DROPS / 150 / 14

September Jacket by DROPS Design

Gebreid DROPS vest met ronde pas en Noors patroon van ”Lima”. Maat: S - XXXL.

DROPS design: Model nr. li-027
Garengroep B
-----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS LIMA van Garnstudio
400-450-450-500-550-600 gr. kleur nr. 9015, grijs
100-100-100-100-100-100 gr. kleur nr. 0100, naturel
100-100-100-100-100-100 gr. kleur nr. 5820, robijnrood
50-50-50-50-50-50 gr. kleur nr. 4088, heidekruid

DROPS BREINLD ZONDER KNOP en RONDBREINLD (80 cm) 4 mm - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 21 st x 28 nld in tricotst = 10 x 10 cm.
DROPS BREINLD ZONDER KNOP en RONDBREINLD (80 cm) 3 mm - voor de boordsteek.
DROPS HOEKIG ZILVEREN KNOPEN NR. 534: 8 stuks voor alle maten
----------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

65% wol, 35% alpaca
vanaf 2.39 € /50g
DROPS Lima uni colour DROPS Lima uni colour 2.39 € /50g
Breiwebshop
Bestel
DROPS Lima mix DROPS Lima mix 2.57 € /50g
Breiwebshop
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 31.07€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

RIBBELST (heen en weer op rondbreinld):
brei alle nld recht. 1 ribbel = 2 nld r.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.3. Brei het hele patroon in tricotst.

TIP VOOR HET MINDEREN 1 (voor het lijf):
Minder als volgt voor de markeerder: 2 st r samen.
Minder als volgt na de markeerder: 1 st r afh, 1 st r, afgeh st overh.

TIP VOOR HET MINDEREN 2 (voor de ronde pas):
Bereken hoe vaak u moet minderen als volgt. Neem het totale aantal st op de nld (bijv. 289) minus de voorkiezen (bijv. 12 st) en deel de overgebleven st door het aantal st dat u moet minderen (bijv. 27) = 10,2. In dit voorbeeld breit u ongeveer elke 9e en 10e st samen.

TIP VOOR HET MEERDEREN:
Meerder 1 st door een st op te nemen van de vorige nld en brei deze st recht.

KNOOPSGATEN:
Maak knoopsgaten op de rechter voorbies. 1 knoopsgat = brei de 3e en 4e st vanaf de kant samen en maak 1 omsl.
Maak knoopsgaten bij een hoogte van:
MAAT S: 5, 12, 19, 26, 33, 40, 47 en 54 cm.
MAAT M: 5, 13, 20, 28, 35, 42, 49 en 56 cm.
MAAT L: 5, 13, 20, 28, 35, 43, 50 en 58 cm.
MAAT XL: 5, 13, 21, 29, 37, 45, 53 en 60 cm.
MAAT XXL: 5, 13, 21, 29, 37, 45, 53 en 62 cm.
MAAT XXXL: 5, 13, 21, 29, 37, 46, 55 en 64 cm.
----------------------------------------------------------

LIJF:
Wordt heen en weer gebreid op de rondbreinld van middenvoor naar middenvoor.
Zet 226-242-262-294-322-350 st op (incl. 6 voorbies st aan elke kant middenvoor) met rondbreinld 3 mm en grijs. Brei 1 nld av aan de verkeerde kant. Brei de volgende nld als volgt aan de goede kant: 6 voorbies st in RIBBELST - zie uitleg boven - * 2 st r, 2 st av *, herhaal van *-* tot er 8 st over zijn en eindig met 2 st r en 6 voorbies st in RIBBELST. Ga zo verder tot de boordsteek 4 cm meet – pas zo aan dat de volgende nld aan de verkeerde kant is. Ga verder met rondbreinld 4 mm en brei 1 nld av aan de verkeerde kant en minder TEGELIJKERTIJD 45-49-51-59-63-67 st gelijkmatig (minder bij 2 st av samen en minder niet over de voorbiezen) = 181-193-211-235-259-283 st. Plaats 2 markeerders in het werk; 48-51-56-62-68-74 st vanaf elke kant middenvoor om de zijkanten aan te geven (= 85-91-99-111-123-135 st tussen de markeerders voor het achterpand). Brei volgende nld als volgt aan de goede kant: 6 voorbies st in ribbelst, brei in patroon volgens telpatroon A.1 tot er 7 st over zijn op de nld, brei 1e st in A.1 (zodat het patroon gelijk is aan elke kant middenvoor) en eindig met 6 voorbies st in ribbelst. Ga zo verder in patroon. DENK OM DE STEKENVERHOUDING en maak knoopsgaten op de rechter voorbies - zie uitleg boven. Minder bij een hoogte van 8 cm 1 st aan elke kant van beide markeerders - LEES TIP VOOR HET MINDEREN 1 (= 4 st geminderd - LET OP: brei st die niet in het patroon passen in grijs als u mindert). Herhaal dit minderen bij een hoogte van 16 cm = 173-185-203-227-251-275 st. Meerder bij een hoogte van 22 cm 1 st aan elke kant van beide markeerders - LEES TIP VOOR HET MEERDEREN (= 4 st gemeerderd - LET OP: brei de st die niet in het patroon passen in grijs als u meerdert). Herhaal dit meerderen elke 3-3-3-3½-3½-4 cm nog 3-4-4-4-4-4 keer (= 4-5-5-5-5-5 keer meerderen in totaal) = 189-205-223-247-271-295 st. Brei tot het werk ongeveer 36-37-38-39-40-41 cm meet – pas zo aan dat de volgende nld een nld aan de goede kant met stippen is – en kant dan de middelste 12 st af aan elke kant voor de armsgaten (dus kant 6 st af aan elke kant van beide markeerders) = 77-85-93-105-117-129 st over op het achterpand en 44-48-53-59-65-71 st over op elk voorpand. Laat het werk rusten en brei de mouwen.

MOUW:
Wordt in de rondte gebreid op breinld zonder knop.
Zet 64-64-68-68-76-76 st op met breinld zonder knop 3 mm en robijnrood. Brei 1 nld recht. Brei dan 3 cm boordsteek (= 2 st r/2 st av). Ga verder met breinld zonder knop 4 mm en brei 1 nld recht met robijnrood en minder TEGELIJKERTIJD 16-16-16-16-20-20 st gelijkmatig = 48-48-52-52-56-56 st. Plaats 1 markeerder aan het begin van de nld (= midden onder de mouw) en brei in patroon in de rondte volgens telpatroon A.2. Ga na A.2 verder in tricotst met grijs. Meerder bij een hoogte van 7-8-10-10-12-10 cm 1 st aan elke kant van de markeerder – zie TIP VOOR HET MEERDEREN. Herhaal dit meerderen elke 3-2½-2½-2-2-2 cm nog 12-14-13-15-14-16 keer (= 13-15-14-16-15-17 keer meerderen in totaal) = 74-78-80-84-86-90 st. Kant bij een hoogte van 45-45-45-44-44-44 cm (minder cm voor de grootste maten voor een grotere mouwkop en bredere schouders) 12 st af midden onder de mouw (dus kant 6 st af aan elke kant van de markeerder) = 62-66-68-72-74-78 st over op de nld. Laat het werk rusten en brei nog een mouw.

PAS:
Zet de mouwen op dezelfde rondbreinld als het lijf waar afgekant is voor de armsgaten = 289-313-335-367-395-427 st. Brei 1 nld av aan de verkeerde kant (voorbiezen in ribbelst) en minder TEGELIJKERTIJD 4-4-6-6-6-6 st gelijkmatig - LEES TIP VOOR HET MINDEREN 2 = 285-309-329-361-389-421 st. Brei 0-1-2-0-1-2 cm in tricotst met grijs. Brei volgende nld als volgt aan de goede kant: 6 voorbies st als hiervoor, brei in patroon volgens telpatroon A.3 (kies het telpatroon voor uw maat) tot er 7 st over zijn op de nld, brei weer de 1e st in A.3 (zodat het patroon gelijk is aan elke kant middenvoor) en eindig met 6 voorbies st in ribbelst. Ga zo verder in patroon.
Minder TEGELIJKERTIJD in de nld gemarkeerd met pijl A in het telpatroon 12-20-24-24-36-36 st gelijkmatig aan de goede kant (minder niet over de voorbiezen ) = 273-289-305-337-353-385 st. Ga verder in patroon.
Minder in de nld gemarkeerd met pijl B in het telpatroon 26-27-28-36-37-39 st gelijkmatig = 247-262-277-301-316-346 st. Ga verder in patroon.
Minder in de nld gemarkeerd met pijl C in het telpatroon 30-33-36-36-39-45 st gelijkmatig = 217-229-241-265-277-301 st. Ga verder in patroon.
Minder in de nld gemarkeerd met pijl D in het telpatroon 32-36-40-48-44-52 st gelijkmatig = 185-193-201-217-233-249 st. Ga verder in patroon.
Minder in de nld gemarkeerd met pijl E in het telpatroon 32-36-40-48-60-60 st gelijkmatig = 153-157-161-169-173-189 st. Ga verder in patroon.
Minder in de nld gemarkeerd met pijl F in telpatroon (= laatste nld en verkeerde kant) 35-35-35-39-39-47 st gelijkmatig = 118-122-126-130-134-142 st.
Ga verder met rondbreinld 3 mm en robijnrood en brei de volgende nld aan de goede kant als volgt: 6 voorbies st in ribbelst, * 2 st r, 2 st av *, herhaal van *-* tot er 8 st over zijn op de nld en eindig met 2 st r en 6 voorbies st in ribbelst. Ga zo verder in boordsteek. Brei TEGELIJKERTIJD na 2 nld boordsteek een ronding voor de hals met verkorte toeren als volgt: brei boordsteek (en de voorbies st) als hiervoor tot er 20-20-22-22-24-24 st over zijn op de nld, keer en brei boordsteek terug tot er 20-20-22-22-24-24 st over zijn aan de andere kant. Keer en brei boordsteek tot er 28-28-30-30-32-32 st over zijn op de nld, keer en brei boordsteek terug tot er 28-28-30-30-32-32 st over zijn aan de andere kant. Keer en brei boordsteek tot er 36-36-38-38-40-40 st over zijn op de nld, keer en brei boordsteek terug tot er 36-36-38-38-40-40 st over zijn aan de andere kant. Keer het werk en brei boordsteek (en de voorbies st) de rest van de nld. Ga dan verder in boordsteek heen en weer over alle st als hiervoor tot de boordsteek ongeveer 3 cm hoog is middenvoor op het laagste deel. Kant losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht. De pas meet ongeveer 20-21-22-23-24-25 cm en het hele vest meet ongeveer 56-58-60-62-64-66 cm.

AFWERKING:
Naai de openingen onder de mouwen samen. Naai de knopen op de linker voorbies.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 17.08.2015
Nieuw telpatroon A.3 (rij 16-18 in maat S-M-L en rij 20-22 in maat XL-XXL-XXXL).

Telpatroon

= grijs
= naturel
= robijnrood
= heidekruid



Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 150-14) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (24)

Hanne Elena Rørbech 04.11.2016 - 23:30:

Vil gerne have en udprintet opskrift af denne sendt med garnet jeg bestiller. O.K ?

Hanne Elena Rørbech 02.11.2016 - 10:14:

Vil gerne have en udprintet opskrift af denne sendt med garnet jeg bestiller. O.K ?

Susanna 25.01.2016 - 21:06:

In der Anleitung steht, dass beim Rumpf nach 8 cm vier Maschen abgenommen werden sollen. Ist das Maß inklusive des Bündchens oder gemessen ab Bündchen? Vielen Dank!

DROPS Design 29.01.2016 kl. 10:58:

Es ist die Gesamtlänge gemeint, ab dem Anschlag.

Dähn, Heike 13.07.2015 - 17:16:

Da die "Läuse" nur in jeder 5. Reihe vorkommen, ist das immer eine Hinreihe. Wie bekomme ich den weißen Faden da wieder an den Anfang? Muss ich da jedesmal abschneiden und so viele Fäden verstechen? Ich fänd es besser, wenn die "Läuse" einmal in einer Hin- und beim nächsten Mal in der Rückreihe vorkämen. Kann jemand helfen, der so etwas schon einmal gestrickt hat?

DROPS Design 20.07.2015 kl. 12:03:

Ja, Sie müssen den Faden eigentlich jedes Mal neu ansetzen. Alternativ könnten Sie den Faden über die Rück-R mitführen (d.h. immer mal wieder nach ein paar M mit dem Arbeitsfaden verkreuzen) und dann bis zur nächsten "Läuse-R" innerhalb der Blende nach oben mitführen.

Anne Marie De Brauwere 13.03.2015 - 09:12:

Beste Bij de teltekening van het bovenstuk de aubergine bloem ( 4de tekening van onderaan te tellen) springt de tekening drie hokjes naar links. De onderste tekening echter begint onmiddellijk bij het eerste hokje. Moet ik dan eerst vier hokjes naar links tellen vanaf de zes voorbiessteken? Ook het volgende motief begint drie hokjes meer naar links. Moet ik dan weerom drie steken verder beginnen? Dank voor uw hulp! vriendelijke groeten A De brauwere

DROPS Design 13.03.2015 kl. 15:40:

Hoi Anne Marie. Je begint onderaan het patroon voor jouw maat. Door de minderingen voor de pas bij A, B, C enzovoort (Lees in PAS) worden er minder steken per herhaling van het patroon, daarom zijn er ook minder hokjes op de teltekening. Lees hier hoe je onze teltekeningen moet lezen

Stina 19.01.2015 - 22:28:

Er der ikke en uoverensstemmelse mellem billedet og diagram A.3? Linje 16-18 står i diagrammet til at skulle strikkes i natur og lyng men er på billedet i natur og rubinrød.

DROPS Design 02.02.2015 kl. 14:55:

Hej Stina, Jeg tror du har ret, det skal vi få rettet i diagrammerne. Tak for hjælpen! :)

Agneta 05.01.2015 - 20:47:

När man stickar mönster A1 ska man ta och klippa av det vita garnet för varje mönstervarv?

DROPS Design 06.01.2015 kl. 16:42:

Hej Agneta. Nej, det er ikke nödvendigt hver gang. Du strikker jo flere varv med vit, og er der kun et par pinde imellem de vita, saa ville jeg före traaden med. Med laengere afstand vil jeg klippe traaden.

Mund 19.11.2013 - 12:17:

Hallo, nach dem Bündchen vom Rupfteil werden laut Anleitung 59 Maschen (in Größe XL) in einer Reihe abgenommen. Habe ich das richtig verstanden? Warum ist das so?

DROPS Design 19.11.2013 kl. 22:56:

Liebe Frau Mund, wenn man am Bündchen mit höherer Maschenzahl strickt, wird es locker und zieht sich nicht zusammen. Wenn Ihnen das nicht gefällt, können Sie gerne das Bündchen schon mit geringerer Maschenzahl stricken.

Soupoukanja 01.10.2013 - 10:59:

J'ai commençé ce modèle, c'est mon premier travail sur aiguille circulaire et pour l'instant pas de problème. En cas de problèmes, les vidéos explicatives sont très bien faites. Bon tricotage à tous.

Claire 28.06.2013 - 13:58:

Joli ! il faut que je trouve des cours pour apprendre à manier plusieurs fils ...

Laat een opmerking achter voor DROPS 150-14

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.