Polar Playtime Sweater#polarplaytimesweater |
|
![]() |
![]() |
Gebreide trui en muts voor kinderen in DROPS Merino Extra Fine. De trui wordt van boven naar beneden gebreid in tricotsteek, met Europeaanse pas. De muts wordt in de rondte gebreid met strepen. Maten 2 - 14 jaar.
DROPS Children 50-17 |
|
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS - aan de goede kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS - aan de goede kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus aan de voorkant van de naald. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS - op de verkeerde kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht door de lus aan de voorkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS - op de verkeerde kant: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht door de lus aan de achterkant van de naald. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje ontstaan in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd). STREPEN (voor de muts):* Brei 2 naalden met Blauw Mist, dan 2 naalden met Stormblauw *, brei van *-* tot de gewenste lengte. ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- TRUI – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Brei volgens punten 1 – 5. 1. ACHTERPAND: Zet steken op voor de achterkant van de hals. Brei het achterpand heen en weer, van boven naar beneden, meerder steken aan elke kant tot het aantal schoudersteken bereikt is. Het achterpand heeft licht diagonale schouders. 2. VOORPAND: Wordt in 2 delen gebreid (elke kant van de hals). Begin door steken op te nemen langs een schouder achter, brei naar beneden en meerder voor de halslijn. Herhaal op de andere schouder. 3. PAS: Plaats alle steken op dezelfde rondbreinaald, brei eerst een voorpand, neem steken op voor een mouw langs de zijkant van het voorpand, brei het achterpand, neem steken op voor de tweede mouw langs de zijkant van het andere voorpand, zet steken op voor de voorkant van de halslijn. De pas wordt in de rondte voortgezet. 4. MEERDEREN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Terwijl u de pas voortzet, worden er steken gemeerderd, eerst voor de mouwen en later voor zowel het lijf als de mouwen. 5. LIJF EN MOUWEN: Als de meerderingen en de pas klaar zijn, wordt de pas verdeeld voor het lijf en de mouwen. Het lijf wordt in de rondte afgewerkt terwijl de mouwen wachten. Dan worden de mouwen in de rondte gebreid, van boven naar beneden. Er worden steken opgenomen rondom de halslijn en de hals wordt op het einde gebreid. ACHTERPAND: Zet 28-32-32-34-34-38-38 steken op met rondbreinaald 3.5 mm en DROPS Merino Extra Fine. Brei heen en weer als volgt: NAALD 1 (verkeerde kant): Averecht. NAALD 2 (goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 3 (verkeerde kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2. 3 averecht, meerder 1 steek richting rechts, brei averecht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting links, 3 averecht. NA NAALD 3: Brei NAALDEN 2 en 3 in totaal 5-5-6-7-8-8-9 keer (10-10-12-14-16-16-18 naalden gebreid). Na de laatste meerdering zijn er 48-52-56-62-66-70-74 steken. Denk om de stekenverhouding. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. RECHTERSCHOUDER: Vind de rechter schouder achter als volgt: Leg het achterpand plat neer, met de goede kant naar boven, met de hulpdraad naar u toe; de rechterkant van het werk = rechterschouder. Begin aan de goede kant op de rechter schouder achter, bij het armsgat en neem 1 steek op aan de buitenkant op de hoek van de schouder (kantsteek), neem dan 1 steek op in elke gebreide naald, aan de binnenkant van de buitenste steek (10-10-12-14-16-16-18 steken) = 11-11-13-15-17-17-19 schoudersteken. Voeg 1 markeerder in bij de hals. Alle lengtes op het voorpand worden vanaf deze markeerdraad in de breirichting genomen. Brei tricotsteek met de eerste naald aan de verkeerde kant. Als het werk 5-4-5-6-6-6-7 cm meet , meerder dan voor de halslijn als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei recht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht - denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht zonder te meerderen. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 3-4-4-4-4-5-5 keer (6-8-8-8-8-10-10 naalden gebreid) = 14-15-17-19-21-22-24 steken. Knip de draad af, plaats de steken op een hulpdraad en brei de linkerschouder voor. LINKERSCHOUDER: Begin aan de goede kant op de linker schouder achter bij de hals en neem 1 steek op in elke gebreide naald, aan de binnenkant van de buitenste steek (10-10-12-14-16-16-18 steken), neem dan 1 steek op aan de buitenkant op de hoek van de schouder (kantsteek) = 11-11-13-15-17-17-19 schoudersteken. Voeg 1 markeerder in bij de hals. Alle lengtes op het voorpand worden vanaf deze markeerdraad in de breirichting genomen. Brei tricotsteek, met de eerste naald aan de verkeerde kant. Als het werk 5-4-5-6-6-6-7 cm meet , meerder dan voor de halslijn als volgt: NAALD 1 (goede kant): Denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1. 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot het einde van de naald. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht zonder te meerderen. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 3-4-4-4-4-5-5 keer (6-8-8-8-8-10-10 naalden gebreid) = 14-15-17-19-21-22-24 steken. U plaatst nu de voor- en achterpanden op dezelfde rondbreinaald, neemt steken op voor de mouwen en zet op voor de voorkant van de halslijn als volgt: PAS: NAALD 1 (goede kant): Begin aan de goede kant op het linker voorpand. 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 2 steken over zijn op het voorpand, haal 1 steek af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over (1 kantsteek geminderd), voeg 1 markeerdraad in, neem 16-16-18-20-20-20-22 steken op langs de zijkant van het linker voorpand (= mouwsteken, opgenomen aan de binnenkant van de buitenste steek), Voeg 1 markeerder in, plaats de achterpandsteken op de naald, brei de eerste 2 steken recht samen (1 kantsteek geminderd), brei recht tot er 2 steken over zijn op het achterpand, haal 1 steek af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over (1 kantsteek geminderd), voeg 1 markeerder in, neem 16-16-18-20-20-20-22 steken op langs de zijkant van het rechter voorpand (= mouwsteken, opgebreid aan de binnenkant van de buitenste steek), voeg 1 markeerder in, plaats de rechter voorpandsteken op de naald, brei de eerste 2 steken recht samen (1 kantsteek geminderd), brei recht tot er 3 steken over zijn, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht, zet dan 18-20-20-22-22-24-24 steken op voor de halslijn = 124-132-144-160-168-176-188 steken. De meerderingen voor de halslijn zijn klaar. Het werk meet ongeveer 7-7-8-9-9-9-10 cm vanaf de markeerder: 2 cm van de halsdiepte ligt op het achterpand. Ga verder in de rondte. NAALD 1: Brei recht en meerder 1 steek aan elke kant van elke mouw – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1 (meerder richting links aan het begin van de mouw en richting rechts aan het einde van de mouw). Het aantal steken op de mouwen neemt toe, maar blijft hetzelfde op de voor- en achterpanden (4 gemeerderde steken). NAALD 2: Brei recht zonder te meerderen. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 5-6-6-7-8-9-10 keer (10-12-12-14-16-18-20 naalden gebreid: 26-28-30-34-36-38-42 steken op elke mouw en 46-50-54-60-64-68-72 steken op de voor- en achterpanden) = 144-156-168-188-200-212-228 steken. U meerdert nu op zowel de mouwen als het lijf, meerder aan de binnenkant van 2 steken aan elke kant van de voor- en achterpanden, als volgt: NAALD 1: Brei recht tot er 2 steken over zijn voor de eerste markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, Brei recht tot er 2 steken over zijn voor de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot het einde van de naald (8 steken gemeerderd – 1 steek aan elke kant van de 2 steken in elke overgang tussen het lijf en de mouwen). NAALD 2: Brei recht zonder te meerderen. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 10-10-11-10-10-10-10 keer (20-20-22-20-20-20-20 naalden gebreid). Er zijn in totaal 15-16-17-17-18-19-20 meerderingen in de hoogte op de mouwen en 10-10-11-10-10-10-10 meerderingen in de hoogte op het lijf: 46-48-52-54-56-58-62 steken op elke mouw en 66-70-76-80-84-88-92 steken op de voor- en achterpanden = 224-236-256-268-280-292-308 steken. De mouwen meten ongeveer 10-11-11-11-12-13-13 cm. Als de trui dubbel gevouwen is op de schouder, meet het werk ongeveer 14-14-15-16-17-17-18 cm vanaf de buitenkant op de schouder naar beneden over het armsgat. Als het werk korter is dan dit, brei dan verder tot de juiste lengte zonder verdere meerderingen. Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Brei recht tot de eerste markeerder, plaats de volgende 46-48-52-54-56-58-62 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4 steken op (midden onder de mouw), brei 66-70-76-80-84-88-92 recht (= achterpand), plaats de volgende 46-48-52-54-56-58-62 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4 steken op (midden onder de mouw), brei 66-70-76-80-84-88-92 recht (= voorpand). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. LICHAAM: = 140-148-160-168-176-184-192 steken. Ga verder met tricotsteek in de rondte tot het werk 28-31-35-39-42-44-46 cm meet vanaf de opzetrand midden achter. Ga verder met rondbreinaald 2.5 mm. Brei boordsteek (2 recht, 2 averecht), meerder tegelijkertijd 28-32-32-32-36-36-40 steken verdeeld op de eerste naald = 168-180-192-200-212-220-232 steken. Als de boordsteek 3-3-3-3-4-4-4 cm meet, kant dan af met boordsteek. De trui meet ongeveer 31-34-38-42-46-48-50 cm vanaf midden achter en 33-36-40-44-48-50-52 cm vanaf de schouder. MOUWEN: Plaats de 46-48-52-54-56-58-62 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 3.5 mm en neem 1 steek op in elk van de 4 opgezette steken onder de mouw – lees MOUWTIP = 50-52-56-58-60-62-66 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de 4 steken onder de mouw. De naald begint bij de markeerdraad. Brei in tricotsteek in de rondte. TEGELIJKERTIJD, als de mouw 1 cm meet vanaf de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN als volgt: Minder 2 steken iedere 4-41/2-41/2-5-51/2-6-6 cm in totaal 5-5-6-6-6-6-7 keer = 40-42-44-46-48-50-52 steken. Brei verder tot de mouw 19-22-26-30-32-35-39 cm meet vanaf de scheiding. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 2.5 mm. Brei boordsteek (2 recht, 2 averecht), meerder tegelijkertijd 8-6-8-10-8-10-12 steken verdeeld op de eerste naald = 48-48-52-56-56-60-64 steken. Als de boordsteek 3-3-3-3-4-4-4 cm meet, kant dan af met boordsteek. De mouw meet ca. 22-25-29-33-36-39-43 cm vanaf de scheiding. HALS: Gebruik rondbreinaald 2.5 mm. Begin aan de goede kant op 1 schouderlijn en neem ongeveer 76-84-88-96-96-100-104 steken op rondom de halslijn, aan de binnenkant van 1 steek. Brei 1 naald recht en pas indien nodig het aantal steken aan; het moet deelbaar zijn door 4. Brei boordsteek in de rondte (2 recht, 2 averecht) voor 3-3-3-3-4-4-4 cm. Kant af met boordsteek. ------------------------------------------------------- MUTS - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: De muts wordt in de rondte gebreid, van onder naar boven. Begin met de rondbreinaald en ga over op breinaalden zonder knop wanneer nodig, terwijl u mindert voor de bovenkant van de muts. MUTS: Zet 104-108-112-112-116-116-120 steken op met rondbreinaald 3 mm en Blue Fog DROPS Merino Extra Fine. Brei 1 naald recht. Brei boordsteek in de rondte (2 recht, 2 averecht) voor 12-12-12-12-13-13-13 cm. Brei 1 naald recht en minder 8-12-10-10-8-8-6 steken verdeeld = 96-96-102-102-108-108-114 steken. Ga verder met rondbreinaald 3.5 mm. Brei tricotsteek en STREPEN – lees uitleg hierboven, tot het werk 23-24-25-26-27-28-28 cm meet vanaf de opzetrand (ongeveer 4-4-4-4-4-4-5 cm over tot de gewenste lengte). Denk om de stekenverhouding. Minder op de volgende naald 6-6-2-2-8-8-4 steken verdeeld = 90-90-100-100-100-100-100-110 steken. Brei 1 naald recht. Voeg 10 markeerders in, elke markeerder wordt ingevoegd tussen 2 steken en met 9-9-10-10-10-10-11 steken tussen elk. Minder op de volgende naald 1 steek na elke markeerder door de eerste steek op de rechter naald te zetten, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (10 steken geminderd op de naald). Minder zo iedere 2e naald 5 keer, dan iedere naald 2-2-3-3-3-3-4 keer = 20 steken. Brei op de volgende naald alle steken recht samen, 2 aan 2 = 10 steken. Knip de draad af, rijg het door de overgebleven steken, trek aan en hecht goed af. De muts meet ongeveer 27-28-29-30-31-32-33 cm. Vouw de onderste 8-8-8-9-9-9-10 cm naar de goede kant en naai een aantal steken om het op zijn plaats te houden. De muts meet ongeveer 19-20-21-21-22-23-23 cm met de vouw. |
|
![]() |
|
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #polarplaytimesweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 41 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|
Laat een opmerking achter voor DROPS Children 50-17
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.