DROPS Muskat
DROPS Muskat
100% katoen
vanaf 1.60 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 6.40€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS Super Sale

Wonder Wave

Gebreid DROPS vest met korte mouwen, golvenpatroon en ronde pas van ”Muskat”. Maat 3 tot en met 12 jaar.

DROPS Children 22-22
DROPS design: Model nr. R-030-bn
---------------------------------------------------------
Maat: 3/4 - 5/7 - 8/10 - 11/12 jaar
Maat in cm: 98/104-110/122-128/140-146/152
Materiaal: DROPS MUSKAT van Garnstudio
200-200-250-250 gr. kleur nr. 04, lichtpaars.

DROPS BREINLD ZONDER KNOP en RONDBREINLD (80 cm) 4 mm - of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 23 st x 28 nld in golvenpatroon = 10 x 10 cm.
1 Herhaling van het patroon meet ongeveer 6 cm in de breedte.
DROPS hoekig zilveren knopen nr. 534: 3 stuks.
---------------------------------------------------------

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Muskat
DROPS Muskat
100% katoen
vanaf 1.60 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 6.40€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS Super Sale

BESPAAR 30% op 6 katoenfavorieten!
Geldit tot en met 12.04.2024

Instructies voor het patroon

GOLVENPATROON:
Zie telpatronen M.1 en M.2. De telpatronen geven de goede kant van het werk weer. Zowel de heengaande als de teruggaande naalden zijn weergegeven.

RIBBELST (in de rondte op breinld zonder knop/rondbreinld):
* brei 1 nld recht en brei 1 nld av *, herhaal van *-*.

KNOOPSGATEN:
Maak knoopsgaten op de rechter voorbies aan de goede kant. 1 Knoopsgat = kant de 3e voorbies st vanaf de kant af en zet in de volgende nld 1 nieuwe st op boven de afgekante st.
Maak knoopsgaten bij een hoogte van:
MAAT 3/4 jaar: 18, 23 en 27 cm
MAAT 5/7 jaar: 20, 25 en 29 cm
MAAT 8/10 jaar: 21, 27 en 31 cm
MAAT 10/12 jaar: 23, 29 en 33 cm
LET OP: Het laatste knoopsgat wordt gemaakt in de eerste nld na telpatroon M.2.
---------------------------------------------------------

LIJF:
Wordt heen en weer gebreid op de rondbreinld van middenvoor naar middenvoor.
Zet losjes 152-166-180-194 st op (incl 5 voorbies st aan iedere kant middenvoor) met rondbreinld 4 mm en Muskat. Brei de eerste nld als volgt aan de goede kant: * 10 st r, 2 st recht samen *, herhaal van *-* tot er 8-10-12-14 st over zijn, brei deze st recht = 140-153-166-179 st. Brei dan 3 nld recht heen en weer op de nld. Ga verder met telpatroon M.1 en 5 voorbies st aan iedere kant midddenvoor in ribbelst tot het werk klaar is. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Brei bij een hoogte van ongeveer 16-18-18-19 cm (pas zo aan dat er nog 1 nld te breien is van telpatroon M.1) de volgende nld als volgt (= verkeerde kant): brei 34-37-41-44 st, kant losjes 7-7-6-6 st af voor de armsgaten, brei 58-65-72-79 st, kant losjes 7-7-6-6 st af voor de armsgaten en brei de rest van de nld (= 34-37-41-44 st).
Laat het werk rusten en brei de mouwen.

RECHTER MOUW:
Wordt in de rondte gebreid op breinld zonder knop.
Zet 59-59-74-74 st op met breinld zonder knop 4 mm en Muskat. Brei de eerste nld als volgt: * 6 st r, 2 st recht samen *, herhaal van *-* tot er 3-3-2-2 st over zijn, brei deze st recht = 52-52-65-65 st. Brei dan 1 nld av, brei 1 nld recht en brei 1 nld av. Plaats een markeerder aan het begin van de nld. Ga verder met telpatroon M.1 - begin met de 11e-1e-4e-7e st van het telpatroon, tel vanaf rechts (brei voor de maten 3/4 jaar en 8/10 jaar de eerste st recht en brei aan het einde van de nld deze rechte st samen met de laatste st op de nld). Ga zo verder in patroon tot het werk ongeveer 3-4-4-5 cm meet (pas zo aan dat er nog 1 nld van telpatroon M.1 te breien is). Kant in de volgende nld de EERSTE 6-6-7-7 st af, brei dan de rest van de nld = 46-46-58-58 st.

LINKER MOUW:
Zet op en brei als de rechter mouw maar kant bij een hoogte van 3-4-4-5 cm als volgt:
Maat 3/4 en 8/10 jaar: kant de EERSTE 6-7 st op de nld af.
Maat 5/7 en 11/12 jaar: kant de LAATSTE 6-7 st op de nld af.
(Dit is belangrijk zodat het patroon netjes doorloopt op de pas).

PAS:
Zet de mouwen op dezelfde rondbreinld als het lijf waar afgekant is voor de armsgaten = 218-231-270-283 st. LET OP: Het is heel belangrijk dat de rechter mouw aan de rechterkant en de linker mouw aan de linkerkant komt zodat het patroon goed uitkomt.
Ga verder met telpatroon M.2 – begin bij de pijl voor de juiste maat - met 5 voorbies st in ribbelst aan iedere kant (= 16-17-20-21 patroonherhalingen in de rondte).
Maak TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 18-20-21-23 cm knoopsgaten - zie uitleg boven.
Als telpatroon M.2 een keer in de hoogte is gebreid, zijn er 90-95-110-115 st over op de nld. Brei de volgende nld als volgt aan de goede kant: 5 st r (en maak TEGELIJKERTIJD nu het laatste knoopsgat), * 2 st recht samen, 1 st r *, herhaal van *-* tot er 7-6-6-5 st over zijn en brei deze st recht = 64-67-77-80 st. Brei 3-3-5-5 nld recht heen en weer op de nld en kant dan af met rechte st aan de goede kant.

AFWERKING:
Naai de openingen onder de mouwen samen en naai de knopen aan.

Dit patroon is gecorrigeerd.

Gewijzigd online: 02.05.2012
LINKER MOUW:
Zet op en brei als de rechter mouw maar kant bij een hoogte van 3-4-4-5 cm als volgt:
Maat 3/4 en 8/10 jaar: kant de EERSTE 6-7 st op de nld af.
Maat 5/7 en 11/12 jaar: kant de LAATSTE 6-7 st op de nld af.
(Dit is belangrijk zodat het patroon netjes doorloopt op de pas).

Telpatroon

symbols = Recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
symbols = Recht aan de verkeerde kant
symbols = 1 omsl tussen 2 st
symbols = 2 st recht samen
diagram
diagram
Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Wonder Wave

Sonja Eliassen, Norway

Wonder Wave

Becky, United Kingdom

Laat een opmerking achter voor DROPS Children 22-22

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (177)

country flag Trish wrote:

For the decreasing in the yoke size 10 -12 is it 1 st at the beginning them 2 sts every 11 sts Thamks

18.01.2019 - 13:11

DROPS Design answered:

Dear Trish, the decreases for yoke are included in diagram M.2 - start at the very bottom row in the largest size and work each repeat as in diagram, you will start decrease on row 17 while working more dec than YO. Continue working and decreasing as shown in diagram = there are 5 sts in each M.2 when diagram has been finished. Happy knitting!

18.01.2019 - 14:32

country flag Eipie wrote:

Hi, When knitting right sleeve beginning with M1 row. I inserted a marker before this row. At the end of round one I am to knit the first stitch of the round with the last stitch of the first round to make a K 2 tog. The marker then ends up between the two stitches. Question: Should I now place it after the K 2 tog at the end of first round of M1? Thanks.

23.11.2018 - 06:02

DROPS Design answered:

Dear Eipie, the beginninjg of the round will be just before the last K2 tog so that M.1 starts with 1st stitch. Happy knitting!

23.11.2018 - 10:49

Lina wrote:

Re pattern Wonder Wave 22/22 drops children - On the right sleeve, I do not understand what you mean by "Continue with diagram M.1 - beg in the 11th-1st-4th-7th sts in diagram, count from the right (in size 3/4 and 8/10 years, K first st, and at the end of round K this st tog with the last st on round)." Can you please clarify what 'beg in the 11th-1st-4th-7th sts in diagram means'. Thank you.

27.07.2018 - 04:11

DROPS Design answered:

Hi Lina, The 4 different numbers refer to the 4 different sizes, so you choose the number applicable to your size. Happy knitting!

27.07.2018 - 09:03

country flag Noëlline Chouinard wrote:

Est ce qu'il y a un empiècement qu'on fait à part ou que c"est en continuité. C'est la première fois que j'essaie un patron. Merci!

20.06.2018 - 01:32

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Chouinard, on tricote d'abord le dos et les devants (en commençant par le devant droit en début de rang sur l'endroit) jusqu'aux emmanchures, on rabat les mailles des emmanchures et on met en attente. On tricote ensuite les manches et on place ensuite les mailles des manches sur la même aiguille que le dos et le devant, au-dessus des mailles rabattues pour les emmanchures (voir vidéo de la technique) et on tricote l'empiècement en diminuant grâce à M.2. Bon tricot!

20.06.2018 - 08:23

country flag Tarja wrote:

Hei taas, esitin asiani epäselvästi edellisessä kysymyksessäni eli kun teen kuviota M. 2 niin siinähän silmukoiden määrä vähenee. Minun työssäni alun 231:stä 95:en joten jossainhan kavennusten on tapahduttava. Kavennetaanko siis jokaisen mallikerran molemmin puolin kutomalla 2 silmukkaa yhteen nurjalla puolella. Siltä näyttää koska kuviossa mallikerta kapenee ylös edetessä. Vai miten pitää menetellä?

18.05.2018 - 15:14

DROPS Design answered:

Kavennukset tehdään oikean puolen kerroksilla, esim. piirroksen 17. kerroksella mallikerrasta kapenee 2 silmukkaa. Nämä kavennukset tapahtuvat siten, että mallikerran keskellä tehdään vain 2 langankiertoa vaikka mallikerrassa kavennetaan 4 silmukkaa.

21.05.2018 - 14:28

country flag Tarja wrote:

Työstän kuviota M.2. Haluan varmistaa, että olen ymmärtänyt oikein eli kavennanko työn keskellä jokaisen mallikerran alussa ja lopussa nurjalla puolella kutomalla 2 silmukkaa yhteen?

17.05.2018 - 19:50

DROPS Design answered:

Hei, kaikki piirroksen M.2 kavennukset tehdään oikealla puolella. Nurjalla neulotaan joko nurjaa tai oikeaa, piirroksen mukaisesti. Eli piirroksen ensimmäinen kerros neulotaan oikealta puolelta.

18.05.2018 - 14:05

country flag Karin Bodin wrote:

Snälla skriv hur första mönstervarvet börjar på höger ärm .Inta bara att jag ska starta i 4: maskan utan fortsättningen och hur jag ska sluta varvet . Tack !

05.05.2018 - 10:55

DROPS Design answered:

Hei Karin. Jeg regner med du strikker str 8/10 siden du referte til 4 masken. Du begynner med den 4 masken fra høyre på M.1, og siden dette er en del av en felling strikkes denne masken rett, som beskrevet i oppskirften. Så strikkes M.1 videre som anvist: en rett, ett kast, en rett, et kast, en rett, ett kast osv. Den siste masken på omgangen strikkes rett sammen med den første masken. Fortsett M.1 oppover. God fornøyelse

07.05.2018 - 14:32

country flag Sandra Topke wrote:

Ich verstehe M2 nicht, was bedeuten die Einrücker in Reihe 18, 26 und 34?

16.04.2018 - 17:04

DROPS Design answered:

Liebe Frau Topke, bei der 18. , 26., 34. und 42. Reihe werden Sie 2 Maschen in jedem Rapport abnehmen, z.B. bei der 18. Reihe nehmen Sie 4 Maschen (= 4 x 2 M re zs) ab und stricken nur 2 Umschläge = 2 M werden abgenommen. Wenn M.2 fertig in der Höhe ist, bleiben nur 5 M übrig in jedem Rapport. ;Viel Spaß beim stricken!

17.04.2018 - 08:40

country flag Maria wrote:

Nel frattempo ho rifatto da capo la manica e ho capito come funziona il 1° giro del diagramma M1 e sono quindi riuscita a farlo. Grazie lo stesso.

25.03.2018 - 18:28

country flag Maria wrote:

Grazie per la risposta. Sto ora facendo la taglia 8/10 anni e nelle maniche non riesco a capire il 1° giro del diagramma M1, dove si dice di cominciare dalla 4^ m del diagramma lavorando a diritto la prima maglia e poi di lavorarla alla fine del giro a diritto insieme all'ultima. Così facendo non mi viene il motivo giusto: mi risultano solo 3 volte 2 m ins, a diritto anziché 4 volte. dove sbaglio? Grazie per l'aiuto.

25.03.2018 - 15:18