Alaskan Blue Sweater#alaskanbluesweater |
|
![]() |
![]() |
Gebreide trui in DROPS Sky. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid in tricotsteek met zadelschouders, rolhals en picot. Maten XS - XXXL.
DROPS 273-39 |
|
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus die aan de voorkant van de naald ligt. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- aan de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht door de lus die aan de voorkant van de naald ligt. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht door de lus aan de achterkant van de naald. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje overblijven in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd). AFKANTEN MET PICOT: Zet de 1e rechte steek van de linker naar de rechter naald zonder deze te draaien. Breng de draad tussen de naalden en naar de voorkant van het werk, zet de 2 buitenste steken (= de 1e rechte steek + de laatste steek van de naald) van de rechter naald op de linker naald zonder dat ze draaien. Neem de draad aan de voorkant en rond deze 2 steken, dan naar de achterkant van het werk. Brei de 2 steken recht samen en brei 1 steek averecht. Haal op de rechter naald de 2e steek over de 1e steek = 1 geminderde steek. Brei nu als volgt: * Zet de volgende steek van de linker naar de rechter naald zonder deze te draaien (2 steken op de rechter naald). Breng de draad tussen de naalden en naar de voorkant van het werk, zet de 2 steken van de rechter naald terug op de linker naald zonder deze te draaien. Neem de draad aan de voorkant en rond deze 2 steken, dan naar de achterkant van het werk. Brei de 2 steken recht samen, brei dan 1 steek averecht. Haal op de rechter naald de 2e steek over de 1e steek * = 1 geminderde steek. Herhaal van *-* tot alle steken afgekant zijn. ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- TRUI – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. De hals en de pas worden van boven naar beneden heen en weer gebreid, meerder voor de halslijn en de zadelschouders. De pas wordt dan in de rondte verder gebreid vanaf midden achter. Als de pas klaar is, wordt het werk verdeeld voor het lijf en de mouwen en het lijf wordt verder in de rondte gebreid, terwijl de mouwen wachten. De mouwen worden van boven naar beneden gebreid, in de rondte. Er worden steken opgenomen voor de hals, welke op het einde in de rondte wordt gebreid. PAS: Zet 80-82-84-86-90-92-94 steken op met rondbreinaald 4 mm en DROPS Sky. Voeg 4 markeerdraden in zonder de steken te breien; de markeerders worden gebruikt bij het meerderen voor de zadelschouders. Tel 2 steken en voeg markeerdraad-1 in voor de volgende steek, tel 23 steken (= schoudersteken), voeg markeerdraad-2 in voor de volgende steek, tel 30-32-34-36-40-42-44 steken (= achterpand), voeg markeerdraad-3 in voor de volgende steek, tel 23 steken (= schoudersteken), voeg markeerdraad-4 hier in. Er zijn nog 2 steken over. MEERDERINGEN VOOR DE ZADELSCHOUDER: Brei heen en weer als volgt:, meerder aan elke kant van de 23 schoudersteken (het aantal steken op de schouders blijft hetzelfde) en zet op voor de halslijn aan elke kant als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei recht en meerder 4 steken als volgt: Meerder richting rechts VOOR markeerders 1 en 3, richting links NA markeerders 2 en 4 – lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1, zet 1 steek op aan het einde van de naald = 85-87-89-91-95-97-99 steken. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei averecht en meerder 4 steken als volgt: Meerder richting rechts VOOR markeerders 2 en 4, richting links NA markeerders 3 en 1 – lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2, zet 1 steek op aan het einde van de naald = 90-92-94-96-100-102-104 steken. NAALD 3 (goede kant): Brei recht en zet 1 steek op aan het einde van de naald; Meerder niet voor de zadelschouders op deze naald = 91-93-95-97-101-103-105 steken. NAALD 4 (verkeerde kant): Brei averecht en meerder 4 steken als volgt: Meerder richting rechts VOOR markeerders 4 en 2, richting links NA markeerders 3 en 1 – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-2, zet 1 steek op aan het einde van de naald = 96-98-100-102-106-108-110 steken. NAALD 5 (goede kant): Brei recht en meerder 4 steken als volgt: Meerder richting rechts VOOR markeerders 1 en 3, richting links NA markeerders 2 en 4 – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, zet 1 steek op aan het einde van de naald = 101-103-105-107-111-113-115 steken. NAALD 6 (verkeerde kant): Brei averecht en zet 1 steek op aan het einde van de naald = 102-104-106-108-112-114-116 steken. Knip de draad af. Het werk wordt nu verder in de rondte gebreid. Keer het werk naar de goede kant en zet de eerste 51-52-53-54-56-57-58 steken van de linker naar de rechter naald; De naald begint midden achter. NAALD 7: Brei recht en meerder zoals hiervoor bij de markeerders. Als u tot midden voor heeft gebreid, zet dan 20-22-24-26-30-32-34 steken op voor de halslijn, brei recht en meerder zoals hiervoor bij de markeerders tot midden achter = 126-130-134-138-146-150-154 steken. Er zijn 4 steken gemeerderd voor de zadelschouders en steken opgezet voor de voorkant van de halslijn. De naald begint midden achter. NAALD 8: Brei recht en meerder richting rechts VOOR markeerdraden 1 en 3, richting links NA markeerdraden 2 en 4 (4 gemeerderde steken) = 130-134-138-142-150-154-158 steken. NAALD 9: Brei recht zonder te meerderen. NAALD 10: Brei NAALD 8 (4 steken gemeerderd). NAALD 11: Brei NAALD 8 (4 steken gemeerderd). NAALD 12: Brei recht zonder te meerderen. Brei NAALDEN 10 tot 12 in totaal 8 keer in alle maten (24 naalden gebreid met 64 gemeerderde steken) = 194-198-202-206-214-218-222 steken. U heeft 33 naalden gebreid vanaf de opzetrand. Denk om de stekenverhouding. Het werk meet ongeveer: 12 cm vanaf de opzetrand midden achter. Er zijn 23 steken op elke schouder en 74-76-78-80-84-86-88 steken op de voor- en achterpanden. Meerder nu voor de mouwen. MOUWMEERDERINGEN: Brei recht en meerder 4 steken op de naald als volgt: Meerder richting links NA markeerdraden 1 en 3, richting rechts VOOR markeerdraden 2 en 4. U meerdert nu alleen voor de mouwen; het aantal steken op de voor- en achterpanden blijft hetzelfde. Meerder zo elke 2e naald 10-11-13-11-10-8-8 keer (20-22-26-22-20-16-16 naalden gebreid) = 234-242-254-250-254-250-254 steken. Voeg 1 markeerder in, in het midden van een set van 23 schoudersteken; het armsgat wordt vanaf hier gemeten. Meerder nu voor de pas. PASMEERDERINGEN: Brei recht en meerder 8 steken op de naald als volgt (voor en na elke markeerder): * Brei recht tot er 2 steken over zijn voor de eerste markeerder, meerder 1 steek richting rechts, 2 recht, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei recht tot de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald, 2 recht, meerder 1 steek richting links *, Herhaal van *-* nog een keer, brei recht tot het einde van de naald (8 gemeerderde steken). Meerder zo elke 2e naald 12-14-15-19-21-25-27 keer (24-28-30-38-42-50-54 naalden gebreid) = 330-354-374-402-422-450-470 steken. Ga verder met tricotsteek tot het werk 21-23-25-26-27-29-30 cm meet vanaf de markeerder op de schouder en naar beneden over het armsgat (5 cm diepte op de zadelschouders en 16-18-20-21-22-24-25 cm meerderingen). Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN Brei 49-52-54-59-63-68-71 recht (helft van het achterpand), zet de volgende 67-73-79-83-85-89-93 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-8-8-10-10-12 steken op (midden onder de mouw), brei 98-104-108-118-126-136-142 steken recht (voorpand), plaats de volgende 67-73-79-83-85-89-93 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-8-8-10-10-12 opsteken (midden onder de mouw), brei de laatste 49-52-54-59-63-68-71 steken recht (= de helft van het achterpand). Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. LIJF: = 204-220-232-252-272-292-308 steken. Voeg 1 markeerder in, in het midden van de 4-6-8-8-10-10-12 opgezette steken onder de mouw. Brei recht tot de markeerder; de naald begint nu hier. Brei in tricotsteek in de rondte tot het werk 50-52-54-56-58-60-62 cm meet vanaf de markeerder midden achter. Ga verder met rondbreinaald 3 mm. Brei boordsteek (1 recht en 1 averecht), meerder tegelijkertijd 38-44-46-52-52-62-66 steken verdeeld op de eerste naald = 242-264-278-304-324-354-374 steken. Als de boordsteek 3 cm meet, ga dan verder met rondbreinaald 4 mm en KANT AF MET PICOT – lees uitleg hierboven. De trui meet ongeveer 53-55-57-59-61-63-65 cm vanaf de markeerder midden achter. MOUWEN: Plaats de 67-73-79-83-85-89-93 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 4 mm en neem 1 steek op in elk van de 4-6-8-8-10-10-12 Opzetten steken onder de mouw – lees MOUWTIP = 71-79-87-91-95-99-105 steken. Voeg een markeerdraad in, in het midden van de 4-6-8-8-10-10-12 nieuwe steken onder de mouw. De naald begint bij de markeerdraad. Brei in tricotsteek in de rondte. Minder TEGELIJKERTIJD na 1 naald midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN als volgt: Minder 3 keer 2 steken elke 2e naald, dan 3-5-8-9-9-9-12 keer 2 steken om de 2-2-1-1-1-1-1 cm = 59-63-65-67-71-75-75 steken. Brei verder tot de mouw 35-35-33-33-32-30-30 cm meet vanaf de scheiding. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm. Brei boordsteek (1 recht en 1 averecht), meerder tegelijkertijd 21 steken verdeeld op de eerste naald = 80-84-86-88-92-96-96 steken. Als de boordsteek 3 cm meet, ga dan verder met naald 4 mm en kant af met picot. De mouw meet ca. 38-38-36-36-35-33-33 cm vanaf de scheiding. HALS: Gebruik rondbreinaald 3 mm. Begin aan de goede kant op de rechter schouder achter en neem 106-110-114-118-126-130-134 steken op rondom de halslijn, aan de binnenkant van 1 steek. Brei 1 naald averecht, brei dan tricotsteek in de rondte voor 3½-3½-3½-4-4-4-4 cm. Ga verder met naald 4 mm en kant ietwat losjes af met recht. |
|
![]() |
|
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #alaskanbluesweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 24 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|
Laat een opmerking achter voor DROPS 273-39
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.