DROPS / 195 / 21

Sira by DROPS Design

Gebreide trui met ronde pas in DROPS Polaris. Het werk wordt gebreid van boven naar beneden met hoge kraag en Scandinavisch patroon in gerstekorrel. Maat: S - XXXL

DROPS design: Patroon po-106
Garengroep F of E + E
----------------------------------------------------------

MAAT:
S - M - L - XL - XXL - XXXL

MATERIAAL:
DROPS POLARIS van garnstudio (behoort tot garengroep F)
800-900-1000-1100-1200-1300 g kleur 04, grijs
200-200-200-200-200-200 g kleur 01, naturel
200-300-300-300-300-400 g kleur 03, donkergrijs

STEKENVERHOUDING:
7 steken in de breedte en 8 naalden in de hoogte in tricotsteek = 10 x 10 cm.

NAALDEN:
DROPS RONDBREINAALD 15 mm, lengte 60 en 80 cm voor tricotsteek.
De naalddikte is slechts een richtlijn! Als u te veel steken heeft op 10 cm brei dan verder met grotere naalden. Als u te weinig steken heeft op 10 cm brei dan verder met kleinere naalden.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).
Opmerkingen (5)

100% wol
vanaf 3.25 € /100g
DROPS Polaris uni colour DROPS Polaris uni colour 3.25 € /100g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Polaris mix DROPS Polaris mix 3.80 € /100g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 39.00€ krijgen. Lees meer.

Instructies voor het patroon

UITLEG VOOR HET PATROON:

----------------------------------------------------------

TIP VOOR HET WISSELEN VAN GAREN (voor als u met Polaris breit):
Als u wisselt van bol met Polaris, splijt dan de oude draad in tweeën op de laatste 15 cm – knip een deel af, doe hetzelfde op de nieuwe draad. Plaats de eerste en laatste 15 cm op elkaar zodat het garen de normale dikte heeft en ga verder met breien – dit wordt gedaan om het wisselen van draad onzichtbaar te maken.

TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld mindert/meerdert, neem het totaal aantal steken op de naald (dus 36 steken) en deel de steken door het aantal te maken minderingen/meerderingen (dus 4) = 9.
In dit voorbeeld mindert u door iedere 8e en 9e steek samen te breien. Bij het meerderen maakt u 1 omslag na iedere 9e steek. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid om gaatjes te voorkomen.

MAGISCHE LUS:
Als u in de rondte breit op een rondbreinaald die te lang is voor het aantal steken, kunt u dit als volgt doen: De rondbreinaald moet lang zijn en een flexibele draad hebben. Schuif de steken naar het midden van de draad. Verdeel de steken in het midden en haal de draad tussen de steken uit. Schuif de steken naar de punten van de naald aan elke kant, zorg ervoor dat u de steken niet draait. Het gareneinde dat gebruikt wordt voor het breien is op de achterste naald en begin met breien op de voorste naald. Trek de achterste naald eruit om de steken op de voorste naald te breien. Als alle steken op de voorste naald zijn gebreid, keer dan het werk en schuif de steken terug op de lege naald en brei de andere kant op dezelfde manier. Ga zo verder in de rondte, zorg ervoor dat u altijd de naald uit de andere kant haalt dan waar het garen is.

PATROON:
Zie telpatroon A.1. Kies het telpatroon voor uw maat.

TIP VOOR HET MEERDEREN (geldt voor het lijf):
Meerder 1 steek door een omslag te maken. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.

RIBBEL/RIBBELSTEEK (heen en weer gebreid):
1 ribbel = 2 naalden recht.

TIP VOOR HET MINDEREN (geldt voor de mouwen):
LET OP: Om het minderen afwisselend aan de rechter- en linkerkant van het werk te krijgen, mindert u als volgt:
In maat S, M en L mindert u afwisselend op het begin en het einde van de naald met minderingen.
In maat XL, XXL en XXXL mindert u op het begin van iedere naald met minderingen (afwisselend aan de goede kant en op de verkeerde kant).
Minder als volgt aan de goede kant: 2 recht samen.
Minder als volgt op de verkeerde kant: 2 averecht samen.

----------------------------------------------------------

BEGIN HET WERK HIER:

----------------------------------------------------------

TRUI - KORTE SAMENVATTING VAN HET WERK:
Wordt in de rondte gebreid op de rondbreinaald vanaf midden achter, van boven naar beneden. Brei de mouwen heen en weer op de rondbreinaald en naai samen op het einde. Lees TIP VOOR HET WISSELEN VAN GAREN.

KRAAG:
Zet 36-36-40-40-44-48 steken op rondbreinaald 15 mm met donkergrijs. Brei boordsteek = 2 recht/2 averecht voor 9 cm. Brei 1 naald recht terwijl u tegelijkertijd 4 steken verdeeld mindert - lees TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN = 32-32-36-36-40-44 steken. LET OP: We hebben geen rondbreinaalden korter dan 60 cm in naalddikte 15 mm in onze collectie.
Vanwege het minderen is de omtrek van het werk nu minder dan 60 cm in maat S - XXL. Ga daarom verder met de MAGISCHE LUS – lees uitleg hierboven, tot er genoeg steken gemeerderd zijn om rondbreinaald 60 of 80 cm te gebruiken.

PAS:
Brei nu in patroon A.1 in de rondte (= 8-8-9-9-10-11 herhalingen van 4 steken). Ga zo verder in patroon en meerder volgens het telpatroon. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Als A.1 in de hoogte is gebreid, zijn er 96-112-117-126-140-154 steken op de naald en meet het werk ongeveer 20-25-25-28-30-33 cm vanaf na de hals. Ga verder met tricotsteek en grijs maar zonder meerderingen tot het werk 24-25-27-29-31-33 cm meet na de hals. Brei 1 naald recht met grijs terwijl u het aantal steken aanpast naar 100-112-116-128-136-156 - denk om TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN.
Brei de volgende naald in tricotsteek als volgt:
Brei 15-16-17-19-20-23 steken (= helft van het achterpand), zet de volgende 20-24-24-26-28-32 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 4-4-4-4-6-6 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei 30-32-34-38-40-46 steken (= voorpand), zet de volgende 20-24-24-26-28-32 steken op 1 hulpdraad voor de mouw, zet 4-4-4-4-6-6 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei de laatste 15-16-17-19-20-23 steken (= helft van het achterpand). Knip het garen af. Brei het lijf en de mouwen apart verder. MEET NU HET WERK VANAF HIER!

LIJF:
= 68-72-76-84-92-104 steken. Voeg 1 markeerdraad in aan elke kant, in het midden van de 4-4-4-4-6-6 nieuw opgezette steken onder elke mouw. Neem de markeerdraden mee in de hoogte tijdens het breien; ze worden later gebruikt voor het meerderen. Ga verder in tricotsteek en grijs. Meerder bij een hoogte van 5 cm vanaf de scheiding, 1 steek voor de markeerdraden - lees TIP VOOR HET MEERDEREN (= 2 steken gemeerderd). Ga verder met meerderen als volgt:
Bij een hoogte van 8 cm, meerdert u 1 steek na elke markeerdraad.
Bij een hoogte van 10 cm, meerdert u 1 steek voor elke markeerdraad.
Bij een hoogte van 12 cm, meerdert u 1 steek na elke markeerdraad.
Ga in maat M en XXXL verder met meerderen als volgt:
Bij een hoogte van 14 cm, meerdert u 1 steek voor elke markeerdraad.
Bij een hoogte van 16 cm, meerdert u 1 steek na elke markeerdraad.

ALLE MATEN:
Er zijn nu 76-84-84-92-100-116 steken op de naald. Ga verder in de rondte in tricotsteek en grijs tot het werk 23-24-24-24-24-24 cm meet vanaf de scheiding. Brei dan 6 cm boordsteek (= 2 recht/2 averecht). Kant dan losjes de steken af met recht boven recht en averecht boven averecht. De trui meet ongeveer 58-60-62-64-66-68 cm vanaf de schouder.

MOUW:
Brei de mouwen heen en weer op de rondbreinaald en naai samen op het einde. Zet de 20-24-24-26-28-32 steken van de hulpdraad aan een kant van het werk op rondbreinaald maat 15 mm en zet 2-2-2-2-3-3 nieuwe steken op aan elke kant = 24-28-28-30-34-38 steken. Brei in tricotsteek heen en weer gebreid over alle steken met grijs. Minder bij een hoogte van 4-4-2-4-4-2 cm, 1 steek aan de goede kant van het werk - lees TIP VOOR HET MINDEREN. Minder afwisselend in de linker en rechter kant van het werk iedere 2e-2e-2e-1e-1e-1e naald 8-12-12-14-14-18 keer in totaal (= 4-6-6-7-7-9 keer aan elke kant) = 16-16-16-16-20-20 steken. Brei tot het werk 33-33-31-30-27-25 cm meet vanaf de scheiding (LET OP: Minder voor de grotere maten vanwege bredere schouders). Brei dan 6 cm boordsteek (= 2 recht/2 averecht). Kant dan losjes de steken af met recht boven recht en averecht boven averecht. Brei de andere mouw op dezelfde wijze.

AFWERKING:
Naai de naden onder de mouwen dicht in de buitenste lussen van de kantsteken om een rommelige naad te voorkomen. Naai de opening onder de mouwen dicht.

Telpatroon

= recht met naturel
= averecht met naturel
= recht met grijs
= averecht met grijs
= recht met donkergrijs
= averecht met donkergrijs
= maak 1 omslag tussen 2 steken, brei op de volgende naald de omslag gedraaid om gaatjes te voorkomen



Elize Moolman 10.04.2019 - 09:59:

Please help at collar end it say knit 1 round while decrease 4 stitches evenly, should it not be increase rather than decrease, I include a photo of my knitting and where I struggle

DROPS Design 10.04.2019 kl. 10:22:

Dear Mrs Moolman, when you have worked the 9 cm ribbing, you knit one round while decreasing 4 sts evenly = there are now 32-32-36-36-40-44 sts. Now work A.1 increasing as shown in diagram. Happy knitting!

Rebe Bar 24.03.2019 - 21:28:

Me gustan

Åse 22.03.2019 - 14:05:

Hei. Hvorfor står det strikkepinner nr 15 på oppskriften, men på garnet anbefales nr 12? Drops Polaris

DROPS Design 26.03.2019 kl. 15:05:

Hei Åse. Det har med strikkefatsheten å gjøre. Til denne oppskriften skal strikkefastheten være 7 masker i bredden og 8 pinner i høyden med glattstrikk = 10 x 10 cm, og da må du nok bruke tykkere pinner enn pinne 12. Det er alltid strikkefatsheten som avgjør hvilken pinnestørrelse du trenger. Strikkefasthet er individuel og da brukes pinnestørrelse for å justere opp eller ned slik at DIN strikkefasthet stemmer overens med det som står i oppskriften. Det pinnenummer vi oppgir er kun veiledende, det er strikkefastheten som må overholdes. God fornøyelse.

Mary Hiley 26.02.2019 - 22:26:

Thank you for you previousreple. If reading each row of the chart from right to left we find 2yo’ s together ar the end and beginning of rows 2-3 and 3-4. This sounds as though it will leave a big hole. Please clarify.

DROPS Design 27.02.2019 kl. 06:35:

Hi Mary, In each repeat of the rows in the diagram there is just 1 yarn over, either at the beginning or end of each repeat in width, depending on which row you are on. So there will not be 2 yarn overs next to each other in the pattern. The yarn overs are worked twisted on the next round to avoid any holes. Happy knitting!

Mary Hiley 22.02.2019 - 15:52:

Couple of things. Is the chart for Siri 195-21 to be read back and forth or just right to left?? This affects the lacement of the yarn overs. The stitch count doesn’t seem to work out! The pattern says that when the chart has been completed for M size you should have 112 But the number at the top of the chart says 12 ( which tallies with the number of increases) worked in 8 sections making only 96.

DROPS Design 22.02.2019 kl. 16:39:

Dear Mrs Hiley, diagram A.1 is worked in the round, ie you will read every row from the right towards the left (starting on the bottom corner on the right side). In size M you ahve 32 sts and repeat the 4 sts on row 1 in A.1 a total of 8 times = 32 sts. When A.1 is done, there are 14 sts in each A.1 x 8 repeats = 112 sts. Happy knitting!

Laat een opmerking achter voor DROPS 195-21

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.