DROPS Karisma
DROPS Karisma
100% wol
vanaf 2.65 € /50g
DROPS Angora-Tweed
DROPS Angora-Tweed
30% angora, 70% merinoswol
Uit het assortiment
find alternatives
DROPS SS24
DROPS 67-4
Maat: S - M - L
Materiaal: DROPS Karisma van Garnstudio,
600-600-650 gr nr. 01, naturel
of gebruik: DROPS Angora-Tweed van Garnstudio,
450-450-500 gr nr. 10, naturel

Of gebruik:
DROPS Puna van Garnstudio (behoort tot garengroep B)
600-650-700 g kleur nr. 01, naturel
Of gebruik:
DROPS Soft Tweed van Garnstudio (behoort tot garengroep B)
600-650-700 g kleur nr. 01, naturel

DROPS Breinaalden en Breinaalden zonder knop 3,5 mm, of de breinaalden, die u nodig heeft voor de juiste steekverhouding.

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Karisma
DROPS Karisma
100% wol
vanaf 2.65 € /50g
DROPS Angora-Tweed
DROPS Angora-Tweed
30% angora, 70% merinoswol
Uit het assortiment
find alternatives

Instructies voor het patroon

Steekverhouding:
22 st x 30 nld met Karisma op breinld 3,5 mm in tricotsteek = 10 x 10 cm. Gebruik indien nodig dikkere of dunnere naalden. Brei altijd een proeflapje!

Ribbelst (heen en weer breien):
Alle naalden recht breien.

Patroon:
Zie teltekening - M.1 tot M.4. De teltekening geeft het motief weer aan de goede kant.
De Nederlandse verklaring van de symbolen in de teltekening staan onderaan dit patroon, in dezelfde verticale volgorde als de symbolen bij de teltekening

Tip Afkanten:
Kant 1 st af aan de goede kant als volgt: Brei de st die wordt afgekant av sm met de eerste st van de 3 av st aan de buitenkant van de minderingen.
Kant 1 st af aan de verkeerde kant als volgt: Brei de st die wordt afgekant r sm met de eerste van de 3 st r aan de buitenkant van de minderingen.

Voorpand:
Zet 136-146-156 st (inclusief 1 kantst aan weerszijden) op met breinld 3,5 mm en naturel. Brei de 1e nld (= goede kant) als volgt: 1 ribbelst (= kantsteek), 1 st r, 33-38-43 st M.3, M.4, M.1, M.4, 33-38-43 st M.3, 1 st r, 1 ribbelst (= kantsteek). Brei verder volgens dit patroon. Brei na M.1 verder volgens teltekening M.2 over de middelste 34 st. Let op de steekverhouding! Kant bij een hoogte van 32-33-35 cm aan weerszijden 8-8-8 st af voor het armsgat. Kant daarna 5-10-15 keer 1 st af voor het armsgat binnen 7 st (dwz 2 st av, 2 st r, 3 st av) in iedere 2e nld - zie Tip afkanten! Na de armsgatminderingen zijn er 110-110-110 st over op de breinld. Brei verder volgens het Patroon tot een hoogte van ca 42/44-44/46-46/48 cm – na één van de pijlen van M.2. Zet nu de 8 st middenvoor op een hulpnld voor de hals = 51-51-51 st aan weerszijden. Brei de volgende nld als volgt (vanaf de hals): 2 st av, 6 st volgens de kabel van teltekening M.4, 2 st av sm, 1 av, 2 st av sm, M.4 en daarna de resterende st volgens teltekening M.3 = 49 st aan weerszijden. Brei verder volgens dit Patroon – minder tegelijkertijd aan beide halszijden binnen 11 st (dwz: 2 st av, 6 st kabel, 3 st av) in iedere nld: 6-6-6 keer 1 st , daarna in iedere 2e nld: 12-12-12 keer 1 st - zie Tip afkanten! = 31-31-31 st over voor iedere schouder. Kant bij een hoogte van ca 54-56-58 cm 4 st boven de kabel van M.4 af door de 6 st 3 aan 3 samen te breien = 27 st. Kant in de volgende nld de resterende st af.

Achterpand:
Zet 112-122-132 st (inclusief 1 kantst aan weerszijden) op met breinld 3,5 mm en naturel. Brei 1 ribbelst (= kantsteek), 1 st r, 108-118-128 st M.3, 1 st r, 1 ribbelst (= kantsteek). Brei zo verder tot de gewenste afmetingen. Kant vanaf een hoogte van 32-33-35 cm af voor het armsgat zoals bij het voorpand = 86-86-86 st. Kant bij een hoogte van ca 52-54-56 cm de middelste 28-28-28 st af voor de hals. Kant in de volgende nld aan beide halszijden nog 2 st af = 27-27-27 st over voor beide schouders. Kant bij een totale hoogte van 54-56-58 cm de resterende st af.

Mouwen:
Zet 55-55-55 st op met breinaalden zonder knop 3,5 mm en naturel. Brei rond. Brei volgens teltekening M.3 tot de gewenste afmetingen. Meerder vanaf een hoogte van 6 cm 20-20-20 keer 1 st midden in de ondermouw (aan weerszijden van 2 st r) in om en om iedere 6e en 7e nld = 95-95-95 st. Kant bij een hoogte van 51-51-49 cm midden in de ondermouw 8-8-8 st af. Brei verder heen en weer op de breinld. Kant daarna voor de mouwkop aan weerszijden af in iedere 2e nld: 4-3-1 keer 2 st, 5-9-17 keer 1 st, 4-3-1 keer 2 st en 2-2-2 keer 3 st. Kant de resterende st af. De totale hoogte is nu ca 62-63-64 cm.

Afwerken:
Sluit de schoudernaden – let er op dat de in boordsteek gebreide st doorlopen. Neem st op rond de hals met breinaalden zonder knop 3,5 mm als volgt: 32 st boven het achterpand, 28 st langs beide zijden van de hals voor + 8 st van de hulpnld middenvoor = 96 st. Brei de 6 st middenvoor verder volgens de kabel in M.4, brei aan weerszijden van de kabel 4 st av, brei de resterende st volgens M.3 – let er op dat het Patroon doorloopt boven het achterpand. Kant na 1 nld de 4 st av aan weerszijden van de kabel af tot 3 st av. Brei verder volgens het patroon tot de gewenste hoogte. Kant, als het halsboord een hoogte heeft van ca 12 cm, de 3 st boven de kabel middenvoor af door de 6 st 2 aan 2 samen te breien. Kant in de volgende nld alle st af met r boven r en av boven av. Sluit de zijnaden met 1 kantsteek als naadtoeslag. Zet de mouwen in de panden met 2 kantst als naadtoeslag – er komen 2 st r aan de buitenkant van beide schouders.

Telpatroon

symbols = recht
symbols = averecht
symbols = zet 3 st op een hulpnld voor het werk, brei 1 st av, brei de 3 st van de hulpnld recht
symbols = zet 1 st op een hulpnld achter het werk, brei 3 st recht, brei de st van de hulpnld av
symbols = zet 3 st op een hulpnld achter het werk, brei 3 st recht, brei de 3 st van de hulpnld recht
symbols = zet 3 st op een hulpnld voor het werk, brei 3 st recht, brei de 3 st van de hulpnld recht
diagram
diagram
diagram

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Laat een opmerking achter voor DROPS 67-4

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (37)

country flag Alison wrote:

Thank you 😻

14.04.2024 - 11:38

country flag Alison wrote:

When knitting the pattern, on flat, does row always start from the right hand side or do you knit the second and every following second row from the left hand side of the pattern? Thank you

13.04.2024 - 21:50

DROPS Design answered:

Dear Allison, the diagrams always show the pattern as you would see it from looking at it at the right side. So, when knitting on th eround, they always read from right to left, and from the bottom up, when knitting flat, they read right side rows from right to left, wrong side rows from left to right (unless the pattern sepcifically tells you otherwise). Happy Knitting!

14.04.2024 - 07:16

country flag Annica Cottman wrote:

Vill sticka tröjan Keep it Together ,men jag vill sticka i ett bomullsgarn.Tacksam på olika förslag på garn som skulle passa Med vänlig hälsning, Annica

30.09.2023 - 15:25

DROPS Design answered:

Hej Annica. Du kan sticka detta mönster i alla garn från garngrupp B. Om du vill sticka i ett 100% bomullsgarn så blir det då DROPS Muskat. Kom bara ihåg att beräkna riktig garnåtgång om du byter till ett annat garn (använd gärna vår garnkalkylator). Mvh DROPS Design

03.10.2023 - 14:02

country flag Marlies Dijkstra wrote:

Goedendag, Ik moet nu beginnen met het afkanten voor de mouwen. De 8 steken aan beide zijden dat begrijp ik wel, maar ik begrijp niet hoe ik de rest nu moet afkanten. Er staat: Kant bij een hoogte van 32-33-35 cm aan weerszijden 8-8-8 st af voor het armsgat. Kant daarna 5-10-15 keer 1 st af voor het armsgat binnen 7 st (dwz 2 st av, 2 st r, 3 st av) in iedere 2e nld - . Het 10x1 steek binnen 7 steken begrijp ik niet helemaal. Misschien kunt u het wat duidelijker verwoorden?

05.10.2022 - 14:57

DROPS Design answered:

Dag Marlies,

De 5-10-15 keer refereert naar de maten, dus als je de kleinste maar breit, minder je 5 keer, enzovoort. Het minderen binnen 7 steken houdt in dat je eerst 7 steken breit en dan mindert. Of als je aan het eind van de naald bent, zorgt dat je 7 steken over hebt na het minderen.

08.10.2022 - 16:47

country flag Sanna Scheelcke wrote:

Vad menas med att ”Vidare avm det 1 m för ärmhål på insidan av 7 m (dvs 2 am, 2 rm, 3 am) 5-10-15 ggr ”?

16.01.2022 - 20:44

country flag Shelley McHugh wrote:

Can you please clarify how to do the decreases on the sides of the neckline on the front? Do I keep the 11 sts which include cabling intact and do all decreases 'outside' these stitches? Also, if I decrease on WS by K3 together this affects the total number of stitches decreased in the 6 rows of decrease, so I would have decreased by 9 sts not 6. Is this correct? If so, I should not need to decrease by 1st in every other row for 12 rows to reach the required number of sts.

17.12.2021 - 21:43

DROPS Design answered:

Dear Mrs McHugh, decrease as explained under "knitting tips for armhole shaping" which are the same tips as for neckline, ie decrease the 11th st towards neckline by purling this stitch + the next/previous 2 sts together from RS and by knitting this stitch + the next/previous 2 sts together from WS. You decrease first 6 times on every row (P3 tog from RS/K3 tog from WS) then 12 times on every other row (= on every row from RS). Happy knitting!

20.12.2021 - 07:06

country flag Shelley McHugh wrote:

Hi, I can\'t find the \'knitting tips\' referenced in the pattern to help with decreasing 12 sts along the neck edge on the front. The only knitting tips in the pattern refer to decreasing for the armhole shaping. Should these 12 sts be decreased within the first 11 sts as happened when I was decreasing the first 6 stitches, but every in second/other row?

17.12.2021 - 11:20

DROPS Design answered:

Dear Mrs McHugh, you will decrease for neck as you did for armhole, this means either with P2 tog inside the 11 first/last sts (= P2, K6 cable, P3) a total of 6 times on every row (from WS decrease by K 3 tog) then a total of 12 times on every other row. Can this help?

17.12.2021 - 13:15

country flag Helena wrote:

Danke für die Aufklärung! Trotzdem verstehe ich die Anleitung nicht: Die nächste Ndl so stricken (vom Hals): 2 li, 6 M werden wie den Zopf bei M.4 gestrickt, 2 M li zusammen, ...Bis hier ist klar, da habe ich bereits 1M abgenommen,aber der Rest? ...1 li, 2 M li zusammen, M.4 und danach die restlichen M in M.3 stricken ...Dann habe ich bereits 2M abgenommen und soll nochmals 1 abnehmen?

24.11.2021 - 16:51

DROPS Design answered:

Liebe Helena, ja genau bei der 1. Reihe vom Halsauschnitt werden so 2 Maschen abgenommen aber dann werden Sie nur 1 M innerhalb 11 M zuerst 6 Mal in jeder Reihe dann 12 Mal in jeder 2. Reihe abnehmen = 51 M - 2 = 49 M - 6 -12 = 31 M übrig für den Schulter. Viel Spaß beims tricken!

25.11.2021 - 08:43

country flag Helena wrote:

Guten Tag Ich verstehe das Abketten beim Kragen nicht. Innerhalb der 11M, aber da mache ich doch den Zopf? Sind Abnahmen statt Abketten gemeint? Und weshalb steht da nach dem Zopf nochmals M4?

24.11.2021 - 12:25

DROPS Design answered:

Liebe Helena, ja stimmt, hier wird es abgenommen und nicht abgekettet - Zopf M.4 folgt den Halszauschnitt (siehe 3.Foto), deshalb wird es innerhalb 11 M abgenommen. Viel Spaß beim stricken!

24.11.2021 - 15:47

country flag Claire Fournier wrote:

Merci pour votre réponse, mais on les fait comment? 2 mailles ensemble ou surjet et pour chacun des cotés (droite et gauche) pour que les diminutions soient bien orientées? Vous dites qu'il y a une correction pour ce patron on la retrouve ou?

26.02.2020 - 14:30

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Fournier, sur l'endroit, vous tricotez ensemble à l'envers la maille à diminuer avec la dernière (début de rang)/première (fin de rang) des 3 mailles envers. La correction se trouve en rouge à la fin des explications. Bon tricot!

26.02.2020 - 15:01