DROPS / 213 / 16

Golden Moments by DROPS Design

Gebreide trui met raglan in DROPS Belle. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met kantpatroon, kabels en bobbels. Maat XS–XXL.

DROPS design: Patroon vs-062
Garengroep B
----------------------------------------------------------

MAAT:
XS - S - M - L - XL - XXL

MATERIAAL:
DROPS BELLE van garnstudio (behoort tot garengroep B)
400-450-500-550-600-650 g kleur 04, paardenbloem

STEKENVERHOUDING:
20 steken in de breedte en 26 naalden in de hoogte in tricotsteek = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 4.5 mm
DROPS RONDBREINAALD 4.5 mm: Lengte 40 en 80 cm voor tricotsteek.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 3.5 mm
DROPS RONDBREINAALD 3.5 mm: Lengte 40 en 80 cm voor de boordsteek.
DROPS KABELNAALD - voor de kabels.
De naalddikte is slechts een richtlijn! Als u te veel steken heeft op 10 cm, brei dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, brei dan verder met een kleinere naald.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

53% katoen, 33% viscose, 14% linnen
vanaf 2.40 € /50g
DROPS Belle uni colour DROPS Belle uni colour 2.40 € /50g
Bizzy Lizzy
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 19.20€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

----------------------------------------------------------

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.6. Kies het telpatroon voor uw maat (geldt voor A.1 en A.3).

TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld meerdert/mindert, neem het totaal aantal steken op de naald (dus 92 steken), deel deze steken door het aantal te maken meerderingen/minderingen (dus 28) = 3.2.
In dit voorbeeld meerdert u door 1 omslag te maken na ongeveer de 3e steek. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid om gaatjes te voorkomen.
Om te minderen in dit voorbeeld breit u ongeveer iedere 2e en 3e steek recht samen.

RAGLAN:
Meerder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 1 steek over is voor de markeerdraad, maak 1 omslag, 2 recht, (de markeerdraad zit tussen deze steken), 1 recht, maak 1 omslag. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen. Brei dan de nieuwe steken in patroon.

TIP VOOR HET MINDEREN (geldt voor de mouwen):
Als het kantpatroon en het minderen op dezelfde naald zijn, pas het dan zo aan dat het minderen op de volgende naald is.
Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad en brei 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.

TIP VOOR HET AFKANTEN:
Om een strakke afkantrand te voorkomen kunt u een grotere naald gebruiken. Als het nog steeds te strak is, brei dan 1 omslag na ongeveer iedere 4e steek terwijl u afkant (kant de omslagen af als normale steken).

----------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

----------------------------------------------------------

TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
De halsrand en de pas worden in de rondte gebreid op de rondbreinaald, van boven naar beneden. Verdeel nu de pas voor het lijf en mouwen. Het lijf wordt in de rondte gebreid op de rondbreinaald, van boven naar beneden. Brei de mouwen in de rondte op breinaalden zonder knop/korte rondbreinaald, van boven naar beneden.

HALSRAND:
Zet 92-92-96-100-108-112 steken op rondbreinaald 3.5 mm met Belle. Brei 1 naald recht. Brei dan boordsteek (= 2 recht/2 averecht) in de rondte voor 8 cm. Als de boordsteek klaar is, brei dan 1 naald recht en meerder 28-28-32-28-28-24 steken verdeeld - lees TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN = 120-120-128-128-136-136 steken. Brei 1 naald averecht en brei 1 naald recht. Ga verder met rondbreinaald 4.5 mm. Voeg 1 markeerdraad in na ongeveer 23-23-24-24-25-25 steken (= ongeveer midden achter op het achterpand), meet de pas vanaf deze markeerdraad!

PAS:
Voeg nu 4 markeerdraden in het werk zonder te breien: Voeg de eerste markeerdraad in op het begin van de naald (= in de overgang tussen de linker mouw en het achterpand), voeg de volgende markeerdraad in na 47-47-49-49-51-51 steken (= in de overgang tussen het achterpand en de rechter mouw), voeg de volgende markeerdraad in na 13-13-15-15-17-17 steken (= in de overgang tussen de rechter mouw en het voorpand), voeg de volgende markeerdraad in na 47-47-49-49-51-51 steken (= in de overgang tussen het voorpand en de linker mouw), er zijn 13-13-15-15-17-17 steken over op de naald na de laatste markeerdraad.
Brei nu in patroon – kies het telpatroon voor uw maat, als volgt: * 1 recht, maak 1 omslag, A.1 over de volgende 5-5-6-6-7-7 steken, A.2 over de volgende 35 steken, A.3 over de volgende 5-5-6-6-7-7 steken, maak 1 omslag, 2 recht (de markeerdraad is in het midden van deze 2 steken), maak 1 omslag, begin op de 5e-5e-4e-4e-3e-3e steek in A.4 en brei de volgende 11-11-13-13-15-15 steken, maak 1 omslag, 1 recht *, brei van *-* 1 keer op de naald. Er zijn 8 steken gemeerderd voor de RAGLAN - lees uitleg hierboven. Ga zo verder in patroon en meerder om de naald 22-26-29-31-35-39 keer in totaal = 296-328-360-376-416-448 steken, brei tegelijkertijd in patroon als volgt:
DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Patroon voor het voor- en achterpand:
Als A.1 en A.3 in de hoogte zijn gebreid, brei dan A.5 over de laatste 13 steken in A.1 en A.6 over de eerste 13 steken in A.3, brei de overgebleven steken richting elke raglan in tricotsteek tot er 16 meerderingen zijn gebreid voor de raglan. Brei dan, als u begint met het 3e kantpatroon in de hoogte op de mouwen (dus op de 33e naald op de pas), het kantpatroon (A.4) op dezelfde manier als op de mouwen. Dus er moeten altijd 1-1-2-2-3-3 rechte steken zijn tussen de omslag in het kantpatroon en het meerderen voor de raglan. Als u meer steken voor de raglan meerdert, brei dan zoveel hele kantpatroon als ruimte voor is.
Patroon mouwen:
Op de mouwen herhaalt u A.4 in de hoogte en brei zoveel kantpatronen als ruimte voor is in de breedte. Er moeten altijd 1-1-2-2-3-3 rechte steken tussen de omslag in het kantpatroon en het meerderen voor de raglan zijn.

Als alle meerderingen voor de raglan klaar zijn, meet het werk ongeveer 17-20-22-24-27-30 cm vanaf de markeerdraad. In maat XS gaat u verder in patroon (zonder meerderingen voor de raglan) tot het werk 20 cm meet vanaf de markeerdraad. Als het werk korter is dan 20-22-24-27-30 cm in maat S, M, L, XL en XXL ga dan verder in patroon (zonder meerderingen voor de raglan) tot de juiste afmetingen.
Brei de volgende naald als volgt:
Brei de eerste 91-99-107-111-121-129 steken (= achterpand), zet de volgende 57-65-73-77-87-95 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-8-12-12-16 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei de volgende 91-99-107-111-121-129 steken (= voorpand), zet de volgende 57-65-73-77-87-95 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-8-12-12-16 nieuwe steken op de naald (in de zijkant onder de mouw). Knip het garen af. Brei nu het lijf en de mouwen apart verder. MEET NU HET WERK VANAF HIER!

LIJF:
= 198-214-230-246-266-290 steken. Voeg 1 markeerdraad in aan elke kant, in het midden van de nieuw opgezette steken aan de zijkant onder de mouwen (= 4-4-4-6-6-8 nieuwe steken aan elke kant van de markeerdraad). Begin de naald in een zijkant. Ga verder in de rondte met het patroon zoals hiervoor en brei zoveel herhalingen van het kantpatroon als ruimte voor is richting elke kant (de kantpatronen moeten in de hoogte op elkaar aansluiten op dezelfde manier als eerder in het werk). Brei de overgebleven steken die niet in het kantpatroon passen richting elke kant in tricotsteek (= 6-4-2-6-5-5 steken tussen de markeerdraad in de zijkant en de buitenste omslag in kantpatroon richting de zijkant). Ga zo verder in de rondte zo tot het werk ongeveer 24-26-26-26-25-24 cm meet - pas aan op het einde na de 1e, 2e naald, 14e-18e naald of de 30e-34e naald in A.2.
Brei de volgende naald als volgt: * Brei de eerste 19-23-27-31-36-42 steken recht en meerder tegelijkertijd 6-6-6-8-9-9 steken verdeeld, brei recht boven recht en averecht boven averecht over de volgende 61 steken, brei de volgende 19-23-27-31-36-42 steken recht en minder tegelijkertijd 6-6-6-8-9-9 steken verdeeld, brei van *-* 1 keer op de naald = 222-238-254-278-302-326 steken. Brei de eerste 25-29-33-39-45-51 steken op de naald. Voeg hier een markeerdraad in. Dit is nu het begin van de naald. Brei nu boordsteek. Er zijn 2 varianten voor de boordsteek over de 61 steken in patroon. Als u eindigt na de 1e, 2e of 30e-34e naald in A.2 breit u boordsteek-1, en als u eindigt na de 14e-18e naald in A.2 brei dan boordsteek-2.
Boordsteek-1:
* Recht boven recht en averecht boven averecht over de eerste 18 steken, 2 recht, recht boven recht en averecht boven averecht over de volgende 21 steken, 2 recht, recht boven recht en averecht boven averecht over de volgende 18 steken, (2 recht/2 averecht) over de volgende 50-58-66-78-90-102 steken *, brei van *-* nog 1 keer op de naald.
Boordsteek-2:
* Recht boven recht en averecht boven averecht over de eerste 61 steken, (2 recht/2 averecht) over de volgende 50-58-66-78-90-102 steken *, brei van *-* nog 1 keer op de naald.

Ga zo verder tot de boordsteek ongeveer 4 cm meet. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht - lees TIP VOOR HET AFKANTEN. De trui meet ongeveer 51-53-55-57-59-61 cm vanaf de schouder naar beneden.

MOUWEN:
Zet de 57-65-73-77-87-95 steken van de hulpdraad in een zijkant terug op een korte rondbreinaald/breinaalden zonder knop maat 4.5 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 8-8-8-12-12-16 nieuw opgezette steken onder de mouw = 65-73-81-89-99-111 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de nieuwe steken. Neem de markeerdraad mee in de hoogte tijdens het breien. Gebruik de markeerdraad later bij het minderen onder de mouw. Brei in patroon in de verschillende maten als volgt:
Maat XS, S en M:
Ga verder in de rondte met zoveel kantpatroon als ruimte voor is op de naald. Brei de overgebleven steken onder de mouw in tricotsteek. Als de mouw 4 cm meet, begin dan met minderen onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo ongeveer iedere 0-10-5 cm 1-3-6 keer in totaal = 63-67-69 steken. Brei nu zoals uitgelegd hieronder.
Maat L, XL en XXL:
Ga verder in de rondte met zoveel kantpatroon als ruimte voor is op de naald. Brei de overgebleven steken onder de mouw in tricotsteek. Minder tegelijkertijd op de eerste naald steken onder de mouw - lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo om de naald 2-5-9 keer, dan iedere 4-3-2 cm 7-8-9 keer in totaal = 71-73-75 steken.
Alle maten:
Ga verder tot de mouw 38-40-39-37-34-32 cm meet vanaf de scheiding. Brei 1 naald recht en minder 23-23-25-23-25-23 steken verdeeld = 40-44-44-48-48-52 steken. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3.5 mm. 2 recht/2 averecht in de rondte. Als de boordsteek 4 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht - denk om TIP VOOR HET AFKANTEN. De mouw meet 42-44-43-41-38-36 cm in totaal vanaf de scheiding. Brei de andere mouw op dezelfde wijze.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 02.04.2020
Pijl toegevoegd in telpatroon A.2 (toer 5) met uitleg bij de tekst van het telpatroon

Telpatroon

= recht
= averecht
= maak 1 omslag tussen 2 steken. Brei op de volgende naald de omslag gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.
= maak 1 omslag tussen 2 steken. Brei op de volgende naald de omslag recht om gaatjes te maken
= 2 recht samen
= 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek
= haal 1 steek recht af, brei 2 steken recht samen, haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken
= zet 1 steek op een kabelnaald en houd deze achter het werk, 2 recht, 1 averecht van de kabelnaald
= zet 2 steken op een kabelnaald en houd deze voor het werk, 1 averecht, 2 recht van de kabelnaald
= zet 2 steken op een kabelnaald en houd deze voor het werk, 2 recht, 1 averecht, 2 recht van de kabelnaald
= Bobbel: 1 recht in de voorste en achterste lus van dezelfde steek tot er 1 steek gemeerderd is naar 5 steken en brei 3 naalden in tricotsteek over de 5 steken, keer het werk en brei 5 recht samen (= 1 steek).
= Als A.2 1 keer in de hoogte is herhaald, herhaal dan het telpatroon vanaf de naald met de pijl




Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 213-16) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (22)

Hanne 28.07.2020 - 14:24:

Tak for svaret, nu ved jeg endelig, hvor jeg skal tælle fra. Jeg vil opfordre jer til at fjerne 1. og 2. omgang som alternativ, da det er dem, der har forvirret mig - de er jo reelt ikke et alternativ, og svarer desuden i fortløbende mønster til 33. og 34. omgang. Og jeg opfordre til, at I forsyner diagram A2 med omgangsnumre - når nu I ikke vil markere alternativerne - og spare folk for unødigt tællearbejde. Med håb om, at I har nydt jeres ferie.

Hanne 24.07.2020 - 13:32:

Nu vil jeg snart gerne kunne strikke min Golden Moments sweater færdig. Dagene går, og nu er jeg efterhånden usikker på, om I har valgt at ignorere mit forrige spørgsmål, så jeg prøver igen. Vil I ikke nok fortælle mig, hvordan jeg skal finde de pinde, der henvises til, når der i opskriften står: "sørg for at der afsluttes 1.,2.omgang, 14.-18.omgang eller 30.-34.omgang i A.2" ???

DROPS Design 28.07.2020 kl. 11:57:

Hej Hanne, vi ignorerer ikke dit spørgsmål, vi har haft et par ugers sommerferie... Det er fordi det er pænest at afslutte på en af de omgange der ikke er snoninger på. Hvis du tæller fra første pind for neden, så kan du afslutte på en af de 2 første pinde eller på pind 14,15,16,17 eller på pind 30, 31,32,33,34. God fornøjelse!

Hanne 12.07.2020 - 00:24:

Sørg for at der afsluttes (med??) 1.,2.omgang, 14.-18.omgang eller 30.-34.omgang i A.2 - hvordan skal det forstås? Hvis omgangene tælles fra bunden af A2, giver det ikke mening, at 1.+2. omgang er et alternativ, da de jo kun strikkes én gang. Og tælles de fra pilen, eksisterer række 33. og 34. ikke. Kunne I mon markere rækkerne på diagrammet?

DROPS Design 13.07.2020 kl. 13:04:

Hei Hanne. Det står ca cm, ikke omganger. Måler arbeidet dit f.eks 24 cm, må du strikke 1 omgang til for at det skal avsluttes etter 1. omgang. Og det kan heller ikke markeres i diagrammene, da det er ca cm mål som er oppgitt, ikke på hvilken rekke i diagrammet. mvh DROPS design

Marte 12.04.2020 - 20:53:

Hei, jeg sliter med samme problem som nevnt tidligere. Klarer ikke å få maskeantallet til å gå opp, prøvd flere størrelser og går tydelig igjennom oppskriften. Mamma strikker mye og får det heller ikke til å stemme, syns det er vanskelig å forstå hva oppskriften mener og forteller videre.

Bloem 06.04.2020 - 20:54:

Goedenavond, ik brei maat M. Bij de pas staat ‘begin op de 4e st in A.4 en brei de volgende 13 steken’. Ik begrijp niet hoe dat dan in naald 9 uitpakt als ik het kantpatroon moet gaan breien, want als je de eerste 3 steken overslaat mis je de helft van het kantpatroon. Kunt u mij uitleggen wat de bedoeling is? Alvast dank!

Birgitte Knudsen 31.03.2020 - 14:03:

Tak for svar. Er obs på at jeg skal tage ud til raglan i A1 og 3 men kan alligevel ikke få det til at passe. Synes også der er fejl i A2 når mønstret skal gentages : den sidste pind slutter med 10 vrangmasker og skal begynde med 11 😳

DROPS Design 02.04.2020 kl. 11:07:

Hej Birgitte, A.1 og A.3 skal stemme! Kigger du på diagrammet som passer til din størrelse? Der bliver lagt en pil ind på 5.omgang i diagram A2, her fra skal du gentage mønsteret. Kommer snart - tak for info :)

Gine E 29.03.2020 - 16:41:

Hvordan skal man fortsette A.2 når man har strikket mønstret ferdig i høyden? Slutter med 10 vrangmasker på hver side av flett og skal starte med 11?

Birgitte Knudsen 28.03.2020 - 01:27:

Er der fejl i diagram A 1 og 3 ? Kan ikke få det til at passe med maskeantallet fra pind 6

DROPS Design 31.03.2020 kl. 11:10:

Hej Birgitte, Du tager ud til raglan på hver 2.pind og samtidig strikker du A.1 og A.3 ifølge diagrammet. Første raglan udtagning strikkes sammenmed 1. pind i A.1. På 2.pind har du 1 maske mere i diagrammerne. Du tager ud igen på 3.pind og på 4.pind har du en maske mere i diagrammerne. God fornøjelse!

Trine Larsen 03.03.2020 - 22:03:

Den er så fin - hvornår kommer opskriften?

Eugenia 27.02.2020 - 10:45:

It is such a beautiful jumper and I can't wait for it to make to the collection and knit it for myself.

Laat een opmerking achter voor DROPS 213-16

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.