Lilli schreef:
Moikka! Voisiko tuon kaarrokkeen toisen osan lisäykset tarkistaa? Hihoissa tehdään ohjeen mukaan enemmän lisäyksiä kuin etu- ja takakappaleessa. Vai pitäiskö siinä olla ensimmäisen ja toisen osan hihojen lisäykset yhteensä? Silmukka määrä vastaa nyt enemmän etu- ja takakappaleen lisäys määrää kuin hihojen lisäys määrää toisessa osassa.
02.11.2026 - 14:02
Winterberry Grove Sweater#winterberrygrovesweater |
|
![]() |
![]() |
Gebreide trui in DROPS Fiesta. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid in tricotsteek met Europese pas. Maat XS – XXXL.
DROPS 272-49 |
|
|
---------------------------------------------------------- UITLEG VOOR HET PATROON: ---------------------------------------------------------- TIP VOOR HET MEERDEREN-1: MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS- aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei de steek recht in de lus achter de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS - aan de GOEDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei de steek recht in de lus aan de voorkant van de naald. TIP VOOR HET MEERDEREN-2: MEERDER 1 STEEK RICHTING RECHTS - aan de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de achterkant en brei de steek averecht in de lus aan de voorkant van de naald. MEERDER 1 STEEK RICHTING LINKS - aan de VERKEERDE KANT: Gebruik de linker naald om de draad tussen 2 steken van de naald eronder op te nemen, neem de draad op vanaf de voorkant en brei de steek averecht in de lus achter de naald. TIP VOOR HET MEERDEREN-3 - voor de boordsteekovergang: Bij het gelijkmatig meerderen van steken in de overgang voor de boordsteek, zal er een gelijkmatige meerdering zijn als u meerdert waar de steken averecht gaan lopen, de steken in tricotsteek lopen dan mooi over in boordsteek. MOUWTIP: Als u steken opneemt onder de mouw, ontstaat er een klein gaatje in de overgang tussen de steken op het lijf en de mouwen. De gaatjes kunnen gesloten worden door de draad tussen twee steken op te nemen - brei deze draad gedraaid samen met de eerste steek tussen het lijf en de mouw om het gaatje te sluiten. TIP VOOR HET MINDEREN: Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, 2 recht samen, 2 recht (de markeerdraad zit tussen deze 2 steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd). ---------------------------------------------------------- BEGIN HET WERK HIER: ---------------------------------------------------------- TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK: In dit patroon worden naalden van verschillende lengtes gebruikt, begin met de lengte die past bij het aantal steken en wissel wanneer nodig. Het kledingstuk wordt gebreid volgens punt 1 - 5. 1 - ACHTERPAND: Zet steken op aan de achterkant van de hals en brei het achterpand heen en weer naar beneden terwijl u tegelijkertijd meerdert aan elke kant van het werk tot het aantal steken voor de schouderbreedte bereikt is. Het achterpand heeft een ietwat diagonale schouder. 2 - VOORPAND: Wordt in 2 delen gebreid (= elke kant van de hals). Begin door steken op te nemen langs een schouder op het achterpand, brei de schouder naar beneden en meerder richting de hals. Herhaal op de andere schouder, zet dan nieuwe steken op voor de hals midden voor = zet de schouders samen tot een deel (= voorpand). Brei het voorpand heen en weer gebreid tot de aangegeven afmetingen. 3- PAS: Brei op de volgende naald alle steken op dezelfde rondbreinaald - brei als volgt: Brei de steken op het voorpand, neem steken op voor de mouw langs de zijkant op het voorpand, brei de steken op het achterpand, neem steken op voor de mouw langs de andere kant op het voorpand = brei dan de pas in de rondte over alle steken. 4 - MEERDEREN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: Als u de pas breit, meerdert u steken voor het lijf en de mouwen, meerder eerst voor alleen de mouwen, meerder dan voor zowel het lijf als de mouwen. 5 - LIJF EN MOUWEN: Als alle steken gemeerderd zijn en de pas is gebreid volgens de aangegeven afmetingen, verdeel dan het werk voor het lijf en de mouwen. Brei het lijf naar beneden in de rondte op de naald terwijl de mouwen wachten. Brei dan de mouwen naar beneden in de rondte op de naald. Eindig door steken op te nemen rondom de hals en brei een halsrand in de rondte. ---------------------------------------------------------- ACHTERPAND: Brei het werk heen en weer gebreid op de rondbreinaald. Zet 37-37-37-37-39-39-39 steken op rondbreinaald 4 mm met DROPS Fiesta. NAALD 1 (= verkeerde kant): Brei alle steken averecht. NAALD 2 (= goede kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-1 en brei 3 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 3 steken over zijn, meerder 1 steek richting rechts, 3 recht. NAALD 3 (= verkeerde kant): Lees TIP VOOR HET MEERDEREN-2 en brei 3 averecht, meerder 1 steek richting rechts, brei averecht tot er 3 steken over zijn, meerder 1 steek richting links, 3 averecht. NA de 3e NAALD: Brei de 2e en 3e NAALD tot er 10-11-12-13-13-14-15 meerderingen zijn gemaakt in totaal (= 20-22-24-26-26-28-30 naalden gebreid), na het meerderen zijn er = 77-81-85-89-91-95-99 steken op de naald. Denk om de stekenverhouding! Knip het garen af, zet de steken op een hulpdraad. LINKERSCHOUDER: Vind de linkerschouder op het achterpand als volgt: Leg het achterpand plat neer met de goede kant naar boven, plaats het achterpand zodat de steken op de hulpdraad naar u toe liggen, de linkerkant van het werk = linkerschouder. Neem steken op langs de linker diagonale schouder op het achterpand - begin aan de goede kant bij de hals en neem steken op richting het armsgat als volgt: Neem 1 steek op in elke naald gebreide steek aan de binnenkant van de kantsteek (= 20-22-24-26-26-28-30 steken), eindig door 1 steek op te nemen in de buitenste hoek van de schouder (= kantsteek) = 21-23-25-27-27-29-31 steken voor de schouder. Voeg 1 markeerder in het werk richting de hals. Alle lengte afmetingen worden vanaf deze markeerder gedaan, gemeten in de steekrichting. Brei in tricotsteek (brei de eerste naald op de verkeerde kant). Meerder bij een hoogte van 6-6-7-8-8-9-10 cm, steken richting de hals als volgt: NAALD 1 (= goede kant): Brei alle steken recht. NAALD 2 (= verkeerde kant): Brei averecht, eindig door 1 nieuwe steek op te zetten aan het einde van de naald. Brei de 1e en 2e NAALD 4-4-4-4-5-5-5 keer in totaal (= 8-8-8-8-10-10-10 naalden zijn gebreid) = 25-27-29-31-32-34-36 steken. De meerderingen voor de hals zijn nu klaar. Het werk meet nu 9-9-10-11-12-13-14 cm vanaf de markeerder. Ongeveer 2 cm van de halsdiepte zit op het achterpand. Knip het garen af. Zet de steken op een hulpdraad, brei nu de rechterschouder over de rechter diagonale schouder op het achterpand zoals uitgelegd hieronder. RECHTERSCHOUDER: Neem nu steken op langs de rechter diagonale schouder op het achterpand - begin aan de goede kant op het armsgat en neem steken op richting de hals als volgt: Begin door 1 steek op te nemen in de buitenste hoek van de schouder (= kantsteek), neem dan 1 steek op in elke gebreide naald aan de binnenkant van de kantsteek (= 20-22-24-26-26-28-30 steken) = 21-23-25-27-27-29-31 steken. Voeg 1 markeerder in het werk richting de hals. Alle lengte afmetingen worden vanaf deze markeerder gedaan, gemeten in de steekrichting. Brei in tricotsteek (brei de eerste naald op de verkeerde kant). Meerder bij een hoogte van 6-6-7-8-8-9-10 cm, steken richting de hals als volgt: NAALD 1 (= goede kant): Brei recht, eindig door 1 nieuwe steek op te zetten aan het einde van de naald. NAALD 2 (= verkeerde kant): Brei alle steken averecht. NA de 2E NAALD: Brei de 1e en 2e NAALD 4-4-4-4-5-5-5 keer in totaal (= 8-8-8-8-10-10-10 naalden zijn gebreid) = 25-27-29-31-32-34-36 steken. VOORPAND: Zet op de volgende naald (= goede kant) de schouders samen voor het voorpand als volgt: Brei de 25-27-29-31-32-34-36 steken van de rechterschouder recht, zet 27 steken op voor de hals aan het einde van deze naald, brei de 25-27-29-31-32-34-36 steken van de linkerschouder recht = 77-81-85-89-91-95-99 steken. Brei in tricotsteek heen en weer gebreid tot het werk 12-12-14-14-14-14-16 cm meet vanaf de markeerdraad – brei de laatste naald op de verkeerde kant. Zet dan het voorpand en achterpand samen op en neem steken op voor de mouwen, brei zoals uitgelegd hieronder. NAALD 1 (= goede kant): Brei de eerste steken recht op het voorpand (= steek hoort bij de mouw), voeg 1 markeerder in op de naald (= begin van de naald), brei recht tot er 1 steek over is op het voorpand, voeg 1 markeerder in op de naald, brei de laatste steek op het voorpand recht (= steek hoort bij de mouw), neem 25-25-29-29-29-29-33 steken op langs de zijkant op het linker voorpand (= steken voor de mouw - neem steken op aan de binnenkant van de buitenste steek), Brei de eerste steek op het achterpand recht (= steek hoort bij de mouw), voeg 1 markeerder in op de naald, brei recht tot er 1 steek over is op het achterpand, voeg 1 markeerder in op de naald, brei de laatste steek op het achterpand recht (= steek hoort bij de mouw), neem 25-25-29-29-29-29-33 steken op langs de zijkant op het rechter voorpand (= steken voor de mouw - neem steken op aan de binnenkant van de buitenste steek) = 204-212-228-236-240-248-264 steken. Brei de eerste steek recht zodat de naald begint op de markeerdraad in de overgang tussen het voorpand en de mouw. Er zijn 27-27-31-31-31-31-35 steken op elke mouw en 75-79-83-87-89-93-97 steken op het voorpand/achterpand. PAS: Brei dan in de rondte als volgt: NAALD 1: Brei recht over alle steken en meerder 1 steek aan elke kant op elke mouw - denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-1, meerder 1 steek richting links aan het begin van de mouw, meerder 1 steek richting rechts aan het einde van de mouw, het aantal steken op elke mouw neemt toe, het aantal steken op het voorpand en het achterpand blijft hetzelfde. NAALD 2: Brei alle steken recht zonder te meerderen. Brei de 1e en 2e NAALD tot er 10-12-12-12-10-9-5 meerderingen zijn gemaakt (= 20-24-24-24-20-18-10 naalden gebreid. Er zijn 47-51-55-55-51-49-45 steken op elke mouw, 75-79-83-87-89-93-97 steken op het voorpand/achterpand) = 244-260-276-284-280-284-284 steken. Meerder dan op zowel de mouwen als het lijf, meerder op het lijf 2 steken aan de binnenkant van de markeerder zodat er 2 steken tussen het meerderen voor het lijf en het meerderen voor de mouw zitten - brei als volgt: NAALD 1: * 2 recht, meerder 1 steek richting links, brei recht tot er 2 steken over zijn voor de volgende markeerder, meerder 1 steek richting rechts, brei 2 steken, verplaats de markeerder naar de rechter naald, meerder 1 steek richting links, brei tot de volgende markeerder (= mouw), meerder 1 steek richting rechts, verplaats de markeerder naar de rechter naald *, brei van *-* 1 keer (= 8 steken gemeerderd, d.w.z. 1 steek gemeerderd aan elke kant van 2 steken in de overgang tussen het lijf en de mouw). NAALD 2: Brei alle steken recht zonder te meerderen. Brei de 1e en 2e NAALD tot er in totaal 9-10-12-13-17-19-23 meerderingen zijn gemaakt (= 18-20-24-26-34-38-46 naalden gebreid). Er zijn 10-11-13-13-14-15-16 meerderingen gemaakt in totaal op de mouwen en 9-10-12-13-17-19-23 meerderingen op het lijf = 65-71-79-81-85-87-91 steken op elke mouw en 93-99-107-113-123-131-143 steken op het voorpand/achterpand) = 316-340-372-388-416-436-468 steken. De mouw meet ongeveer 14-16-17-18-19-20-20 cm - als de trui dubbelgevouwen is op de schouder, meet het werk ongeveer 20-22-24-25-26-27-28 cm vanaf de rand op de schouder en naar beneden langs het armsgat. Als het kledingstuk korter is dan dit, ga dan verder tot de juiste afmetingen zonder meerderingen. Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen. VERDELEN VOOR HET LIJF EN DE MOUWEN: TEGELIJKERTIJD als de volgende naald wordt gebreid verdeelt u de pas voor het lijf en de mouwen als volgt: Brei de eerste 93-99-107-113-123-131-143 steken (= voorpand), zet de volgende 65-71-79-81-85-87-91 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-6-8-10-12-12 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw), brei de volgende 93-99-107-113-123-131-143 steken (= achterpand), zet de volgende 65-71-79-81-85-87-91 steken op een hulpdraad voor de mouw, zet 4-6-6-8-10-12-12 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant midden onder de mouw). Brei het lijf en de mouwen apart verder. LIJF: = 194-210-226-242-266-286-310 steken. Voeg 1 markeerder in aan een kant van het werk (= in het midden van de 4-6-6-8-10-12-12 steken die opgezet zijn onder de mouw). Brei tot de markeerdraad, de naald begint hier en brei in de rondte. Brei in tricotsteek tot het werk 46-48-50-52-53-55-57 cm meet vanaf de opzetrand midden achter. Brei verder met rondbreinaald maat 3 mm, brei boordsteek (= 1 recht/1 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 38-42-46-50-54-58-64 steken verdeeld meerdert op de 1e naald - lees TIP VOOR HET MEERDEREN-3 = 232-252-272-292-320-344-374 steken. Als de boordsteek 4-4-4-4-5-5-5 cm meet, brei dan 1 naald recht. Kant af door te breien. De trui meet 50-52-54-56-58-60-62 cm vanaf midden achter en ongeveer 52-54-56-58-60-62-64 cm vanaf de bovenkant van de schouder. MOUWEN: Zet de 65-71-79-81-85-87-91 mouwsteken van een hulpdraad op naald 4 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 4-6-6-8-10-12-12 opgezette steken onder de mouw - lees MOUWTIP = 69-77-85-89-95-99-103 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 4-6-6-8-10-12-12 nieuwe steken onder de mouw - de naald begint bij de markeerdraad. Brei tricotsteek in de rondte op de naald - TEGELIJKERTIJD als er 1 naald is gebreid na de scheiding, minder dan midden onder de mouw – lees TIP VOOR HET MINDEREN en minder als volgt: Minder 2 steken om de naald 2-2-2-3-3-4-4 keer, minder dan 2 steken om de 10-5-3-3-2½-2-2 cm 3-6-9-9-11-11-12 keer = 59-61-63-65-67-69-71 steken op de naald. Brei tot de mouw 37-35-34-34-32-31-31 cm meet vanaf de scheiding. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 3 mm en brei boordsteek (= 1 recht en 1 averecht) terwijl u TEGELIJKERTIJD 11-13-13-13-13-15-15 steken verdeeld meerdert op de 1e naald - denk om TIP VOOR HET MEERDEREN-3 = 70-74-76-78-80-84-86 steken. Als de boordsteek 4-4-4-4-5-5-5 cm meet, brei dan 1 naald recht. Kant ietwat losjes af met recht. De mouw meet ongeveer: 41-39-38-38-37-36-36 cm vanaf de scheiding en 55-55-55-56-56-56-56 cm vanaf de opneemrand op de schouder. HALSRAND: Gebruik rondbreinaald 3 mm. Begin aan de goede kant midden achter en neem ongeveer 104-104-106-108-116-118-120 steken op rondom de hals aan de binnenkant van 1 steek. Brei boordsteek (= 1 recht en 1 averecht) in de rondte voor 3½-3½-3½-4-4-4-4½ cm. Brei 1 naald recht. Kant ietwat losjes af met recht. |
|
![]() |
|
Heeft u dit patroon gemaakt?Tag dan uw afbeeldingen met #dropspattern #winterberrygrovesweater of stuur ze naar de #dropsfan galerij. Heeft u hulp nodig voor dit patroon?U vind 29 instructievideo's, een commentaar/vragengedeelte en nog veel meer, als u naar het patroon gaat op garnstudio.com © 1982-2026 DROPS Design A/S. Alle rechten voorbehouden. Op dit document, inclusief alle subdocumenten, rust copyright. Lees meer over wat u kunt doen met onze patronen onderaan elk patroon op onze site |
|
Laat een opmerking achter voor DROPS 272-49
Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!
Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.