DROPS BabyAlpaca Silk
DROPS BabyAlpaca Silk
70% alpaca, 30% zijde
Uit het assortiment
find alternatives
DROPS SS24
DROPS 152-14
DROPS design: Model nr. bs-062
Garengroep A
-----------------------------------------------------------
Maat: S/M – L/XL – XXL/XXXL
Materiaal:
DROPS BABYALPACA SILK van Garnstudio
350-400-550 gr. kleur nr. 2110, maisgeel

DROPS RONDBREINLD (60 of 80 cm) 3 mm - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 24 st x 32 nld in tricotst = 10 x 10 cm.
Telpatroon A.6 en A.7 (= 31 st) zijn 11 cm in de breedte zonder dat u het werk oprekt.
DROPS RONDBREINLD (80 cm) 2.5 mm – voor de boordsteek.
----------------------------------------------------------

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS BabyAlpaca Silk
DROPS BabyAlpaca Silk
70% alpaca, 30% zijde
Uit het assortiment
find alternatives

Instructies voor het patroon

RIBBELST (heen en weer op rondbreinld):
brei alle nld recht. 1 ribbel = 2 nld r.

PATROON:
Zie telpatronen A.1 tot en met A.8. De telpatronen laten het patroon aan de goede kant zien. Zowel de heengaande als de teruggaande naalden zijn weergegeven.
----------------------------------------------------------

BOLERO:
Wordt in 2 delen gebreid vanaf de rand van de mouw tot middenachter. De 2 delen worden dan aan elkaar genaaid middenachter. Neem dan steken op voor de rand in boordsteek langs de opening van de bolero.

RECHTERKANT:
Wordt heen en weer gebreid op de rondbreinld vanaf de onderkant van de mouw.
Zet 98-115-132 st op (incl. 1 kant st aan elke kant) op rondbreinld 2.5 mm met BabyAlpaca Silk. Brei 1 nld av aan de verkeerde kant. Brei de volgende nld als volgt aan de goede kant: 1 kant st in RIBBELST – zie uitleg boven, * 2 st r, 2 st av, 3 st r, 2 st av, 2 st r, 2 st av, 2 st r, 2 st av *, herhaal van *-* 5-6-7 keer in totaal, brei dan * 2 st r, 2 st av, 3 st r, 2 st av, 2 st r *, herhaal van *-* 1 keer in totaal en eindig met 1 kant st in ribbelst. Ga zo verder in boordsteek. Ga bij een hoogte van 10 cm verder met rondbreinld 3 mm. Brei de volgende nld als volgt aan de goede kant: 1 kant st in ribbelst, * A.1 (= 11 st), A.2 (= 6 st) *, herhaal van *-* 5-6-7 keer in totaal, brei dan A.1 (= 11 st) 1 keer in totaal en eindig met 1 kant st in ribbelst. Ga zo verder tot A.1 5 cm meet (het werk meet ongeveer 15 cm). Brei nu A.3 in plaats van A.1 (ga verder in A.2 als hiervoor). Plaats bij een hoogte van 50 cm 1 markeerder in het werk. Brei de volgende nld als volgt aan de goede kant: 1 kant st in ribbelst, * A.4 (= 11 st), A.8 (= 6 st) *, herhaal van *-* 2-3-3 keer in totaal, ** A.4 (= 11 st), A.5 (= 6 st) **, herhaal van **-** 3-3-4 keer in totaal en eindig met A.4 een keer en 1 kant st in ribbelst. Ga zo verder in patroon. Als A.4/ A.5 één keer in de hoogte zijn gebreid, staan er 196-237-268 st op de nld en meet het werk ongeveer 12 cm vanaf de markeerder. Brei dan A.6 in plaats van A.4 en A.7 in plaats van A.5 (ga verder over telpatroon A.8 als volgt: Brei A.8b 1 keer en ga verder met A.8c). Als A.8b een keer in de hoogte is gebreid, staan er 204-249-280 st op de nld.

Zet bij een hoogte van 17-19-21 cm vanaf de markeerder de eerste 110-136-155 st op de nld aan de goede kant op een hulpdraad (brei de st voordat u ze op de hulpdraad zet) = rechtervoorpand. Er staan nu 94-113-125 st op de nld voor het achterpand. Plaats nog een markeerder (de zijnaad wordt later tot hier gesloten) en ga verder in patroon heen en weer over de achterpand st. Zet bij een hoogte van 2-2-3 cm vanaf de markeerder om de nld 5 keer 10 st op een hulpdraad in totaal vanaf de onderkant van het achterpand omhoog richting de hals (dus aan het begin van elke nld aan de verkeerde kant - brei de st voordat u ze op de hulpdraad zet zodat u de draad niet af hoeft te knippen) = 44-63-75 st over op de nld.

Ga verder met rondbreinld 2.5 mm en zet alle st van de hulpdraad terug op de nld en brei TEGELIJKERTIJD de rest van de nld aan de goede kant = 94-113-125 st. Brei 1 nld av aan de verkeerde kant en meerder TEGELIJKERTIJD 10 st gelijkmatig = 104-123-135 st. Brei 1 ribbel in ribbelst over alle st. Zet de eerste 48-59-63 st aan de bovenkant van de hals op een hulpdraad (brei de st voordat u ze op de hulpdraad zet).
Ga dan verder in ribbelst heen en weer over de 56-64-72 st en brei TEGELIJKERTIJD verkorte toeren als volgt:
NLD 1 (= goede kant): 56-64-72 st r (vanaf midden van achterpand naar onderkant), keer het werk.
NLD 2 (= verkeerde kant): brei recht vanaf de onderkant tot er 2 st over zijn op de nld (dus richting midden van achterpand), keer het werk.
NLD 3 (= goede kant): 54-62-70 st r, keer het werk.
NLD 4 (= verkeerde kant): brei recht vanaf de onderkant tot er 4 st over zijn op de nld, keer het werk.
NLD 5 (= goede kant): 52-60-68 st r, keer het werk.
NLD 6 (= verkeerde kant): brei recht vanaf de onderkant tot er 6 st over zijn op de nld, keer het werk.
Ga zo verder tot er 1 ribbel is gebreid over alleen over de buitenste 2 st aan de onderkant van het achterpand = 28-32-36 ribbels.
Brei dan 1 ribbel over alle 104-123-135 st (ook de st op de hulpdraad), Kant losjes alle st af.
De bolero is nu gebreid tot het midden van het achterpand, dus halverwege.

LINKERKANT:
Zet op en brei als de rechterkant maar in spiegelbeeld. Dus als u st voor het voorpand op een hulpdraad zet, dan doet u dit aan de verkeerde kant (niet de goede kant) en als u st van het achterpand op een hulpdraad zet, dan doet u dit aan het begin van elke nld aan de goede kant (niet de verkeerde kant).

AFWERKING:
Naai de mouwnaden dicht met de zijkanten tegen elkaar in de buitenste lusjes van de kant st tot de markeerder op 50 cm, naai dan verder de zijnaad zodat de zijkant van het voorpand aan de zijkant van het achterpand genaaid wordt tot de markeerder. Naai de naad middenachter dicht.

RAND IN BOORDSTEEK:
Neem st op langs de opening van de bolero - dus omhoog langs het rechtervoorpand, langs de hals op het achterpand, naar beneden langs het linkervoorpand en dan langs het achterpand als volgt: neem aan de goede kant ongeveer 340 tot 380 st op (incl. de st op de hulpdraden) met rondbreinld 2.5 mm en brei in de rondte op de nld als volgt: brei 1 nld av, brei dan 1 nld recht en meerder TEGELIJKERTIJD gelijkmatig tot 390-416-468 st. Ga verder en brei boordsteek als volgt: * brei A.3 (= 11 st), 2 st av *, herhaal van *-* de hele rondte. Brei tot de boordsteek 3 cm meet, meerder dan elk 3e av-deel tot 3 av st = 420-448-504 st. Herhaal dit meerderen als de rand 7 cm meet, maar verplaats het meerderen zodat er in elke herhaling zodat er 2 av-delen zijn met 3 av st tussen elk av-deel met 2 av st = 450-480-540 st. Kant als de rand 8 cm meet losjes af met recht boven recht en averecht boven averecht - LET OP: voorkomt een strakke afkantrand en maak 1 omsl na ongeveer elke 6e of 12e st en kant deze omsl af alsof het gewone st zijn.

Telpatroon

symbols = recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
symbols = averecht aan de goede kant, recht aan de verkeerde kant
symbols = brei 2 st in dezelfde st
symbols = 1 omsl tussen 2 st
symbols = 2 st r samen
symbols = 1 st r afh, 1 st r, afgeh st overh
symbols = 1 st r afh, 2 st r samen, afgeh st overh
diagram
diagram
diagram

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Laat een opmerking achter voor DROPS 152-14

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (30)

country flag Terttu Matilainen wrote:

Kun erotetaan selkäkappaleen silmukat ja niillä jatketaan, niin etupuolelle muodostuu "porras". Miten tämä kohta pitää neuloa?

22.02.2023 - 14:39

DROPS Design answered:

Hei, silmukat neulotaan ennen kuin ne siirretään apulangalle. Eli reunasta tulee tasainen.

22.02.2023 - 16:23

country flag Terttu Matilainen wrote:

DROPS 152-14 malli 062 neulomatta Miten pitsineuleohjeissa A1 ja A3 silmukkamäärän pitäisi pysyä samana vaikka keskellä on kaksi langan kiertoa ja vain 1 silmukka vähenee kolmesta = kun nosta 1 oikein neulomatta, neulotaan kaksi yhteen ja vedetään nostettu kavennuksen yli

29.12.2022 - 20:52

DROPS Design answered:

Silmukkaluku pysyy samana, koska työstä kavennetaan 2 silmukkaa: Nosta 1 silmukka oikein neulomatta, neulo 2 silmukkaa yhteen (työstä kapenee yksi silmukka) ja vedä nostettu silmukka kavennuksen yli (nyt työstä kapenee toinen silmukka).

02.01.2023 - 17:59

country flag Anniina wrote:

Hi, I don't think I am getting this right. When I measure my wrist, the correct number of loops should be closer to 40 than to 100. If I follow the instructions, there is no way my sleeve is going be correct size. Am I misunderstanding something? Thank you! PS. Apparently comments in Finnish don't go through, please check why.

08.08.2021 - 08:59

DROPS Design answered:

Dear Anniina, please take it into consideration, that you are using a relatively thin yarn with small needles AND a kind of ribbing that pulls in the knitted fabric. However, you should always make a gauge swatch, if in doubt, knit a swatch with the pattern too, wash it, and recalculate the stitch number of necessary. Happy Stitching!

08.08.2021 - 23:11

country flag Karine Grenet wrote:

Bonjour, je suis arrivée au moment ou je dois continuer avec l\\\'aiguille circulaire 2.5 et je suis un peu perdue car j\\\'ai toujours en attente les 110 mailles qui correspondent au devant droit. A quel moment je dois les reprendre?

05.09.2018 - 16:39

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Grenet, les 110 mailles en attente pour le haut du dos seront ensuite assemblées aux 110 m en attente de l'autre partie, vous ne tricotez plus ces mailles, vous continuez simplement sur les 94 m du bas de l'ouvrage que vous augmentez à 104 m et tricotez ensuite des rangs raccourcis (pour créer le petit gousset que l'on voit sur la 2ème photo). Bon tricot!

06.09.2018 - 08:23

country flag Claire Daoust wrote:

Si je ne désire pas faire la partie en rangs raccourcis, où dois-je arrêter ? Quels sont les modifications que je dois y apporter. Merci beaucoup

28.07.2017 - 18:23

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Daoust, les rangs raccourcis font partie intégrante du modèle et permettent de donner la forme souhaitée au dos, si vous ne les faites pas, vous aurez un résultat complètement différent. Bon tricot!

31.07.2017 - 09:19

country flag Claire Daoust wrote:

Le module A.7 ne devrait-il pas avoir le même nombre de lignes que A.6. Sinon, j'ai besoin d'explications.

25.07.2017 - 23:47

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Daoust, ces 2 diagrammes ne se répètent pas sur le même nombre de rangs, mais quand A.7 est terminé, reprenez au 1er rang et continuez A.6 comme avant. Bon tricot!

26.07.2017 - 09:01

country flag Marion Walter wrote:

Hallo, werden die 5 x 10 stillgelegten Maschen auf der entgegengesetzten Seite gestrickt? Sprich die Seite entgegengesetzt der 136 stillgelegten Maschen?

28.03.2017 - 11:33

DROPS Design answered:

Liebe Frau Walter, nach 19 cm sind die 136 M (= re. Vorderteil) nicht mehr gestrickt, sonder stillgelegt. Dann werden die verkürzten Reihen am Anfang jeder Rück-R gestrickt, dann alle Maschen für den Rücken gestrickt und noch verkürzte Reihen mit kleineren Nadeln gestrickt. Viel Spaß beim stricken!

28.03.2017 - 11:45

country flag Rita Pedersen wrote:

Hejsa.. jeg har fundet fejlen... og det var en fejl 40... ups

25.01.2017 - 17:44

country flag Rita Pedersen wrote:

Hovsa.. jeg laver str S

23.01.2017 - 14:16

DROPS Design answered:

Hej Rita. Godt at du er kommet videre. God fornöjelse.

26.01.2017 - 11:51

country flag Rita Pedersen wrote:

Jeg har strikket de første 50 cm og kan simpelthen ikke få næste række til at passe med både mønster og masker.. hvad gør jeg forkert? jeg strikker A4 og A8 2 gange og A4 og A5 2,5 gang så har jeg ikke flere masker altså første række af diagram...

23.01.2017 - 13:34

DROPS Design answered:

Hej Rita. Hvilken str laver du? Saa kan jeg kigge lidt hurtigere med :) Tak

23.01.2017 - 14:05