Kaija schreef:
" Neulo ensimmäisillä 25 silmukalla sileää neuletta (HUOM! Näiden silmukoiden ensimmäinen ja viimeinen silmukka = nurja silmukka) ????????(= hiha), neulo mallineuletta piirroksen A.1 mukaisesti, neulo 23-25-27-29-33-37-41 silmukkaa sileää neuletta, neulo mallineuletta piirroksen A.1 mukaisesti (= 41-43-45-47-51-55-59 silmukkaa etukappaleessa), neulo seuraavilla 25 silmukalla sileää neuletta (= hiha)" jne. Mihin kohtiin tulee nurjat silmukat(piirroksen A.1 lisäksi)?
18.10.2026 - 17:39DROPS Design antwoorde:
Hei, tässä tarkoitetaan, että näiden 25 silmukan ensimmäinen ja viimeinen silmukka on joustinneuleen nurja silmukka. Kaikilla 25 silmukalla neulotaan kuitenkin sileää neuletta.
22.10.2026 - 19:03
Susanne schreef:
Det jeg mener er, om første og sidste m af de 29 m skal strikkes v, ligesom ved de 25 m.
10.09.2026 - 15:58DROPS Design antwoorde:
Hei Susanne. Se vårt svar på ditt forrige spørsmål :) mvh DROPS Design
14.09.2026 - 09:39
Susanne schreef:
Nej. Der står 1. m vrang ved de 25 m til ærme. Men på de 29 m - for og bagstykke, står der ikke 1 v m, men det sådan ud på billedet.
10.09.2026 - 14:55DROPS Design antwoorde:
Hei Susanne. Du har strikket 3 omganger vrangbord til hals, 1 vrang, 1 rett og (str L?) skal nå strikke 25 masker glattstrikk. Den første og siste masken det strikkes glattstrikk over er en vrangmaske fra vrangborden. Så strikkes A.1 over 9 masker. Deretter strikkes forstykket (47 masker). Den første og siste masken over forstykket strikkes glattstrikk over en vrang maske fra vrangborden. Det samme gjelder for det andre ermet og for bakstykket. Det er det man ser på bildet når det forstørres 200%. mvh DROPS Design
14.09.2026 - 09:39
Susanne schreef:
Hej. Jeg er begyndt på Sunday Mist sweater. Når jeg kigger på fotoet, så ser det ud som om, at man også ved strik af de 29 masker skal strikke første og sidste maske vrang, men det står ikke i opskriften. Hvad er rigtigt ? Mvh, Susan e
10.09.2026 - 12:16DROPS Design antwoorde:
Hei Susanne. Hvilken str. strikker du? Er det de vrangmaskene som strikkes i diagram A.1 du mener, som ikke er forklart, men tegnet inn i diagrammet? mvh DROPS Design
10.09.2026 - 12:39
Kirsten Møller schreef:
Jeg strikker str l
11.06.2026 - 15:57DROPS Design antwoorde:
Hei Kirsten. I str. L har du 144 masker og så strikker du slik: Strikk glattstrikk over de første 25 maskene (1. og siste av disse maskene strikkes vrang (= erme) + strikk A.1 (= 1. raglanlinje / 9 masker) + strikk 29 masker i glattstrikk (= forstykket) + strikk A.1 (= 2. raglanlinje/9 masker). Når A.1, forstykket og A.1 er strikket, er det strikket over 47 masker (= 9 + 29 + 9). Fortsett med 2. erme (25 masker i glattstrikk, der 1. og siste maske strikkes vrang). Så strikkes A.1 (= 3. raglanlinje) + 29 masker i glattstrikk (=bakstykket) + strikk A.1 (= 4. raglanlinje). Bare tall: 25+9+29+9+25+9+29+9=144. mvh DROPS Design
12.06.2026 - 08:25
Kirsten Møller schreef:
Jeg forstår ikke inddeling til raglan, der er for mange masker i opskriften til model 262-20
11.06.2026 - 08:37DROPS Design antwoorde:
Hej Kirsten, hvilken størrelse strikker du, så skal vi prøve at hjælpe dig?
11.06.2026 - 09:45
Marie-Pia schreef:
Je ne comprends pas les augmentations du raglan. Il faut bien augmenter 8 m à chaque tour, alors pourquoi est-il préciser dans NOTE : au début du tour augmenter après A1 et à la fin du tour augmenter avant A1. Ne faut-il augmenter avant et après A1 à chaque fois ? Merci d'avance
08.04.2026 - 11:51DROPS Design antwoorde:
Bonjour Marie-Pia, on doit effectivement augmenter avant/après chaque A.1 mais les tours commencent par les mailles de la manche et se terminent par les mailles du raglan/A.1, autrement dit, au début du tour, vous augmentez tout de suite après le A.1 entre le dos et la manche et, à la fin du tour, vous augmentez avant le A.1 à la fin du dos; Si vous augmentiez de chaque côté du dernier A.1 du tour, vous décaleriez le début des tours. Bon tricot!
09.04.2026 - 10:03
Giulia schreef:
C'è scritto di lavorare a maglia rasata (= dritto) le prime 25 maglie (che sono per la manica) ma poi c'è l'annotazione N.B. che indica che la prima e l'ultima maglia sono a rovescio. Quindi sono 25 a diritto o 23 diritto e 2 rovescio? Poi dovrei fare A1 e 27 maglie rasate e A1 (nella taglia M) e però indica tra parentesi =45 maglie per il davanti: ma non ci sono 45 maglie per il davanti! Inoltre se faccio la somma dei punti indicati in questa sezione non torna con i 140 punti del bordo.
16.03.2026 - 09:09DROPS Design antwoorde:
Buonasera Giulia, è corretto: la prima e l'ultima maglia delle 25 della manica sono a rovescio, poi deve lavorare A.1 (9 maglie), 27 maglie a maglia rasata e A.1 (9 maglie), per un totale di 45 maglie per il davanti. Buon lavoro!
26.04.2026 - 22:17
Giulia schreef:
Non riesco a capire il primo giro dopo il bordo del collo. Lavorare il giro successivo come segue: lavorare a maglia rasata sulle prime 25 maglie – NB! La 1° e ultima di queste maglie sono maglie a rovescio (= manica), lavorare A.1, lavorare 23-25-27-29-33-37-41 maglie a maglia rasata, lavorare A.1 (= 41-43-45-47-51-55-59 maglie per il davanti), lavorare a maglia rasata sulle 25 maglie successive (= manica), lavorare A.1, lavorare 23-25-27-29-33-37-41 maglie a maglia rasata….
15.03.2026 - 22:07DROPS Design antwoorde:
Buonasera Giulia, quale parte di questo giro non le è chiara? Buon lavoro!
15.03.2026 - 22:25
Catherine Lejeune schreef:
Dans A1 entre les m envers : glisser 1m, tricoter 2 m end, passer la m glissée par dessus la.m tricotée les 2m tricotées. Il doit y avoir une indication en trop. Je suppose qu’il faut passer par dessus les 2 m end ? Merci de votre réponse. Cordialement
17.02.2026 - 07:45DROPS Design antwoorde:
Bonjour Mme Lejeune, les explications sont correctes: vous glissez la 1ère maille comme pour la tricoter à l'endroit, vous tricotez chacune des 2 mailles suivantes à l'endroit (pas ensemble) puis vous passez la maille glissée par-dessus les 2 mailles tricotées = il reste 2 mailles et la 1ère des 3 mailles entoure les 2 autres. Retrouvez ici, en vidéo comment tricoter ce type de petites torsades. Bon tricot!
18.02.2026 - 09:46
Sunday Mist Sweater#sundaymistsweater |
||||||||||||||||
![]() |
![]() |
|||||||||||||||
Gebreide trui in DROPS BabyMerino. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met raglan, kantpatroon en rolranden. Maat XS – XXXL.
DROPS 262-20 |
||||||||||||||||
|
---------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ---------------------------------------------------------- PATROON: Zie telpatroon A.1. A.1 wordt altijd als 9 steken gebreid. RAGLAN: Meerder 1 steek door 1 omslag te maken. Brei op de volgende naald de omslagen zoals uitgelegd hieronder: VOOR A.1: Haal een steek van de linker naald en zet hem omgekeerd terug op de linker naald (voeg de linker naald in vanaf de achterkant als u hem terugzet op de naald). Brei de omslagen recht in de voorste lus van de steken om gaatjes te voorkomen. Brei dan de nieuwe steken in tricotsteek. NA A.1: Brei de omslagen recht in de achterste lus van de steken om gaatjes te voorkomen. Brei dan de nieuwe steken in tricotsteek. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, kan er een klein gaatje ontstaan in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouw. Dit gaatje kan gesloten worden door de draad tussen 2 steken op te nemen en deze gedraaid samen te breien met de eerste steek tussen het lijf en de mouw. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd). ---------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ---------------------------------------------------------- TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: In dit patroon worden naalden van verschillende lengtes gebruikt, begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Brei de halsrand en de pas in de rondte op de rondbreinaald vanaf de rechterschouder achter, en brei van boven naar beneden. Als de pas klaar is, verdeel dan het werk voor het lijf en de mouwen. Brei het lijf naar beneden in de rondte op de rondbreinaald terwijl de mouwen wachten. Brei dan de mouwen naar beneden in de rondte op de naald. Als er een 0 staat in uw maat, sla dan de informatie over en ga verder met de volgende informatie. HALSRAND: Zet 132-136-140-144-152-160-168 steken op rondbreinaald 3 mm met DROPS Baby Merino. Brei 3 naalden in tricotsteek (= rolrand). Brei 3 naalden boordsteek (= 1 averecht/1 recht). Brei de volgende naald als volgt: Brei tricotsteek over de eerste 25 steken – NB! De 1e en laatste van deze steken zijn 1 averecht (= mouw), brei A.1, brei 23-25-27-29-33-37-41 steken in tricotsteek, brei A.1 (= 41-43-45-47-51-55-59 steken voor het voorpand), brei in tricotsteek over de volgende 25 steken (= mouw), brei A.1, brei 23-25-27-29-33-37-41 steken in tricotsteek, brei A.1 (= 41-43-45-47-51-55-59 steken voor achterpand). Brei A.1 en tricotsteek voor 4 cm - pas zo aan dat de laatste naald de laatste naald in A.1 is. Het begin van de naald is op de rechterschouder achter. Voeg 1 markeerdraad in na de eerste 45-46-47-48-50-52-54 steken op de naald (= ongeveer midden voor), meet het werk vanaf deze markeerdraad. PAS: Voeg 8 markeerdraden in het werk zonder de steken te breien, voeg de markeerdraden in aan elke kant van A.1 (= 9 steken), deze 9 steken worden raglansteken genoemd en het meerderen voor de raglan wordt aan elke kant van de raglansteken gedaan. Voeg de 1e markeerdraad in op het begin van de naald, tel 25 steken (= mouw), voeg de 2e markeerdraad in voor de volgende steek, tel 9 steken (= raglansteken/ A.1), voeg de 3e markeerdraad in de volgende steek, tel 23-25-27-29-33-37-41 steken (= voorpand), voeg de 4e markeerdraad in voor de volgende steek, tel 9 steken (= raglansteken/ A.1), voeg de 5e markeerdraad in de volgende steek, tel 25 steken (= mouw), voeg de 6e markeerdraad in voor de volgende steek, tel 9 steken (= raglansteken/ A.1), voeg de 7e markeerdraad in de volgende steek, tel 23-25-27-29-33-37-41 steken (= achterpand), voeg de 8e markeerdraad in de volgende steek, er zijn 9 steken over na de laatste markeerdraad (= raglansteken/ A.1). Brei in tricotsteek en patroon in de rondte en meerder voor de RAGLAN aan elke kant van de raglansteken - lees uitleg hierboven voor de meerdermethode. NAALD 1: Brei tricotsteek en A.1 zoals hiervoor en meerder voor de raglan aan elke kant van de raglansteken (= 8 steken gemeerderd). LET OP! Op het begin van de naald meerdert u na A.1 en aan het einde van de naald meerdert u voor A.1. NAALD 2: Brei in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor. Brei de 1e en 2e NAALD 17-20-28-32-34-33-32 keer (= 34-40-56-64-68-66-64 naalden gebreid) = 268-296-364-400-424-424-424 steken op de naald. Denk om de stekenverhouding! Brei dan en meerder als volgt: NAALD 1: Brei in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor en meerder voor de raglan aan elke kant van de raglansteken (= 8 steken gemeerderd). NAALD 2: Brei in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor. NAALD 3: Brei tricotsteek en A.1 zoals hiervoor en meerder voor raglan op het voorpand en achterpand, dus meerder na de 3e en 7e markeerdraad en voor de 4e en 8e markeerdraad – meerder geen steken op de mouwen (= 4 steken gemeerderd). NAALD 4: Brei in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor. Brei de 1e tot 4e NAALD 9-9-6-5-5-7-9 keer (= 36-36-24-20-20-28-36 naalden gebreid = 9-9-6-5-5-7-9 meerderingen in de hoogte op de mouwen en 18-18-12-10-10-14-18 meerderingen in de hoogte op het voorpand/achterpand) = 376-404-436-460-484-508-532 steken op de naald. Alle meerderingen voor de raglan zijn nu klaar, er zijn 35-38-40-42-44-47-50 meerderingen in de hoogte gemaakt in totaal op het voorpand/achterpand en 26-29-34-37-39-40-41 meerderingen in de hoogte op de mouwen. Brei in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor, zonder te meerderen, tot het werk ongeveer 21-22-24-25-26-28-30 cm meet vanaf de markeerdraad midden voor. Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Als het werk wordt verdeeld voor het lijf en de mouwen, komt A.1 ietwat op het voorpand/achterpand. TEGELIJKERTIJD als de volgende naald wordt gebreid verdeelt u de pas voor het lijf en de mouwen als volgt: brei 1-1-2-3-4-4-4 steken recht (= horen bij het achterpand), zet de volgende 75-81-89-93-95-97-99 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 10-12-14-16-20-22-26 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw), brei 113-121-129-137-147-157-167 steken in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor (= voorpand), zet de volgende 75-81-89-93-95-97-99 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 10-12-14-16-20-22-26 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw) en brei de laatste 112-120-127-134-143-153-163 steken in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor (= achterpand). Brei het lijf en de mouwen apart verder. LIJF: = 246-266-286-306-334-358-386 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in een zijkant van het werk (= in het midden van de 10-12-14-16-20-22-26 steken die opgezet zijn onder de mouw). Brei tot de markeerdraad zoals hiervoor, de naald begint hier en brei in de rondte. Brei in tricotsteek en A.1 zoals hiervoor tot het werk 46-48-50-52-54-56-58 cm meet vanaf de markeerdraad midden voor. Brei 3 naalden boordsteek (= 1 recht/1 averecht). 3 naalden recht (= rolrand), kant dan losjes af met recht. De trui meet 47-49-51-53-55-57-59 cm vanaf de markeerdraad midden voor en ongeveer 52-54-56-58-60-62-64 cm vanaf de bovenkant van de schouder. MOUWEN: Zet de 75-81-89-93-95-97-99 mouwsteken van een hulpdraad op rondbreinaald 3 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 10-12-14-16-20-22-26 opgezette steken onder de mouw - lees MOUWTIP = 85-93-103-109-115-119-125 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 10-12-14-16-20-22-26 nieuwe steken onder de mouw – de naald begint op de markeerdraad. Brei in tricotsteek in de rondte op de naald - TEGELIJKERTIJD als de mouw 2-3-3-2-4-4 cm meet vanaf de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN en minder als volgt: Minder 2 steken iedere 3½-2½-2-2-2-1½-1½ cm 11-14-17-17-18-18-18 keer in totaal = 63-65-69-75-79-83-89 steken. Brei tot de mouw 40-41-39-39-38-36-35 cm meet vanaf de scheiding. Ga verder in boordsteek voor 3 naalden (= 1 recht/1 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 1 steek verdeeld meerdert op de 1e naald = 64-66-70-76-80-84-90 steken. Brei 3 naalden recht (= rolrand), kant dan losjes af met recht. De mouw meet ongeveer 41-42-40-40-39-37-36 cm vanaf de scheiding. |
||||||||||||||||
Uitleg van het telpatroon |
||||||||||||||||
|
||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #sundaymistsweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 21 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
||||||||||||||||
Laat een opmerking achter voor DROPS 262-20
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.