DROPS Children 50 · Veel nieuwe ontwerpen voor kinderen!
DROPS Alpaca
100% alpaca
vanaf 2.73 € /50g
DROPS Brushed Alpaca Silk
77% Alpaga, 23% Soie
vanaf 2.30 € /25g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 28.31€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS AW2526

Midnight Moss Sweater

Gebreid vest in DROPS Alpaca en DROPS Kid-Silk. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met raglan, kantpatroon en biezen met PUNNIKRAND. Maten XS - XXXL.

Markeer maat:


DROPS 260-7

#midnightmosssweater

DROPS Design: Patroon z-1067
Garengroep A + A of C
-------------------------------------------------------

MATEN:
XS - S - M - L - XL - XXL - XXXL

GAREN:
DROPS ALPACA van garnstudio (behoort tot garengroep A)
200-250-250-300-300-350-350 g kleur 0100, Naturel
En gebruik:
DROPS KID-SILK van garnstudio (behoort tot garengroep A)
75-100-100-125-125-125-150 g kleur 01, Naturel

KNOPPEN:
DROPS KNOPEN NR 802: 6-6-6-6-6-7-7 stuks.

NAALDEN:
DROPS RONDBREINAALD 4.5 MM: Lengte 40 cm en 80 cm.
DROPS RONDBREINAALD 3.5 MM: Lengte 80 cm.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 4.5 MM.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 3.5 MM.
De techniek MAGIC LOOP kan gebruikt worden – u heeft dan alleen een rondbreinaald van 80 cm nodig in elke maat.

STEKENVERHOUDING:
18 steken in de breedte en 24 naalden in de hoogte met kantpatroon en 1 draad van elke kwaliteit op naald 4.5 mm = 10 x 10 cm.
LET OP: De naalddikte is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere naald.

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

Misschien vindt u deze ook leuk...

DROPS Alpaca
100% alpaca
vanaf 2.73 € /50g
DROPS Brushed Alpaca Silk
77% Alpaga, 23% Soie
vanaf 2.30 € /25g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 28.31€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon


-------------------------------------------------------

UITLEG VOOR HET PATROON:
-------------------------------------------------------
RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid):
Brei alle naalden recht, aan zowel de goede als de verkeerde kant.
1 ribbel in de hoogte = brei 2 naalden recht.

BIEZEN MET PUNNIKRAND:
BEGIN VAN DE NAALD:
Brei de voorbies als volgt (7 steken): Haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht, brei 5 ribbelsteken.
EINDE VAN DE NAALD:
Brei de voorbies als volgt (7 steken): Brei tot er 7 steken over zijn op de naald, brei 5 ribbelsteken, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht.
Brei zo aan zowel de goede als de verkeerde kant.

KNOOPSGATEN:
Brei de knoopsgaten op de rechter voorbies (als het kledingstuk gedragen wordt) aan de goede kant, als er 5 steken over zijn op de naald als volgt:
NAALD 1 (goede kant): Maak 1 omslag, 2 recht samen, 1 recht, haal 1 steek averecht af met de draad aan de voorkant, 1 recht.
NAALD 2 (verkeerde kant): Brei de voorbies zoals hiervoor, brei de omslag recht zodat er een gaatje ontstaat.
Het eerste knoopsgat wordt op de eerste naald aan de goede kant gebreid nadat de hals klaar is. Brei dan de andere 5-5-5-5-5-6-6 knoopsgaten met 7-7-7½-8-8-7-7½ cm tussen elk.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.7. Kies het telpatroon voor uw maat (geldt voor telpatronen A.1 en A.5).
De telpatronen laten alle naalden in het patroon aan de goede kant zien.

RAGLAN:
De raglansteken worden gebreid in tricotsteek. Meerder 1 steek door 1 omslag te maken. Brei op de volgende naald de omslag averecht aan de verkeerde kant zodat er een gaatje ontstaat, brei dan de nieuwe steek in het patroon zoals te zien is in de telpatronen.

MOUWTIP:
Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje ontstaan in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw.

TIP VOOR HET MINDEREN:
Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt:
Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), haal 1 steek recht af, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (2 steken geminderd).

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

VEST – KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK.
Het patroon gebruikt zowel lange als korte naalden; begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig.
De hals en de pas worden heen en weer gebreid met de rondbreinaald, vanaf midden voor en van boven naar beneden. Als de pas klaar is, wordt het werk verdeeld voor het lijf en de mouwen en het lijf wordt verder heen en weer gebreid, terwijl de mouwen wachten. De mouwen worden in de rondte gebreid, van boven naar beneden.
Als er een «0» in uw maat staat, sla dan de informatie over en ga gelijk verder met de volgende instructie.

HALS:
Zet 93-109-109-109-125-125-125 steken op met rondbreinaald 3.5 mm, 1 draad DROPS Alpaca en 1 draad DROPS Kid-Silk (2 draden).
Brei de eerste naald aan de verkeerde kant: 7 steken volgens BIEZEN MET PUNNIKRAND – lees uitleg hierboven, brei boordsteek (1 averecht, 1 recht) tot er 8 steken over zijn, 1 averecht en 7 steken volgens biezen met PUNNIKRAND.
Ga verder met deze boordsteek voor 3-3-3-4-4-4-4 cm, eindig na een naald aan de verkeerde kant.
Voeg 1 markeerdraad in aan de binnenkant van 1 voorbies (midden voor). Het werk wordt vanaf hier gemeten.

PAS:
Ga verder met rondbreinaald 4.5 mm. Voeg 4 markeerders in, zonder de steken te breien en elke markeerder wordt in een rechte steek (raglansteek) gestoken. U meerdert voor de raglan aan elke kant van de raglansteken.
Tel 16-20-20-20-24-24-24 steken (= linker voorpand), voeg markeerdraad-1 in de volgende steek,
tel 19-19-19-19-19-19-19 steken (= mouw), voeg markeerdraad-2 in de volgende steek,
tel 19-27-27-27-35-35-35 steken (= achterpand), voeg markeerdraad-3 in de volgende steek,
tel 19-19-19-19-19-19-19 steken (= mouw), voeg markeerdraad-4 in de volgende steek. Er zijn 16-20-20-20-24-24-24 steken over (= rechter voorpand).
Brei PATROON heen en weer gebreid met de biezen zoals hiervoor aan elke kant. Meerder tegelijkertijd voor de RAGLAN aan elke kant van de raglansteken – lees de beschrijvingen hierboven voor het patroon en hoe u meerdert voor de raglan. Brei dan als volgt aan de goede kant:

De voorbies zoals hiervoor, brei A.1 over 3-7-7-7-11-11-11 steken, A.2 over 6 steken (= linker voorpand), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over 8 steken en A.2 over 6 steken (= mouw), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over de volgende 8-16-16-16-24-24-24 steken (1-2-2-2-3-3-3 keer in de breedte), A.2 over 6 steken (= achterpand), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over 8 steken, A.2 over 6 steken (= mouw), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.5 over 4-8-8-8-12-12-12 steken – lees KNOOPSGATEN, zie uitleg hierboven en brei de voorbies zoals hiervoor. (= rechter voorpand).

Ga verder met het patroon en meerder voor de raglan zoals hierboven iedere 2e naald, aan elke kant van de raglansteken tot de telpatronen klaar zijn in de hoogte. Denk om de stekenverhouding.
U heeft in totaal 8 keer gemeerderd voor de raglan = 157-173-173-173-189-189-189 steken. Er zijn 35 steken op elke mouw, 37-45-45-45-53-53-53 steken op het achterpand en 25-29-29-29-33-33-33 steken op elk voorpand (de raglansteken zijn inbegrepen in het aantal steken voor de voor- en achterpanden).

Ga verder met meerderen voor de raglan op iedere 2e naald en ga verder met het patroon als volgt:
Brei de voorbies zoals hiervoor, A.1 over 3-7-7-7-11-11-11 steken, A.4 over 8 steken, A.2 over 6 steken (= linker voorpand), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over 24 steken, A.2 over 6 steken (= mouw), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over de volgende 24-32-32-32-40-40-40 steken (3-4-4-4-5-5-5 keer in de breedte), A.2 over 6 steken (= achterpand), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over 24 steken, A.2 over 6 steken (= mouw), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over 8 steken, A.5 over 4-8-8-8-12-12-12 steken en de voorbies zoals hiervoor (= rechter voorpand).

Ga verder met het patroon en meerder voor de raglan zoals hierboven iedere 2e naald aan elke kant van de raglansteken tot de telpatronen klaar zijn in de hoogte. U heeft in totaal 16 keer gemeerderd voor de raglan en de telpatronen twee keer in de hoogte in alle maten = 221-237-237-237-253-253-253 steken.

In de maten XS en S zijn de mouwmeerderingen klaar. In maten M en L gaat u verder met meerderen zoals hiervoor nog eens 4 keer (dus ½ herhaling van de telpatronen in de hoogte) en meerder in de maten XL, XXL en XXXL nog eens 8 keer (dus nog 1 herhaling van de telpatronen in de hoogte).

In totaal 16-16-20-20-24-24-24 meerderingen voor de raglan (de telpatronen zijn 2-2-2½-2½-3-3-3 keer in de hoogte gebreid) = 221-237-269-269-317-317-317 steken: 51-51-59-59-67-67-67 steken op elke mouw, 53-61-69-69-85-85-85 steken op het achterpand en 33-37-41-41-49-49-49 steken op elk voorpand (de raglansteken zijn inbegrepen in het aantal steken voor de voor- en achterpanden).

De mouwmeerderingen zijn klaar in alle maten. Ga nu verder met meerderen alleen op de voor- en achterpanden. In de maten M en L zit u midden in een herhaling in de hoogte. Zorg ervoor dat u het patroon op de juiste naald voortzet.

Ga verder met het patroon en meerder voor de raglan iedere 2e naald als volgt:
Brei de voorbies zoals hiervoor, A.1 over 3-7-7-7-11-11-11 steken, A.4 over 16-16-16-16-24-24-24 steken, A.2 over 6-6-10-10-6-6-6 steken (= linker voorpand), meerder voor de raglan, brei de raglansteek recht, brei A.6 over 5 steken, A.4 over 40-40-48-48-56-56-56 steken, A.7 over 6 steken (= mouw), brei de raglansteek recht, meerder voor de raglan, brei A.3 over 5-5-9-9-5-5-5 steken, A.4 over 40-48-48-48-72-72-72 steken (5-6-6-6-9-9-9 keer in de breedte), A.2 over 6-6-10-10-6-6-6 steken (= achterpand), meerder voor de raglan, brei de raglansteek recht, brei A.6 over 5 steken, A.4 over 40-40-48-48-56-56-56 steken, A.7 over 6 steken (= mouw), meerder voor de raglan voor en na de raglansteek, brei A.3 over 5 steken, A.4 over 16-16-16-16-24-24-24 steken, A.5 over 4-8-8-8-12-12-12 steken en de voorbies zoals hiervoor (rechter voorpand).

Ga verder met dit patroon en meerder 8 keer voor de raglan op de voor- en achterpanden (in totaal 24-24-28-28-32-32-32 meerderingen voor de raglan op de voor- en achterpanden) = 253-269-301-301-349-349-349 steken.

In de maten XS, S, M, XL en XXL zijn de raglanmeerderingen op de voor- en achterpanden klaar. In de maten L en XXXL gaan de raglanmeerderingen zoals hierboven nog 4 keer verder (dus ½ herhaling van de telpatronen in de hoogte).

Alle maten: In totaal 24-24-28-32-32-32-36 meerderingen voor raglan op de voor- en achterpanden. De telpatronen worden 3-3-3-3½-4-4-4½ keer in de hoogte gebreid. In sommige maten heeft u een ½ herhaling in de hoogte van de telpatronen gebreid. Zorg ervoor dat u het patroon op de juiste naald voortzet.
Er zijn 253-269-301-317-349-349-365 steken: 51-51-59-59-67-67-67 steken op elke mouw, 69-77-85-93-101-101-109 steken op het achterpand en 41-45-49-53-57-57-61 steken op de voorpanden.
Het werk meet ongeveer 20-20-23-27-27-27-30 cm vanaf de markeerder midden voor. Verdeel nu het werk voor het lijf en de mouwen.

VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN:
Ga verder met de voorbies en het patroon over de eerste 41-45-49-53-57-57-61 steken (= voorpand), plaats de volgende 51-51-59-59-67-67-67 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 11-11-11-11-11-19-19 steken op (midden onder de mouw), ga verder met het patroon over de volgende 69-77-85-93-101-101-109 steken (= achterpand), plaats de volgende 51-51-59-59-67-67-67 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 11-11-11-11-11-19-19 steken op (midden onder de mouw), ga verder met het patroon en de voorbies over de laatste 41-45-49-53-57-57-61 steken (= voorpand).

LIJF:
= 173-189-205-221-237-253-269 steken.
Brei 1 naald averecht aan de verkeerde kant, met de biezen zoals hiervoor. Ga op de volgende naald aan de goede kant verder met het patroon en de biezen. De raglansteken en de opgezette steken onder elke mouw worden als volgt in het patroon gebreid:
Brei de voorbies zoals hiervoor, A.1 over 3-7-7-7-11-11-11 steken, A.4 tot er 11-15-15-15-19-19-19 steken over zijn, brei A.5 over 4-8-8-8-12-12-12 steken en de voorbies zoals hiervoor. Ga verder met dit patroon tot het werk 35-37-39-41-42-44-46 cm meet vanaf de markeerder midden voor. Eindig na een volledige of een halve herhaling van de telpatronen in de hoogte.
Brei 2 naalden tricotsteek met de biezen zoals hiervoor.
Begin op de volgende naald aan de goede kant met de boordsteek. Meerder tegelijkertijd 18-20-22-24-26-28-30 steken verdeeld op de naald (meerder niet over de biezen) = 191-209-227-245-263-281-299 steken. Brei dan als volgt:
Ga verder met rondbreinaald 3.5 mm. Brei de voorbies zoals hiervoor, boordsteek (1 recht, 1 averecht – denk om het meerderen) tot er 8 steken over zijn, 1 recht en brei de voorbies zoals hiervoor.
Als de boordsteek 1-1-1-1-2-2-2 cm meet, kant dan ietwat losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht.
Het vest meet ongeveer 37-39-41-43-45-47-49 cm vanaf de markeerdraad midden voor en 42-44-46-48-50-52-54 cm vanaf de schouder.

MOUWEN:
Plaats de 51-51-59-59-67-67-67 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 4 mm. Neem 1 steek op in elk van de 11-11-11-11-11-19-19 opgezette steken onder de mouw - lees MOUWTIP en ga verder met het patroon over de mouwsteken (zorg ervoor dat u op de juiste naald begint in de telpatronen) = 62-62-70-70-78-86-86 steken. Voeg een markeerder in, in de middelste steek van de opneemsteken onder de mouw. Brei tot de markeerdraadsteek (de naald begint hier). Ga verder als volgt:
Brei 5-5-5-5-5-9-9 recht, ga verder met A.6 vanaf de pas over 5 steken, A.4 over de volgende 40-40-48-48-56-56-56 steken, A.7 over 6 steken en brei 6-6-6-6-6-10-10 recht.
Ga verder met dit patroon in de rondte. TEGELIJKERTIJD, als de mouw 1 cm meet vanaf de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN als volgt: Minder 2 steken iedere 1-1-1-1-1-1½-1½ cm in totaal 7-7-7-7-7-11-11 keer = 48-48-56-56-64-64-64 steken. Na de laatste mindering past A.4 op de naald. Begin de naald voor de markeerdraadsteek en brei A.4 in de rondte tot de mouw 44-44-42-39-37-38-36 cm meet vanaf de scheiding. Eindig na een volledige of een halve herhaling van het telpatroon in de hoogte. Brei 2 naalden recht.
Ga verder met breinaalden zonder knop maat 3.5 mm. Brei boordsteek (1 recht, 1 averecht), meerder tegelijkertijd 6 steken verdeeld op de eerste naald = 54-54-62-62-70-70-70 steken.
Als de boordsteek 1-1-1-1-2-2-2 cm meet, kant dan ietwat losjes af met boordsteek. De mouw meet ongeveer 46-46-44-41-40-41-39 cm vanaf de scheiding.

AFWERKING:
Naai de knopen op de linker voorbies.

Telpatroon

Diagram for DROPS 260-7

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

De garenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!
Heeft u dit patroon gemaakt?
Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #midnightmosssweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij.

Laat een opmerking achter voor DROPS 260-7

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.