DROPS / 113 / 12

Rosenknopp by DROPS Design

DROPS bolero van ”Cotton Viscose” en ”Kid-Silk” met gehaakte randen. Maat XS - XXL

DROPS design: Model nr. KS-025
----------------------------------------------------------
Maat: XS - S – M – L – XL – XXL
Materiaal: DROPS COTTON VISCOSE
250-250-250-300-300-350 gr kleur nr. 28, lichtroze
50 gr voor alle maten kleur nr. 27, lila
En gebruik: DROPS KID-SILK
75-75-75-100-100-100 gr kleur nr. 03, lichtroze

DROPS BREINLD 5 mm – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 17 st x 22 nld in tricotst met 1 draad van iedere kwaliteit = 10 x 10 cm.
DROPS HAAKNLD 3.5 mm
DROPS Parelmoerknoop, nr. 522: 1 stk.

Heeft u deze of een van onze andere ontwerpen gemaakt? Tag uw afbeeldingen in social media met #dropsdesign, zodat we ze kunnen zien!

Wilt u een ander garen gebruiken? Probeer de garenvervanger!
Weet u niet zeker welke maat u moet kiezen? Dan is het misschien zinvol om te weten dat het model in de afbeelding ongeveer 170 cm is en maat S of M heeft. Wanneer u een trui, vest, jurk of vergelijkbaar kledingstuk maakt, dan kunt u onderaan het patroon een schema vinden met de afmetingen van het uiteindelijke kledingstuk (in cm).
DROPS Cotton Viscose DROPS Cotton Viscose
54% katoen, 46% viscose
Uit het assortiment
find alternatives

75% mohair, 25% zijde
vanaf 4.50 € /25g
DROPS Kid-Silk uni colour DROPS Kid-Silk uni colour 4.50 € /25g
Wolplein.nl
Bestel
DROPS Kid-Silk long print DROPS Kid-Silk long print 4.50 € /25g
Wolplein.nl
Bestel
Naalden & Haaknaalden

Instructies voor het patroon

RIBBELST (heen en weer gebreid op de nld):
brei alle nld r.

TIP VOOR HET MEERDEREN (voorpand): Meerder 1 st middenvoor naast de 5 voorbies st door 1 omsl te maken. Brei de omsl in de teruggaande nld gedraaid om een gaatje te voorkomen.

TIP VOOR HET MINDEREN (hals):
Maak alle minderingen aan de goede kant.
Minder als volgt na de 5 ribbelst: 1 st r afh, 1 r, afgeh st overh
Minder als volgt voor de 5 ribbelst: 2 st r samenbreien.
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

ACHTERPAND: Zet 58-64-70-78-88-98 st op (inclusief 1 kant st aan iedere kant) met nld 5 mm en 1 draad Kid-Silk en 1 draad lila Cotton Viscose (= 2 draden). Brei 4 nld tricotst (eerste nld = goede kant), ga verder met 1 draad Kid-Silk en 1 draad lichtroze Cotton Viscose. Brei 1 nld recht aan de goede kant, brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, brei 5 nld tricotst en brei 1 nld recht aan de verkeerde kant. Ga verder in tricotst. DENK OM DE STEKENVERHOUDING!
Meerder bij een hoogte van 6 cm 1 st aan iedere kant en herhaal dit meerderen iedere 2-2-2.5-2.5-3-3 cm in totaal 5 keer = 68-74-80-88-98-108 st. Kant bij een hoogte van 18-19-20-21-22-23 cm af voor de armsgaten aan iedere kant aan het begin van iedere nld: 1-1-1-1-2-3 x 3 st, 0-1-1-2-3-3 x 2 st en 1-1-3-4-3-4 x 1 st = 60-62-64-66-68-70 st. Brei bij een hoogte van 33-35-37-39-41-43 cm 4 nld ribbelst – zie boven – over 26-26-28-28-30-30 st middenachter (brei de overige st als hiervoor). Kant nu de middelste 16-16-18-18-20-20 st af voor de hals = 22-23-23-24-24-25 st over voor iedere schouder. Brei iedere schouder apart verder met 5 ribbelst langs de hals en kant af bij een hoogte van 36-38-40-42-44-46 cm.

RECHTER VOORPAND: Zet 22-25-27-31-35-40 st op (inclusief 1 kant st aan de zijkant en 5 voorbies st middenvoor) met nld 5 mm en 1 draad Kid-Silk en 1 draad lila Cotton Viscose.
Ga verder als beschreven voor het achterpand, maar met 5 voorbies st middenvoor in ribbelst. Meerder na 2 nld 1 st middenvoor – ZIE TIP VOOR HET MEERDEREN – en herhaal dit meerderen om de nld in totaal 12-12-13-13-14-14 keer – brei de gemeerderde st in tricotst.
Meerder TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 6 cm aan de zijkant als beschreven voor het achterpand. Maak als alle meerderingen middenvoor gerdaan zijn na 1 cm 1 knoopsgat aan de goede kant als volgt: brei de 3e en 4e st vanaf middenvoor samen en maak 1 omsl. Na het meerderen aan de zijkant staan er 39-42-45-49-54-59 st op de nld en is het werk ongeveer 14-14-16-16-18-18 cm hoog. Brei nu 2 nld ribbelst heen en weer over alleen de 5 voorbies st en ga dan verder over alle st. Minder in de volgende nld aan de goede kant 1 st voor de hals – ZIE TIP VOOR HET MINDEREN - iedere nld vanaf middenvoor in totaal 4 keer en dan om de nld vanaf middenvoor in totaal 9-9-10-10-11-11 keer.
Kant TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 18-19-20-21-22-23 cm af voor het armsgat aan de zijkant als beschreven voor het achterpand. Als alle minderingen voor het armsgat en de hals zijn gedaan, zijn er 22-23-23-24-24-25 st over voor de schouder. Kant af bij een hoogte van 36-38-40-42-44-46 cm.

LINKER VOORPAND: Als het rechter voorpand, maar in spiegelbeeld en zonder knoopsgat.

MOUW:
Zet 44-46-48-50-52-54 st op (inclusief 1 kant st aan iedere kant) met nld 5 mm en 1 draad Kid-Silk en 1 draad lila Cotton Viscose. Brei 5 nld tricotst (eerste nld = goede kant), brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, en brei 4 nld tricotst. Ga verder met 1 draad Kid-Silk en 1 draad lichtroze Cotton Viscose. Brei 1 nld recht aan de goede kant, Brei 1 nld recht aan de goede kant, brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, brei 5 nld tricotst, brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, 5 nld in tricotst en 1 nld recht aan de verkeerde kant. Ga nu verder in tricotst.

Meerder TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 15-15-14-14-14-13 cm 1 st aan iedere kant elke 6-5-4.5-3.5-3-3 cm in totaal 6-7-8-9-10-11 keer = 56-60-64-68-72-76 st. Kant bij een hoogte van 50-49-48-47-46-45 cm (minder cm voor de grootste maten voor een grotere mouwkop en bredere schouders) af voor de mouwkop aan iedere kant aan het begin van iedere nld: 1 x 3 st, 3 x 2 st en 1-2-3-4-5-6 x 1 st, dan 2 st aan iedere kant tot en hoogte van 56 cm, kant nu 1 x 3 st af aan iedere kant en kant de overgebleven st af in de volgende nld. De mouw is ongeveer 57 cm hoog.

AFWERKING: Naai de schoudernaden. Naai de mouwen in het vestje en naai de zij- en mouwnaden in de kant st. Naai de knoop aan.

PICOTRAND: Haak picotranden met Cotton Viscose en haaknld 3.5 mm in alle av nld aan de goede kant, langs de onderkant van het lijf en de mouwen en langs de opening van het voorpand als volgt:
1 rand langs de onderkant met lila
1 rand rond de opening van het voorpand met lila
2 randen,1 in iedere av nld aan de onderkant van het lijf met lichtroze
5 randen op de mouwen, de 2 onderste met lila en de 3 andere met lichtroze.
1 picot rand = 1 v in de eerste st, * 4 l, 1 v in de eerste l (= 1 picot), sla 1 st over, 1 v in volgende st *, herhaal van *-*.
(knip de draad niet af na de rand langs de onderkant, maar ga verder langs het voorpand, rond de hals en langs het andere voorpand).

Dit patroon is gecorrigeerd. .

Gewijzigd online: 24.08.2015
MOUW: Zet 44-46-48-50-52-54 st op (inclusief 1 kant st aan iedere kant) met nld 5 mm en 1 draad Kid-Silk en 1 draad lila Cotton Viscose. Brei 5 nld tricotst (eerste nld = goede kant), brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, en brei 4 nld tricotst. Ga verder met 1 draad Kid-Silk en 1 draad lichtroze Cotton Viscose. Brei 1 nld recht aan de goede kant, Brei 1 nld recht aan de goede kant, brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, brei 5 nld tricotst, brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, 5 nld in tricotst en 1 nld recht aan de verkeerde kant. Ga nu verder in tricotst.

Telpatroon


Heeft u hulp nodig voor dit patroon?

Bedankt dat u een patroon van DROPS Design kiest. We zijn er trots op dat we patronen aanbieden die correct en makkelijk te volgen zijn. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het origineel patroon controleren (DROPS 113-12) voor de afmetingen en de berekiningen.

Heeft u moeite met het volgen van het patroon? Hieronder vindt u een lijst met bronnen die u kunnen helpen om uw project vlot af te maken - of om eenvoudig iets nieuws te leren.

We hebben tevens een stap-voor-stap uitleg voor verschillende technieken, welke u hier kunt vinden.

1) Waarom is de stekenverhouding zo belangrijk?

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

naar boven

2) Wat zijn de garengroepen?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

naar boven

3) Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

naar boven

4) Hoe gebruik ik de garenvervanger?

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

naar boven

5) Waarom krijg ik de verkeerde stekenverhouding met de aangegeven naalddikte?

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

naar boven

6) Waarom wordt het patroon van boven naar beneden gereid?

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

naar boven

7) Waarom zijn de mouwen korter in de grotere maten?

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

naar boven

8) Wat is een herhaling?

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

naar boven

9) Hoe brei ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

naar boven

10) Hoe haak ik volgens een telpatroon?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

naar boven

11) Hoe brei/haak je verschillende telpatronen tegelijkertijd op dezelfde naald/toer

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

naar boven

12) Waarom begint het werk met meer lossen dan waarmee gehaakt wordt?

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

naar boven

13) Waarom meerderen voor de boord als het werk van boven naar beneden gebreid wordt?

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

naar boven

14) Waarom meerderen in de afkantrand?

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

naar boven

15) Hoe meerder/minder je afwisselend op elke 3e en 4e naald/toer?

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

naar boven

16) Waarom is het patroon een beetje anders dan wat ik op de foto zie?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

naar boven

17) Hoe kan ik een vest in de rondte breien, in plaats van heen en weer?

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

naar boven

18) Kan ik een trui heen en weer breien in plaats van in de rondte?

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

naar boven

19) Waarom staan er garens in de patronen die niet meer leverbaar zijn?

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

naar boven

20) Hoe verander ik een kledingstuk voor dames in eentje voor heren?

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

naar boven

21) Hoe voorkom ik dat een harig kledingstuk gaat pillen of pluizen?

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

naar boven

22) Waar op het kledingstuk wordt de lengte gemeten??

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

naar boven

23) Hoe weet ik hoeveel bollen ik nodig heb?

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

naar boven

Heeft u DROPS garen besteld om dit patroon te maken? Dan heeft u recht op hulp van de winkel waar u het garen gekocht heeft. Vind hier een lijst van DROPS winkels!
Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan.. In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Opmerkingen / Vragen (54)

Torunn Bjørgan 20.06.2018 - 16:28:

Går det greit å strikke denne i ull, evt. har dere forslag til garn?

DROPS Design 22.06.2018 kl. 08:10:

Hei Torunn. Det er ikke noe i veien for at du strikker denne i ull, men vær da klar over at ull har en annen tekstur enn bomull, og at plagget vil bli litt annerledes. Ull er for eksempel ofte mer elastisk enn bomull. Det er viktig at strikkefastheten blir overholdt; hvis du velger et garn fra garngruppe A har de tilsvarende strikkefasthet. Du kan bruke vår garnkalkulator for å se hvilke garn du kan bytte med, og hvor mye du trenger. God fornøyelse.

Angela 31.01.2018 - 18:39:

Klopt het patroon wel? Er staat bij het rugpand: Kant bij een hoogte van 18-19-20-21-22-23 cm af voor de armsgaten... Als ik de tekening bekijk dan staat daar dat je 33 cm moet breien.

DROPS Design 07.02.2018 kl. 21:24:

Je kant eerst af voor het armsgaat bij een hoogte van 18-19-20-21-22-23 en dan brei je verder tot een hoogte van in totaal 36-38-40-42-44-46 cm. Het armsgat zelf is 18-19-20-21-22-23. Dit staat aan de linkerkant in het telpatroon aangegeven. De breedte van het vest is 33 cm in de kleinste maat.

Guilane 17.05.2017 - 15:56:

Modello realizzato anche in cotton viscose Garnstudio in altre 3 varianti di colori e di bel effetto.(Panna e 2 variante di Rosa).

Carmen 11.02.2017 - 15:37:

Grazie di rispondere così veloce !! Ora posso procedere con il lavoro.. è bellissimo questo modello. Molto delicato. Complimenti! Grazie ancora!

Carmen 10.02.2017 - 23:23:

Nei suggerimenti per le diminuzioni si trova che le diminuzioni vanno fatte solo sul diritto del lavoro..poi nella spiegazione della diminuzioni per lo scollo si trova "diminuire ad ogni ferro per 4 volte" e poi "diminuire ogni 2 ferri". non capisco bene se non devo diminuire nei ferro di ritorno come s'intende quel "ad ogni ferro". Grazieeee!

DROPS Design 11.02.2017 kl. 00:26:

Buongiorno Carmen. Abbiamo modificato il testo per renderlo più chiaro. Le diminuzioni sono sempre sul diritto del lavoro e diminuisce 1 m ogni 2 ferri in tutto 4 volte e poi 1 m ogni 4 ferri per 9-9-10-10-11-11 volte, a seconda della taglia. Buon lavoro!

Elena 17.03.2016 - 22:57:

Dove trovo spiegazione x il bordo a picot?

DROPS Design 17.03.2016 kl. 23:08:

Buonasera Elena. Trova la spiegazione del bordo picot nelle ultime righe del testo. Buon lavoro!

Lena Arnryd 06.12.2015 - 21:17:

Om man ska sticka hela arbetet med en tråd av varje garnsort, hur kommer det sig att det går åt så olika mycket ? 250 gram av cotton viscose men endast 75 gram av kid silk?

DROPS Design 07.12.2015 kl. 08:11:

Hej. Det beror på att det är olika antal meter per nystan i de olika garnerna, kid-silk är 200 m/25 g och cotton viscose är 110 m/50 g. Lycka till!

Dorothy 04.11.2015 - 22:23:

Lorsqu'on commence le devant, est-ce que les augmentations commencent après ''2 rangs'' à partir du début ou 2 rangs après les 6 cm de hauteur totale ? Merci

DROPS Design 05.11.2015 kl. 09:01:

Bonjour Dorothy, les augmentations commencent dès le 2ème rang du devant. Bon tricot!

I.L. Hendriks 16.08.2015 - 21:52:

Nog een vraag: bij het minderen voor de mouwkop staat in de NLvertaling dat ik in élke naald moet minderen, maar dat komt niet uit. In De Duitse vertaling staat dat ik alleen in de réchtsgebreide naalden moet minderen. Welke van de instructies klopt: de Nederlandse of de Duitse?

DROPS Design 25.08.2015 kl. 16:05:

Hoi Irene. De Nederlandse beschrijving is correct - je mindert aan het begin van elke nld (ook volgens het originele Noorse patroon).

Irene Hendriks 16.08.2015 - 13:15:

Volgens mij zijn er in de NL-vertaling twee fouten geslopen: bij de mouwen kom je uit op 3 ribbels ipv 4 zoals in het Noorse patroon, de 3e ribbel in roze is in de omschrijving weggevallen. Verder staat in de NL-vertaling dat je de picotjes in elke averechtse naald moet breien. In de Noorse vertaling staat: in elk ribbel, en staat duidelijker omschreven hoe je dat moet doen. Misschien iets om aan te passen in de Nederlandse vertaling?

DROPS Design 25.08.2015 kl. 16:05:

Hoi Irene. De ribbels waren inderdaad verkeerd, ze hebben de vertaling nu aangepast. De picots zijn wel correct - de averechte naald is de ribbel - het is hoe je het leest. Verder staat de uitleg onderaan.

Laat een opmerking achter voor DROPS 113-12

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.