DROPS / 220 / 19

Rocky Trails Cardigan by DROPS Design

Gehaakt vest in DROPS Fabel. Het werk wordt van boven naar beneden gehaakt met ronde pas en kantpatroon. Maten XS - XXL.

  • Rocky Trails Cardigan / DROPS 220-19 - Gehaakt vest in DROPS Fabel. Het werk wordt van boven naar beneden gehaakt met ronde pas en kantpatroon. Maten XS - XXL.
  • Rocky Trails Cardigan / DROPS 220-19 - Gehaakt vest in DROPS Fabel. Het werk wordt van boven naar beneden gehaakt met ronde pas en kantpatroon. Maten XS - XXL.
  • Rocky Trails Cardigan / DROPS 220-19 - Gehaakt vest in DROPS Fabel. Het werk wordt van boven naar beneden gehaakt met ronde pas en kantpatroon. Maten XS - XXL.
DROPS Design: Patroon nr. fa-468
Garengroep A
-------------------------------------------------------

MATEN:
XS - S - M - L - XL - XXL

MATERIAAL:
DROPS FABEL van garnstudio (behoort tot garengroep A)
300-350-400-400-450-500 g kleur 651, sandy dust

STEKENVERHOUDING:
22 stokjes in de breedte en 12 toeren in de hoogte = 10 cm x 10 cm.
HAAKNAALD:
DROPS HAAKNAALD 3.5 MM.
De haaknaald is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere haaknaald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere haaknaald.

DROPS PARELMOERKNOPEN, Gebogen (wit) NR 521: 6-6-6-7-7-7 stuks.

-------------------------------------------------------
Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger
-------------------------------------------------------


75% wol, 25% polyamide
vanaf 2.12 € /50g
DROPS Fabel uni colour DROPS Fabel uni colour 2.12 € /50g
Hobbydoos.nl
Bestel
DROPS Fabel print DROPS Fabel print 2.28 € /50g
Hobbydoos.nl
Bestel
DROPS Fabel long print DROPS Fabel long print 2.52 € /50g
Hobbydoos.nl
Bestel
needles Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 12.72€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

-------------------------------------------------------

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

LOSSE:
Als u op het uiteinde van de haaknaald haakt, is de losse vaak te strak; 1 losse zou even lang moeten zijn als 1 stokje breed is.

INFORMATIE VOOR HET HAKEN:
Op het begin van elke toer van stokjes haakt u 3 lossen; deze vervangen het eerste stokje, dus sla het eerste stokje van de vorige toer over. Eindig de toer met 1 halve vaste in de 3e losse op het begin van de toer.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 en A.2.

TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld meerdert/mindert, tel het totaal aantal steken waarover gemeerderd/geminderd moet worden (dus 18 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen/minderingen (dus 3) = 6.
In dit voorbeeld, meerdert u door 2 stokjes in elke 6e steek te haken; meerder niet over de biezen.
Bij het minderen haakt u elke 5e en 6e steek samen als volgt:
* Maak 1 omslag, voeg de haaknaald in bij de volgende steek, neem de draad op, maak 1 omslag en haal het door de eerste 2 lussen op de haaknaald *, haak van *-* 1 keer, maak 1 omslag en haal het door alle 3 lussen op de haaknaald (= 1 steek geminderd).

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

VEST ¬– KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
De pas wordt heen en weer gehaakt, van boven naar beneden, vanaf midden voor. De pas wordt verdeeld voor het lijf en mouwen en het lijf wordt verder heen en weer gehaakt. De mouwen worden in de rondte gehaakt, van boven naar beneden. De hals wordt op het einde gehaakt.

PAS:
Haak 134-143-146-155-155-158 lossen (inclusief 3 lossen om het werk mee te keren), met haaknaald 3.5 mm en Fabel – lees LOSSE.
Keer het werk en haak de eerste toer als volgt: Haak 1 stokje in de 4e losse vanaf de haaknaald – lees INFORMATIE VOOR HET HAKEN, haak 1 stokje in elk van de overgebleven lossen = 132-141-144-153-153-156 stokjes. Voeg een markeerdraad in aan de binnenkant van de eerste 5 steken aan een kant. HET WERK WORDT GEMETEN VANAF HIER.

De volgende toer wordt als volgt gehaakt aan de verkeerde kant:
Haak 1 stokje in elk van de eerste 24-27-27-30-30-30 stokjes, * haak 2 stokjes in het volgende stokje, 1 stokje in het volgende stokje *, haak van *-* over de volgende 22 stokjes (= 11 steken gemeerderd), haak 1 stokje in elk van de volgende 40-43-46-49-49-52 stokjes, * 2 stokjes in het volgende stokje, 1 stokje in het volgende stokje *, haak van *-* over de volgende 22 stokjes (= 11 steken gemeerderd) en 1 stokje in elk van de laatste 24-27-27-30-30-30 stokjes = 154-163-166-175-175-178 stokjes.
DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Voeg nu 4 markeerdraden in het werk; elk tussen 2 steken, als volgt:
Markeerdraad 1: Sla de eerste 29-32-32-35-35-35 steken over, voeg de markeerdraad hier in (= overgang tussen het voorpand en de mouw).
Markeerdraad 2: Sla de volgende 24 steken over, voeg de markeerdraad hier in (= overgang tussen de mouw en het achterpand).
Markeerdraad 3: Sla de volgende 48-51-54-57-57-60 steken over, voeg de markeerdraad hier in (= overgang tussen het achterpand en de mouw).
Markeerdraad 4: Sla de volgende 24 steken over, voeg de markeerdraad hier in (= overgang tussen de mouw en het voorpand).
Er zijn 29-32-32-35-35-35 steken over op de toer na markeerdraad 4. Neem de markeerdraden gaandeweg mee tijdens het haken in de hoogte; ze worden gebruikt bij het meerderen.

Haak nu in patroon 1 als volgt:
Haak 1 stokje in elk van de eerste 5 stokjes, * haak A.1 tot er 6 steken over zijn voor de markeerdraad, haak A.2 over de volgende 12 steken (= 4 herhalingen van 3 steken) *, haak van *-* in totaal 4 keer, haak A.1 tot er 5 steken over zijn en haak 1 stokje in elk van deze 5 steken. Meerder op de laatste toer in de telpatronen 0-12-12-12-12-24 stokjes verdeeld als volgt: Meerder 0-3-3-3-3-6 steken verdeeld op elk voorpand (meerder niet op de biezen) en meerder 0-6-6-6-6-12 stokjes verdeeld over het achterpand – lees TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN = 202-223-226-235-235-250 stokjes.

Haak nu in patroon 2 als volgt:
Haak 1 stokje in elk van de eerste 5 stokjes, * haak A.1 tot er 6 steken over zijn voor de markeerdraad, haak A.2 over de volgende 12 steken (= 4 herhalingen van 3 steken) *, haak van *-* in totaal 4 keer, haak A.1 tot er 5 steken over zijn en haak 1 stokje in elk van deze steken. Als de telpatronen klaar zijn in de hoogte zijn er 250-271-274-283-283-298 steken op de toer.

Haak nu in patroon 3 als volgt:
Haak 1 stokje in elk van de eerste 5 stokjes, haak * A.1 tot er 6-6-6-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, haak A.2 over de volgende 9-12-12-12-12-12 steken (= 3-4-4-4-4-4 herhalingen van 3 steken), haak A.1 tot er 3-6-6-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12-12-12-12-12 steken, A.1 tot er 6-6-6-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12-12-12-12-12 steken (= 3-4-4-4-4-4 herhalingen van 3 steken), A.1 tot er 3-6-6-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12-12-12-12-12 steken, haak A.1 tot er 5 steken over zijn en haak 1 stokje in elk van deze steken. Als de telpatronen klaar zijn in de hoogte zijn er 286-319-322-331-331-346 steken op de toer.
De meerderingen in maten XS en S zijn nu klaar – ga verder met ALLE MATEN. Voor de maten M, L, XL en XXL ga verder met meerderen als volgt:

Haak nu in patroon 4 als volgt (geldt voor maten M, L, XL en XXL):
Haak 1 stokje in elk van de eerste 5 steken, haak A.1 tot er 6-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, haak A.2 over de volgende 9-12-12-12 steken (= 3-4-4-4 herhalingen van 3 steken), A.1 tot er 3-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12-12-12 steken, A.1 tot er 6-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12-12-12 steken (= 3-4-4-4 herhalingen van 3 steken), A.1 tot er 3-6-6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12-12-12 steken, haak A.1 tot er 5 steken over zijn en haak 1 stokje in elke van deze steken.
Meerder op de laatste toer in de telpatronen 0-6-6-18 stokjes als volgt: Meerder 0-3-3-9 stokjes verdeeld over elke mouw.
Als de telpatronen klaar zijn in de hoogte zijn er 358-385-385-412 steken.
De meerderingen in maten M en L zijn klaar – ga naar ALLE MATEN. Voor de maten XL en XXL, ga verder met meerderen als volgt:

Haak nu in patroon 5 als volgt (geldt voor maten XL en XXL):
Haak 1 stokje in elk van de eerste 5 steken, haak A.1 tot er 6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, haak A.2 over de volgende 9-12 steken (= 3-4 herhalingen van 3 steken), A.1 tot er 3-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12 steken, A.1 tot er 6-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12 steken (= 3-4 herhalingen van 3 steken), A.1 tot er 3-6 steken over zijn voor de markeerdraad, A.2 over de volgende 9-12 steken, haak A.1 tot er 5 steken over zijn en haak 1 stokje in elk van deze steken = 421-460 steken.
De meerderingen in maten XL en XXL zijn nu klaar – ga verder met ALLE MATEN.

ALLE MATEN:
Na alle meerderingen zijn er 286-319-358-385-421-460 steken op de toer. Ga verder heen en weer gehaakt met patroon A.1 en 5 voorbiessteken aan elke kant tot het werk 18-18-20-22-24-26 cm meet vanaf de markeerdraad op de hals – pas aan zodat u eindigt na toer 2 in A.1. Verdeel nu de pas voor het lijf en de mouwen op de volgende toer als volgt:
Haak 1 stokje in elk van de eerste 5 steken, haak A.1 over de eerste 39-45-48-54-60-66 steken (= 13-15-16-18-20-22 herhalingen van A.1 = voorpand), sla de volgende 57-66-75-81-84-90 steken over (= 19-22-25-27-28-30 herhalingen van A.1 = mouw), haak 12 lossen onder de mouw, haak A.1 over de volgende 84-87-102-105-123-138 steken (= 28-29-34-35-41-46 herhalingen van A.1 = achterpand), sla de volgende 57-66-75-81-84-90 steken over (= 19-22-25-27-28-30 herhalingen van A.1 = mouw), haak 12 lossen onder de mouw, haak A.1 over de volgende 39-45-48-54-60-66 steken (= 13-15-16-18-20-22 herhalingen van A.1 = voorpand) en haak 1 stokje in elk van de laatste 5 steken.
Het lijf en de mouwen worden apart verder gebreid. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN.

LIJF:
= 196-211-232-247-277-304 steken. Haak 1 stokje in elk van de eerste 5 steken, haak A.1 zoals hiervoor tot er 5 steken over zijn (= 62-67-74-79-89-98 herhalingen van A.1) en haak 1 stokje in elk van deze 5 steken.
De volgende keer dat u toer 3 in A.1 haakt, begin dan met minderen – denk om TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN. Minder zo iedere toer-3 in A.1 als volgt:
Minder 6 stokjes in totaal 3-3-3-2-2-2 keer en 0-0-3-0-3-3 stokjes in totaal 0-0-1-0-1-1 keer = 178-193-211-235-262-289 steken. A.1 wordt nu 56-61-67-75-84-93 keer op de toer herhaald. Als het werk 14 cm meet vanaf de scheiding, meerder dan verdeeld elke toer-3 in A.1 als volgt: Meerder 15 stokjes in totaal 0-0-1-1-0-0 keer, meerder 9 stokjes in totaal 3-3-3-2-4-3 keer, meerder 6 stokjes in totaal 1-1-0-1-0-1 keer = 211-226-253-274-298-322 steken. De gemeerderde steken worden in A.1 gehaakt. Telpatroon A.1 wordt in totaal 67-72-81-88-96-104 keer op de toer herhaald.
Haak verder tot het werk 34-36-36-36-36-36 cm meet vanaf de scheiding – eindig na een toer van stokjes. Het vest meet ongeveer 56-58-60-62-64-66 cm vanaf de schouder naar beneden.
Knip en hecht de draad af.

MOUWEN:
De mouw wordt in de rondte gehaakt, van boven naar beneden. Begin met haken midden onder de mouw als volgt: Haak 1 vaste in de 7e gehaakte losse onder de mouw, haak 3 lossen (= eerste stokje), haak 1 stokje in elk van de volgende 5 lossen, A.1 zoals hiervoor over de volgende 57-66-75-81-84-90 steken en eindig met 1 stokje in elk van de laatste 6 lossen onder de mouw = 69-78-87-93-96-102 steken. Ga verder met A.1 in de rondte (= 23-26-29-31-32-34 herhalingen van 3 steken).
Als de mouw 4 cm meet vanaf de scheiding, minder dan elke keer dat u toer 3 in A.1 haakt verdeeld als volgt: Minder 6 stokjes in totaal 0-1-3-5-6-6 keer en 3 stokjes in totaal 5-6-4-2-0-0 keer = 54-54-57-57-60-66 stokjes.
Telpatroon A.1 wordt in totaal 18-18-19-19-20-22 keer in de breedte herhaald.
Haak A.1 tot de mouw 39-39-38-36-35-33 cm meet vanaf de scheiding (pas het vest en haak tot de gewenste lengte). Zorg ervoor dat de laatste toer een toer van stokjes is. Haak dan een rand rondom de mouw als volgt: Haak 1 losse, * 1 vaste in de eerste/het volgende stokje, 4 lossen, sla 1 cm over *, haak van *-* rondom de hele mouw en eindig met 1 halve vaste in de eerste vaste op het begin van de toer. Knip en hecht de draad af. Haak de andere mouw op dezelfde manier.

AFWERKING:
Naai de knopen op de linker voorbies. Naai de eerste knoop ongeveer 1½-2 cm onder de halsrand, dan de overgebleven 5-5-5-6-6-6 knopen met ongeveer 9-9-9½-8½-8½-9 tussen elk. De knopen worden vastgemaakt tussen het 3e en 4e stokjes vanaf de rand op de rechter voorbies.

HALSRAND:
Begin aan de goede kant, aan de buitenkant op een voorbies en haak een halsrand met Fabel en haaknaald 3.5 mm als volgt:
Haak 1 vaste in elke losse. Knip en hecht de draad af.

Telpatroon

symbols = 1 losse – Als u aan het uiteinde van de haaknaald haakt, is de losse vaak te strak; 1 losse zou even lang moeten zijn als 1 stokje breed is.
symbols = 1 stokje in de steek eronder
symbols = 1 stokje om de steek of 1 stokje om de lossenlus
symbols = toer is reeds gehaakt, begin op de volgende toer
diagram
diagram
signature

Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 220-19) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (11)

country flag Karin Reiff 04.10.2021 - 21:24:

Guten Tag, ich kann leider die Diagramme für die Muster A.1 und A.2 nicht finden in der Anleitung. Wo kann ich die Diagramme finden? Mit freundlichen Grüssen, Karin

user icon DROPS Design 05.10.2021 kl. 08:40:

Liebe Frau Reiff, Wir haben derzeit einige Probleme mit der Bildanzeige, arbeiten jedoch daran, dieses Problem zu beheben. Vielen Dank im Voraus für Ihre Geduld und Ihr Verständnis.

country flag Christina 19.07.2021 - 10:04:

Ich häkel Größe M und bin nach der Passe, bei dem ersten Muster. Am Ende der Zunahme und des ersten Musters soll ich eigentlich 226 Stäbchen haben. Beim Rapport steht, 4 Rapporte a 3 Maschen. Ab der 3. Reihe sind doch aber bei A. 2, fünf Maschen? Das sind doch dann 5 Maschen pro Rapport? Die 226 Stäbchen hatte ich lange nicht....

user icon DROPS Design 19.07.2021 kl. 10:35:

Liebe Christina, danke für die Antwort! Bei der 4. Reihe in A.2 haben Sie 6 Maschen in jedem A.2, dh es wird jeweils 3 Maschen in jedem A.2 zugenommen; es sind jeweils 4 Rapporte A.2 x 4 Mal = 3 Zunahmen x 4 x 4 = 48 Zunahmen + die 12 Zunahmen = 166+48+12=226 Stäbchen. Kann es Ihnen helfen?

country flag Christina 16.07.2021 - 21:30:

Hallo, jetzt hänge ich bei dem nächsten Schritt... Ich habe das erste Muster gehäkelt und in der letzten Muster Reihe vom Diagramm, gleichmäßig verteilt zugenommen. Es fehlen mir aber rund 100 Maschen. Es steht, ich soll denn Rapport 4x a 3 Maschen häkeln. Muss ich ab der 3. Reihe 5 Maschen 4x wiederholen? Wo liegt mein Fehler......

user icon DROPS Design 19.07.2021 kl. 08:11:

Liebe Christina, könnten Sie uns bitte mehr sagen? Welche Größe häkeln Sie? Bis wann haben Sie jetzt gehäkelt? Also wieviele Maschen Sie jetzt haben anstatt die abgegene Maschenanzahl. Danke im voraus!

country flag Christina 14.07.2021 - 13:38:

Was heißt bitte, wrnn die Diagramme in der Höhe zu Ende gehäkelt wurden? Bezieht sich das auf die aktuelle Reihe? Bin gerade beim ersten Abschnitt und weiß nun kocht, wann ich verteilt zunehmen muss. Am Ende des Diagramms oder in der ersten Muster Reihe von der Passe. Hilfe......

user icon DROPS Design 15.07.2021 kl. 09:23:

Liebe Christina, wenn Sie so lesen: Wenn Diagramme in der Höhe zu Ende gehäkelt wurden bedeutet es, wenn Sie die 4 Reihen von beiden Diagramme A.1 und A.2 gehäkelt haben, dh nach diesen 4 Reihen. Viel Spaß beim häkeln!

country flag Nathalie Steps 24.06.2021 - 22:56:

Beste, Ik zit momenteel bij het stuk van de meerderingen, maar snap niet goed hoe ik het moet doen. Daar staat bij dat je 12 steken moet meerderen maar dat komt niet uit bij de totaal steken. Kan dat?

user icon DROPS Design 28.06.2021 kl. 13:02:

Dag Nathalie,

Bij tip voor het meerderen (bovenaan het patroon) staat aangegeven hoe je de meerderingen kunt maken. Naast deze 12 meerderingen zijn er ook meerderingen in telpatroon A.2 opgenomen. Per A.2 in de breedte ga je van 3 naar 6 stokjes.

country flag Karete Nilsen 02.06.2021 - 11:54:

Hei, jeg er kommet til ermet i denne oppskriften i str. M. Har i utgangspunktet 87 staver og skal felle 6X5 staver pluss 3X4 ( dette blir 42 staver). Iflg oppskriften skal det være 57 staver etter felling så da kan dette ikke stemme? Feller jeg slik det står i oppskriften ender jeg opp med 45 staver....? Mvh Karete Nilsen

user icon DROPS Design 02.06.2021 kl. 14:00:

Hej Karete, du har 87 masker. Fell 6 staver totalt 3 ganger (ikke 5gange) og 3 staver totalt 4 ganger = 57 staver. :)

country flag Nathalie Doncelle 18.05.2021 - 13:42:

Bonjour, magnifique modèle que j'ai commencé. Au dernier rang de A2, il y a déjà des augmentations. et on parle d'augmenter encore de 24 brides réparties sur le dos et les deux devants. sont-elles comprises dedans où faut il encore augmenter en plus? Un tout grand merci d'avance,

user icon DROPS Design 18.05.2021 kl. 14:00:

Bonjour Mme Doncelle, ces augmentations sont effectivement à faire en plus de celles de A.2 et à répartir sur les mailles du dos et de chacun des 2 devants. Bon crochet!

country flag Rebecca Gibbs 10.03.2021 - 23:44:

I am excited for this light lacey Cardigan, every warm season needs one and this is perfect. Then when temperatures cool pairing it with the matching sweater will be the perfect combo. Thank you for all the talent that goes into making these patterns possible.

country flag Janine 05.03.2021 - 09:28:

Sandy Beach

country flag Liz Barlow 07.01.2021 - 20:53:

Colourways remind me of the autumn leaves falling

Laat een opmerking achter voor DROPS 220-19

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.