DROPS / 158 / 49

Rocky Road by DROPS Design

Gehaakte DROPS sokken, van boven naar beneden gehaakt van "Fabel". Maat 37-43

Trefwoorden: sokken, vanaf de teen omhoog,
DROPS design: Model nr. fa-285
Garengroep A
-----------------------------------------------------------
Maat: 37 - 38/40 - 41/43
Voetlengte: ongeveer 22 - 24 - 27 cm
Sokken hoogte: ongeveer 19 - 20 - 21 cm
Materiaal: DROPS FABEL van Garnstudio
100-150-150 gr, kleur nr. 905, zout en peper

DROPS HAAKNLD 2 mm – of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 28 stk in de breedte keer 16 stk in de hoogte en 28 v in de breedte keer 35 v in de hoogte = 10 x 10 cm.
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

75% wol, 25% polyamide
vanaf 2.39 € /50g
DROPS Fabel uni colour DROPS Fabel uni colour 2.39 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Fabel print DROPS Fabel print 2.59 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Fabel long print DROPS Fabel long print 2.87 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 4.78€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

MAGISCHE CIRKEL:
Als het werk in de rondte wordt gehaakt, begin dan met deze techniek om een gat in het midden te voorkomen (in plaats van een l-ring): houd het uiteinde van het garen vast en wind het garen een keer rond de wijsvinger en maak zo een lus. Houd de lus vast met de linker duim en middelvinger, sla de draad over de linker wijsvinger. Steek de haak door de lus, pak de werkdraad op, haal de draad door de lus, maak 1 omsl op de haak en haal de omsl door de st op de haak = 1 v *, herhaal van *-* tot er 7 v in de lus zijn en eindig met 1 hv in de eerste v. Ga verder volgens het patroon – trek TEGELIJKERTIJD het draadeinde aan zodat het gat in het midden gesloten wordt.

INFORMATIE VOOR HET HAKEN:
Vervang elke v toer de eerste v door 1 l. Eindig de toer met 1 hv in de eerste l.
Vervang elke stk toer het eerste stk door 3 l. Eindig de toer met 1 hv in de 3e l.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 en A.2.

TIP VOOR HET MEERDEREN:
Haak 2 stk/v in 1 stk/v.

TIP VOOR HET MINDEREN:
Minder 1 st als volgt – begin 2 v voor de markeerder:
Haak 1 v maar wacht met de laatste doorhaling (= 2 st op de haak), haak dan de volgende v maar haal bij de laatste doorhaling de draad door alle st op de haak = 1 st geminderd.
--------------------------------------------------------

SOKKEN:
Wordt vanaf de teen omhoog tot en met de pijp gehaakt.

TEEN:
Haak een MAGISCHE CIRKEL – zie uitleg boven – met haaknld 2 mm en Fabel = 7 v in de cirkel. LEES INFORMATIE VOOR HET HAKEN! Haak 2 v in elke v = 14 v. Plaats een markeerder aan het begin van de toer en een markeerder na de 7e st. Haak dan in de rondte met 1 v in elke st en meerder TEGELIJKERTIJD 1 v aan elke kant van elke markeerder – LEES TIP VOOR HET MEERDEREN - herhaal dit meerderen elke toer nog 9-10-11 keer (10-11-12 keer meerderen in totaal) = 54-58-62 v. Haak dan A.1a (= 3 st), A.1b (= 4 st) over de volgende 24-28-32 v (= 6-7-8 keer), A.1c (= 4 st) en 1 stk in elke van de laatste 23 v. Haak dan in de rondte met stk op de onderkant voet en A.1 over de 31-35-39 st op de bovenkant van de voet. Meerder bij een hoogte van 9-11-14 cm 1 stk aan elke kant van de 31-35-39 st op de bovenkant van de voet en herhaal dit meerderen elke toer nog 11-12-12 keer (12-13-13 keer meerderen in totaal) = 47-49-49 stk en A.1. Ga verder tot een totale hoogte van 17-19-22 cm vanaf de teen. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Haak dan als volgt – haak 35-33-43 l, sla de eerste 31-35-39 st op de bovenkant van de voet over, haak 1 v in elke van de volgende 47-49-49 stk, haak 1 v in elke van de 35-33-43 l = 82-82-92 v. Plaats 2 markeerders in het werk, 3-4-2 v van zijkant van voet (er komen dus 41-41-46 v tussen de markeerders). Ga verder in de rondte met 1 v in elke v en minder TEGELIJKERTIJD 1 st aan elke kant van elke markeerder (= 4 v geminderd per toer) - LEES TIP VOOR HET MINDEREN, Herhaal dit minderen elke toer nog 17 keer = 10-10-20 v over op de toer. Keer de sokken binnenstebuiten, leg de st onder de hiel dubbel en haak ze samen met 1 hv door elke st in beide lagen. Hecht af.

PIJP:
Haak A.1 over de 31-35-39 st op de bovenkant van de voet als hiervoor, maar haak 4 stk in de eerste stk-groep in A.1a (dus de eerste herhaling met stk bestaat uit 3 l en 3 stk in dezelfde st) en in laatste stk-groep in A.1c, sla 3-1-4 st over, * haak 4 stk in volgende st, sla 5-5-6 st over *, herhaal van *-* nog 4 keer, sla 2-2-4 st over en eindig met 1 hv in de 3e l aan het begin van de toer. Haak dan 1 stk-groep in elke stk-groep op de toer eronder. Ga verder in patroon tot de pijp 14-15-16 cm meet. Haak 1 toer met A.2 boven A.1. Hecht af. Haak nog een sok op dezelfde manier.

Telpatroon

= l
= stk

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 158-49) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (16)

Moa 16.11.2020 - 14:55:

”...jag förstår inte riktigt hur A.1a och A.1c kan ha 3 och 4 maskor när diagrammet bara visar 2 var? Jag har ” klarat av” att göra fösta varvet men då stämmer det inte när jag ska göra andra…” + ”Jag har tittat på den videon men jag förstår ändå inte, skulle ni kunna beskriva med ord (förkortningar) hur jag ska göra istället?” Bara A.1a & A.1c, snälla?

Moa 08.11.2020 - 19:16:

Jag har tittat på den videon men jag förstår ändå inte, skulle ni kunna beskriva med ord (förkortningar) hur jag ska göra istället?

DROPS Design 16.11.2020 kl. 14:11:

Hei Moa. Vi har dessverre ikke muligheten til å skrive en ny oppskriftsforklaring til disse sokkene. Prøv heller å forklare kort hva du har problemer med, så skal vi hjelpe deg så godt vi kan. mvh DROPS design

Moa 29.10.2020 - 00:12:

Jag är väldigt ny på att virka efter diagram och jag förstår inte riktigt hur A.1a och A.1c kan ha 3 och 4 maskor när diagrammet bara visar 2 var? Jag har ” klarat av” att göra fösta varvet men då stämmer det inte när jag ska göra andra då jag får hela A1 till bara 36 maskor istället för 39. Snälla hjälp.

DROPS Design 05.11.2020 kl. 13:42:

Hej Moa, se gerne videoen nederst i opskriften, så du er sikker på at du har gjort det rigtigt: Hur man virkar ett enkelt solfjädermönster Lycka till :)

Camille 18.06.2020 - 22:12:

Bonjour, pour crocheter le talon, j'ai 49ms, si je place un marqueur à 2ms du pied, j'obtiens 45ms entre chaque marqueur et non 46. Et au tour suivant où dois je placer le marqueur ? Merci pour votre aide

DROPS Design 19.06.2020 kl. 07:40:

Bonjour Camille, pour le talon vous avez 92 ms soit 46 ms pour le dessous et 46 ms pour le dessus du talon (les marqueurs doivent être sur les côtés). Ces marqueurs restent en place et vous diminuez 1 ms de chaque côté de chacun de ces marqueurs (2 ms ensemble, marqueur, 2 ms ensemble) = 4 dim. par tour x 18 = il reste 20 ms (10 de chaque côté des marqueurs). Bon crochet!

Grete Olesen 06.07.2018 - 15:03:

Jeg har strikket og heklet i 35 år. Man jobber på lykke og fromme når man skaper noe nytt. Og man justerer også litt etter hvert som man hekler. Dette ser man for eksempel der hvor det er føyet til 3 m i fm. Dette er gjort for å få maskeantallet riktig (som det ikke var når man var i gang). Og det er jo greit...for en privatperson! Men når man skal legge oppskriften ut på nettet må man korrigere og noen må lese korrektur. Pinlig!!! :(

Grete Olesen 05.07.2018 - 20:37:

Jeg har fulgt oppskriften til punkt og prikke. Men når jeg kommer dit hvor jeg skal hekle luftmasker osv. så stemmer ikke maskeantallet. Jeg har hatt 31 m oppå foten og 23 masker under(staver). Det er 54 masker. Deretter øker jeg 2 masker pr. omgang 12 ganger. Da har jeg økt 24 masker. 54 masker + 24 masker = 68 masker. I oppskriften står det at jeg skal sitte igjen med 82! Hvordan forklarer du dette?

Stine Hviid 28.02.2018 - 07:09:

Jeg kan ikke finde ud af jeres opskrift i starten ved udtagning med fastmasker. Efter 10 runder med udtagning får jeg det kun til 34 masker(2*10+14=34). Er der noget jeg har overset? Jeg slutter omgangen med 1km i 1 km samt laver en ny luftmasse. Tæller 1km med til forrige runde eller den nye runde? Og i så fald bliver luftmasken vel nummer 2 maske i den nye runde?\r\nHåber det er til at forstå hvad jeg mener

Diana Connolly 10.11.2017 - 15:52:

Hi Jette, I’ve just been with a customer trying to understand pattern 158-49. When we start the pattern to A1 and B1 we only work 16 dc instead of 32 as states in pattern, please could you help?

DROPS Design 13.11.2017 kl. 09:11:

Dear Mrs Connolly, when working 1st row in A.1 work as follows (in the largest size): A.1a over the first 3 sts on round (= 1 tr-group), A.1b over the next 32 dc (= 8 times in width ie 8 tr-groups), A.1c over the next 4 sts (1 tr-group) and finish with 1 tr in each of the last 23 dc. Happy crocheting!

Hanne 15.05.2017 - 14:51:

Er det meningen der skal være 4 luftmasker/fasmasker mellem 1a til 1b og fra 1b til 1c men kun tre imellem 1b til 1b?

DROPS Design 16.05.2017 kl. 09:26:

Ja du er nødt til at følge mønsteret for at få det til at passe, både ovenpå foden og senere i skaftet. God fornøjelse!

Pia 25.10.2016 - 13:35:

Hej jeg kan ikke helt finde ud af at læse diagrammet skal man starte med 3 luftmasker også en stangmaske ,skal jeg så springe 4 masker også 4 St i samme måske er det rigtig håber det er til at forstå

DROPS Design 25.10.2016 kl. 15:00:

Hej Pia. Ja, den förste stangmaske (st) erstattes af 3 lm, saa hekler du endnu 1st i förste lm, springer 4 lm over og haekler 4 st i één lm osv.

Laat een opmerking achter voor DROPS 158-49

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.