DROPS / 202 / 18

Berry Diamond by DROPS Design

Gebreide trui met raglan en ballonmouwen in DROPS Air. Het werk wordt van boven naar beneden gebreid met kantpatroon. Maten S - XXXL.

DROPS Design: Patroon nr. ai-189
Garengroep C of A + A
-------------------------------------------------------

MATEN:
S - M - L - XL - XXL - XXXL

MATERIAAL:
DROPS AIR van garnstudio (behoort tot garengroep C)
300-300-350-350-400-450 g kleur 23, koraal

STEKENVERHOUDING:
16 steken in de breedte en 20 naalden in de hoogte met tricotsteek = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 5.5 MM.
DROPS RONDBREINAALD 5.5 MM: lengte 40 cm en 80 cm voor tricotsteek.
DROPS NAALDEN ZONDER KNOP MAAT 4.5 MM.
DROPS RONDBREINAALD 4.5 MM: lengte 40 cm en 80 cm voor de boordsteek.
De naalddikte is slechts een richtlijn. Als u te veel steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een grotere naald. Als u te weinig steken heeft op 10 cm, ga dan verder met een kleinere naald.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).

65% alpaca, 28% polyamide, 7% Wool
vanaf 3.90 € /50g
DROPS Air mix DROPS Air mix 3.90 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Air uni colour DROPS Air uni colour 3.90 € /50g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 23.40€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

-------------------------------------------------------

TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld meerdert/mindert, neem het totaal aantal steken op de naald (dus 78 steken) en deel deze door het aantal te maken meerderingen/minderingen (dus 10) = 7.8.
In dit voorbeeld, meerdert u door 1 omslag te maken na ongeveer elke 8e steek. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.
Bij het minderen breit u ongeveer elke 7e en 8e steek recht samen.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot A.8. Kies het telpatroon voor uw maat (geldt voor A.8).

TIP VOOR HET MINDEREN (voor de mouwen):
Minder 1 steek aan elke kant van de markeerdraad als volgt: Brei tot er 3 steken over zijn voor de markeerdraad, brei 2 recht samen, 2 recht, (de markeerdraad zit tussen deze steken), 1 steek recht afhalen, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek.

-------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

-------------------------------------------------------

TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
De hals, de pas en het lijf worden in de rondte gebreid met de rondbreinaald vanaf de overgang tussen de mouw en het achterpand, van boven naar beneden. De mouwen worden in de rondte gebreid met de korte rondbreinaald/breinaalden zonder knop, van boven naar beneden.

HALS:
Zet 76-80-84-88-92-96 steken op met rondbreinaald 4.5 mm en Air. Brei 1 naald recht. Brei dan 3 cm boordsteek (= 2 recht / 2 averecht). Brei 1 naald recht terwijl u 10 steken verdeeld meerdert in alle maten – lees TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN = 86-90-94-98-102-106 steken. Ga verder met rondbreinaald 5.5 mm. Brei dan de pas zoals beschreven hieronder.

PAS:
De eerste naald wordt als volgt gebreid: Brei A.1 over 29 steken (= achterpand), brei 2 steken in tricotsteek (= raglanlijn), maak 1 omslag, 10-12-14-16-18-20 steken in tricotsteek (= mouw), 1 omslag, 2 steken in tricotsteek (= raglanlijn), brei A.1 over 29 steken (= voorpand), 2 steken in tricotsteek (= raglanlijn), 1 omslag, 10-12-14-16-18-20 steken in tricotsteek (= mouw), maak 1 omslag en 2 steken in tricotsteek (= raglanlijn). Er zijn nu 94-98-102-106-110-114 steken op de naald.
Ga verder met dit patroon, dus op de voor- en achterpanden meerdert u aan elke kant zoals te zien is in A.1. Op de mouwen meerdert u aan elke kant met een omslag aan elke kant van de steken in tricotsteek. De raglan lijn is altijd 2 steken in tricotsteek. Meerder zo op iedere 2e naald. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen. Brei op de mouwen de gemeerderde steken in tricotsteek. Op de voor- en achterpanden breit u de gemeerderde steken in het patroon zoals te zien is in A.1. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Als A.1 klaar is in de hoogte zijn er 158-162-166-170-174-178 steken op de naald.
Ga verder met de meerderingen op zowel de mouwen als de voor- en achterpanden, maar brei nu A.2 tot A.4 over de 47 steken in A.1 als volgt: Brei A.2 (= 2 steken), A.3 over 42 steken (= 3 herhalingen van 14 steken) en brei A.4 (= 3 steken). De raglanlijn en de mouwen worden zoals hiervoor gebreid.
Als u tot de naald gemarkeerd met een pijl in uw maat heeft gebreid, heeft u in totaal 18-21-22-24-26-29 keer gemeerderd vanaf het begin van de pas en zijn er 230-258-270-290-310-338 steken op de naald. Het werk meet ongeveer 21-24-25-27-29-32 cm vanaf de opzetrand midden voor.
Brei de volgende naald als volgt:
Brei 68-74-77-83-89-97 steken zoals hiervoor (= achterpand), plaats de volgende 44-52-54-56-58-62 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-10-10-12-12 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei de volgende 71-77-81-89-97-107 steken zoals hiervoor (= voorpand), plaats de volgende 44-52-54-56-58-62 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 8-8-10-10-12-12 nieuwe steken op de naald (= in zijkant onder de mouw)) en brei de laatste 3-3-4-6-8-10 steken zoals hiervoor (= achterpand). Knip de draad af. Het lijf en mouwen worden apart verder gebreid. HET WERK WORDT NU VANAF HIER GEMETEN!

LIJF:
= 158-170-182-198-218-238 steken. Voeg 1 markeerdraad in aan elke kant in het midden van de 8-8-10-10-12-12 opgezette steken onder elk mouw. Neem de markeerdraden mee tijdens het breien in de hoogte; ze markeren de zijkanten.
De eerste naald wordt als volgt gebreid (begin op de naald gemarkeerd met een pijl in uw maat zodat het patroon verder gaat): Brei 3-6-9-13-4-9 steken in tricotsteek, A.5a (= 15 steken), A.6a over de volgende 42-42-42-42-70-70 steken (= 3-3-3-3-5-5 herhalingen van 14 steken), brei A.7a (= 16 steken), 6-12-18-26-8-18 steken in tricotsteek (de markeerdraad zit in het midden van deze steken), brei A.5a (= 15 steken), A.6a over de volgende 42-42-42-42-70-70 steken (= 3-3-3-3-5-5 herhalingen van 14 steken), brei A.7a (= 16 steken) en eindig met 3-6-9-13-4-9 steken in tricotsteek.
Herhaal A.5a tot A.7a in de hoogte (de overgebleven steken worden gebreid zoals hiervoor) tot het werk ongeveer 4-5-4-6-4-4 cm meet vanaf de scheiding – pas zo aan dat u eindigt na een hele herhaling in de hoogte.
Ga dan verder met A.5b tot A.7b, de overgebleven steken worden zoals hiervoor gebreid. Brei tot A.5b tot A.7b 1 keer in de hoogte zijn gebreid. Ga dan verder in tricotsteek over alle steken. Als het werk 28-27-28-28-28-27 cm meet vanaf de scheiding, brei dan 1 naald recht terwijl u 30-34-38-38-42-50 steken verdeeld meerdert = 188-204-220-236-260-288 steken.
Ga verder met rondbreinaald 4.5 mm en brei 4 cm boordsteek (= 2 recht / 2 averecht). Kant dan losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht, maar om te voorkomen dat de afkantrand te strak wordt, kunt u afkanten met naald 5.5 mm.

MOUW:
Plaats de 44-52-54-56-58-62 steken van de hulpdraad aan de ene kant van het werk op korte rondbreinaald/breinaalden zonder knop maat 5.5 mm en neem 1 steek op in elk van de 8-8-10-10-12-12 opgezette steken onder de mouw = 52-60-64-66-70-74 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 8-8-10-10-12-12 steken onder de mouw en neem de markeerdraad mee tijdens het breien in de hoogte; het wordt gebruikt bij het minderen. Begin de naald bij de markeerdraad en brei in tricotsteek in de rondte. Als het werk 2 cm meet vanaf de scheiding, minder dan 2 steken midden onder de mouw (geldt niet voor maat XXL) – lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo iedere 2e naald in totaal 1-5-2-3-0-2 keer = 50-50-60-60-70-70 steken. Als het werk 7-8-8-6-8-6 cm meet brei dan in patroon in de rondte als volgt:
Brei A.8a over alle steken (= 5-5-6-6-7-7 herhalingen van 10 steken). Als A.8a klaar is zijn er 70-70-84-84-84-84 steken op de naald. Ga verder met A.8b. Herhaal A.8b in de hoogte tot het werk ongeveer 41-38-38-36-34-32 cm meet vanaf de scheiding (kortere afmetingen in de grotere maten vanwege bredere schouders en een langere mouwkop) – pas zo aan dat u eindigt na een hele herhaling in de hoogte. Ga verder met A.8c. Als A.8c klaar is zijn er 35-35-42-42-42-42 steken op de naald. Brei 1 naald recht terwijl u 3-3-6-6-2-2 steken verdeeld mindert = 32-32-36-36-40-40 steken. Ga verder met breinaalden zonder knop maat 4.5 mm en brei boordsteek (= 2 recht / 2 averecht) voor 5 cm. Kant dan losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht, maar om te voorkomen dat de afkantrand te strak wordt kunt u afkanten met naald 5.5 mm. De mouw meet ongeveer 48-45-45-43-41-39 cm vanaf de scheiding. Brei de andere mouw op dezelfde manier.

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 26.09.2019
Nieuwe telpatronen: A.5 en A.7 (naald 15 miste eenOMSLAG).
A.6 (naald 23 miste een OMSLAG)

Telpatroon

= recht
= maak 1 omslag tussen 2 steken (= gaatje)
= maak 1 omslag tussen 2 steken; brei op de volgende naald de omslag gedraaid (= GEEN gaatje)
= 2 recht samen
= 1 steek recht afhalen, 1 recht en haal de afgehaalde steek over de gebreide steek
= 1 steek recht afhalen, 2 recht samen en haal de afgehaalde steek over de samengebreide steken
= geen steek in dit vierkant, ga gelijk verder met het volgende symbool in het telpatroon
= laatste meerdering op de voor- en achterpanden








Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 202-18) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (16)

Kinga 09.11.2019 - 23:52:

Hei! Jeg sliter med økningen på begynnelsen av A1. Jeg skal fra 90 til 98 masker men i følge oppskrifta så skal jeg bare lage 4 ekstra kast om pinnen. Misforstår jeg noe nå?

DROPS Design 11.11.2019 kl. 13:24:

Hei Kinga. Husk de 2 kastene i A.1 også (A.1 strikkes 2 ganger = 4 økninger) + de 4 som er beskrevet i oppskriften = 8 økninger på 1. omgang = 98 masker. God Fornøyelse!

Astrid Louise Løvlie 26.10.2019 - 18:10:

Jeg får ikke masketallet til å stemme for str S etter A2.-A.4. For ermene står det at det skal være 44 masker, men 14 startmasker med 18 økninger gir femti masker, og for for og bakstykke ender jeg opp med 65. Så summen blir 230, men fordelingen feil. Kan dere hjelpe med hvordan fordelingen skal være og hvordan arbeidet blir videre?

Ingrid 20.10.2019 - 10:45:

Laatste stuk pas/eerste stuk lijf komt niet uit. Als ik in maat L - 77 steken, 54 op hulpdraad, 10 opzetten, 81 steken, 54 op huldraad en 10 opzetten - gedaan heb, houd ik er geen 4 over voor de laatst 4 steken. Daarna is het mij ook niet duidelijk waar je begint nadat je de draad hebt afgeknipt. Helpen jullie mij verder?

Nguyễn Thu Thảo 12.10.2019 - 13:36:

I am 1m60 80kg, which size i should choose?

DROPS Design 14.10.2019 kl. 09:22:

Dear Mrs Thu Thảo , measure a similar garment you have and like the shape and compare these measurements to those in meeasurement chart, this will then help you to choose the matching size. Read more about schematic drawing here. Happy knitting!

Eva Karlsen 15.09.2019 - 14:10:

Hei ! Jeg har kommet til første økning av A8 på armen . Det skal her økes 1 maske først og sist på rapporten . Det blir da 2 kast etter hverandre ....forstår jeg det riktig ???

DROPS Design 16.09.2019 kl. 13:47:

Hei Eva. Litt usikker på hva du mener. Når du starter med erme og diagram A.8a strikker du 2 omganger glattstrikk før du starter med økningene og økningene er ca midt i diagrammet. Hvor står det at det skal økes med 1 maske først og sist i rapporten? Og hvilken str strikker du? Mvh DROPS design

Eva 10.09.2019 - 19:29:

Hvorfor skal det økes på bolen før en strikker vrangborden ?? Kan jeg sløyfe det ??

DROPS Design 11.09.2019 kl. 10:10:

Hei Eva, Dette er foreslått for å hindre at vrangborden blir stram. Du kan gjerne sløyfe det hvis du vil. God fornøyelse!

Turid 15.08.2019 - 20:31:

Hvorfor skal tråden klippes etter deling av armer osv? Skjønner ikke hvor omgangen skal begynne !

DROPS Design 06.09.2019 kl. 10:37:

Hej Turid, du starter nu omgangen i den ene side ved mærketråden. God fornøjelse!

Silje 30.07.2019 - 10:25:

Det er noe feil i oppdelingmaskene etter du har, strikket opp til angitt str på mønster a2 til a4...

Cristine 03.06.2019 - 01:17:

Hi, I can't seem to find the pattern "A.7a" on this page.

DROPS Design 03.06.2019 kl. 10:06:

Hi Christine. We'll upload A.7 shortly. Thank's for letting us know it was missing. Happy knitting

Helinä 02.06.2019 - 09:24:

Miksi sama kavennus ohjeistetaan tekemään eri tavoilla? Esim. tässä ohjeessa hihojen kavennusvinkki: 2 o yhteen on käytännössä sama kuin "nosta 1 silmukka oikein neulomatta, 1 silmukka oikein, vedä nostettu silmukka neulotun silmukan yli". Sama asia, ensimmäinen yhdellä kertaa ja jälkimmäinen vaiheittain tehtynä. Kavennus taipuu kummassakin neuleen suuntaan. Jos haluttaisiin kavennus eri suuntaan, pitäisi tehdä 1o, nosta seuraava äsken neulotun yli (neulesuuntaa vastaan).

Laat een opmerking achter voor DROPS 202-18

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.