Anne Marie Fløttum schreef:
Er omgangen som strikkes fra vrangsiden med i mønsteret, eller er det bare rettsiden som er med? Da strikkes ev rett over rett og vrang over vrang tilbake på vrangsiden.
11.10.2026 - 11:41DROPS Design antwoorde:
Hei Anne Marie, Diagrammene viser alle pinnene fra retten, men mønsteret strikkes både fra retten og vrangen. Blanke ruter er strikket rett fra retten og vrang fra vrangen, ruter med kryss vrang fra retten og rett fra vrangen. Fletting er alltid fra retten. Hilsen Drops Team.
12.10.2026 - 05:25
Beata schreef:
Mam pytanie dotyczące ilości rzędów pomiędzy warkoczami. W schematach A1, A5 ta odległość to 10 rzędów (robimy warkocz co 10 rzędów), w schemacie A3 liczba rzędów między warkoczami zmniejsza się do 8 rzędów. Na przodzie lewym i prawym przy kontynuacji schematu A1 musimy powtórzyć mały warkocz. Jaka liczba rzędów między warkoczami jest prawidłowa? Ta ze schematu A1, czy kontynuacji A3? Rozmiar XS.
23.09.2026 - 11:14DROPS Design antwoorde:
Witaj Beato, gdy przerabiasz schemat A.1, jest 11 rzędów między warkoczami. W schemacie A.3, w części dotyczącej mniejszego warkocza, mamy 9 rzędów między warkoczami. Pozdrawiamy!
25.09.2026 - 09:57
Winding Ways Cardigan#windingwayscardigan |
|||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
||||||||||||||||||
Gebreid oversized vest in DROPS Nepal of DROPS Big Merino. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met Europese schouders, kabels, gerstekorrel en PUNNIKRAND. Maten XS – XXXL.
DROPS 273-20 |
|||||||||||||||||||
|
------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ------------------------------------------------------- RIBBELSTEEK: Brei alle naalden recht, aan zowel de goede als de verkeerde kant. 1 ribbel in de hoogte = brei 2 naalden recht. TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei recht door de lus aan de achterkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei recht door de lus die aan de voorkant van de naald ligt. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS- op de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei averecht door de lus aan de voorkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS – op de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei averecht door de lus aan de achterkant van de naald. PATROON: Zie telpatronen A.1 tot A.7. Kies het telpatroon voor uw maat (geldt voor A.1, A.2, A.5 en A.6). De telpatronen tonen het patroon aan de goede kant. De telpatronen worden van rechts naar links gelezen als u aan de goede kant breit en van links naar rechts als u aan de verkeerde kant breit. BIEZEN MET PUNNIKRAND: BEGIN VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt (8 steken): Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei A.4 over de laatste 6 steken (gerstekorrel). EINDE VAN DE NAALD: Brei de voorbies als volgt (8 steken): Brei tot er 8 steken over zijn op de naald, brei 6 steken van A.4 (gerstekorrel), haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. Brei zo aan zowel de goede als de verkeerde kant. KNOOPSGATEN: Brei de knoopsgaten op de rechter voorbies aan de goede kant als het kledingstuk gedragen wordt (voorbies = 8 steken) en als er 5 steken over zijn op de naald als volgt: NAALD 1 (goede kant): Maak 1 omslag, 2 recht/averecht samen (wat het beste bij het patroon past), 1 gerstekorrel, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei de omslag recht/averecht (wat het beste bij het patroon past) zodat er een gaatje ontstaat. Het eerste knoopsgat wordt 7 cm onder de opgezette steken voor de halslijn gebreid. Brei dan 4-4-4-5-5-5-5 knoopsgaten met 8-8½-9-8-8-8-8-8½ cm tussen elk. Het onderste knoopsgat wordt in de overgang tussen de tricotsteek en boordsteek gebreid. Het laatste knoopsgat wordt op de hals gebreid. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd). TIP VOOR HET BREIEN: Als u verkorte naalden breit, ontstaat er een klein gaatje na elke keer dat u het werk keert. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad aan te trekken of de techniek Duitse Verkorte naalden te gebruiken als volgt: Haal de eerste steek averecht af met de draad aan de voorkant, breng de draad over de rechter naald en trek goed aan vanaf de achterkant (2 lussen op de naald). Deze lussen worden samen gebreid op de volgende naald. ------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ------------------------------------------------------- VEST – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Begin door steken op te zetten aan de achterkant van de hals en brei het achterpand van boven naar beneden in tricotsteek, terwijl u aan elke kant steken meerdert voor de schouders totdat het juiste aantal steken is bereikt. Het achterpand heeft ietwat diagonale schouders. Het achterpand loopt door tot aan de armsgaten. Een voorpand wordt gebreid door steken op te nemen langs de schouder achter, brei in patroon en tricotsteek en meerder voor de halslijn. Dit wordt herhaald op de andere schouder. Aan de onderkant van de armsgaten worden de voor- en achterpanden samengevoegd op dezelfde rondbreinaald en wordt het lijf verder heen en weer gebreid, brei patroon en tricotsteek op de voorpanden en tricotsteek op het achterpand. Er worden steken opgenomen rondom de armsgaten voor de mouwen, welke eerst heen en weer worden gebreid voor de mouwkop, dan verder in de rondte. Er worden steken opgenomen rondom de halslijn en de hals wordt op het einde gebreid. ACHTERPAND: Het werk wordt heen en weer gebreid op de rondbreinaald. Zet 28-28-28-28-32-32-32 steken op met rondbreinaald 5 mm en DROPS Nepal of DROPS Big Merino. NAALD 1 (verkeerde kant): Averecht. NAALD 2 (goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 3 (verkeerde kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2. 3 averecht, meerder 1 steek richting rechts, brei averecht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting links, 3 averecht. NA NAALD 3: Brei NAALDEN 2 en 3 in totaal 13-14-15-17-18-20-22 keer (26-28-30-34-36-40-44 naalden gebreid) = 80-84-88-96-104-112-120 steken. Voeg 1 markeerder in aan de buitenkant van een zijkant. Het werk wordt nu vanaf hier gemeten! Ga verder met tricotsteek met 1 RIBBELSTEEK aan elke kant – lees uitleg hierboven. Denk om de stekenverhouding. Brei tot het werk 9-8-8-8-9-8-8 cm meet vanaf de markeerder en naar beneden over het armsgat. MEERDEREN VOOR DE ARMSGATEN: NAALD 1 (goede kant): Denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1. Brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 3 steken over zijn op de naald, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 2 (verkeerde kant): Averecht. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 2-4-4-4-4-5-6 keer (4-8-8-8-8-10-12 naalden gebreid) = 84-92-96-104-112-122-132 steken. Brei verder tot het werk 11-12-12-12-13-13-13 cm meet, vanaf de markeerder en naar beneden over het armsgat, eindig na een naald aan de goede kant. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. Brei het linker voorpand over de linker schouder achter als volgt. LINKER VOORPAND: Vind de linker schouder achter als volgt: Leg het achterpand plat neer, met de goede kant naar boven, met de hulpdraad naar u toe; de linkerkant van het werk = linkerschouder. Begin aan de goede kant bij de hals op de linker schouder achter en neem 1 steek op in elke gebreide naald, aan de binnenkant van de buitenste steek tot het armsgat = 26-28-30-34-36-40-44 steken. Alle afmetingen op het voorpand worden vanaf deze opneemnaald genomen. NAALD 1 (verkeerde kant): Brei 1 ribbelsteek, brei averecht tot het einde van de naald en meerder 5-5-5-5-8-8-8 steken verdeeld op de naald = 31-33-35-39-44-48-52 steken. NAALD 2 (goede kant): Brei 12-12-12-12-10-10-10 recht, brei A.1, 5-7-9-13-12-16-20 recht, 1 ribbelsteek. NAALD 3 (verkeerde kant): 1 ribbelsteek, 5-7-9-13-12-16-20 averecht, A.1, 12-12-12-12-10-10-10 averecht. Herhaal NAALDEN 2 en 3 tot A.1 klaar is in de hoogte. Het werk meet ongeveer 5-5-5-5-6-6-6 cm vanaf de opneemnaald. Meerder nu voor de halslijn. MEERDEREN VOOR DE HALSLIJN: NAALD 1 (goede kant): Brei de 3 eerste steken in A.2, meerder 1 steek richting links – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, eindig A.2, brei A.1 zoals hiervoor, 5-7-9-13-12-16-20 recht en 1 ribbelsteek. NAALD 2 (verkeerde kant): 1 ribbelsteek, 5-7-9-13-12-16-20 averecht, A.1, brei A.2 tot het einde van de naald. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 7 keer (14 naalden gebreid), dus meerder voor de halslijn aan de binnenkant van 3 tricotsteken bij de hals. De gemeerderde steken worden in het patroon gebreid zoals te zien is in A.2 = 38-40-42-46-51-55-59 steken. Zet op de eerste naald aan de verkeerde kant na de laatste halslijnmeerdering, 20-20-20-20-22-22-22 nieuwe steken op aan het einde van de naald (midden voor) = 58-60-62-66-73-77-81 steken. Keer het werk en brei als volgt aan de goede kant: 8 steken volgens BIEZEN MET PUNNIKRAND – lees uitleg hierboven, brei de een na laatste naald in A.2, ga verder met A.1, brei 5-7-9-13-12-16-20 tricotsteken, 1 ribbelsteek. Brei dit patroon terug aan de verkeerde kant (A.2 is nu klaar). Ga verder als volgt: NAALD 1 (goede kant): 8 voorbiessteken met PUNNIKRAND, brei A.3, ga verder met A.1, 5-7-9-13-12-16-20 recht, 1 ribbelsteek. NAALD 2 (verkeerde kant): 1 ribbelsteek, 5-7-9-13-12-16-20 averecht, A.1, A.3, 8 voorbiessteken met PUNNIKRAND. Herhaal NAALDEN 1 en 2 tot het werk 25-24-26-28-29-30-32 cm meet vanaf de opneemnaald. MEERDEREN VOOR HET ARMSGAT: NAALD 1 (goede kant): Brei zoals hiervoor tot er 4 steken over zijn bij het armsgat, meerder 1 steek richting rechts – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, 3 recht, 1 ribbelsteek. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei zoals hiervoor zonder te meerderen (de gemeerderde steken worden gebreid in tricotsteek). Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 2-4-4-4-4-5-6 keer (4-8-8-8-8-10-12 naalden gebreid) = 60-64-66-70-77-82-87 steken. Brei verder tot het werk 27-28-30-32-33-35-37 cm meet vanaf de opneemnaald, eindig na een naald aan de goede kant. Knip de draad af en plaats de steken op een hulpdraad. Brei het rechter voorpand over de rechter schouder achter als volgt. RECHTER VOORPAND: Begin aan de goede kant bij het armsgat op de rechter schouder achter en neem 1 steek op in elke gebreide naald, aan de binnenkant van de buitenste steek tot de hals = 26-28-30-34-36-40-44 steken. Alle afmetingen op het voorpand worden vanaf deze opneemnaald genomen. NAALD 1 (verkeerde kant): Brei averecht tot er 1 steek over is, terwijl u 5-5-5-5-8-8-8 steken verdeeld meerdert, brei 1 ribbelsteek = 31-33-35-39-44-48-52 steken. NAALD 2 (goede kant): Brei 1 ribbelsteek, 5-7-9-13-12-16-20 recht, brei A.5, 12-12-12-12-10-10-10 recht. NAALD 3 (verkeerde kant): Brei 12-12-12-12-10-10-10 averecht, A.5, 5-7-9-13-12-16-20 averecht, 1 ribbelsteek. Herhaal NAALDEN 2 en 3 tot A.5 klaar is in de hoogte. Het werk meet ongeveer 5-5-5-5-6-6-6 cm vanaf de opneemnaald. Meerder nu voor de halslijn. MEERDEREN VOOR DE HALSLIJN: NAALD 1 (goede kant): 1 ribbelsteek, 5-7-9-13-12-16-20 recht, brei A.5 zoals hiervoor, brei A.6 tot er 3 steken over zijn (3 laatste steken in A.6), meerder 1 steek richting rechts – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei de laatste 3 steken in A.6. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei A.6, A.5, 5-7-9-13-12-16-20 averecht, 1 ribbelsteek. Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 7 keer (14 naalden gebreid), dus meerder voor de halslijn aan de binnenkant van 3 tricotsteken bij de hals. De gemeerderde steken worden in het patroon gebreid zoals te zien is in A.6 = 38-40-42-46-51-55-59 steken. Zet op de eerste naald aan de goede kant na de laatste halslijnmeerdering, 20-20-20-20-22-22-22 nieuwe steken op aan het einde van de naald (midden voor) = 58-60-62-66-73-77-81 steken. Keer het werk en brei als volgt aan de verkeerde kant: 8 voorbiessteken met PUNNIKRAND, brei de laatste naald in A.6, ga verder met A.5, 5-7-9-13-12-16-20 averecht, 1 ribbelsteek. NAALD 1 (goede kant): 1 ribbelsteek, 5-7-9-13-12-16-20 recht, ga verder met A.5, brei A.7 en 8 voorbiessteken met PUNNIKRAND. NAALD 2 (verkeerde kant): 8 voorbiessteken met PUNNIKRAND, brei A.7, A.5, 5-7-9-13-12-16-20 averecht, 1 ribbelsteek. Herhaal NAALDEN 1 en 2 tot het werk 25-24-26-28-29-30-32 cm meet vanaf de opneemnaald – denk om de knoopsgaten op de rechter voorbies – lees uitleg hierboven. MEERDEREN VOOR HET ARMSGAT: NAALD 1 (goede kant): Brei de eerste 3 steken in ribbelsteek en tricotsteek, meerder 1 steek richting links – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, brei tot het einde van de naald zoals hiervoor. NAALD 2 (verkeerde kant): Brei zoals hiervoor zonder te meerderen (de gemeerderde steken worden gebreid in tricotsteek). Brei NAALDEN 1 en 2 in totaal 2-4-4-4-4-5-6 keer (4-8-8-8-8-10-12 naalden gebreid) = 60-64-66-70-77-82-87 steken. Brei verder tot het werk 27-28-30-32-33-35-37 cm meet vanaf de opneemnaald, eindig na een naald aan de goede kant. De voor- en achterpanden worden nu samengevoegd voor het lijf. LIJF: Aan de verkeerde kant: Brei de 60-64-66-70-77-82-87 steken op het rechter voorpand zoals hiervoor, maar brei de ribbelsteek in tricotsteek, zet 4-4-6-4-6-6-6 steken op (onder de mouw), brei de 84-92-96-104-112-122-132 steken van het achterpand averecht, zet 4-4-6-4-6-6-6 steken op (onder de mouw), brei de 60-64-66-70-77-82-87 steken van het linker voorpand zoals hiervoor, maar brei de ribbelsteek in tricotsteek = 212-228-240-252-278-298-318 steken. Ga verder met de voorbiessteken, patroon en tricotsteek (de opgezette steken onder de mouwen worden in tricotsteek gebreid), tot het werk 49-51-53-55-56-58-60 cm meet vanaf de opzetrand midden achter. Begin op de volgende naald aan de goede kant met de boordsteek. Meerder tegelijkertijd 26-26-30-34-32-36-40 steken verdeeld als volgt: Meerder 1 steek over elk deel van 5 gerstekorrels (4 gemeerderde steken), meerder 2 steken over elk deel van de grote kabel (4 gemeerderde steken), meerder 18-18-22-26-24-28-32 steken verdeeld over de tricotsteken op het achterpand en de zijkanten (meerder niet over de biezen) = 238-254-270-286-310-334-358 steken. Brei dan als volgt: Ga verder met rondbreinaald 3 mm. Brei de voorbies zoals hiervoor, boordsteek (2 recht en 2 averecht – denk om het meerderen) tot er 10 steken over zijn, 2 recht en brei de voorbies zoals hiervoor. Als de boordsteek 5-5-5-5-6-6-6 cm meet, kant dan ietwat losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht. Het vest meet ongeveer 54-56-58-60-62-64-66 cm vanaf midden achter en 56-58-60-62-64-66-68 cm vanaf de schouder. MOUWEN: De mouw wordt van boven naar beneden gebreid. Leg het werk plat neer en voeg 1 markeerder in op de bovenkant van het armsgat. LET OP: Dit is niet hetzelfde als de opneemnaald op het voorpand maar een paar cm naar beneden op het voorpand. Gebruik rondbreinaald 5 mm en neem strak op of gebruik een kleinere naald. NEEM STEKEN OP ALS VOLGT: Begin in het midden van de opgezette steken onder de mouw en neem 66-68-74-76-80-84-86 steken op rondom het armsgat, met een gelijk aantal steken aan beide kanten van de markeerder. MOUWKOP: Brei 1 naald recht, 1 naald averecht en 1 naald recht. Om de mouwkop een betere pasvorm te geven, breit u nu tricotsteek en patroon met verkorte naalden heen en weer over de mouwkop, beginnend midden onder de mouw als volgt: NAALD 1 (goede kant): Brei recht tot er 13 steken over zijn voor de markeerder op de schouder, brei de volgende 5 steken in A.4, 16 recht en meerder 4 steken verdeeld over deze steken (= 20 rechte steken), brei de volgende 5 steken in A.4, 2 recht, keer het werk – lees TIP VOOR HET BREIEN = 70-72-78-80-84-88-90 steken (inclusief de steken die niet op deze naald worden gebreid). NAALD 2 (verkeerde kant): 2 averecht, brei A.4 over de volgende 5 steken, 20 averecht, A.4 over de volgende 5 steken, 2 averecht, keer het werk. NAALD 3 (goede kant): 2 recht, brei A.4 over de volgende 5 steken, brei A.y over de volgende 20 steken, A.4 over de volgende 5 steken, 4 recht, keer het werk. NAALD 4 (verkeerde kant): 4 averecht, ga verder met het patroon over 30 steken, 4 averecht, keer het werk. NAALD 5 (goede kant): Brei zoals hiervoor tot 2 steken voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk. NAALD 6 (verkeerde kant): Brei zoals hiervoor tot 2 steken voorbij de vorige keer dat u het werk keerde, keer het werk. Herhaal NAALDEN 5 en 6 verder tot u in totaal 16-18-20-20-22-24-26 keer heeft gekeerd (8-9-10-10-11-12-13 keer aan elke kant, met de laatste naald aan de verkeerde kant). NA DE LAATSTE KEER KEREN: Na de laatste keer dat u naald 6 breit, keer dan het werk en brei vanaf de goede kant tot het begin van de naald (midden onder de mouw). Voeg hier 1 markeerdraad in; het wordt gebruikt voor het minderen onder de mouw. Neem deze mee tijdens het breien in de hoogte. MOUW VERVOLG: Ga verder in de rondte met patroon over de middelste 30 steken en tricotsteek over de andere steken. Minder TEGELIJKERTIJD na de eerste naald 2 steken midden onder de mouw, 2-2-2-2-3-3-3 keer elke 2e naald, minder dan 2 steken 5-6-8-8-8-9-10 keer elke 2 cm – lees TIP VOOR HET MINDEREN = 56-56-58-60-62-64-64 steken. Brei verder tot de mouw 44-45-45-44-41-40-39 cm meet vanaf de markeerder op de schouder. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm. Brei op de volgende naald boordsteek (2 recht en 2 averecht), meerder tegelijkertijd 8-8-10-12-10-12-12 steken verdeeld op de naald zoals hieronder beschreven = 64-64-68-72-72-76-76 steken MATEN XS, S, L en XL: 1 averecht, * 2 recht, 2 averecht *, brei van *-* tot er 3 steken over zijn op de naald, 2 recht, 1 averecht – meerder tegelijkertijd 2-2-4-3 steken in de tricotsteekdelen aan elke kant van het patroon, meerder 1 steek in elk deel van 5 gerstekorrels en meerder 2 steken over de grote kabel. MATEN M, XXL en XXXL: 1 recht, * 2 averecht, 2 recht *, brei van *-* tot er 3 steken over zijn op de naald, 2 averecht, 1 recht - Meerder tegelijkertijd 3-4-4 steken in de tricotsteekdelen aan elke kant van het patroon, meerder 1 steek in elk deel van 5 gerstekorrels en meerder 2 steken over de grote kabel. Als de boordsteek 5-5-5-5-6-6-6 cm meet, kant dan ietwat losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht. De mouw meet ongeveer 49-50-50-49-47-46-45 cm vanaf de schouder. HALS: Gebruik rondbreinaald 5 mm. Begin aan de goede kant, midden voor en neem ongeveer 106-106-106-106-118-118-118 steken op langs de halslijn (zorg ervoor dat u 1 steek opneemt in elke voorbiessteek en het aantal steken is deelbaar door 4 + 2). Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant, pas indien nodig het aantal steken aan. Aan de goede kant: Brei 8 voorbiessteken, boordsteek (2 recht en 2 averecht) tot er 10 steken over zijn, 2 recht en 8 voorbiessteken. Ga verder met deze boordsteek heen en weer gebreid voor 1-1½ cm. Brei op de volgende naald aan de goede kant het laatste knoopsgat zoals hiervoor boven de andere knoopsgaten op de rechter voorbies (dus brei de eerste 3 steken, brei 2 steken samen, maak 1 omslag). Als de hals 4-4-4½-4½-5-5-5 cm meet, kant dan ietwat losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht. AFWERKING: Naai de knopen op de linker voorbies. |
|||||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #windingwayscardigan of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 38 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|||||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 273-20
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.