-4-5-5-5 cm meet, kant dan af met boordsteek. De mouw meet ca. 39-39-38-37-36-35-35 cm vanaf de scheiding. HALS: Gebruik rondbreinaald 3.5 mm. Begin aan de goede kant, midden voor en neem 113 tot 133 steken op langs de halslijn. Het aantal steken moet deelbaar zijn door 2+1. Brei de eerste naald aan de verkeerde kant als volgt: De voorbies zoals hiervoor, brei boordsteek (1 averecht, 1 recht) tot er 8 steken over zijn, 1 averecht en brei de voorbies zoals hiervoor. Brei deze boordsteek heen en weer gebreid voor 2-2-2-2-2½-2½-2½ cm, eindig na een naald aan de goede kant. Brei 3 naalden tricotsteek, met de biezen zoals hiervoor (= rolrand). Gebruik rondbreinaald 5 mm en kant af met recht aan de goede kant. AFWERKING: Naai de knopen op de linker voorbies. |
|
![]() |
|
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #waterlinecardigan of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 42 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|
Laat een opmerking achter voor DROPS 266-8
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.