DROPS Baby / 20 / 20

Sweet Little Cupcake by DROPS Design

Gehaakte DROPS jurk en muts van ”Merino Extra Fine”.

DROPS design: Model nr. ME-050-by +ME-052
---------------------------------------------------------
JURK:
---------------------------------------------------------
Maat: 1/3 - 6/9 - 12/18 maanden (2 - 3/4) jaar
Maat in cm: 50/56- 62/68- 74/80 (86/92-98/104)
Materiaal: DROPS MERINO EXTRA FINE
150-200-200 (200-250) gr. kleur nr. 16, lichtroze
50 gr voor alle maten kleur nr. 01, naturel (voor de gehaakte randen)

DROPS HAAKNLD 4.5 mm – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 16 hstk of v x hoogte van 14 toeren van hstk OF 18 toeren van v = 10 x 10 cm.
DROPS PARELMOERKNOOP nr. 521: 2 stuks.
---------------------------------------------------------
MUTS
---------------------------------------------------------
Maat: 1/3 maanden – 6/18 maanden (2/4) jaar
Hoofd omtrek: 40/42 – 44/48 (48/52) cm
Materiaal: DROPS MERINO EXTRA FINE
100 gr voor alle maten kleur nr. 16, lichtroze
50 gr voor alle maten kleur nr. 01, naturel (voor de picotranden)

DROPS HAAKNLD 4.5 mm – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 16 hstk x 14 toeren = 10 x 10 cm.
---------------------------------------------------------

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!

100% wol
vanaf 3.70 € /50g
DROPS Merino Extra Fine uni colour DROPS Merino Extra Fine uni colour 3.70 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Merino Extra Fine mix DROPS Merino Extra Fine mix 3.70 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 18.50€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

JURK:

INFORMATIE VOOR HET HAKEN:
Vervang het eerste hstk op de toer door 2 l en de eerste v op de toer door 1 l. Eindig iedere toer van hstk door 1 hstk in de 2e l vanaf het begin van de vorige toer en eindig iedere toer van v met 1 v in de eerste l van het begin van de vorige toer.
TIP VOOR HET MINDEREN-1:
Minder 1 hstk door 2 hstk samen te haken, dus haak 1 hstk maar wacht met de laatste omsl en doorhaling (= 3 st op de haak), haak 1 hstk in de volgende st en haal de laatste omsl door alle 5 st op de haak.
TIP VOOR HET MINDEREN-2 (voor de armsgaten en de hals):
Minder als volgt aan het begin van de toer: vervang 1 v door 1 hv.
Minder als volgt aan het einde van de toer: Keer het werk als het aantal v dat geminderd moet worden over is en haak de teruggaande toer.
HAAK V SAMEN (voor de bolletje):
Haak 2 v samen tot 1 v als volgt: Plaats de haak in de eerste st, haal de draad door, plaats de haak in de volgende st, haal de draad door, maak 1 omsl en haal de draad door alle 3 st op de haak.
----------------------------------------------------------
----------------------------------------------------------
JURK
Wordt heen en weer gehaakt in 2 delen.

VOORPAND:
Haak 68-74-81 (89-95) l (inclusief 2 l om mee te keren) met haaknld 4.5 mm en lichtroze.
TOER 1: Zie INFORMATIE VOOR HET HAKEN – haak 1 hstk in de 3e l vanaf de haak, 1 hstk in iedere van de volgende 3 l, * sla 1 l over, 1 hstk in iedere van de volgende 4 l *, herhaal van *-* tot er 2-3-5 (3-4) l over zijn, sla 1 l over en eindig met 1 hstk in iedere van de laatste 1-2-4 (2-3) l = 54-59-65 (71-76) hstk.
Ga verder met 1 hstk in ieder hstk – DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Minder bij een hoogte van 3 cm 1 hstk aan iedere kant – Zie TIP VOOR HET MINDEREN-1 - en herhaal dit minderen aan iedere kant elke 2-2.5-3 (3-3.5) cm in totaal 9-9-9 (10-10) keer = 36-41-47 (51-56) hstk op de toer. Haak bij een hoogte van 22-24-30 (33-37) cm (alle minderingen zijn nu gedaan) 2 toeren met v (haak 1 v in iedere st).
HAAK DE VOLGENDE TOER ALS VOLGT: Haak 2-1-1 (2-1) v, * 2 l, sla 2 v over, 1 v in de volgende st *, herhaal van *-* en eindig met 1 v in de laatste v (= gaatjesrand voor het koordje).
Ga verder met 1 v in iedere st (haak in de toer na de gaatjesrand 1 v in iedere v en 2 v in iedere l-lus) = 36-41-47 (51-56) v op de toer. Minder bij een hoogte van 24-26-32 (36-40) cm 3-4-5 (5-6) v aan iedere kant voor de armsgaten – Zie TIP VOOR HET MINDEREN-2 – en minder aan iedere kant van elke toer als volgt: 1-1-1 (2-2) x 2 v en 2 x 1 v = 22-25-29 (29-32) v. Plaats bij een hoogte van 29-31-38 (42-47) cm een markeerdraad in het midden van het werk (plaats voor MAAT 6/9 MAANDEN, 12/18 MAANDEN en 2 JAAR een markeerdraad in de middelste v van de toer). Minder nu voor de hals als volgt: Haak vanaf de schouder langs de hals tot er 4-4-5 (5-7) v over zijn voor de markeerdraad (voor MAAT 6/9 MAANDEN, 12/18 MAANDEN en 2 JAAR: dit is VOOR de v met de markeerdraad). Keer het werk. Minder voor de hals elke toer vanaf middenvoor: 1 x 2 v en 1 x 1 v = 4-5-6 (6-6) v over voor iedere schouder. Maak als er nog 3 toeren te haken zijn tot het werk klaar is knoopsgaten op de schouder als volgt: haak 1-1-2 (2-2) v, 2 l, sla 2 v over, 1 v in iedere van de laatste 1-2-2 (2-2) st.
Haak 2 toeren van v (haak 1 v in iedere v en 2 v in iedere l-lus van de vorige toer) = 4-5-6 (6-6) v. Knip de draad af en zet vast, Het werk meet ongeveer 33-36-43 (48-53) cm. Herhaal aan de andere kant van de hals.

ACHTERPAND:
Begin als beschreven voor het voorpand en minder voor de armsgaten als beschreven voor het voorpand = 22-25-29 (29-32) v. Plaats bij een hoogte van ongeveer 31-34-41 (46-51) cm een markeerdraad midden in het werk (in MAAT 6/9 MAANDEN, 12/18 MAANDEN en 2 JAAR plaats de markeerdraad in de middelste v op de toer). Minder nu voor de hals als volgt: Haak vanaf de schouder langs de hals tot er 5-5-6 (6-8) v over voor de markeerdraad (voor MAAT 6/9 MAANDEN, 12/18 MAANDEN en 2 JAAR dit is VOOR de v met de markeerdraad). Keer het werk. Minder 1 v aan het begin van de volgende 2 toeren vanaf middenvoor = 4-5-6 (6-6) v over voor iedere schouder. Plaats bij een hoogte van 33-36-43 (48-53) cm een markeerdraad = midden van de schouder. Haak 3 toeren van v voor de knoopbies, knip de draad af en zet vast. Herhaal aan de andere kant van de hals.

AFWERKING:
Naai de zijnaden dicht met de zijkanten tegen elkaar met nette, kleine st. Naai de knopen aan het achterpand in lijn met de markeerdraad op de schouder.

GEHAAKTE RAND:
Haak een rand rond de armsgaten, langs de schouder en rond de hals met haaknld 4 mm en naturel als volgt – begin aan de zijkant: 1 v in de eerste st, * 2 l, sla ongeveer 2 v/2 toeren over, 1 v in de volgende st *, herhaal van *-* en eindig met 2 l en 1 hv in de eerste v.
Haak een rand langs de onderkant van de jurk met haaknld 4.5 mm en naturel als volgt – begin aan de zijkant: 1 v in de eerste st, * 3 l, 1 stk in de eerste l, sla ongeveer 1.5 cm over, 1 v in de volgende st *, herhaal van *-* en eindig met 1 hv in de eerste v.

STRIKBAND MET PLATTE BOLLETJES:
Haak 1 bolletje als volgt: Haak 4 l met haaknld 4.5 mm en naturel en vorm een ring met 1 hv in de eerste l.
LET OP: vervang de eerste v aan het begin van de toer door 1 l en eindig iedere toer met 1 hv in de l van het begin van de toer.
TOER 1: Haak 4 v in de ring.
TOER 2: Haak 2 v in iedere v = 8 v.
TOER 3: * 1 v in de eerste v, 2 v in de volgende v *, herhaal van *-* = 12 v.
TOER 4-5: Haak 1 v in iedere v = 12 v.
TOER 6: * 1 v in de eerste v, haak dan de volgende 2 v samen – ZIE BOVEN *, herhaal van *-* = 8 v.
TOER 7: Leg het werk plat en haak 1 v in iedere v door beide lagen heen = 4 v.
TOER 8: Haak 2 x 2 v samen = 2 v.
Haak nog een bolletje. Haak 1 hv in het midden van het bolletje waar de 2 lagen samen zijn gehaakt en haak nu een koord van l met een lengte van ongeveer 75-80-85 (95-100) cm. Rijg het koord door de gaatjesrand op de jurk (begin en eindig middenvoor) en bevestig het koordje aan de andere bolletje met een hv in het midden. Knip de draad af en zet vast.


----------------------------------------------------------

MUTS:

INFORMATIE VOOR HET HAKEN-1:
Vervang het eerste hstk op de toer door 2 l. Eindig iedere toer met 1 hstk in de 2e l vanaf het begin van de vorige toer.
INFORMATIE VOOR HET HAKEN-2:
Vervang het eerste hstk aan het begin van de toer door 2 l. Eindig iedere toer met 1 hv in de 2e l vanaf het begin van de toer.
TIP VOOR HET MEERDEREN:
Meerder 1 hstk door 2 hstk te haken in het een na laatste hstk.
HAAK 2 HSTK SAMEN:
Minder 1 hstk door 2 hstk te haken, dus haak 1 hstk maar wacht met de laatste omsl en doorhaling (= 3 st op de haak), haak 1 hstk in de volgende st en haal bij de laatste doorhaling de draad door alle 5 st op de haak.
HAAK V SAMEN:
Haak 2 v samen tot 1 v als volgt: Plaats de haak in de eerste st, haal de draad door, plaats de haak in de volgende st, haal de draad door, maak 1 omsl en haal de draad door alle 3 st op de haak.
---------------------------------------------------------
---------------------------------------------------------

OORFLAP:
Haak 5 l met haaknld 4.5 mm en lichtroze. Haak 1 hstk in de 3e l vanaf de haak, 1 hstk in de volgende 2 l = 4 hstk, keer het werk. Zie INFORMATIE VOOR HET HAKEN-1. Haak 1hstk in ieder hstk en meerder TEGELIJKERTIJD 1 hstk aan iedere kant – Zie TIP VOOR HET MEERDEREN! Herhaal dit meerderen aan iedere kant elke toer in totaal 6-7 (8) keer = 16-18 (20) hstk. Ga verder met 1 hstk in ieder hstk tot de oorflap 6-7 (8) cm meet. Laat het werk rusten en haak nog 1 oorflap.

MUTS:
Zie INFORMATIE VOOR HET HAKEN-2! Haak 7-8 (9) l, haak 1 hstk in ieder hstk van een oorflap, haak 18-20 (22) l (= middenvoor), haak 1 hstk in ieder hstk van de andere oorflap, haak 7-8 (9) l en eindig met 1 hv in de eerste l = 64-72 (80) hstk. Ga verder met 1 hstk in ieder hstk op de toer. Minder bij een hoogte van 8-10 (11) cm vanaf middenachter de volgende toer als volgt: * 1 hstk in iedere van de eerste 6 hstk, haak dan de volgende 2 hstk samen – ZIE BOVEN *, herhaal van *-* (= 8-9-10 hstk minder op de toer). Haak vervolgens 1 toer zonder minderingen en herhaal vervolgens de minderingen als volgt: * 1 hstk in iedere van de eerste 5 hstk, haak dan de volgende 2 hstk samen *, herhaal van *-*. Herhaal dit minderen om de toer (met 1 hstk minder tussen elke keer dat u 2 hstk samen haakt voor iedere minder toer) nog 3 keer = 24-27 (30) hstk op de toer. Haak 2-2 (3) toeren zonder te minderen. Haak de volgende toer als volgt: * 1 hstk in het eerste hstk, haak dan de volgende 2 hstk samen *, herhaal van *-* = 16-18 (20) hstk op de toer. Haak in de volgende toer alle hstk 2 aan 2 samen over de hele toer = 8-9 (10) hstk over op de toer. Knip de draad af, haal deze door de overgebleven st, trek de draad aan en zet vast. De muts meet ongeveer 17-19 (21) cm vanaf de bovenkant.

GEHAAKTE RAND:
Haak een rand met haaknld 4.5 mm met naturel rond de opening als volgt: * 1 v in de eerste st, 1 l, sla 1 st/toer over *, herhaal van *-* en eindig met 1 hv in de eerste v.

KOORDJES MET PLATTE BOLLETJES:
Haak 1 bolletje als volgt: Haak 4 l met haaknld 4.5 mm en naturel en vorm een ring met 1 hv in de eerste l.
LET OP: vervang de eerste v aan het begin van de toer door 1 l en eindig iedere toer met 1 hv in de l van het begin van de toer.
TOER 1: Haak 4 v in de ring.
TOER 2: Haak 2 v in iedere v = 8 v.
TOER 3: * 1 v in de eerste v, 2 v in de volgende v *, herhaal van *-* = 12 v.
TOER 4-5: Haak 1 v in iedere v = 12 v.
TOER 6: * 1 v in de eerste v, haak dan de volgende 2 v samen – ZIE BOVEN *, herhaal van *-* = 8 v.
TOER 7: Leg het werk plat en haak 1 v in iedere v door beide lagen heen = 4 v.
TOER 8: Haak 2 x 2 v samen = 2 v.
Haak 22-26 (30) cm met l voor een koordje en zet vast met 1 hv aan de punt van een oorflap.
Herhaal aan de andere kant.

PICOTRANDEN:
Haak ongeveer 7 toeren met picotranden rondom op de muts. Begin in de tweede toer vanaf de bovenkant en haak 1 toer als volgt: 1 v in de eerste st, * 3 l, 1 stk in de eerste l, sla ongeveer 1.5 cm over, 1 v in de volgende st *, herhaal van *-* over de hele toer en eindig met 1 hv in de eerste v. Knip de draad af en zet vast. Haak nog 6 toeren op dezelfde manier met ongeveer 2-2.5 cm tussen iedere toer.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 27.01.2011
MUTS: ...Herhaal dit minderen om de toer (met 1 hstk minder tussen elke keer dat u 2 hstk samen haakt voor iedere minder toer) in totaal 5 keer = 24-27 (30) hstk op de toer. Haak 2-2 (3) toeren zonder te minderen. Haak de volgende toer als volgt: * 1 hstk in het eerste hstk, haak dan de volgende 2 hstk samen *, herhaal van *-* = 16-18 (20) hstk op de toer.

Telpatroon


Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS Baby 20-20) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (21)

Sabine 16.06.2019 - 22:52:

Liebes Drops-Team, zur Mütze habe ich eine Frage: "Mit H-Stb weiterfahren bis die Arbeit 8-10 (11) cm misst." Bezieht sich diese Angabe ab Ohrklappenspitze oder ab eigentlichen Mützenbeginn? Gleiches gilt für die abschließende Gesamtlänge "Die Arbeit misst ca. 17-19 (21) cm." Dank vorab! :-)

DROPS Design 17.06.2019 kl. 08:46:

Liebe Sabine, diese 8-10(11) cm werden ab Mützenbeginn (messen Sie hinten an den Rücken) gemessen, dh nicht vom Ohrenklappenspitze. Viel Spaß beim häkeln!

Maria Andersen 17.01.2019 - 19:29:

På bildet ser det ut som at det fremdeles er halvstaver over hullraden, men i oppskriften står det fastmasker. Hva er riktig?

DROPS Design 21.01.2019 kl. 11:18:

Hei Maria. Det hekles fastmasker etter hullraden. Om du zoomer inn på bildet kan du også se det der. God fornøyelse

Inga 12.09.2018 - 19:39:

Danke für die schnelle Antwort. Allerdings verstehe ich noch immer nicht, was ich mit den Maschen machen soll. Soll ich jeweils zwei Maschen am Anfang und Ende der Runde abnehmen, also zusammenhäkeln? Insgesamt müssen ja 18 Maschen abgenommen werden um auf 29 zu kommen? Es tut mir leid, aber ich verstehe diesen Punkt der Anleitung einfach nicht. 2fm 1 Mal und 1fm 2 Mal ist doch das gleiche?

DROPS Design 13.09.2018 kl. 08:29:

Liebe Inga, Abnahmen werden wie unter TIPP ZUM ABNEHMEN-2 (Armloch und Hals) gehäkelt, dieses Video zeigt wie man diese Maschen am Anfang und Ende der selben Reihe abnimmt. Viel Spaß beim häkeln!

Inga 12.09.2018 - 12:19:

Hallo, ich habe eine kurze Frage zur Anleitung. Ich bin gerade beim Vorderteil. Ich habe die Lochkante gehäkelt und das Kleid misst jetzt 32 cm und 47 Maschen. Abgenommen wurde auch schon. Als nächstes kommt: 2 fM 1-1-1 (2-2) Mal und 1 fM 2 Mal = 22-25-29 (29-32) fM. Wie ist das gemeint? Nehme ich 1 Masche ab und dann wieder zwei normal häkeln? Es wäre sehr nett, wenn ihr mir da helfen könntet. Vielen Dank, Inga

DROPS Design 12.09.2018 kl. 12:55:

Liebe Inga, zuerst nehmen Sie 5 Maschen (in der 3. Größe) auf beiden Seiten ab - siehe ABNAHME-TIPP-2 dann nehmen Sie auf beiden Seiten (= am Anfang + Am Ende nächste Hinreihe) 2 Maschen 1 x und dann nehmen Sie 1 M 2 Mal = am Anfang und am Ende jeder beiden nächsten Hinreihe = es sind jetst 29 M übrig. Viel Spaß beim häkeln!

Marie 05.05.2018 - 11:24:

Hei! Jeg forstår ikke hvordan dette "Videre felles det i hver side på hver rad slik: 2 fm 1-1-1 (2-2) ganger og 1 fm 2 ganger = 22-25-29 (29-32) fm." skal gjøres? Har noen tips?

DROPS Design 09.05.2018 kl. 12:45:

Hei Marie. Det skal felles 2 fm i hver ende av pinnen, og avhengig av hvilken størrelse du strikker skal dette gjøres 1 eller 2 ganger. Dvs: om du strikker en av de 3 minste størrelsene feller du 2 masker på begynnelsen av pinnen og 2 masker på slutten av pinnen = 4 masker felt. Om du strikker en av de 2 største størrelsene gjentar du denne fellingen en gang til = totalt 8 masker felt. Videre skal du felle 1 maske på begynnelsen og 1 maske på splutten av de neste 2 pinnene = 4 masker felt over 2 omganger. God fornøyelse.

Giuseppina 12.09.2016 - 15:07:

Danke. Dann ist die Passage "Zusammennähen" nicht korrekt.

DROPS Design 13.09.2016 kl. 08:46:

Liebe Giuseppina, das Zusammennähen wurde korrigiert, vielen Dank!

Giuseppina 11.09.2016 - 22:30:

Hallo zusammen! ich hab eine Frage bezüglich dieser Passage: ZUSAMMENNÄHEN: Die Schulternaht zusammennähen. Die Knöpfe annähen. Sollen die Knöpfe nur als Deko dienen? Oder sollte da evtl. stehen "Die Seitennähte zusammennähen.?" Besten Dank für die Hilfe! Giuseppina

DROPS Design 12.09.2016 kl. 09:56:

Liebe Giuseppina, die Knöpfe sollen auf dem Rückenteil aufgenäht, den Knopflöchern von dem Vorderteil gegenüber.

Sabrina 04.09.2016 - 23:42:

Hallo, das Kleidchen ist wirklich süß! Allerdings stimmt in den Größenangaben etwas nicht, 74/88 soll bestimmt 74/80 heißen oder? LG Sabrina

DROPS Design 09.09.2016 kl. 11:07:

Liebe Sabrina, das ist ja korrekt, Anleitung wurde korrigiert. Herzlichen Dank!

Monique 05.11.2015 - 22:05:

Ja, ich habe das Original-Garn Drops Merino Extra Fine genommen. Mit der 4,5er Häkelnadel bin ich jetzt auf 17 Maschen auf 10cm gekommen. Ich werde einfach eine 5er nehmen und dann klappt es sicher :-) Danke für die Hilfe.

DROPS Design 07.11.2015 kl. 12:16:

Ja, es hört sich so an, dass Sie mit einer 5-er Nadel die richtige Maschenprobe erhalten müssten. Gutes Gelingen und viel Spaß beim Häkeln!

Monique 17.10.2015 - 21:54:

Hallo :-) Ich komme mit der Maschenprobe für das Kleidchen nicht zurecht. Ich möchte das Kleid für die Größe 74/80 machen. Mit einer 5er-Häkelnadel komme ich nach 2 Reihen H-Stb nicht auf 41cm, sondern nur auf 34cm. Mit einer 6er-Nadel sind es 37,5cm. Muss ich eine 7er-Nadel nehmen, wenn doch 4,5 angegeben ist. Ich häkel auch weder zu straff noch zu locker. Haben Sie eine Idee, was ich falsch mache bzw. was ich anders machen sollte? Vielen herzlichen Dank. Monique

DROPS Design 29.10.2015 kl. 14:27:

Haben Sie denn ein passendes Garn verwendet? Halten Sie sich an die angegebene Maschenprobe, die oben unter dem Material genannt ist, 10 cm in der Breite müssten Sie mit 16 H-Stb erreichen. Schlagen Sie hierfür mindestens 20 Luft-M an und häkeln Sie Halb-Stb, dann messen Sie in der Mitte aus, wie viele Sie auf 10 cm benötigen und passen ggf. die Nadelstärke an. Wichtig ist, dass Sie entweder das Originalgarn oder ein Garn ähnlicher Stärke verwenden, dann sollte es mit der Maschenprobe klappen.

Laat een opmerking achter voor DROPS Baby 20-20

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.