Rose Blossom Top#roseblossomtop |
|||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
||||||||||||||||||
Gebreide trui in DROPS Muskat. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met raglan, kantpatroon en korte mouwen. Maat XS – XXXL.
DROPS 267-19 |
|||||||||||||||||||
|
---------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ---------------------------------------------------------- PATROON: Zie telpatronen A.1 tot A.6. De telpatronen tonen alle naalden in het patroon aan de goede kant gezien. RAGLAN: Meerder 1 steek door 1 omslag te maken. Brei op de volgende naald de omslagen zoals uitgelegd hieronder: VOOR DE RAGLANSTEKEN (= draai de omslag naar rechts): Haal de omslag averecht af, zet de omslag gedraaid terug door de linker naald van achteren in de omslag te steken. Brei de omslag recht in de lus aan de voorkant van de naald - om gaatjes te voorkomen. Brei de nieuwe steken in patroon. NA DE RAGLANSTEKEN (= draai de omslag naar links): Brei de omslagen recht in de lus achter de naald - om gaatjes te voorkomen. Brei de nieuwe steken in patroon. TIP VOOR HET MINDEREN (geldt voor midden onder de mouwen): Minder 1 steek aan elke kant van de markeerder als volgt: Brei tot er 2 steken over zijn voor de markeerder, 2 recht samen, 2 recht (de markeerder zit tussen deze 2 steken) haal 1 steek recht af, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek. ---------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ---------------------------------------------------------- TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:In dit patroon worden naalden van verschillende lengte gebruikt, begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Brei de halsrand en de pas in de rondte op de rondbreinaald vanaf de rechterschouder achter en brei van boven naar beneden met meerderingen voor de raglan en het kantpatroon. Als de pas klaar is, verdeel dan het werk voor het lijf en de mouwen. Brei het lijf naar beneden in de rondte op de rondbreinaald terwijl de mouwen wachten. Brei dan de mouwen naar beneden in de rondte op de naald. Als er 0 steken staan in uw maat, sla dan de informatie over en ga verder met de volgende informatie. HALSRAND: Zet 112-112-120-120128-128-128 steken op rondbreinaald 4 mm met DROPS Muskat. Brei boordsteek in de rondte (= 2 recht/2 averecht) voor 3-3-3-4-4-4-4 cm. Het begin van de naald is op de rechterschouder achter. Voeg 1 markeerdraad in na de eerste 41-41-43-43-45-45-45 steken op de naald (= ongeveer midden voor), meet het werk vanaf deze markeerdraad. Ga verder met rondbreinaald 4 mm en brei 1 naald recht terwijl u markeerders invoegt en steken verdeeld meerdert als volgt: Brei 2 recht en voeg 1 markeerder in tussen deze 2 steken = raglansteken. MOUW: Brei de volgende 22 steken recht en meerder 1 steek = 23 steken op de mouw. VOORPAND: Brei 2 recht en voeg 1 markeerder in tussen deze 2 steken (= raglansteken), brei recht over de volgende 30-30-34-34-38-38-38 steken en meerder 3-5-3-3-1-1-3 steken verdeeld (= 33-35-37-37-39-39-41 steken op het voorpand), 2 recht en voeg 1 markeerder in tussen deze 2 steken (= raglansteken). MOUW: Brei de volgende 22 steken recht en meerder 1 steek = 23 steken op de mouw. ACHTERPAND: Brei 2 recht en voeg 1 markeerder in tussen deze 2 steken (= raglansteken), brei recht over de volgende 30-30-34-34-38-38-38 steken en meerder 3-5-3-3-1-1-3 steken verdeeld (= 33-35-37-37-39-39-41 steken op het achterpand). Er zijn in totaal 120-124-128-128-132-132-136 steken op de naald. PAS: Brei nu in patroon zoals uitgelegd hieronder en meerder voor de RAGLAN aan elke kant van de raglansteken – lees uitleg hierboven voor de meerdermethode. Brei patroon en meerder tegelijkertijd voor de raglan, lees dus de volgende twee alinea's (PATROON en RAGLAN) door voordat u verder gaat. PATROON: 2 recht (= raglansteken) MOUW: A.1, A.2, A.3 VOORPAND: Brei 2 recht (= raglansteken), A.1. Brei A.4 0-0-0-0-1-1-1 keer, 2-3-4-4-2-2-3 steken tricotsteek, A.5, 2-3-4-4-2-2-3 steken tricotsteek, brei A.6 0-0-0-0-1-1-1 keer, A.3, 2 recht (= raglansteken). MOUW: A.1, A.2, A.3 ACHTERPAND: 2 recht (= raglansteken), A.1. Brei A.4 0-0-0-0-1-1-1 keer, 2-3-4-4-2-2-3 steken tricotsteek, A.5, 2-3-4-4-2-2-3 steken tricotsteek, brei A.6 0-0-0-0-1-1-1 keer, A.3, 2 recht (= raglansteken). LET OP! A.1 en A.3 tonen de telpatronen bij het meerderen op elke andere naald. Meerder op de mouwen op iedere 4e naald, brei de nieuwe steken in patroon. RAGLAN: NAALD 1: Brei in patroon zoals uitgelegd hierboven, meerder voor de raglan aan elke kant van de raglansteken (= 8 steken gemeerderd). NAALD 2: Brei patroon (denk erom dat u de omslag in de raglanmeerderingen breit zoals uitgelegd bij RAGLAN). Brei de 1e en 2e NAALD 5-9-11-9-12-10-8 keer in totaal (= 10-18-22-18-24-20-16 naalden gebreid) = 160-196-216-200-228-212-200 steken op de naald en de verdeling is als volgt: 33-41-45-41-47-43-39 steken op elke mouw, 43-53-59-55-63-59-57 steken op het voorpand/achterpand en 8 raglansteken. Denk om de stekenverhouding! Brei dan en meerder voor de raglan als volgt: NAALD 1: Brei patroon zoals hiervoor en meerder voor de raglan aan elke kant van de raglansteken (= 8 steken gemeerderd). NAALD 2: Brei patroon zoals hiervoor (denk erom dat u de omslagen in raglanmeerderingen breit zoals uitgelegd in RAGLAN). NAALD 3: Brei patroon zoals hiervoor en meerder voor de raglan op het voorpand en achterpand, dus meerder na de 2e en 4e markeerder en voor de 3e en 1e markeerder - meerder geen steken op de mouwen (= 4 steken gemeerderd). NAALD 4: Brei patroon zoals hiervoor. Brei de 1e tot 4e NAALD 12-11-11-14-14-18-21 keer in totaal (= 48-44-44-56-56-72-84 naalden gebreid = 12-11-11-14-14-18-21 meerderingen op de mouwen en 24-22-22-28-28-36-42 meerderingen op het voorpand/achterpand). Alle meerderingen voor de raglan zijn klaar; 29-31-33-37-40-46-50 meerderingen zijn gemaakt in totaal op het voorpand/achterpand en 17-20-22-23-26-28-29 meerderingen in totaal op de mouwen. Er zijn 304-328-348-368-396-428-452 steken op de naald en de steken zijn als volgt verdeeld: 57-63-67-69-75-79-81 steken op elke mouw, 91-97-103-111-119-131-141 steken op het voorpand/achterpand en 8 raglansteken. Brei in patroon zoals hiervoor zonder te meerderen tot het werk 21-23-24-27-29-33-36 cm meet vanaf de markeerdraad midden voor. Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Brei dan als volgt aan de goede kant: Brei en houd de eerste steek op de naald (= hoort bij het achterpand), zet de volgende 59-65-69-71-77-81-83 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 8-10-12-14-16-16-18 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw), brei in patroon zoals hiervoor over de volgende 93-99-105-113-121-133-143 steken (= voorpand), zet de volgende 59-65-69-71-77-81-83 steken op een hulpdraad voor de mouw, Zet 8-10-12-14-16-16-18 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw), en brei in patroon zoals hiervoor over de volgende 92-98-104-112-120-132-142 steken (= achterpand). LIJF: = 202-218-234-254-274-298-322 steken. Ga verder in patroon zoals hiervoor. Het patroon past niet in de zijkant onder de mouwen maar brei in patroon zodat het doorloopt over het patroon vanaf de pas en zo ver mogelijk tot de zijkant midden onder de mouwen. Brei tot het werk 41-43-45-47-48-50-52 cm meet vanaf de markeerdraad midden voor. Brei verder met rondbreinaald maat 3 mm, brei boordsteek (= 2 recht/2 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 18-22-22-26-26-30-30 steken verdeeld meerdert op de 1e naald = 220-240-256-280-300-328-352 steken. Als de boordsteek 4-4-4-4-5-5-5 cm meet, kant dan af. De trui meet 45-47-49-51-53-55-57 cm vanaf de markeerdraad midden voor en ongeveer 50-52-54-56-58-60-62 cm vanaf de bovenkant van de schouder. MOUWEN: Zet de 59-65-69-71-77-81-83 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 4 mm, neem daarnaast 1 steek op in elk van de 8-10-12-14-16-16-18 opgezette steken onder de mouw = 67-75-81-85-93-97-101 steken. Het patroon past niet in de zijkant onder de mouwen maar brei in patroon zodat het doorloopt over het patroon vanaf de pas en zo ver mogelijk tot de zijkant midden onder de mouwen. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 8-10-12-14-16-16-18 nieuwe steken onder de mouw – de naald begint bij de markeerdraad. Ga verder met het gecreëerde patroon terwijl u tegelijkertijd op de 1e naald na de scheiding mindert onder de mouw, herhaal het minderen bij een hoogte van 3 cm - lees TIP VOOR HET MINDEREN = 63-71-77-81-89-93-97 steken. Brei tot de mouw 17-17-17-16-14-12-11 cm meet vanaf de scheiding. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm en brei boordsteek (= 2 recht/2 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 9-9-7-7-7-11-11 steken verdeeld meerdert op de 1e naald = 72-80-84-88-96-104-108 steken. Kant af met recht boven recht en averecht boven averecht als de boordsteek 4-4-4-4-5-5-5 cm meet. |
|||||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
|||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #roseblossomtop of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 19 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|||||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 267-19
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.