Crossing Sand Cardigan#crossingsandcardigan |
||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||
Gebreid vest in DROPS Cotton Light. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met Europese pas, kabels, PUNNIKRAND en korte mouwen. Maten S - XXXL.
DROPS 268-23 |
||||||||||||||||||||||||||||
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- PATROON: Zie telpatronen A.1 tot A.7. De telpatronen tonen het patroon aan de goede kant. TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus die aan de voorkant van de naald ligt. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- op de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht door de lus aan de voorkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – op de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht door de lus aan de achterkant van de naald. BIEZEN MET PUNNIKRAND: BEGIN VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt (6 steken): Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei 4 ribbelsteken. EINDE VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt (6 steken): Brei tot er 6 steken over zijn op de naald, brei 4 ribbelsteken, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. Brei zo aan zowel de goede als de verkeerde kant. KNOOPSGATEN: Brei de knoopsgaten op de rechter voorbies (als het kledingstuk gedragen wordt) aan de goede kant, als er 5 steken over zijn op de naald als volgt: NAALD 1 (goede kant): Maak 1 omslag, 2 recht samen, 1 recht, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat. Het eerste knoopsgat wordt op de eerste naald aan de goede kant gebreid nadat alle steken voor de halslijn zijn opgezet. Brei dan de andere 5-6-6-6-6-6-7 knoopsgaten met 6½-6-6-6-6½-6½-6 cm tussen elk. Het onderste knoopsgat wordt gebreid in de overgang tussen de tricotsteek en de boordsteek op het lijf. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje ontstaan in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd). ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- VEST – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK. Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Brei volgens punten 1 – 5. 1. ACHTERPAND: Zet steken op voor de achterkant van de hals. Brei het achterpand in tricotsteek, heen en weer, meerder steken aan elke kant tot het aantal schoudersteken bereikt is. Het achterpand heeft een ietwat diagonale schouder. 2. VOORPANDEN: Begin met het breien van steken langs een schouder achter, brei in patroon naar beneden en meerder voor de halslijn. Herhaal op de andere schouder. 3. PAS: Voeg de voor- en achterpanden samen, brei eerst 1 voorpand, neem steken op voor de mouw langs de zijkant van het voorpand, brei het achterpand, neem steken op voor de mouw langs de zijkant van het tweede voorpand, brei dan dit voorpand. De pas wordt heen en weer gebreid vanaf midden voor. 4. MEERDEREN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Terwijl u de pas breit, meerdert u eerst steken voor de mouwen, dan voor het lijf en de mouwen. 5. LIJF EN MOUWEN: Wanneer alle meerderingen klaar zijn en de pas de juiste lengte heeft, wordt het verdeeld over het lijf en de mouwen. Het lijf wordt verder heen en weer gebreid terwijl de mouwen wachten. Dan worden de mouwen in de rondte gebreid, van boven naar beneden. Er worden steken opgenomen langs de halslijn en de hals wordt op het einde heen en weer gebreid. ------------------------------------------------------- ACHTERPAND: Het werk wordt heen en weer gebreid. Zet 33-35-37-37-39-39-39 steken op met rondbreinaald 4 mm en DROPS Cotton Light. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant. Meerder nu aan de binnenkant van 3 steken aan elke kant als volgt: NAALD 1 (goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2. 3 averecht, meerder 1 steek richting rechts, brei averecht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting links, 3 averecht. NA NAALD 2: Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 11-11-11-12-12-13-13 keer (22-22-22-24-24-26-26 naalden gebreid) = 77-79-81-85-87-91-91 steken. Denk om de stekenverhouding. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. RECHTER VOORPAND: Vind de rechter schouder achter als volgt: Leg het achterpand plat neer, met de goede kant naar boven, met de hulpdraad naar u toe; de rechterkant van het werk = rechterschouder. Begin aan de goede kant bij het armsgat op de rechter schouder achter, neem 1 steek op aan de buitenkant van de schouder (kantsteek), neem dan 1 steek op in elke gebreide naald aan de binnenkant van de buitenste steek tot aan de hals (22-22-22-24-24-26-26 steken) = 23-23-23-25-25-27-27 schoudersteken. Voeg 1 markeerder in bij de hals. Alle afmetingen op het voorpand worden vanaf deze markeerder genomen, gemeten in de breirichting. Brei de eerste naald averecht aan de verkeerde kant, meerder 1-1-1-1-1-2-2 steken verdeeld = 24-24-24-26-26-29-29 steken. Ga verder als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei 4-4-4-6-6-3-3 recht, brei A.1, dan A.2, 2-2-2-2-2-3-3 keer, brei A.3. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei A.3, dan A.2, 2-2-2-2-2-3-3 keer, brei A.1, 4-4-4-6-6-3-3 averecht – aan de verkeerde kant altijd recht boven recht en averecht boven averecht. Herhaal NAALDEN 1 en 2 tot A.3 klaar is in de hoogte = 37-37-37-39-39-42-42 steken. De meerderingen voor de halslijn zijn klaar. Het werk meet ongeveer 11 cm vanaf de markeerder. Ongeveer 2-2-2-1-1-1-1 cm van de halslijndiepte ligt op het achterpand. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. Brei het linker voorpand over de linker schouder achter als volgt. LINKER VOORPAND: Begin aan de goede kant bij de hals op de linker schouder achter en neem 1 steek op in elke gebreide naald, aan de binnenkant van de buitenste steek tot het armsgat (22-22-22-24-24-26-26 steken), eindig door 1 steek op te nemen aan de buitenkant op de schouder (kantsteek) = 23-23-23-25-25-27-27 schoudersteken. Voeg 1 markeerder in bij de hals. Alle afmetingen op het voorpand worden vanaf deze markeerder genomen, gemeten in de breirichting. Brei de eerste naald averecht aan de verkeerde kant, meerder 1-1-1-1-1-2-2 steken verdeeld = 24-24-24-26-26-29-29 steken. Ga verder als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei A.4, dan A.2, 2-2-2-2-2-3-3 keer, brei A.5, 4-4-4-6-6-3-3 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei 4-4-4-6-6-3-3 averecht, brei A.5, dan A.2, 2-2-2-2-2-3-3 keer, brei A.4 – aan de verkeerde kant altijd recht boven recht en averecht boven averecht. Herhaal NAALDEN 1 en 2 tot A.4 klaar is in de hoogte = 37-37-37-39-39-42-42 steken Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. Neem nu steken op voor de mouwen en voeg alle delen samen op dezelfde rondbreinaald als volgt. PAS: Begin door 13 steken op te zetten met rondbreinaald 4 mm, brei dan aan de goede kant het linker voorpand als volgt (ga verder met het patroon - denk erom dat u in alle telpatronen op dezelfde naald begint, dus A.2 begint op naald 9): 2 averecht, brei A.1x, dan A.2, 3-3-3-3-3-4-4 keer, brei A.5, 2-2-2-4-4-1-1 recht, haal 1 steek recht af, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (1 geminderde steek), voeg 1 markeerder in, neem 23 steken op langs de zijkant van het linker voorpand (= mouwsteken, opgenomen aan de binnenkant van de buitenste steek), voeg 1 markeerder in, brei de eerste 2 steken op het achterpand recht samen (1 geminderde steek), brei recht tot er 2 steken over zijn op het achterpand, Haal 1 steek recht af, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (1 geminderde steek), voeg 1 markeerder in, neem 23 steken op langs de zijkant van het linker voorpand (= mouwsteken, opgenomen aan de binnenkant van de buitenste steek), voeg 1 markeerder in, brei de eerste 2 steken op het rechter voorpand recht samen (1 geminderde steek), 2-2-2-4-4-1-1 recht, brei A.1, dan A.2, 3-3-3-3-3-4-4 keer, brei A.5x, 2 averecht en zet 13 steken op = 219-221-223-231-233-243-243 steken. Er zijn 23 steken op elke mouw, 49-49-49-51-51-54-54 steken op elk voorpand en 75-77-79-83-85-89-89 steken op het achterpand. Ga verder met het patroon heen en weer gebreid. Meerder op de volgende naald aan de verkeerde kant 1 steek aan elke kant van de mouwen aan de binnenkant van de markeerders – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-2 en brei als volgt: Brei 6 steken volgens BIEZEN MET PUNNIKRAND – lees uitleg hierboven, 1 recht, 6 averecht, 2 recht, averecht tot de eerste markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei averecht naar de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts (= 25 mouwsteken), verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei averecht naar de volgende markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei averecht naar de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts (= 25 mouwsteken), verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei averecht tot er 15 steken over zijn, 2 recht, 6 averecht, 1 recht, brei 6 steken volgens biezen met PUNNIKRAND = 223-225-227-235-237-247-247 steken. Ga verder met het patroon heen en weer gebreid, meerder voor de mouwen op elke naald aan de goede kant als volgt – denk om het eerste knoopsgat en TIP VOOR HET MEERDEREN-1: NAALD 1 (goede kant): 6 voorbiessteken met PUNNIKRAND, brei A.6, dan A.1x, brei A.2, 3-3-3-3-3-4-4 keer, A.5, brei recht tot de eerste markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder (= mouw), meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei recht tot de volgende markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht naar de volgende markeerder (= mouw), meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei 3-3-3-5-5-2-2 recht, brei A.1, dan A.2, 3-3-3-3-3-4-4 keer, A.5x, A.7, 6 voorbiessteken met PUNNIKRAND. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei recht boven recht en averecht boven averecht met 6 voorbiessteken aan elke kant zoals hiervoor. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 14-15-15-16-14-11-7 keer (28-30-30-32-28-22-14 naalden gebreid). Er zijn 53-55-55-57-53-47-39 steken op elke mouw, 49-49-49-51-51-54-54 steken op elk voorpand en 75-77-79-83-85-89-89 steken op het achterpand = 279-285-287-299-297-291-275 steken. Meerder nu voor zowel het lijf als de mouwen als volgt, meerder op het lijf 2 steken aan de binnenkant van de markeerder zodat er 2 steken tussen de meerderingen op het lijf en de mouwen zijn: NAALD 1 (goede kant): Brei de voorbies en het patroon tot er 2 steken over zijn op het linker voorpand voor de eerste markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder (= mouw), meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 2 steken over zijn voor de volgende markeerder op het achterpand, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder (= mouw), meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, ga verder in patroon en brei de voorbies zoals hiervoor (8 gemeerderde steken). NAALD 2 (verkeerde kant): Brei recht boven recht en averecht boven averecht met 6 voorbiessteken aan elke kant. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 5-7-9-10-13-17-22 keer (10-14-18-20-26-34-44 naalden gebreid). Er zijn in totaal 20-23-25-27-28-29-30 meerderingen in de hoogte op de mouwen en 5-7-9-10-13-17-22 meerderingen in de hoogte op het lijf: 63-69-73-77-79-81-83 steken op elke mouw, 54-56-58-61-64-71-76 steken op elk voorpand en 85-91-97-103-111-123-133 steken op het achterpand = 319-341-359-379-397-427-451 steken. De mouw meet ca. 14-16-18-19-20-21-21 cm. Als het vest dubbel gevouwen is op de schouder, meet het werk ongeveer: 20-22-24-25-26-27-27 cm vanaf de bovenkant van de schouder Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN Brei 54-56-58-61-64-71-76 steken zoals hiervoor (= voorpand), plaats de volgende 63-69-73-77-79-81-83 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-8-10-12-14-16 steken op (midden onder de mouw), brei 85-91-97-103-111-123-133 steken recht (achterpand), plaats de volgende 63-69-73-77-79-81-83 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-8-10-12-14-16 op steken (midden onder de mouw), brei de laatste 54-56-58-61-64-71-76 steken zoals hiervoor (= voorpand). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. LIJF: = 201-215-229-245-263-293-317 steken. Ga verder met het patroon, tricotsteek en de biezen tot het werk 40-42-44-46-48-50-52 cm meet vanaf de opzetrand midden achter, met de laatste naald aan de verkeerde kant. Begin op de volgende naald aan de goede kant met de boordsteek, meerder tegelijkertijd 24-30-36-40-48-48-54 steken verdeeld op de naald (meerder niet over de biezen) als volgt: Ga verder met rondbreinaald 3 mm. Brei 6 voorbiessteken zoals hiervoor, boordsteek (1 recht en 1 averecht) tot er 7 steken over zijn (denk om het meerderen), 1 recht en brei 6 voorbiessteken zoals hiervoor = 225-245-265-285-311-341-371 steken. Ga verder met de boordsteek en biezen voor 4-4-4-5-5-5-5 cm. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht. Het vest meet ongeveer 44-46-48-51-53-55-57 cm vanaf de opzetrand midden achter en 46-48-50-52-54-56-58 cm vanaf de schouder. MOUWEN: Plaats de 63-69-73-77-79-81-83 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 4 mm en neem 1 steek op in elk van de 4-6-8-10-12-14-16 opgezette steken onder de mouw – lees MOUWTIP = 67-75-81-87-91-95-99 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de 4-6-8-10-12-14-16 nieuwe steken onder de mouw. De naald begint bij de markeerdraad. Brei in tricotsteek in de rondte. Minder TEGELIJKERTIJD, na de eerste naald, midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN als volgt: Minder 2 steken iedere 2-2-1-1-1-1-1 cm in totaal 3-4-5-5-3-2-1 keer = 61-67-71-77-85-91-97 steken. Brei verder tot de mouw 10-9-7-5-5-4-5 cm meet vanaf de scheiding. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm. Brei boordsteek (1 recht en 1 averecht), meerder tegelijkertijd 13-13-15-17-17-17-19 steken verdeeld op de eerste naald = 74-80-86-94-102-108-116 steken. Als de boordsteek 4-4-4-5-5-5-5 cm meet, kant dan af met boordsteek. De mouw meet ca. 14-13-11-10-10-9-10 cm vanaf de scheiding en 28-29-29-29-30-30-31 cm vanaf de opneemrand op de schouder. HALS: Gebruik rondbreinaald 3 mm. Neem aan de goede kant 109-115-121-121-125-125-125 steken op langs de halslijn, zorg ervoor dat er 1 steek in elke voorbiessteek zit en dat het aantal steken deelbaar is door 2 + 1. Brei dan als volgt aan de verkeerde kant: 6 voorbiessteken met PUNNIKRAND, brei boordsteek (1 averecht en 1 recht) tot er 7 steken over zijn, 1 averecht, brei 6 voorbiessteken met PUNNIKRAND. Brei deze boordsteek heen en weer gebreid voor 3½-3½-4-4-4-4½-4½ cm. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht. |
||||||||||||||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #crossingsandcardigan of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 55 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
||||||||||||||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 268-23
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.