Anika schreef:
Danke für die Korrektur. Das ein I-Cord gestrickt wird, stand leider in der Beschreibung nicht drinnen. Dann habe ich dazu noch eine Frage. Bei der rechten Blende (Reihe 3 & 4) wird kein I-Cord gestrickt (nur rechts). Dadurch entsteht ein Fehler im Rand und der I-Cord wird immer unterbrochen. VG
04.11.2026 - 09:49DROPS Design antwoorde:
Liebe Anika, die 2 I-Cord Maschen sind am Anfang der 1. Rückreihe bei der rechten Blende erklärt (auch nicht als =I-Cord Maschen beschrieben), die Reihe 2 und 3 sind verkürzten Reihen = hier werden keine I-Cord, da die verkürzten Reihen an der anderen Seite vom I-Cord gestrickt sind) und bei der 4. Reihe (= Hinreihe) sind die 2 I-Cord Maschen am Ende gestrickt. Bei der linken Blenden stricken Sie die I-Cord am Ende der 1. Reihe (Rückreihe) und am Anfang der 4. Reihe (Hinreihe) - die 2. + 3. Reihe sind nur ohne I-Cord gestrickt da sie auf der anderen Seite gestrickt werden. Viel Spaß beim Stricken!
05.11.2026 - 13:12
Anika schreef:
Hallo, in der Auflistung fehlt oben die Rundnadel Nr. 4,5 (welche für das Rückenteil benötigt wird?!). Und bei der Blende steht Rd. 1 „1 Masche rechts, 17 Maschen rechts“. Warum steht dann da nicht gleich 18 Maschen rechts. Ich habe die Blende fertig gestrickt. Aber leider sieht der Rand nicht so schön aus. Und wenn man rechts und links gestrickt hat, schaut die der Rand auf jeder Seite anders aus.
02.11.2026 - 13:56DROPS Design antwoorde:
Liebe Anika, das Rückenteil wird auch mit Nadeln Nr 5 gestrickt, eine Korrektur kommt - danke für den Hinweis; die 2 äussersten Maschen der Blende sind I-Cord Maschen - wie in diesem Video gestrickt. Viel Spaß beim Stricken!
03.11.2026 - 10:09
Anika schreef:
Hallo, in der Auflistung fehlt oben die Rundnadel Nr. 4,5 (welche für das Rückenteil benötigt wird?!). Und bei der Blende steht Rd. 1 „1 Masche rechts, 17 Maschen rechts“. Warum steht dann da nicht gleich 18 Maschen rechts. Ich habe die Blende fertig gestrickt. Aber leider sieht der Rand nicht so schön aus. Und wenn man rechts und links gestrickt hat, schaut die der Rand auf jeder Seite anders aus.
02.11.2026 - 13:55
Blush Pearl Jacket#blushpearljacket |
|||||||
![]() |
![]() |
||||||
Gebreid vest in DROPS Alpaca en DROPS Kid-Silk. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met Europeaanse schouders, gerstekorrel en riem. Maten XS – XXXL.
DROPS 272-15 |
|||||||
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- RIBBELSTEEK (heen en weer): Brei alle naalden recht, aan zowel de goede als de verkeerde kant. 1 ribbel in de hoogte = brei 2 naalden recht. PATROON: Zie telpatroon A.1. Het telpatroon toont het patroon aan de goede kant. TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. De nieuwe steken worden op de volgende naald in A.1 gebreid. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus die aan de voorkant van de naald ligt. De nieuwe steken worden op de volgende naald in A.1 gebreid. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS – aan de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht door de lus aan de voorkant van de naald. De nieuwe steken worden op de volgende naald in A.1 gebreid. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht door de lus aan de achterkant van de naald. De nieuwe steken worden op de volgende naald in A.1 gebreid. TIP VOOR HET BREIEN (voor de biezen en de mouwen): Als u verkorte naalden breit, ontstaat er een klein gaatje na elke keer dat u het werk keert. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad aan te trekken of de techniek Duitse Verkorte naalden te gebruiken als volgt: Haal de eerste steek averecht af met de draad aan de voorkant, breng de draad over de rechter naald en trek goed aan vanaf de achterkant (2 lussen op de naald). Deze lussen worden samen gebreid op de volgende naald. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 2 steken onder de mouw door 3 recht samen te breien; Pas aan zodat de minderingen in het patroon passen en volg de markeerdraad ongeveer mid onder de mouw. LET OP: Als u gerstekorrel in de rondte breit, is het normaal dat de textuur een beetje versprint naarmate u verder gaat. midden ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- VEST – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. De 2 biezen worden eerst gebreid (achterkant van de hals), dan worden er steken opgenomen langs de voorbies en het achterpand wordt van boven naar beneden gebreid terwijl u aan elke kant steken meerdert voor de schouders, totdat het juiste aantal steken is bereikt. Het achterpand heeft ietwat diagonale schouders Het wordt voortgezet tot aan de armsgaten. De voorpanden worden gebreid door steken op te nemen langs een schouder achter, met de voorbiessteken op dezelfde naald, en van boven naar beneden te breien tot aan de armsgaten en te meerderen voor de halslijn. Dit wordt herhaald op de andere schouder. Na de armsgaten worden de voor- en achterpanden samengevoegd en wordt het lijf verder heen en weer gebreid. Er worden steken opgenomen rondom de armsgaten voor de mouwen, welke heen en weer worden gestart voor de mouwkop, dan verder in de rondte gebreid. De riem wordt op het einde gebreid. RECHTER BIES: Zet 21-21-21-22-22-23-23 steken op met rondbreinaald 5 mm, 2 draden DROPS Alpaca en 1 draad DROPS Kid-Silk (3 draden). Brei dan als volgt:NAALD 1 (verkeerde kant): Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, 17-17-17-18-18-19-19 recht, 1 averecht, 1 recht, keer het werk – lees TIP VOOR HET BREIEN. NAALD 2 (goede kant): Brei 9-9-9-9-9-10-10 recht, keer het werk. NAALD 3 (verkeerde kant): Brei 9-9-9-9-9-10-10 recht, keer het werk. NAALD 4 (goede kant): Brei 19-19-19-20-20-21-21 recht, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, keer het werk. Brei NAALDEN 1 tot 4 tot de voorbies 6-7-7-7½-7½-8-8 cm meet, aan de korte kant; Eindig na een naald aan de verkeerde kant. Minder TEGELIJKERTIJD op de laatste naald 1 steek door de 2 laatste steken op de naald samen te breien = 20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken. Plaats de steken op een hulpdraad. LINKER VOORBIES: Gebruik rondbreinaald 5 mm en neem 1 steek op in elk van de 21-21-21-22-22-23-23 opgezette steken op de rechter voorbies, zorg ervoor dat u zo opneemt zodat de steken mooi doorlopen. NAALD 1 (verkeerde kant): Brei 19-19-19-20-20-21-21 recht, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, keer het werk – denk om TIP VOOR HET BREIEN. NAALD 2 (goede kant): Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, 17-17-17-18-18-19-19 recht, 1 averecht, 1 recht, keer het werk. NAALD 3 (verkeerde kant): Brei 9-9-9-9-9-10-10 recht, keer het werk. NAALD 4 (goede kant): Brei 9-9-9-9-9-10-10 recht, keer het werk. Brei NAALDEN 1 tot 4 tot de voorbies 6-7-7-7½-7½-8-8 cm meet, aan de korte kant; Eindig na een naald aan de verkeerde kant. Minder TEGELIJKERTIJD op de laatste naald 1 steek door de 2 eerste steken op de naald gedraaid averecht samen te breien = 20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken. Plaats de steken op een hulpdraad. De band meet in totaal 12-14-14-15-15-16-16 cm. Er worden nu steken opgenomen voor het achterpand langs de rand van de voorbies. ACHTERPAND: Het werk wordt heen en weer gebreid. Gebruik rondbreinaald 5 mm, 2 draden DROPS Alpaca en 1 draad DROPS Kid-Silk (3 draden). Neem 23-25-25-27-27-29-29 steken op langs de ribbelsteekrand van de voorbies, brei aan de goede kant en aan de binnenkant van 1 steek. Zorg ervoor dat u een gelijk aantal steken heeft aan elke kant van de naad midden achter (brei niet over de 20-20-20-21-21-22-22 steken op de hulpdraden). NAALD 1 (verkeerde kant): Averecht. NAALD 2 (goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei A.1 tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 3 (verkeerde kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2. 3 averecht, meerder 1 steek richting rechts, brei A.1 tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting links, 3 averecht. NA NAALD 3: Brei NAALDEN 2 en 3 in totaal 11-11-12-13-14-14-15 keer (22-22-24-26-28-28-30 naalden gebreid) = 67-69-73-79-83-85-89 steken. Voeg 1 markeerder in aan de buitenkant van een zijkant; Het werk wordt nu vanaf hier gemeten! Ga verder met 3 kantsteken in tricotsteek en patroon A.1 – denk om de stekenverhouding - tot het werk 8-9-9-9-8-5-3 cm meet vanaf de markeerder, naar beneden over het armsgat, en eindig na een naald aan de verkeerde kant. Meerder nu voor de armsgaten. MEERDEREN VOOR DE ARMSGATEN: Noteer op welke naald in A.1 de meerderingen beginnen, zodat ze overeenkomen op de voorpanden. NAALD 1 (goede kant): Denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 1 recht, meerder 1 steek richting links, brei A.1 tot er 1 steek over is op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 1 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): 1 averecht, brei A.1 tot er 1 steek over is op de naald, 1 averecht. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 4-4-6-6-8-12-14 keer (8-8-12-12-16-24-28 naalden gebreid) = 75-77-85-91-99-109-117 steken. Brei verder tot het werk 12-13-14-14-15-16-16 cm meet, vanaf de markeerder en naar beneden over het armsgat, eindig na een naald aan de verkeerde kant. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. Brei het linker voorpand over de linker schouder achter als volgt. LINKERSCHOUDER: Vind de linker schouder achter als volgt: Leg het achterpand plat neer, met de goede kant naar boven, met de hulpdraad naar u toe; de linkerkant van het werk = linkerschouder. Begin met de linker voorbies en brei de 20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken als volgt: Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei 17-17-17-18-18-19-19 steken in ribbelsteek, 1 steek in tricotsteek, neem dan vanaf de hals op de linker schouder achter 1 steek op in elke naald gebreid langs de schouder, aan de binnenkant van de buitenste steek tot aan het armsgat (22-22-24-26-28-28-30 steken), Neem tot slot 1 steek op aan de buitenkant van de schouder = 43-43-45-48-50-51-53 steken. Alle afmetingen op het voorpand worden vanaf deze opneemnaald genomen. NAALD 1 (verkeerde kant): Brei averecht tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken als volgt: 1 tricotsteek, 17-17-17-18-18-19-19 ribbelsteken, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant en brei 1 recht. NAALD 2 (goede kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, brei dan A.1 tot het einde van de naald. NAALD 3 (verkeerde kant): Ga verder met A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. Herhaal NAALDEN 2 en 3 tot het werk 10-11-12-12-13-13-15 cm meet. OVERZICHT VAN HET VOLGENDE DEEL: U meerdert nu voor de V-hals en vervolgens voor het armsgat. De meerderingen voor het armsgat beginnen voordat de meerderingen voor de V-hals klaar zijn. Lees de volgende 2 delen voordat u verder gaat, zodat u weet wanneer u moet beginnen met de meerderingen voor het armsgat. MEERDEREN VOOR DE V-HALS: NAALD 1 (goede kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, meerder 1 steek richting links – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei A.1 tot het einde van de naald. NAALD 2 (verkeerde kant): Ga verder met A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 4-4-4-4-4-5-5 keer (8-8-8-8-8-10-10 naalden gebreid). Meerder nu als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, meerder 1 steek richting links, brei A.1 tot het einde van de naald. NAALD 2 (verkeerde kant): Ga verder met A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. NAALD 3 (goede kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, brei A.1 tot het einde van de naald. NAALD 4 (verkeerde kant): Ga verder met A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. Brei NAALDEN 1 tot 4 in totaal 7-7-7-8-8-8-8 keer (28-28-28-32-32-32-32 naalden gebreid). U heeft in totaal 11-11-11-12-12-13-13 keer gemeerderd voor de V-hals. Brei verder met A.1 en de 20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken zoals hiervoor. MEERDEREN VOOR HET ARMSGAT: Als het werk 22-23-23-25-24-21-21 cm meet vanaf de opneemnaald, met de volgende naald de genoteerde naald op het achterpand, meerder dan als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, dan A.1 tot er 1 steek over is, meerder 1 steek richting rechts – DENK OM TIP VOOR HET MEERDEREN-1 en 1 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): 1 averecht, brei A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 4-4-6-6-8-12-14 keer (8-8-12-12-16-24-28 naalden gebreid). Als alle meerderingen voor de V-hals en het armsgat klaar zijn, zijn er 58-58-62-66-70-76-80 steken. Ga verder met de biezen en A.1 tot het werk 26-27-28-30-31-32-34 cm meet vanaf de opneemnaald, eindig na een naald aan de verkeerde kant (dezelfde naald als op het achterpand). Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. Brei de rechterschouder over de rechter schouder achter als volgt. RECHTER VOORPAND: Begin aan de goede kant bij het armsgat op de rechter schouder achter en neem 1 steek op aan de buitenkant op de schouder, neem dan 1 steek op in elke gebreide naald, aan de binnenkant van 1 steek tot aan de hals (22-22-24-26-28-28-30 steken), brei tenslotte over de 20-20-20-21-21-22-22 rechter voorbiessteken als volgt: Brei 1 tricotsteek, 17-17-17-18-18-19-19 ribbelsteken, Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant en brei 1 recht = 43-43-45-48-50-51-53 steken. Alle afmetingen op het voorpand worden vanaf deze opgenomen naald genomen. NAALD 1 (verkeerde kant): Brei de 20-20-20-21-21-22-22 steken als volgt: Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei 17-17-17-18-18-19-19 ribbelsteken, 1 tricotsteek, brei averecht tot het einde van de naald. NAALD 2 (goede kant): Brei A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. NAALD 3 (verkeerde kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, brei A.1 tot het einde van de naald. Brei NAALDEN 2 en 3 tot het werk 10-11-12-12-13-13-15 cm meet. OVERZICHT VAN HET VOLGENDE DEEL: U meerdert nu voor de V-hals en vervolgens voor het armsgat. De meerderingen voor het armsgat beginnen voordat de meerderingen voor de V-hals klaar zijn. Lees de volgende 2 delen voordat u verder gaat, zodat u weet wanneer u moet beginnen met de meerderingen voor het armsgat. MEERDEREN VOOR DE V-HALS: NAALD 1 (goede kant): Ga verder met A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, meerder 1 steek richting rechts, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de 20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken, dan A.1 tot het einde van de naald. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 4-4-4-4-4-5-5 keer (8-8-8-8-8-10-10 naalden gebreid). Meerder nu als volgt: NAALD 1 (goede kant): Ga verder met A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, meerder 1 steek richting rechts, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, dan A.1 tot het einde van de naald. NAALD 3 (goede kant): Ga verder met A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. NAALD 4 (verkeerde kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor, dan A.1 tot het einde van de naald. Brei NAALDEN 1 tot 4 in totaal 7-7-7-8-8-8-8 keer (28-28-28-32-32-32-32 naalden gebreid). U heeft in totaal 11-11-11-12-12-13-13 keer gemeerderd voor de V-hals. Ga verder met A.1 en de 20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken. MEERDEREN VOOR HET ARMSGAT: Als het werk 22-23-23-25-24-21-21 cm meet vanaf de opneemnaald, met de volgende naald de genoteerde naald op het achterpand, meerder dan als volgt: NAALD 1 (goede kant): 1 recht, meerder 1 steek richting links – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei A.1 tot er 20-20-20-21-21-22-22 steken over zijn, brei de voorbiessteken zoals hiervoor. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbiessteken zoals hiervoor en brei A.1 tot er 1 steek over is op de naald en 1 averecht. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 4-4-6-6-8-12-14 keer (8-8-12-12-16-24-28 naalden gebreid). Als alle meerderingen voor de V-hals en het armsgat klaar zijn, zijn er 58-58-62-66-70-76-80 steken. Ga verder met de biezen en A.1 tot het werk 26-27-28-30-31-32-34 cm meet vanaf de opneemnaald, eindig na een naald aan de verkeerde kant (dezelfde naald als op het achterpand en het linker voorpand). De voor- en achterpanden worden nu samengevoegd voor het lijf. LIJF: Aan de verkeerde kant: Brei zoals hiervoor over de 58-58-62-66-70-76-80 steken op het rechter voorpand (20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken + A.1), zet 6-6-6-8-8-10-10 steken op (midden onder de mouw), brei over de 75-77-85-91-99-107-117 steken op het achterpand, zet 6-6-6-8-8-10-10 steken op (midden onder de mouw), brei zoals hiervoor over de 58-58-62-66-70-76-80 steken op het linker voorpand (A.1 + 20-20-20-21-21-22-22 voorbiessteken) = 203-205-221-239-255-281-297 steken. Ga verder heen en weer met A.1 en de voorbiessteken aan elke kant. LET OP! De nieuwe steken onder de mouw worden in A.1 gebreid; Als deze steken niet overeenkomen met het patroon op de voor- en achterpanden, pas dan aan door 1 steek te minderen zodat het patroon past. De 3 tricotsteken aan elke kant van het achterpand worden ook in gerstekorrel gebreid. Brei tot het werk 54-56-58-60-62-64-66 cm meet vanaf de opzetrand midden achter, eindig in het midden van A.1. Kant ietwat losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht. Het vest meet ongeveer 54-56-58-60-62-64-66 cm vanaf midden achter en 56-58-60-62-64-66-68 cm vanaf de schouder. MOUWEN: De mouw wordt van boven naar beneden gebreid. Leg het werk plat neer en voeg 1 markeerder in op de bovenkant van het armsgat. LET OP: Dit is niet hetzelfde als de opneemnaald op het voorpand maar een paar cm naar beneden op het voorpand. Gebruik een kleinere naald om steken op te nemen en ook bij het heen en weer breien van de mouwkop als het weefsel los zit. NEEM STEKEN OP ALS VOLGT: Begin in het midden van de opgezette steken onder de mouw en neem 68-72-74-80-84-88-92 steken op rondom het armsgat, met een gelijk aantal steken aan beide kanten van de markeerder. MOUWKOP: Brei A.1 heen en weer gebreid met verkorte naalden voor de mouwkop (om de mouw een betere pasvorm te geven), beginnend vanaf midden onder de mouw als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei A.1 tot 8-8-9-9-10-10-11 steken voorbij de markeerder op de bovenkant van de mouw, keer het werk – lees TIP VOOR HET BREIEN. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei A.1 over 16-16-18-18-20-20-22 steken, keer het werk. NAALD 3 (goede kant): Brei A.1 tot 1 steek voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk. NAALD 4 (verkeerde kant): Brei A.1 tot 1 steek voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk Herhaal NAALDEN 3 en 4 tot u in totaal 22-26-26-28-32-38-42 keer heeft gekeerd (11-13-13-14-16-19-21 keer aan elke kant. De laatste keer dat u naald-4 breit, breit u over 36-40-42-44-50-56-62 steken aan de verkeerde kant). NA DE LAATSTE KEER KEREN: Keer het werk en brei A.1 terug vanaf de goede kant tot het begin van de naald (midden onder de mouw). Voeg hier 1 markeerdraad in; het wordt gebruikt voor het minderen onder de mouw. Neem deze mee tijdens het breien in de hoogte. MOUW VERVOLG: Brei A.1 in de rondte; over de eerste en laatste 16-16-16-18-17-16-15 steken op de naald is dit de eerste naald gerstekorrel, terwijl het patroon goed is gecreëerd over de mouwkop, d.w.z. het patroon op de eerste en laatste 16-16-16-18-17-16-15 steken komt niet noodzakelijkerwijs overeen met de andere steken op de naald. Tel terug en begin met de gerstekorrel zodat deze past in het gecreëerde patroon op de mouwkop. Minder TEGELIJKERTIJD na 1 naald, steken midden onder de mouw - lees TIP VOOR HET MINDEREN als volgt: Minder 2-2-2-2-3-3-3 keer 2 steken elke 2e naald, minder dan 6-6-6-7-7-7-8 keer 2 steken om de 2 cm = 52-56-58-60-64-68-70 steken. Brei verder tot de mouw 55 cm meet in alle maten vanaf de schouder, pas zo aan dat u eindigt in het midden van A.1. Kant ietwat losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht. RIEM: Zet 13 steken op met naald 5 mm, 2 draden DROPS Alpaca en 1 draad DROPS Kid-Silk (3 draden) Brei als volgt op alle naalden: Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei A.1 over 9 steken, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. De riem moet ongeveer 6 cm breed zijn. Herhaal deze naald tot de riem 160-165-170-175-180-185-190 cm meet of tot de gewenste lengte. Knip en hecht de draad af. |
|||||||
Uitleg van het telpatroon |
|||||||
|
|||||||
![]() |
|||||||
![]() |
|||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #blushpearljacket of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 32 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 272-15
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.