Ivory Leaf Cardigan#ivoryleafcardigan |
||||||||||||||||
![]() |
![]() |
|||||||||||||||
Gebreid vest in DROPS Air. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid in tricotsteek met Europeaanse pas, PUNNIKRAND en kantpatroon op de voorpanden. Maten XS - XXXL.
DROPS 266-5 |
||||||||||||||||
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- PATROON: Zie telpatronen A.1 tot A.4. Kies het telpatroon voor uw maat (geldt voor A.2 en A.4). De telpatronen laten alle naalden in het patroon aan de goede kant zien. TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de goede kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- aan de goede kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus die aan de voorkant van de naald ligt. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- op de verkeerde kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht door de lus aan de voorkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – op de verkeerde kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht door de lus aan de achterkant van de naald. RIBBELSTEEK: Brei alle naalden recht, aan zowel de goede als de verkeerde kant. 1 ribbel in de hoogte = brei 2 naalden recht. BIEZEN MET PUNNIKRAND: BEGIN VAN DE NAALD:Brei de voorbies als volgt (8 steken): Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei 6 ribbelsteken. EINDE VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt (8 steken): Brei tot er 8 steken over zijn op de naald, brei 6 ribbelsteken, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. Brei zo aan zowel de goede als de verkeerde kant. KNOOPSGATEN: Brei de knoopsgaten op de rechter voorbies (als het werk gedragen wordt) aan de goede kant als er 6 steken over zijn: NAALD 1 (goede kant): Maak 1 omslag, 2 recht samen, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat. Het eerste knoopsgat wordt op de eerste naald aan de goede kant gebreid als alle steken gemeerderd zijn voor de halslijn. Brei dan de andere 4-4-4-5-5-5-5 knoopsgaten met 10-10½-11-9-9-9-9 cm tussen elk. Het laatste knoopsgat wordt gebreid in de overgang tussen de tricotsteek en de boordsteek op het lijf. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje ontstaan in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit in het midden van deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 geminderde steken). ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- VEST – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK. Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Als er een «0» in uw maat staat, sla dan de informatie over en ga gelijk verder met de volgende instructie. Brei volgens punten 1 – 5. 1. ACHTERPAND: Zet steken op voor de achterkant van de hals. Brei het achterpand heen en weer gebreid, meerder steken aan elke kant tot het aantal schoudersteken bereikt is. Het achterpand heeft een ietwat diagonale schouder. 2. VOORPANDEN: Begin door steken op te nemen langs een schouder achter, brei naar beneden en meerder voor de halslijn. Herhaal op de andere schouder. 3. PAS: Voeg de voor- en achterpanden samen, brei eerst 1 voorpand, neem steken op voor de mouw langs de zijkant van het voorpand, brei het achterpand, neem steken op voor de mouw langs de zijkant van het tweede voorpand, brei dan dit voorpand. De pas wordt vanaf midden voor heen en weer gebreid, met kantpatroon op de voorpanden en tricotsteek op het achterpand. 4. MEERDEREN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Terwijl u de pas breit, meerdert u eerst steken voor de mouwen, daarna voor zowel de mouwen als het lijf. 5. LIJF EN MOUWEN: Wanneer alle meerderingen klaar zijn en de pas de juiste lengte heeft, wordt het verdeeld over het lijf en de mouwen. Het lijf wordt verder heen en weer gebreid terwijl de mouwen wachten. Er worden steken opgenomen voor de biezen langs elk voorpand en heen en weer gebreid. De mouwen worden in de rondte gebreid, van boven naar beneden. Er worden steken opgenomen langs de halslijn en de hals wordt op het einde heen en weer gebreid. ACHTERPAND: Het werk wordt heen en weer gebreid met de rondbreinaald. Zet 28-28-30-30-32-32-32 steken op met rondbreinaald 4.5 mm en DROPS Air. NAALD 1 (verkeerde kant): Averecht. NAALD 2 (goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 3 (verkeerde kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2. 3 averecht, meerder 1 steek richting links, brei averecht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 averecht. NA NAALD 3: Brei NAALDEN 2 en 3 in totaal 9-10-10-11-11-12-13 keer (18-20-20-22-22-24-26 naalden gebreid) = 64-68-70-74-76-80-84 steken. Het werk meet ongeveer: 8-8-8-9-9-10-11 cm. Denk om de stekenverhouding. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. RECHTER VOORPAND: Vind de rechter schouder achter als volgt: Leg het achterpand plat neer, met de goede kant naar boven, met de hulpdraad naar u toe; goede kant van het werk = rechterschouder. Begin aan de goede kant bij het armsgat op de rechter schouder achter en neem 1 steek op in de buitenste steek op de schouder (kantsteek), dan 1 steek in elke naald gebreid aan de binnenkant van de buitenste steek, tot aan de halslijn (18-20-20-22-22-24-26 steken) = 19-21-21-23-23-25-27 schoudersteken. Voeg 1 markeerder in bij de hals. Alle lengte-afmetingen op het voorpand worden vanaf deze markeerder genomen, gemeten in de breirichting. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant, brei dan als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei 14-16-16-18-18-20-22 recht, brei A.1. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei A.1, 14-16-16-18-18-20-22 averecht. Brei NAALDEN 1 en 2 tot het werk 4-5-5-7-7-7-9 cm meet vanaf de markeerder, eindig na een herhaling van A.1 in de hoogte. Meerder nu voor de halslijn als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei recht tot er 5 steken over zijn, voeg 1 markeerder in, brei A.2 maar als er 3 steken over zijn, meerder dan 1 steek richting rechts – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei de laatste 3 steken in A.2. NAALD 2 (verkeerde kant): Averecht. NAALD 3 (goede kant): Brei recht tot de markeerder, ga verder met A.2 maar als er 3 steken over zijn, meerder dan 1 steek richting rechts, brei de laatste 3 steken in A.2. NAALD 4 (verkeerde kant): Averecht. Brei NAALDEN 3 en 4, 4-4-4-4-5-5-5 keer (8-8-8-8-10-10-10 naalden gebreid) = 25-27-27-29-30-32-34 steken. U heeft 6-6-6-6-7-7-7 keer gemeerderd voor de halslijn en het werk meet ongeveer 9-10-10-12-13-13-15 cm vanaf de markeerder. Zet op de volgende naald aan de goede kant, 15-15-16-16-16-16-16 steken op voor de halslijn aan het einde van de naald = 40-42-43-45-46-48-50 steken. Een deel van de halslijndiepte ligt op het achterpand. De halslijndiepte aan de voorkant = 8-8-8-10-11-11-12 cm. Halslijndiepte achterpand = 1-2-2-2-2-2-3 cm. Brei de volgende naald aan de verkeerde kant als volgt: 8 steken volgens BIEZEN MET PUNNIKRAND – lees uitleg hierboven, brei averecht tot het einde van de naald. Brei dan als volgt aan de goede kant: Brei recht tot de markeerder, ga verder met A.2, eindig met 8 voorbiessteken volgens biezen met PUNNIKRAND. Het werk meet ongeveer 10-11-11-13-14-14-16 cm vanaf de markeerder. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. Brei de linker schouder voor over de linker schouder achter. LINKER VOORPAND: Begin aan de goede kant bij de hals op de linker schouder achter en neem 1 steek op in elke gebreide naald, aan de binnenkant van de buitenste steek, tot het armsgat (18-20-20-22-22-24-26 steken), neem 1 steek op aan de buitenkant op de schouder (kantsteek) = 19-21-21-23-23-25-27 schoudersteken. Voeg 1 markeerder in bij de hals. Alle lengte-afmetingen op het voorpand worden vanaf deze markeerder genomen, gemeten in de breirichting. Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant, brei dan als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei A.3, 14-16-16-18-18-20-22 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei 14-16-16-18-18-20-22 averecht, brei A.3. Brei NAALDEN 1 en 2 tot het werk 4-5-5-7-7-7-9 cm meet vanaf de markeerder, eindig na een herhaling van A.3 in de hoogte. Meerder nu voor de halslijn als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei de eerste 3 steken in A.4, meerder 1 steek richting links – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei de overgebleven steken in A.4, voeg 1 markeerder in, brei recht tot het einde van de naald. NAALD 2 (verkeerde kant): Averecht. NAALD 3 (goede kant): Brei de eerste 3 steken in A.4, meerder 1 steek richting links, brei A.4 tot de markeerder, brei recht tot het einde van de naald. NAALD 4 (verkeerde kant): Averecht. Brei NAALDEN 3 en 4, 4-4-4-4-5-5-5 keer (8-8-8-8-10-10-10 naalden gebreid), = 25-27-27-29-30-32-34 steken, met de laatste naald aan de verkeerde kant en zet 15-15-16-16-16-16-16 steken op voor de halslijn aan het einde van deze naald = 40-42-43-45-46-48-50 steken. U heeft 6-6-6-6-7-7-7 keer gemeerderd voor de halslijn naast de opgezette steken en het werk meet ongeveer 9-10-10-12-13-13-15 cm vanaf de markeerder. Een deel van de halslijndiepte ligt op het achterpand. De halslijndiepte aan de voorkant = 8-8-8-10-11-11-12 cm. Halslijndiepte achterpand = 1-2-2-2-2-2-3 cm. Brei op de volgende naald aan de goede kant 8 voorbiessteken volgens BIEZEN MET PUNNIKRAND – denk om de uitleg hierboven, ga verder met A.4 tot de markeerdraad, brei recht tot het einde van de naald. Aan de verkeerde kant: Brei averecht tot er 8 steken over zijn, brei 8 voorbiessteken volgens biezen met PUNNIKRAND. Het werk meet ongeveer 10-11-11-13-14-14-16 cm vanaf de markeerder. De voor- en achterpanden worden nu samengevoegd en er worden steken opgenomen voor de mouwen. PAS: NAALD 1 (goede kant): Begin aan de goede kant op het linker voorpand, brei 8 voorbiessteken zoals hiervoor, brei A.4, verwijder de markeer na A.4, brei recht tot er 2 steken over zijn op het voorpand, haal 1 steek af, 1 recht, haal de afgehaalde steek over (1 steek geminderd), voeg 1 markeerder in, neem 18-20-20-24-26-26-28 steken op langs de zijkant van het linker voorpand (= mouwsteken, opgenomen aan de binnenkant van de buitenste steek), voeg 1 markeerder in, brei de eerste 2 steken op het achterpand recht samen (1 steek geminderd), brei recht tot er 2 steken over zijn op het achterpand, haal 1 steek af, 1 recht, haal de afgehaalde steek over (1 steek geminderd), voeg 1 markeerder in, neem 18-20-20-24-26-26-28 steken op langs de zijkant van het rechter voorpand (= mouwsteken, opgenomen aan de binnenkant van de buitenste steek), voeg 1 markeerder in, brei de eerste 2 steken op het rechter voorpand recht samen (1 steek geminderd), brei recht tot de markeerder en verwijder deze, brei A.2 en de biezen zoals hiervoor = 176-188-192-208-216-224-236 steken. Denk om het eerste knoopsgat aan het einde van de naald – lees beschrijving hierboven. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei averecht tot de eerste markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei averecht naar de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei averecht naar de volgende markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, Meerder 1 steek richting links, brei averecht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei averecht tot er 8 steken over zijn, brei de voorbies zoals hiervoor = 180-192-196-212-220-228-240 steken. NAALD 3 (goede kant): Ga verder met de voorbies, het kantpatroon en de tricotsteek tot aan de eerste markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, brei recht tot de volgende markeerder, verplaats de markeerder naar de rechter naald, Meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, ga verder met tricotsteek, kantpatroon en de voorbies = 184-196-200-216-224-232-244 steken. NAALD 4 (verkeerde kant): Brei averecht met 8 voorbiessteken aan elke kant zoals hiervoor. NA NAALD 4: Brei NAALDEN 3 en 4, 8-7-5-6-5-3-1 keer (16-14-10-12-10-6-2 naalden gebreid). Er zijn in totaal 10-9-7-8-7-5-3 meerderingen in de hoogte op de mouwen: 38-38-34-40-40-36-34 steken op elke mouw, 39-41-42-44-45-47-49 steken op elk voorpand en 62-66-68-72-74-78-82 steken op het achterpand = 216-224-220-240-244-244-248 steken. Meerder nu op zowel het lijf als de mouwen, met de meerderingen op het lijf aan de binnenkant van 2 steken zodat er 2 steken tussen de meerderingen op het lijf en de mouwen zijn: NAALD 1 (goede kant): Brei zoals hiervoor tot er 2 steken over zijn voor de eerste markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot 2 steken voor de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei tot het einde van de naald (8 steken gemeerderd, 1 steek aan elke kant van de 2 steken in elke overgang tussen het lijf en de mouwen). NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht met 8 voorbiessteken aan elke kant. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 4-6-7-10-14-17-19 keer (8-12-14-20-28-34-38 naalden gebreid). Er zijn in totaal 14-15-14-18-21-22-22 meerderingen in de hoogte op de mouwen en 4-6-7-10-14-17-19 meerderingen in de hoogte op het lijf: 46-50-48-60-68-70-72 steken op elke mouw, 43-47-49-54-59-64-68 steken op elk voorpand en 70-78-82-92-102-112-120 steken op het achterpand = 248-272-276-320-356-380-400 steken. De meerderingen zijn klaar in de maten XL, XXL en XXXL. Ga naar ALLE MATEN. In de maten XS, S, M en L meerderen ze als volgt. MATEN XS, S, M en L: Meerder iedere 4e naald: NAALD 1 (goede kant): Brei zoals hiervoor tot er 2 steken over zijn voor de eerste markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot 2 steken voor de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei tot het einde van de naald (8 steken gemeerderd). NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht met 8 voorbiessteken aan elke kant. NAALD 3 (goede kant): Ga verder met de biezen, het kantpatroon en de tricotsteek. NAALD 4 (verkeerde kant): Brei averecht met 8 voorbiessteken aan elke kant. Brei NAALDEN 1 tot 4 in totaal 2-2-3-1-0-0-0 keer (8-8-12-4-0-0-0 naalden gebreid). Er zijn in totaal 16-17-17-19-21-22-22 meerderingen in de hoogte op de mouwen en 6-8-10-11-14-17-19 meerderingen in de hoogte op het lijf: 50-54-54-62-68-70-72 steken op elke mouw, 45-49-52-55-59-64-68 steken op elk voorpand en 74-82-88-94-102-112-120 steken op het achterpand = 264-288-300-328-356-380-400 steken. ALLE MATEN: De mouwen meten ongeveer 15-15-16-16-17-18-18 cm. Als het vest dubbel gevouwen is op de schouder meet het ongeveer: 20-21-22-23-24-25-26 cm vanaf de buitenkant op de schouder en naar beneden over het armsgat. Als het werk korter is dan dit, brei dan verder zonder verdere meerderingen tot de juiste lengte. Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Brei 45-49-52-55-59-64-68 steken zoals hiervoor (= voorpand), plaats de volgende 50-54-54-62-68-70-72 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-10-10-12-12-14 steken op (midden onder de mouw), brei de volgende 74-82-88-94-102-112-120 steken (= achterpand), plaats de volgende 50-54-54-62-68-70-72 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-10-10-12-12-14 steken op (midden onder de mouw), brei de laatste 45-49-52-55-59-64-68 steken zoals hiervoor (= voorpand). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. LIJF: = 180-196-212-224-244-264-284 steken. Ga verder met de biezen, het kantpatroon en de tricotsteek heen en weer gebreid tot het werk 51-53-55-57-58-60-62 cm meet vanaf de opzetrand midden achter. Begin op de volgende naald aan de goede kant met de boordsteek. Meerder tegelijkertijd 29-29-31-35-37-41-43 steken verdeeld op de naald als volgt: Ga verder met rondbreinaald 3 mm, brei de voorbies zoals hiervoor, boordsteek (1 recht, 1 averecht – denk om het meerderen), tot er 9 steken over zijn, 1 recht en brei de voorbies zoals hiervoor = 209-225-243-259-281-305-327 steken. Als de boordsteek 3-3-3-3-4-4-4 cm meet, kant dan af met boordsteek of brei Italiaans afkanten. De jas meet ongeveer 54-56-58-60-62-64-66 cm vanaf de bovenkant van de schouder. MOUWEN: Plaats de 50-54-54-62-68-70-72 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 4.5 mm en neem 1 steek op in elk van de 8-8-10-10-12-12-14 opgezette steken onder de mouw – lees MOUWTIP = 58-62-64-72-80-82-86 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de 8-8-10-10-12-12-14 steken onder de mouw. De naald begint bij de markeerdraad. Brei in tricotsteek in de rondte. TEGELIJKERTIJD, als de mouw 1 cm meet vanaf de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN als volgt: Minder 2 steken 2-3-3-3-3-3-4 keer elke 2e naald, dan 2 steken 0-0-0-3-6-6-6 keer om de 2 cm = 54-56-58-60-62-64-66 steken. Brei verder tot de mouw 39-39-39-39-37-36-36 cm meet vanaf de scheiding. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm. Brei boordsteek (1 recht, 1 averecht), meerder tegelijkertijd 8-8-8-8-8-10-10 steken verdeeld op de eerste naald = 62-64-66-68-70-74-76 steken. Als de boordsteek 3-3-3-3-4-4-4 cm meet, kant dan af met boordsteek of brei Italiaans afkanten. De mouw meet ca. 42-42-42-42-41-40-40 cm vanaf de scheiding. HALS: Gebruik rondbreinaald 3 mm. Begin aan de goede kant, midden voor en neem 93-95-105-109-115-115-119 steken op langs de halslijn, aan de binnenkant van 1 steek (het aantal steken moet deelbaar zijn door 2 + 1). Brei de eerste naald aan de verkeerde kant: De voorbies zoals hiervoor, boordsteek (1 averecht, 1 recht) tot er 9 steken over zijn, 1 averecht en brei de voorbies zoals hiervoor. Aan de goede kant: De voorbies zoals hiervoor, boordsteek (1 recht, 1 averecht) tot er 9 steken over zijn, 1 recht en brei de voorbies zoals hiervoor. Ga verder met deze boordsteek voor 3-3-3-31/2-31/2-4-4 cm. Kant af met boordsteek of brei Italiaans afkanten. AFWERKING: Naai de knopen op de linker voorbies. |
||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #ivoryleafcardigan of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 51 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 266-5
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.