DROPS Karisma
DROPS Karisma
100% wol
vanaf 2.65 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 23.85€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS SS24
DROPS Baby 3-7
Jasje
Maat: 3 - 6/9 - 12/18 maanden (2 -3) jaar
Vergeleken in cm: 56 - 62/68 - 74/80 (86/92 - 98/104)
Materialen: Karisma Superwash
150-150-200 (200-200) gr nr. 7, blauw of 1, natuur
50-50-50 (50-50) gr nr. 41, lichtblauw of 37, blauw
50-50-50 (50-50) gr nr. 42, mint of 50, grijsgroen
50-50-50 (50-50) gr nr. 52, geel of 39, heidekruid
50-50-50 (50-50) gr nr. 26, roze of 51, grijsblauw
DROPS Knopen: 5-5-5 (6-6) stk
DROPS Rondbreinld en sokkenbreinld nr. 2,5 en 3,5

Muts en sokken:
Maat: omtrek van de muts: 42-46-48 (50-51) cm.
Materialen: Karisma Superwash
150-150-200 (200-200) gr nr. 7, blauw of 1, natuur
DROPS rondbreinld nr. 3,5.
DROPS haaknld nr. 3.

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Karisma
DROPS Karisma
100% wol
vanaf 2.65 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 23.85€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon

TRUI:

Stekenverhouding:
21 st x 28 nld op breinld nr. 3,5 in tricotst = 10 x 10 cm.

Rib: *1 r, 1 av*, herhaal steeds *-*
VERTALING DIAGRAM:
= blauw / natuur
= lichtblauw / blauw
= mint / grijsgroen
= geel / heidekruid
= roze / grijsblauw

Rug- en voorpand: Het jasje wordt vanaf het midden van het voorpand heen en weer gebreid op rondbreinld. Zet met rondbreinld nr. 2,5 met blauw (natuur) 106-116-124 (132-132) st op en brei 3-3-3 (3-4) cm Rib, wissel naar rondbreinld nr. 3,5 en brei 1 nld tricotst en tegelijkertijd 2-4-8 (12-24) st gelijkmatig meerd op deze nld = 108-120-132 (144-156) st. Maat 3 + 6/9 maanden: 1-3 nld blauw, diagram M.1 breien. Maat 12/18 maanden (2-3 jaar): het diagram M.2, 2 (3-4) cm blauw en het diagram M1 breien.
Deel bij 15-16-18 (20-19) cm het werk op deze manier: 27-30-33 (36-39) st voorpand, 54-60-66 (72-78) st rugpand, 27-30-33 (36-39) st voorpand. Elke deel wordt apart af gebreid.

Rechter voorpand: = 27-30-33 (36-39) st. Kant af voor het armsgat op elke 2e nld: 3 st 1 keer, 1 st 1-2-2 (2-1) keer = 23-25-28 (31-35) st. Als het diagram M.1 voltooid is, met blauw breien tot een totale hoogte van 23-25-28 (31-34) cm. Brei vervolgens het diagram M.2 – en kant tegelijkertijd bij 23-25-28 (31-34) cm st af voor de halsopening op elke 2e nld: 8-10-11 (12-15) st 1 keer, 2 st 1 keer, 1 st 1 keer. Als het diagram M.2 voltooid is, de overige 2-12-14 (16-17) st afkanten. Het voorpand heeft een totale hoogte van ca 27-29-32 (35-38) cm.

Linker voorpand: als het rechter voorpand.

Rugpand: = 54-60-66 (72-78) st. Kant af voor de armsgaten aan de weersz en brei het motief als op de voorpanden = 46-50-56 (62-70) st. Kant bij 25-27-30 (33-36) cm de middelste 18-22-24 (26-32) st af voor de halsopening. Kant vervolgens af aan de halszijden op elke 2e nld: 2 st 1 keer. Kant na het diagram M.2. de overige 12-12-14 (16-17) st op elke schouder af. Het rugpand heeft een totale hoogte van ca 27-29-32 (35-38) cm.

Mouwen: zet met sokkenbreinld nr. 2,5 en blauw (natuur) 32-38-42 (46-50) st op en brei 3-3-3 (3-4) cm Rib. Wissel naar breinld nr. 3,5 en brei het diagram M.4 (zorg ervoor dat één rapport van alle patronen op het midden van de mouw komen zitten). Tegelijkertijd meerd in het midden onder de mouw 2 st 9-9-9 (8-15) keer, in maat 3 maanden: op elke 3e nld, in maat 6/9 maanden: afwisselend op elke 3e en 4e nld, in maat 12/18 maanden: afwisselend op elke 4e en 5e nld, in maat 2 jaar: op elke 6e nld en in maat 3 jaar: op elke 4e nld = 50-56-60 (62-80) st. Brei na het diagram M.4 door met blauw tot een hoogte van 14-19-21 (23-26) cm. Brei nu het diagram M.5 en M.3 en daarna wordt de rest van de mouw met blauw gebreid. Kant bij 20-24-26 (28-31) cm 6 st af in het midden onder de mouw, en de rest van de mouw wordt heen en weer op de nld gebreid. Kant vervolgens af op elke 2e nld: 4 st 2-3-3 (3-3) keer. Kant af bij een totale hoogte van ca 22-27-29 (31-34) cm.

Afwerken: sluit de schoudernaad. Neem met breinld nr. 2,5 en blauw ca 66-74 m langs het rechter voorpand en brei 3 cm Rib. Kant af. Herhaal dit op het linker voorpand, maar kant na 1 cm gelijkmatig af voor 5-5-5 (6-6) knoopsgaatjes op de nld - 1 knoopsgaatje = kant 2 st af, zet op de volg nld 2 nieuwe st op over de afgekante st. Naai de knoopjes op het rechter voorpand. Neem met breinld nr. 2,5 en blauw ca 70 - 76 st rondom de halsopening en brei 1,5 cm Rib. Kant af. Naai de mouwen op het rug- en voorpand. Sluit in de uiterste st zodat de naad niet te dik wordt.




MUTS:

Stekenverhouding:
10 x 10 cm = 21 st x 28 nld op breinld nr. 3,5 in tricotst.

Motief: 3 nld blauw *3 nld blauw, diagram M.4, 1 nld blauw, diagram M.5*, herhaal steeds *-* op de hele muts – op nld waar enkele st (bij het diagram M.5) geen deel van het motief maken, deze st met de basiskleur breien (blauw of natuur).

Oorwarmers: zet met breinld nr. 3,5 en blauw (natuur) 4 st op en brei het motief (zie beschrijving hierboven). Tegelijkertijd meerd op elke 2e nld: 1 st 6-8-8 (8-10) keer op deze manier op de rechterkant: brei 2 st in de eerste st. Aan de linkerkant: brei 2 st in de tweedelaatste st = 16-20-20 (20-24) st op de nld. Vervolgens meerderen aan de rechterkant (tegen het voorhoofd) op elke 2e nld: 2 st 2-2-4 (4-4) keer = 20-24-28 (28-32) st. Het werk heeft nu een hoogte van ca 6-7,5-8 (8-9) cm. Leg het werk aan de kant en brei nog een oorwarmer, maar het meerderen tegen het voorhoofd aan de linkerkant.
Zet nu beide oorwarmers op dezelfde nld en zet vervolgens 20-20-20 (20-20) st op tussen de warmers aan de achterkant en 28-28-24 (28-24) st aan de voorkant = totaal 88-96-100 (104-108) st op de nld. Vanaf hier het werk meten! Brei door in het motief. Let op de stekenverhouding!. Kant bij 8-9-10 (11-12) cm 32-40-40 (44-44) st gelijkmatig af op de eerste nld zonder 2 kleuren (vanaf hier alleen afkanten op nld zonder 2 kleuren) = 56-56-60 (60-64) st. Kant na 2 cm 20-20-20 (20-20) st gelijkmatig af. Kant na nog 2 cm 16-16-16 (16-16) st gelijkmatig af. Kant na nog 2 cm 12-12-16 (8-12) st af = 8-8-8 (16-16) st op de nld. Kant na nog 2 cm alle st af in de kleinste maten. Brei op de 2 grootste maten (8-8) st gelijkmatig af, brei 2 cm, en kant de laatste st af. Trek een draad 2 keer door de afgekante st en sluit de top van de muts goed vast. Haak vervolgens 1 rij v met blauw langs de hele rand van de muts. Haak vervolgens nog 1 rij met roze (voor de meisjes) of lichtblauw (voor de jongens). Maak een blauw (of roze) kwastje (ca 5 cm lang) en naai deze vast op de 4 st beneden bij de oor.




SOKKEN:

Stekenverhouding:
22 st = 10 cm breed op breinld nr. 3,5 in tricotst.

Rib: *1 r, 1 av*, herhaal steeds *-*.

Gerstekorrelst: *1e nld: 1 r, 1 av op de hele nld. 2e nld: r op av en av op r breien* herhaal steeds de 2e nld.

Sok: zet met sokkenbreinld nr. 2,5 en blauw 48-50-52 (54-56) st op en brei 10-12-12 (13-14) cm Rib. Brei tegelijkertijd bij 4-5-5 (5-6) cm 3 st r aan het midden van de achterkant, brei 4 nld en kant vervolgens de 3 r st af = 44-46-48 (50-52) st. Wissel bij 10-11-12 (13-14) cm naar sokkenbreinld 3,5 en brei tricotst en tegelijkertijd gelijkmatig afkanten naar 36-40-40 (44-44) st. Na de 2e nld tricotst, de volgende nld op deze manier breien: *2 st r sam.br., 1 omsl*. Let op de stekenverhouding! Brei nog 1 nld tricotst. Brei nu 4-5-5,5 (7-7,5) cm tricotst voor de wreef op de eerste 8-10-10 (12-12) st, zet de overige 28-30-30 (32-32) st op een draad (of aparte nld). Neem 8-10-12 (14-16) st op aan elke zijde van de wreef (totaal 52-60-64 (72-76) st). Brei 1 nld av, en vervolgens 1-1-2 (3-4) nld blauw, diagram M.3, 1 nld blauw. Kant vervolgens alle st af behalve de 8-10-10 (12-12) st van de wreef. Brei hierop 9-10-11 (13-14) cm gerstekorrelst voor de zool. Kant af en naai de zool vast aan de sok. Haak vervolgens met l een touwtje van ca 25 cm en trek dit touwtje door de gaatjes.

Telpatroon

symbols = blauw / natuur
symbols = lichtblauw / blauw
symbols = mint / grijsgroen
symbols = geel / heidekruid
symbols = roze / grijsblauw
diagram
diagram

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Laat een opmerking achter voor DROPS Baby 3-7

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (11)

country flag Lepetit wrote:

Dans la version française vous tricotez le col en côtes avec des aiguilles 3,5. Merci de me confirmer que c’est une erreur et qu il faut le tricoter avec des aig 2,5. (Comme dans la version anglaise)

13.02.2022 - 09:00

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Lepetit, le col se tricote effectivement avec les aiguilles 2,5, correction faite, merci pour votre retour. Bon tricot!

14.02.2022 - 10:20

country flag Bergeronettes wrote:

Bonjour, Pour le modèle layette Here Kitty : manches, augmenter pour la Taille 6/9 mois : alternativement tous les 3 et 4 tours. Dois-je comprendre tous les 3 ou 4 rangs ? Merci pour votre réponse.

15.10.2019 - 15:02

DROPS Design answered:

Bonjour Bergeronettes, découvrez ici comment augmenter alternativement tous les 3 et 4 tours ou rangs. Bon tricot!

15.10.2019 - 15:23

country flag Conny wrote:

Werden beim Ärmel jeweils beidseitig 4 Maschen abgekanntet oder beziehen sich die 4 Maschen auf die Reihe, so das jeweils nur an beiden Seiten 2 Maschen abgekanntet werden?\\\\r\\\\nHerzlichen Dank im voraus für Ihre Antwort.

19.12.2018 - 16:02

DROPS Design answered:

Liebe Conny, es werden 4 Maschen am Anfang jeder Hin- sowie Rückreihe abgekettet, also 4 M x 2-3 sind dann 8-12 M auf beiden Seiten (=16-32 M insgesamt). Viel Spaß beim stricken!

20.12.2018 - 08:07

country flag Daniela Riedel-diefenbach wrote:

Hallo\r\nIch möchte Modell Baby 3-7 für 3-6 Monate stricken. Die Anleitung verstehe ich so dass ich nach dem Bünden M1 stricken soll.\r\nAuf dem Foto sieht es so aus als wären es 2 x Mh2.\r\nWas ist nun richtig ?\r\nVielen Dank für baldige Antwort.

22.07.2018 - 18:03

DROPS Design answered:

Liebe Frau Riedel-Diefenbach, je nach der Größe wird das Muster unterschiedlich gestrickt werden, in den ersten 2 Grössen (= 3 Monate + 6/9 Monate) stricken Sie zuerst 1-3 R blau dann M.1 stricken, in den grösseren Größe (wie z.B. im Foto) wird zuerst M.2 gestrickt, dann 2-3-4 cm blau und dann M.1 gestrickt. Viel Spaß beim stricken!

23.07.2018 - 08:48

country flag Anna Blom wrote:

Waar is het telpatroon van dit patroon?? Het staat niet meer op de website, waardoor het onmogelijk is dit leuke setje te gaan maken!

07.01.2018 - 19:56

DROPS Design answered:

Hoi Anna, Het telpatroon is nu toegevoegd. Dankjewel voor het doorgeven en veel breiplezier!

08.01.2018 - 09:48

country flag Candy Tanzos wrote:

Is this pattern written correctly? It seems from the picture that there is a pattern stripe at the bottom of the sweater followed by some rows of plain stockinette, then the main pattern sequence commences. Can the pattern be corrected? It is most annoying to have to pull out and reknit to try to match the picture.

03.07.2012 - 18:37

DROPS Design answered:

Dear Mrs Tanzos, pattern should have said : Size 12/18 months-2 years-3 years: M.2, 2-3-4 cm blue, then M.1. Correction has been made thank you. Happy knitting!

04.12.2012 - 19:02

country flag Candy Tanzos wrote:

I love the look of this pattern, but the directions are wrong. On the body of the sweater in the picture it looks like you work M2, then some plain blue and then start M1, so that the kittens are on the upper front near the shoulders. I have knitted for 45 years and have never had as much trouble with any other pattern than I have with this one. Please correct it, so others are not having the same problem. Am I correct in what I think the pattern ought to be? I would love your feedback.

03.07.2012 - 04:05

country flag Inge Sørensen wrote:

Aj hvor dejligt at se det sæt jeg strikkede til min datter for 15 år siden. Desværre er bluse og opskrift væk, så jeg står og mangler de samme oplysninger som Anette skrev 18. sept.

10.02.2011 - 17:46

country flag Annette wrote:

Jeg mangler angivelse af størrelser, pind tykkelse og strikkefasthed. Mangler desuden antal masker, der slås op . Mangler desuden opskrift på huen.

18.09.2010 - 21:03

country flag Drops Design wrote:

De står lengst ned på oppskriften

19.05.2006 - 09:41