Greenstone Sweater#greenstonesweater |
|
![]() |
![]() |
Gebreide trui voor heren in DROPS Karisma. Het werk wordt gebreid van boven naar beneden gebreid in tricotsteek met Europeaanse pas. Maat: S - XXXL
DROPS 260-39 |
|
|
---------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ---------------------------------------------------------- TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS - aan de goede kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht in de lus van de steek aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS - aan de goede kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht in de lus van de steek aan de voorkant van de naald. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS - op de verkeerde kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht in de lus van de steek aan de voorkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS - op de verkeerde kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht in de lus van de steek aan de achterkant van de naald. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje ontstaan in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd). ---------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ---------------------------------------------------------- TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: In dit patroon worden naalden van verschillend lengtes gebruikt, begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Het kledingstuk wordt gebreid volgens punten 1 - 5. 1. ACHTERPAND: Zet steken op aan de achterkant van de hals en brei het achterpand heen en weer gebreid naar beneden terwijl u tegelijkertijd meerdert aan elke kant van het werk naar het aantal steken totdat de schouderbreedte bereikt is. Het achterpand heeft een ietwat diagonale schouder. 2. VOORPAND: Wordt in 2 delen gebreid (= elke kant van de hals). Begin door steken op te nemen langs een schouder van het achterpand, brei het voorpand naar beneden en meerder richting de hals. Herhaal op de andere schouder, zet dan nieuwe steken op voor de hals midden voor = zet de voorpanden samen in een deel. Brei het voorpand heen en weer gebreid tot de aangegeven afmetingen. 3. PAS: Brei op de volgende naald alle steken op dezelfde rondbreinaald - brei dan als volgt: Brei de steken op het voorpand, neem steken op voor de mouw langs de zijkant van het voorpand, brei het achterpand, neem steken op voor de mouw langs de andere kant van het voorpand = brei dan de pas in de rondte over alle steken. 4. MEERDERINGEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Als u de pas breit, meerder dan steken voor het lijf en de mouwen, meerder eerst voor de mouwen en meerder dan voor zowel het lijf en als mouwen. 5. LIJF EN MOUWEN: Als alle steken gemeerderd zijn en de pas is gebreid tot de aangegeven afmetingen, verdeel dan het werk voor het lijf en de mouwen. Brei het lijf naar beneden in de rondte op de naald terwijl de mouwen wachten. Brei dan de mouwen naar beneden in de rondte op de naald. Eindig door steken op te nemen rondom de hals en brei een halsrand in de rondte. ACHTERPAND: Brei het werk heen en weer gebreid op de rondbreinaald. Zet 34-36-36-38-38-40 steken op rondbreinaald 4 mm met DROPS Karisma. NAALD 1 (= verkeerde kant): Brei alle steken averecht. NAALD 2 (= goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1 en brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 3 steken over zijn, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 3 (= verkeerde kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2 en brei 3 averecht, meerder 1 steek richting rechts, brei averecht tot er 3 steken over zijn, meerder 1 steek richting links, 3 averecht. NA DE 3e NAALD: Brei de 2e en 3e NAALD 13-14-15-16-17-18 keer in totaal (= 26-28-30-32-34-36 naalden zijn gebreid), na de laatste meerdering zijn er 86-92-96-102-106-112 steken op de naald. Denk om de stekenverhouding! Knip de draad af, zet de steken op een hulpdraad. LINKERSCHOUDER: Vind de linkerschouder op het achterpand als volgt: Leg het achterpand plat neer met de goede kant naar boven, plaats het achterpand zo dat de steken op de hulpdraad naar u toe liggen, de linkerkant van het werk = linkerschouder. Neem nu steken op langs de linker diagonale schouder op het achterpand– begin aan de goede kant bij de hals en neem steken op naar buiten richting het armsgat als volgt: Neem 1 steek op in iedere gebreide naald aan de binnenkant van de buitenste steek = 26-28-30-32-34-36 steken voor de schouder. Voeg 1 markeerder in het werk richting de hals. Alle lengte afmetingen worden vanaf deze markeerder gedaan, gemeten in de steekrichting. Brei in tricotsteek (brei de eerste naald op de verkeerde kant). Meerder bij een hoogte van 6-7-7-8-8-9 cm, steken richting de hals als volgt: NAALD 1 (= goede kant): Denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1 en brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei de rest van de naald recht. NAALD 2 (= verkeerde kant): Averecht zonder te meerderen. Brei de 1e en 2e NAALD 6-6-6-6-7-7 keer (= 12-12-12-12-14-14 naalden gebreid) = 32-34-36-38-41-43 steken. De meerderingen voor de hals zijn nu klaar. Het werk meet nu 10-11-11-12-13-14 cm vanaf de markeerder. Een deel van de halsdiepte zit op het achterpand. De halsdiepte op het voorpand = 9-10-10-10-11-12 cm. De halsdiepte op het achterpand = 1-1-1-2-2-2 cm. Zet de steken op een hulpdraad, brei nu de rechterschouder over de rechter diagonale schouder op het achterpand zoals uitgelegd hieronder. RECHTERSCHOUDER: Neem nu steken op over de rechter diagonale schouder op het achterpand - begin aan de goede kant op het armsgat en neem steken op richting de hals als volgt: Neem 1 steek op in iedere gebreide naald aan de binnenkant van de buitenste steek = 26-28-30-32-34-36 steken voor de schouder. Voeg 1 markeerder in het werk richting de hals. Alle lengte afmetingen worden vanaf deze markeerder gedaan, gemeten in de steekrichting. Brei in tricotsteek (brei de eerste naald op de verkeerde kant). Meerder bij een hoogte van 6-7-7-8-8-9 cm, steken richting de hals als volgt: NAALD 1 (= goede kant): Brei recht tot er 3 steken over zijn, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1. NAALD 2 (= verkeerde kant): Brei averecht zonder te meerderen. Brei de 1e en 2e NAALD 6-6-6-6-7-7 keer (= 12-12-12-12-14-14 naalden zijn gebreid) = 32-34-36-38-41-43 steken. De meerderingen voor de hals zijn nu klaar. Het werk meet nu 10-11-11-12-13-14 cm vanaf de markeerder. Een deel van de halsdiepte zit op het achterpand. De halsdiepte op het voorpand = 9-10-10-10-11-12 cm. De halsdiepte op het achterpand = 1-1-1-2-2-2 cm. VOORPAND: Zet op de volgende naald (= goede kant) de schouders samen voor het voorpand als volgt: Brei de 32-34-36-38-41-43 steken van de rechterschouder, zet 22-24-24-26-24-26 steken op voor de hals aan het einde van deze naald, brei de 32-34-36-38-41-43 steken van de linkerschouder = 86-92-96-102-106-112 steken. Brei in tricotsteek heen en weer gebreid tot het werk 11-12-13-14-15-16 cm meet vanaf de markeerder – brei de laatste naald op de verkeerde kant. Zet dan het voorpand en achterpand samen en neem steken op voor de mouwen, brei zoals uitgelegd hieronder. NAALD 1 (= goede kant): Brei de eerste 2 steken van het voorpand samen (= 1 steek geminderd), brei recht tot er 2 steken over zijn op het voorpand, 1 steek afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over (= 1 steek geminderd), voeg 1 markeerder in, neem 24-26-28-30-32-34 steken op langs de zijkant op het linker voorpand (= steken voor de mouw - neem steken op aan de binnenkant van de buitenste steek), voeg 1 markeerder in, brei de eerste 2 steken van het achterpand recht samen (= 1 steek geminderd), brei tot er 2 steken over zijn op het achterpand, 1 steek afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over (= 1 steek geminderd), voeg 1 markeerder in, neem 24-26-28-30-32-34 steken op langs zijkant op het rechter deel (= steken voor de mouw - neem steken op aan de binnenkant van de buitenste steek), voeg 1 markeerder in = 216-232-244-260-272-288 steken. PAS: Brei dan het werk in de rondte. NAALD 1: Brei recht over alle steken en meerder 1 steek aan elke kant op elke mouw - denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1 - meerder 1 steek richting links op het begin van mouw, meerder 1 steek richting rechts aan het einde van mouw, het aantal steken op elke mouw nemen toe, het aantal steken op het voorpand en achterpand blijft hetzelfde. Brei deze naald 3 keer = 30-32-34-36-38-40 steken op elke mouw en 84-90-94-100-104-110 steken op het voorpand/achterpand) = 228-244-256-272-284-300 steken. Brei dan in de rondte als volgt: NAALD 1: Brei alle steken recht en meerder 1 steek aan elke kant op elke mouw zoals hiervoor – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, het aantal steken op elke mouw nemen toe, het aantal steken op het voorpand en achterpand blijft hetzelfde. NAALD 2: Brei alle steken recht zonder te meerderen. Brei de 1e en 2e NAALD 8-10-11-10-7-4 keer (= 16-20-22-20-14-8 naalden gebreid. Er zijn in totaal 11-13-14-13-10-7 meerderingen gemaakt op de mouwen = 46-52-56-56-52-48 steken op elke mouw en 84-90-94-100-104-110 steken op het voorpand/achterpand) = 260-284-300-312-312-316 steken. Meerder dan op zowel de mouwen als het lijf, meerder op het lijf 2 steken aan de binnenkant van de markeerder zodat er 2 steken tussen de meerderingen voor het lijf en meerderingen voor de mouw zitten - brei de volgende naald als volgt: NAALD 1: 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 2 steken over zijn op het voorpand voor de eerste markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 2 steken op het achterpand over zijn voor de markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder (= mouw), meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald (= 8 steken gemeerderd, dus 1 steek gemeerderd aan elke kant van 2 steken in iedere overgang tussen het lijf en de mouw). NAALD 2: Brei alle steken recht zonder te meerderen. Brei de 1e en 2e NAALD 10-11-12-14-17-21 keer (= 20-22-24-28-34-42 naalden gebreid). 21-24-26-27-27-28 meerderingen gemaakt in totaal voor de mouw en 10-11-12-14-17-21 meerderingen op het lijf = 66-74-80-84-86-90 steken op elke mouw en 104-112-118-128-138-152 steken op het voorpand/achterpand = 340-372-396-424-448-484 steken. De mouw meet ongeveer 14-16-18-18-18-19 cm - als de trui dubbel gevouwen is op de schouder, meet het werk ongeveer 20-22-24-25-26-27 cm vanaf de rand op de schouder en naar beneden over het armsgat. Brei zonder te meerderen tot het werk 21-22-24-25-26-27 cm meet vanaf de rand op de schouder en naar beneden over het armsgat. Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: TEGELIJKERTIJD als de volgende naald wordt gebreid verdeelt u de pas voor het lijf en de mouwen als volgt: Brei de eerste 104-112-118-128-138-152 steken (= voorpand), zet de volgende 66-74-80-84-86-90 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 6-6-8-8-10-10 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw), brei de volgende 104-112-118-128-138-152 steken (= achterpand), zet de volgende 66-74-80-84-86-90 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 6-6-8-8-10-10 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw). Brei het lijf en de mouwen apart verder. LIJF: = 220-236-252-272-296-324 steken. Brei in tricotsteek tot het werk 33-34-34-33-34-35 cm meet, gemeten vanaf waar de nieuwe steken zijn opgezet onder de mouw. Brei verder met rondbreinaald maat 3 mm, brei boordsteek (= 2 recht/2 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 40-44-48-56-56-64 steken verdeeld meerdert op de 1e naald = 260-280-300-328-352-388 steken. Als de boordsteek 5-5-5-6-6-6 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht. De trui meet ongeveer 64-66-68-70-72-74 cm. MOUWEN: Zet de 66-74-80-84-86-90 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 4 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 6-6-8-8-10-10 steken die opgezet zijn onder de mouw– lees MOUWTIP = 72-80-88-92-96-100 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 6-6-8-8-10-10 nieuwe steken onder de mouw – de naald begint op de markeerdraad. Brei dan in tricotsteek in de rondte op de naald. TEGELIJKERTIJD als de mouw 1 cm meet vanaf de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN en minder als volgt: Minder 2-2-2-3-3-3 keer 2 steken in iedere tweede naald, minder dan 2 steken 6-9-12-11-12-13 keer iedere 7-4½-3-3-2½-2½ cm = 56-58-60-64-66-68 steken op de naald. Brei tot de mouw 42-40-38-36-36-35 cm meet vanaf de scheiding. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm en brei boordsteek (= 2 recht/2 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 12-10-12-12-10-12 steken verdeeld meerdert op de 1e naald = 68-68-72-76-76-80 steken. Als de boordsteek 5-5-5-6-6-6 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht. De mouw meet ongeveer 61-61-61-60-60-60 cm vanaf de schouder. HALSRAND: Gebruik rondbreinaald 3 mm. Begin aan de goede kant op de schouderlijn en neem 96-100-100-108-108-116 steken op rondom de hals aan de binnenkant van 1 steek - Het aantal steken moet deelbaar zijn door 4. Brei boordsteek in de rondte (= 2 recht/2 averecht) voor 4-4-4-5-5-5 cm – pas zo aan dat 2 recht in de boordsteek doorlopen over 2 recht van de diagonale schouderlijn. Kant de steken af met recht boven recht en averecht boven averecht. |
|
![]() |
|
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #greenstonesweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 40 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|
Laat een opmerking achter voor DROPS 260-39
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.