DROPS / 170 / 24

Holiday Bliss by DROPS Design

Gebreide DROPS top in ribbelst met kantpatroon en split middenachter van ”Cotton Light”. Wordt van boven naar beneden gebreid. Maat S-XXXL.

DROPS design: Model nr. cl-059
Garengroep B
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL – XXXL
Materiaal:
DROPS COTTON LIGHT van Garnstudio
350-350-400-450-500-550 gr. kleur nr. 02, wit

DROPS RONDBREINLD (60 of 80 cm) 4 mm - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 21 st x 28 nld in tricotst = 10 x 10 cm.
DROPS RONDBREINLD (60 of 80 cm) 3,5 mm - voor de ribbelst.
DROPS PARELMOERKNOOP: gebogen (wit), NR. 521: 1 knoop voor alle maten
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

50% katoen, 50% polyester
vanaf 1.50 € /50g
DROPS Cotton Light uni colour DROPS Cotton Light uni colour 1.50 € /50g
Bizzy Lizzy
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 10.50€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

RIBBELST (heen en weer gebreid):
Brei alle nld recht. 1 ribbel = 2 nld r.

RIBBELST (in de rondte gebreid):
1 ribbel = 2 nld. * brei 1 nld recht en brei 1 nld av *, herhaal van *-*.

PATROON:
Zie telpatroon A.1.

TIP VOOR HET MEERDEREN-1:
Meerder 1 st door een omsl te maken. Brei in de volgende nld de omsl gedraaid recht (dus brei in de achterste lus van de st).

TIP VOOR HET MEERDEREN-2:
Brei tot er 1 st overblijft voor de markeerder, 1 omsl, brei 2 st in ribbelst (markeerder staat tussen deze 2 st), 1 omsl. Brei in de volgende nld de omsl gedraaid recht (dus brei in de achterste lus van de st). Brei dan de nieuwe st in tricotst.

KNOOPSGAT:
Maak 1 knoopsgat op het linkerachterpand aan de bovenkant van de split middenachter bij een hoogte van 1½ cm als volgt: brei de 3e en 4e st vanaf de kant r samen en maak 1 omsl.
----------------------------------------------------------

TOP:
Wordt eerst heen en weer gebreid op de nld in delen en daarna in de rondte in patroon. Het werk is wordt van boven naar beneden gebreid.

LINKERACHTERPAND:
Zet 10-12-12-13-13-14 st op met rondbreinld 3,5 mm en Cotton Light. Brei in RIBBELST - zie uitleg boven. Denk om het KNOOPSGAT - zie uitleg boven. Meerder bij een hoogte van 4 cm voor het armsgat als volgt aan de goede kant:
Brei 3 st in ribbelst, 1 omsl (= 1 st gemeerderd) – LEES TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei in ribbelst over de overgebleven 7-9-9-10-10-11 st en zet 1 nieuwe st op voor de hals aan het einde van de nld. Brei 1 nld r. Zet aan het einde van de volgende nld aan de goede kant 14-15-15-16-16-17 nieuwe st op voor de hals = 26-29-29-31-31-33 st. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!

Ga dan verder met meerderen voor het armsgat en minder en meerder TEGELIJKERTIJD voor de split middenachter als volgt:
ARMSGAT:
Herhaal dit meerderen voor het armsgat elke 4e nld nog 10-12-13-11-6-6 keer en dan om de nld 7-5-6-12-24-26 keer.
SPLIT MIDDENACHTER:
Minder voor de split als volgt (aan de goede kant): brei tot er 5 st over zijn, 2 r samen, brei 3 st in ribbelst. Herhaal dit minderen elke 4e nld nog 3 keer. Meerder dan bij een hoogte van 9-10-11-12-13-14 cm vanaf waar de nieuwe st zijn opgezet voor de hals als volgt (aan de goede kant): brei tot er 3 st over zijn, 1 omsl, brei 3 st in ribbelst. Brei de omsl gedraaid recht in de volgende nld om een gaatje te voorkomen. Herhaal dit meerderen elke 4e nld nog 3 keer. Als alle meerderen voor de armsgaten is gedaan, staan er 43-46-48-54-61-65 st op de nld voor het linkerachterpand. Brei de laatste nld aan de goede kant. Het werk meet ongeveer 17-18-19-20-21-22 cm. Laat het werk rusten en brei het rechterachterpand.

RECHTERACHTERPAND:
Zet op en brei als het linkerachterpand maar in spiegelbeeld. Dus meerder voor het armsgat naast 3 st in ribbelst aan het einde van nld aan de goede kant en zet st op voor de hals aan het einde van de nld aan de verkeerde kant. Als alle meerderen gedaan is, staan er 43-46-48-54-61-65 st op de nld voor het rechterachterpand. Pas aan het linkerachterpand aan. Brei de laatste nld aan de goede kant, zet 3-4-5-6-6-6 st op aan het einde van deze nld, keer het werk en brei als volgt aan de verkeerde kant: brei in ribbelst over de nieuwe 3-4-5-6-6-6 st, in ribbelst over de 43-46-48-54-61-65 st van het rechterachterpand, zet 1-0-1-1-1-0 nieuwe st op, brei dan in ribbelst over de 43-46-48-54-61-65 st van het linkerachterpand aan de verkeerde kant, zet 3-4-5-6-6-6 st op aan het einde van de nld. Er zijn nu 93-100-107-121-135-142 st op het achterpand. Ga verder in ribbelst tot het werk 24-25-27-28-30-31 cm meet vanaf de schouder – pas zo aan dat de laatste nld aan de verkeerde kant is. Zet alle st op een hulpdraad en brei het voorpand.

VOORPAND:
Linkerschouder:
Zet 10-12-12-13-13-14 st op met rondbreinld 3,5 mm en Cotton Light. Brei in ribbelst. Brei bij een hoogte van 4 cm als volgt in de volgende nld aan de goede kant: brei tot er 3 st over zijn, 1 omsl (= 1 st gemeerderd), brei 3 st in ribbelst.
Ga nu verder met meerderen voor het armsgat op dezelfde manier als op het rechterachterpand en zet TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 8-8-10-10-12-12 cm - pas zo aan dat de laatste nld aan de verkeerde kant is - de st op een hulpdraad en brei de rechterschouder.

Rechterschouder:
Zet op en brei als de linkerschouder maar in spiegelbeeld. Meerder st voor het armsgat op dezelfde manier als op het linkerachterpand (dus naast 3 st in ribbelst aan het begin van de nld aan de goede kant).

Brei tot een hoogte van 8-8-10-10-12-12 cm, zet 31-32-33-35-35-36 nieuwe st op voor de hals aan het einde van de nld aan de goede kant, brei dan de st van de hulpdraad (= linkerschouder) op de nld. Ga verder heen en weer in ribbelst. LET OP: Ga verder met meerderen voor de armsgaten als hiervoor. Als alle meerderen voor de armsgaten is gedaan, staan er 87-92-97-109-123-130 st op de nld. Pas zo aan dat de laatste nld aan de verkeerde kant is, zet 3-4-5-6-6-6 st op aan het einde van de nld, keer en brei r over alle st, zet 3-4-5-6-6-6 st op aan het einde van de nld = 93-100-107-121-135-142 st op het voorpand. Het werk meet ongeveer 17-18-19-20-21-22 cm. Ga verder in ribbelst tot het werk 24-25-27-28-30-31 cm meet vanaf de schouder – pas aan het achterpand aan (laatste nld wordt aan de verkeerde kant gebreid).

LIJF:
Brei nu in de rondte. Plaats 1 markeerder in het werk, MEET NU HET WERK VANAF HIER. Ga verder met rondbreinld 4 mm. Brei als volgt aan de goede kant: brei de 93-100-107-121-135-142 st op het voorpand recht, brei dan de st van de hulpdraad op het achterpand op dezelfde rondbreinld = 186-200-214-242-270-284 st op de nld. Plaats een markeerder in de overgang tussen voorpand en achterpand (= 93-100-107-121-135-142 st tussen elke markeerder). De eerste markeerder geeft het begin van de nld aan. Brei 1 nld recht. Brei dan in patroon als volgt: 1 st in tricotst, brei A.1 (= 7 st) 13-14-15-17-19-20 keer in de breedte, 1 st in tricotst, (markeerder is hier), 1 st in tricotst, A.1 13-14-15-17-19-20 keer in de breedte, 1 st in tricotst. Ga verder als volgt: meerder bij een hoogte van 2 cm 1 st aan elke kant van de markeerder aan elke zijkant van het werk - LEES TIP VOOR HET MEERDEREN-2 (= 4 st gemeerderd). Herhaal dit meerderen elke 3½-3-2½-3½-4-3 cm nog 7-8-9-7-6-9 keer = 218-236-254-274-298-324 st. Ga bij een hoogte van 31-32-32-33-33-34 cm (pas zo aan dat u netjes eindigt volgens het patroon) verder met rondbreinld 3,5 mm en brei 2 ribbels in RIBBELST - zie uitleg boven. Kant alle st af. Het hele werk meet ongeveer 56-58-60-62-64-66 cm.

AFWERKING:
Naai de schoudernaden samen. Naai de ribbels samen onder elk armsgat in de buitenste lusjes van de kant st (= zijnaden). Naai de knoop aan op de bovenkant van het rechterachterpand.

Telpatroon

= r
= 2 r samen
= 1 r afh, 1 r, afgeh st overh.
= 1 omsl tussen 2 st
= 1 r afh, 2 r samen, afgeh st overh

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 170-24) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (30)

Mary 03.06.2020 - 19:21:

Sorry maybe I wasn’t very clear. Left back piece..”cast 14 sts for the neck. Dec for vent as follows...” I understand the buttonhole is when piece measures 1,5cm but my question is if I start the dec after making the buttonhole or immediately after the 14 sts cast on . I hope is clear now . Thanks

DROPS Design 04.06.2020 kl. 08:34:

Dear Mary, the buttonhole should be worked after you have worked 1,5 cm after the 14 new sts cast on: cast on the 14 new sts, increase for armhole and decrease for vent and when piece measures 1,5 cm from the new 14 st cast on, knit the buttonhole. Happy knitting!

Mary 03.06.2020 - 13:46:

Sorry , buttonhole

Mary 03.06.2020 - 13:42:

Hello, should I start the decreasing for the neck immediately after the cast on or after making the butter hole ? Please give me how many rows should I work before start dec for neck. Thank you

DROPS Design 03.06.2020 kl. 15:57:

Dear Mary, the buttonhole is worked on the left back piece, when piece measures 1,5 cm - see BUTTONHOLE. Happy knitting!

Karen 22.04.2020 - 13:54:

Good day, I was wondering why the pattern does not switch to a circular needle after the last increase for the armholes? Would this not alleviate the need for assembly under each arm hole? Am I missing something?

DROPS Design 22.04.2020 kl. 14:13:

Dear Karen, the whole section in garter stitch is worked with smaller needle - you will change to larger needle when working body (then again switch to smaller needles for the 2 ridges at the bottom edge). Happy knitting!

Ribault Martine 09.04.2020 - 22:17:

Bonjour, j'envisage de réaliser ce modèle de top, point mousse et ajouré. Le fil de coton recommandé pour ce modèle est Cotton light 50 % coton, 50 % polyester. Ce fil n'ai pas proposé par la boutique "laine et soie" de Vence (06). Peut être que ce fil n'est plus commercialisé. Si tel est le cas par fil puis-je le remplacer ?? Je vous remercie de bien vouloir me répondre. Cdlt.

DROPS Design 14.04.2020 kl. 10:02:

Bonjour Mme Ribault, vous pouvez réaliser ce fil soit en Cotton Light soit avec un autre fil du groupe B, essayez notre convertisseur si besoin, et surtout, n'hésitez pas à contacter votre magasin DROPS qui pourra vous renseigner sur ses réelles disponibilités. Bon tricot!

Lone 22.05.2019 - 21:16:

Sød top, som jeg vil prøve at strikke. Jeg vil dog gerne ha mindre ærmegab, således at udtagning til ærme starter før. Har I et tip til hvordan jeg gør?

DROPS Design 23.05.2019 kl. 07:33:

Hei Lone. Ja dette er en flott modell. Om du vil ha mindre ermhull kan du enten øke fler ganger hver 2. pinne, og ferre ganger hver 4. pinne. Eventuelt kan du vurdere om du vil øke 2 masker isteden for 1 over de siste økningene. Nå vet ikke jeg hvilken størrelse du strikker eller hvor mye mindre du ønsker ermhullet, men du kan regne sammen hvor mange omganger økningene går over. Dette kan sammenlignes med hvor mange omganger du ønsker at ermhullet skal strikkes over, og så avgjøre om det holder å øke oftere, eller om du vil øke fler masker. Prøv deg frem. God fornøyelse

Rita 31.03.2019 - 22:52:

Scusate...non riesco a capire ma l’asola mi viene direttamente sopra lo scalfo...nella parte dx del lavoro...e quelle 14 maglie avviate per il collo sono a sx ...su queste maglie devo lavorare lo spacco?....io non capisco proprio in che modo incominciare...paragonando il mio lavoro all’immagine viene completamente diversa....

DROPS Design 01.04.2019 kl. 08:56:

Buongiorno Rita. Gli aumenti per lo scalfo vanno fatti all'inizio del ferro sul diritto del lavoro (dopo le 3 m legaccio). Gli aumenti per lo scollo sono alla fine del ferro, sul diritto del lavoro. L'asola va fatta anche lei alla fine del ferro sul diritto del lavoro. Più avanti le diminuzioni e gli aumenti per lo spacco (l'apertura al centro sul dietro) verranno fatti alla fine del ferro sul diritto del lavoro. Buon lavoro!

Rita 31.03.2019 - 11:17:

Ho incominciato tre volte il dietro sinistro e non riesco a capire dove sto sbagliando...quando faccio l’asola...lavoro la terza e quarta maglia insieme dal bordo....ma bordo dx o sx... Provo a rivedere il percorso dall’ inizio per capire dove sbaglio...le spiegazioni per il dietro sinistro le trovo complicate...grazie

DROPS Design 31.03.2019 kl. 15:35:

Buongiorno Rita. Deve aprire l'asola sul bordo più vicino al centro della schiena. Buon lavoro!

Grandet 30.03.2019 - 16:28:

Bonjour, je voudrais vous poser ma deuxième question : comment faire pour que le passage à l'augmentation pour l'encolure soit joli (entre le tricot et les nouvelles 14 mailles montées) ? Un grand merci.

DROPS Design 01.04.2019 kl. 12:25:

Bonjour Mme Grandet, cette vidéo montre comment monter des mailles sur le côté, veillez à bien avoir la même tension lorsque vous montez ces nouvelles mailles pour que l'arrondi soit plus joli. Vous pourrez éventuellement terminer par une petite bordure au crochet si besoin (type 1 ms, 1 ou plusieurs ml) le long de l'encolure pour ajouter une bordure de finition. Bon tricot!

Grander 30.03.2019 - 16:18:

Bonjour, je viens de commencer ce tricot et il me semble que la boutonnière ne doit pas se trouver à 1,5 du du début de l'ouvrage mais là où commence l'encolure. Ou bien, je ne lis pas bien l'explication ? Merci de votre réponse.

DROPS Design 01.04.2019 kl. 12:23:

Bonjour Mme Grander, le top se tricote de haut en bas, on va ouvrir la boutonnière à 1,5 cm sur le demi-dos gauche côté encolure (mesurez à partir des mailles montées pour l'encolure, pas à partir du rang de montage de l'épaule). Bon tricot!

Laat een opmerking achter voor DROPS 170-24

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.